61WG/30WG/30WGA 020-090 Pro-Dialog+ Regeling Bediening
Inhoud 1 - VEILIGHEID............................................................................................................................................................................. .3 1.1 - Algemeen.................................................................................................................................................................................. .3 1.2 - Voorkomen van elektrische schokken..............................................................................
1 - VEILIGHEID 2.2 - Gebruikte afkortingen 1.1 - Algemeen In deze handleiding heten de koudemiddelcircuits A en B. De compressoren in circuit A heten A1, A2 en A3. Die in circuit B zijn B1 en B2. Montage en onderhoud van deze apparatuur kunnen, door systeemdruk, elektrische componenten en plaats van opstelling risico’s met zich meebrengen. Daarom mogen deze werkzaamheden alleen worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel.
Bedieningspaneel Groene LED Unit afgeschakeld Draaiknop voor regelen contrast Unit start Unit in werking Rode LED Terug naar vorig scherm Geen alarm Waarschuwning Storing circuit of complete unit Omhoog/Omlaag toets - Navigatie - Wijzigen Aan/uit toets - Unit afgeschakeld - Lijst van beschikbare bedrijfstypen (alleen in Lokaal bedrijf) Enter toets - Bevestigen - Toegang tot selectie 3.3 - LED’s (lichtgevende diodes) op de printen 3.
NRCP2-basis regelprint PD-AUX print (optie) J2A J12 J2B J3 J3 J4 J5 In onderstaande tabel worden de aansluitingen op het gebruikers-klemmenblok weergegeven.
4 - INSTELLEN VAN DE PRO-DIALOG+ REGELING 4.1 - Algemene kenmerken Het bedieningspaneel heeft de volgende schermen: • Standaard schermen voor directe weergave van de belangrijkste parameters • Menuschermen voor navigatie • Data/configuratie schermen met de parameters per type • Keuzescherm bedrijfstype • Invoerscherm password • Wijzigingsscherm parameters. OPMERKING: Wanneer het bedieningspaneel lange tijd niet wordt gebruikt, wordt het scherm zwart.
4.5 - Kenmerken datascherm of instelbare parameters De dataschermen beelden informatieparameters af, zoals temperaturen of drukken. De configuratieschermen beelden regelparameters van de unit af, zoals de watertemperatuursetpoints. \\MAINMENU\TEMP EWT 12.0°C OAT 35.0°C LWT CHWSTEMP HTWSTEMP 7.0°C Huidige pad in de menustructuur Itemlijst Cursorpositie -17.8°C -17.
NAVIGATIE STANDAARD SCHERMEN Password = "0" ALLE GEBRUIKER TOEGANG PASSWORD * ALMHIST1 ALMHIST1 4.9.15 SETPOINT* SETPOINT Afsluiten LOGOUT LOGOUT 4.9.12 Configuratie-menu CONFIG CONFIG 4.9.11 Alarm-menu ALARMS* ALARMS 4.9.10 Unit status MODES MODES 4.9.9 Draai-uren RUNTIME RUNTIME DISPLAY DISPLAY 4.9.26 Identificatie regeling CTRL_ID DISPLAY 4.9.25 Datum en tijd DATETIME DATETIME Uitzenden BRODCAST BRODCAST 4.9.18 4.9.24 Gebruikers configuratie USERCONF USERCONF 4.9.
4.9 - Gedetailleerde menubeschrijving LET OP: Afhankelijk van het gekozen type unit worden niet alle menu items gebruikt. 4.9.1 - GENUNIT-menu (Algemene parameters) NAAM ctrl_typ STATUS EENHEDEN - BESCHRIJVING Lokaal = 0. CCN = 1.
4.9.
4.9.8 - HDC_STAT-menu NAAM dhw_mode dhw_dem dhw_time shc_time sum_mode ctrl_pnt oat DHW_REQ DHW_SW SUMM_SW add_pump dhw_vlv ehs FORMAAT n No/Yes nnn nnn No/Yes +-nnn.n +-nnn.
4.9.12 - CONFIG-menu (Configuratie) NAAM GEN_CONF PUMPCONF HCCONFIG HDC_CONF RESETCFG USERCONF SCHEDULE HOLIDAY BRODCAST DATETIME DISPLAY CTRL_ID BESCHRIJVING Algemeen configuratiemenu Waterpomp configuratiemenu Verwarming/koeling configuratiemenu Configuratiemenu verwarmingsmodule Reset configuratiemenu Gebruikers configuratiemenu Klokschema Vakantieschema Uitzend-menu Datum en tijd menu Display configuratiemenu Identificatie regeling 4.9.
4.9.
4.9.23 - RESETCFG-menu (Setpoint reset) NAAM RESET KOELING oatcr_no oatcr_fu dt_cr_no dt_cr_fu cr_deg RESET VERWARMING oathr_no oathr_fu dt_hr_no dt_hr_fu hr_deg FORMAAT DEFAULT EENHEDEN BESCHRIJVING -10 tot 51.7 -10 tot 51.7 0 tot 13.9 0 tot 13.9 -16.7 tot 16.7 -10 -10 0 0 0 °C °C ^C ^C ^C Buitenluchttemperatuur voor geen reset Buitenluchttemperatuur voor maximum reset Delta T voor geen reset Delta T voor maximum reset Resetwaarde koeling -10 tot 51.7 -10 tot 51.7 0 tot 13.9 0 tot 13.9 -16.
Voorbeeld tijdschema: Time MON TUE WES THU 0 P1 2 P1 1 3 FRI MON: TUE: WED: THU: FRI: SAT: SUN: HOL: SAT SUN HOL P1 4 5 6 7 P2 P2 P3 P4 P4 P5 9 P2 P2 P3 P4 P4 P5 8 10 11 12 13 14 15 16 17 18 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P2 19 20 21 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P2 P3 P3 P3 P3 P3 P3 P3 P3 P3 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 P4 Maandag Dinsdag Woensdag Donderdag Vrijdag Zaterdag Zondag Vakantie P5 P1: periode 1, P2: periode 2, P3: periode 3, P4: periode 4, P5: periode 5, P6: periode
5 - MACHINEBEDRIJF MET DE PRO-DIALOG+ REGELING • • 5.1 - Start/stop regeling In onderstaande tabel zijn opgenomen het type regeling en de start/stop status m.b.t. de volgende parameters: • Bedrijfstype: dit wordt geselecteerd met de start/stop toets op de voorzijde van de gebruikers-interface.
5.2.2 - Keuze verwarmen/koelen/auto De volgende tabel geeft een overzicht van verwarmings-/ koelbedrijf van de unit op basis van de volgende parameters: • Type regeling: geeft aan of de unit werkt in Lokaal, Afstandsregeling of CCN-bedrijf. Zie hoofdstuk 5.1. • Aan/uit status van de unit: geeft aan of de unit is afgeschakeld (niet mag starten) of in werking is (of mag starten). • Keuze verwarming/koeling/auto in lokaal bedrijf: bedrijfstype gekozen via het bedieningspaneel. Zie GENUNIT-menu (4.9.1).
5.5.1 - Actief setpoint In koelbedrijf en in verwarmingsbedrijf kunnen drie actieve setpoints geselecteerd worden. Het tweede koelsetpoint wordt gewoonlijk gebruikt voor onbezette perioden. De regeling kan in koelbedrijf wel het condensatie setpunt verstellen voor een optimale condensor aansturing. Dit kan alleen op basis van buitenlucht temperatuur, niet op basis van delta T.
5.7 - Capaciteitsbegrenzing De capaciteitsbegrenzing wordt gebruikt om het elektriciteitsverbruik te beperken. Door middel van potentiaalvrije contacten kan de capaciteitsbegrenzing worden vrijgegeven. De capaciteit van de unit kan nooit hoger worden dan het door deze contacten geactiveerde Begrenzings-setpoint. De begrenzings setpoints kunnen in het SETPOINT-menu (4.9.4) gewijzigd worden. Bij constante waterhoeveelheid moeten de pompen van alle units continu in werking zijn wanneer het systeem werkt.
5.11 - Ingebouwde regeling SWW en ruimte-verwarming (HDC) 61WG units zijn speciaal ontworpen voor het optimaliseren van verwarmingsinstallaties waar heet water nodig is voor traditionele verwarming of warm tapwater. In dit geval is een AUX print opgenomen in de regelkast van de unit.
5.12 - Regeling van condensatiedruk 6 - Storingsdiagnose en oplosingen 5.12.1 - 30WG unit in koelmodus De regelaar kan de volgende configuraties aansturen: • Droge koeler en traploze condensorpomp. De vaste ventilatortrappen en het toerental van de pomp worden geregeld om een vast condensatie setpoint (instelbare waarde) in stand te houden. • Traploze condensorpomp (zonder regelaar voor droge koeler).
6.4 - Alarmcodes Alarm Alarm- Alarmbeschrijving Nr.
Alarm Alarm- Alarmbeschrijving Nr.
Alarm Alarm- Alarmbeschrijving Nr.