Canon Europa N.V. Bovenkerkerweg 59-61, 1185 XB Amstelveen, The Netherlands www.canon-europa.com Raadpleeg uw garantiekaart of ga naar www.canon-europe.com/Support voor informatie over het dichtstbijzijnde Canon-kantoor. Dit product en de hieraan gekoppelde garantie worden in landen in Europa geleverd door Canon Europa N.V. HD Camcorder Gebruiksaanwijzing GEDRUKT IN DE EU © CANON INC.
Belangrijke aanwijzingen 2 WAARSCHUWING: VERWIJDER DE AFDEKPLAAT (OF ACHTERZIJDE) NIET. ALS U DAT WEL DOET, LOOPT U HET RISICO ELEKTRISCHE SCHOKKEN OP TE LOPEN. IN HET APPARAAT BEVINDEN ZICH GEEN ONDERDELEN DIE DOOR DE GEBRUIKER KUNNEN WORDEN GEREPAREERD. LAAT REPARATIES OVER AAN DESKUNDIG ONDERHOUDSPERSONEEL. WAARSCHUWING: VOORKOM BRAND OF ELEKTRISCHE SCHOKKEN DOOR HET APPARAAT NIET BLOOT TE STELLEN AAN REGEN OF VOCHT.
Uitsluitend bestemd voor de Europese Unie en EER (Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) Met deze symbolen wordt aangegeven dat dit product in overeenstemming met de AEEA-richtlijn (2012/19/EU), de richtlijn 2006/66/EG betreffende batterijen en accu’s en/of de plaatselijk geldende wetgeving waarin deze richtlijnen zijn geïmplementeerd, niet bij het normale huisvuil mag worden weggegooid.
Sterke punten van de XF105/XF100 De Canon-camcorder XF105/XF100 HD is zo ontworpen dat kwaliteit en functionaliteit voorop staat en het formaat compact gehouden is. Hieronder worden een aantal van de vele functies beschreven waarmee u uw creatieve visie tot realiteit maakt. 4 HD-opnamen maken CMOS-systeem en DIGIC DV III-beeldprocessor De camcorder is uitgerust met een CMOS-sensor van het 1/3-type waarmee video-opnamen worden gemaakt met een effectief aantal pixels van circa 2,07 megapixels (1920x1080).
Geavanceerde professionele functies Overige functies Connectiviteit van een professioneel niveau (alleen b) Een industrieel gestandaardiseerd HD/SD SDIaansluitpunt (0 124) voor ongecomprimeerde HD-signaaluitvoer, ingesloten audio en SMPTEtijdcode (LTC) geven de camcorder de functionaliteit van professionele omroepcamera’s. Met Genlocksynchronisatie (0 72) en tijdcodesynchronisatie (0 72) kan de camcorder deel uitmaken van een opstelling met meerdere camera’s.
Inhoudsopgave 6 1. Inleiding 9 Over deze handleiding 9 Conventies die in deze handleiding worden gebruikt 9 Bijgeleverde accessoires 11 Namen van onderdelen 12 2.
Gebruik van de optionele conversie-objectieven 66 Schermmarkeringen en zebrapatronen 67 Schermmarkeringen weergeven 67 Zebrapatronen weergeven 68 De tijdcode instellen 69 De tijdcodewerking selecteren 69 Het tijdcodedisplay bevriezen 70 De User Bit (extra informatie in het tijdcodesignaal) instellen 71 b Synchronisatie met een extern apparaat 72 Een extern apparaat aansluiten 72 Gebruik van een videoreferentiesignaal (Genlock-synchronisatie) 72 Gebruik van een tijdcodesignaal 72 Uitvoer tijdcodesignaal 73
Werken met clips 113 Gebruik van het clipmenu 114 Clipinformatie weergeven 114 Een e-markering of Z-markering toevoegen 115 e-markeringen of Z-markeringen verwijderen 115 Clips kopiëren 116 Clips verwijderen 117 Het clipinformatieprofiel verwijderen 117 Kopiëren van een bestand met voorkeuzeinstellingen dat ingesloten is in een clip 118 Een indexscherm met opnamemarkeringen weergeven 118 Van één enkele clip een indexscherm weergeven dat beeldjes bevat 119 Opnamemarkeringen toevoegen aan een indexscherm of
1 Inleiding 9 Over deze handleiding Bedankt dat u hebt gekozen voor de Canon XF105/XF100. Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de camcorder gebruikt en bewaar deze zodat u de handleiding later na kunt slaan. Als de camcorder problemen vertoont, raadpleeg dan het hoofdstuk Problemen oplossen (0 158). Conventies die in deze handleiding worden gebruikt • BELANGRIJK: Voorzorgsmaatregelen die betrekking hebben op de bediening van de camcorder.
Over deze handleiding 10 Als een functie vereist dat gebruik van het menu moet worden gemaakt, dan worden in het verkorte overzicht de submenu’s en, indien van toepassing, de standaardinstelling van het menu-onderdeel weergegeven. De illustratie in het voorbeeld geeft aan dat u de functie kunt vinden door het menu [J Other Functions] en vervolgens het menuonderdeel [Rec Review] te selecteren.
Bijgeleverde accessoires Bijgeleverde accessoires De camcorder wordt geleverd met de volgende accessoires. 11 Netadapter CA-935 (inclusief netsnoer) Microfoonhouder-unit Accu BP-925 (inclusief afdekplaat) Componentkabel CTC-100/S Zonnekap Objectiefdop Draadloze afstandsbediening WL-D6000 (incl.
Namen van onderdelen Namen van onderdelen 2 Bedieningspaneel 햲 (0 18) 12 1 3 4 5 Bedieningspaneel 햳 (0 18) 6 7 8 9 21 1 20 19 18 17 16 15 14 13 12 Afdekkingen voor CF-kaartsleuf A (CFj) en CF-kaartsleuf B (CFl) 2 CF-kaartsleuf A (CFj) en B (CFl) (0 34) 3 Ontgrendelingsknoppen CF-kaarten (0 35) 4 d-schakelaar (stroom) (0 24) 5 ON/OFF-indicator (AAN/UIT) 6 SLOT SELECT-knop (keuze voor CF-kaartsleuf) (0 37) 7 DISP.-knop (display) (0 42)/ BATT.
Namen van onderdelen 1 2 3 4 5 6 13 Aansluitpunten 햲 (0 19) 10 9 1 2 3 4 5 6 7 8 8 7 REMOTE-aansluitpunt (afstandsbediening) Statusindicator SD-kaart (0 36) SD-kaartsleuf (0 36) Afdekplaatje SD-kaartsleuf MIC-aansluitpunt (microfoon) (0 74) XLR-aansluitpunten (CH1 en CH2) (0 75) Borgschroef zonnekap (0 29) b HD/SD SDI-aansluitpunt (uitvoer digitaal video-, audio- en tijdcodesignaal) (0 124) 9 b GENLOCK-aansluitpunt (synchronisatiesignaal) (0 72) / TC-aansluitpunt (tijdcode) (0 72) 10 Handgreepriem
Namen van onderdelen 11 14 10 1 9 8 7 2 3 6 5 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 4 Ingebouwde microfoon (0 74) Ingebouwde luidspreker (0 112) Riembevestigingspunt (0 31) CUSTOM-wiel (voorkeuzefuncties) (0 46) INFRARED-schakelaar (infrarood) (0 90) Instant AF-sensor (0 49) Sensor voor afstandsbediening (0 33) Infraroodlamp (0 90) Kabelklem microfoon (0 75) Microfoonhouder-unit (0 75) Borgschroef microfoon (0 75)
Namen van onderdelen 1 15 2 13 12 11 3 4 10 9 8 7 6 Aansluitpunten 햳 (0 19) 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 Zoeker (0 29, 30) Oogcorrectieregelaar (0 29) BATT.
Namen van onderdelen 1 2 3 4 5 6 7 8 16 11 1 2 10 9 Statuslampje voorzijde (0 39) Accessoireschoen Voor bevestiging van accessoires zoals de optionele accuvideolamp VL-10Li II. 3 Statuslampje achterzijde (0 39) 4 START/STOP-grendel (0 40) 5 START/STOP-knop (0 39) 6 Bevestigingspunt op camcorderhendel voor schroeven van 0,64 cm (1,4") 7 Zoom-tuimelschakelaar op handgreep (0 63) 8 MAGN.
Namen van onderdelen 1 17 2 4 3 1 2 3 4 Bevestigingspunten voor de optionele statiefadapter TA-100 (0 33) Bevestigingsschroeven voor een statiefbasis (0 33) Bevestigingspunt statief (0 33) Statiefbasis voor statieven met schroeven van 0,64 cm (1/4") (0 33)
Namen van onderdelen 18 1 Bedieningspaneel 햲 2 1 3 Audioniveauschakelaars voor CH1 en CH2 (0 78) Schakelaars XLR-aansluitpunten voor CH1 en CH2 (0 76) AUDIO IN-schakelaars (audio input) audio-invoer voor CH1 en CH2 (0 74, 76) 2 3 Bedieningspaneel 햳 4 4 5 6 9 5 7 8 6 8 7 9 D-knop (afspelen/pauze) (0 109)/ Toewijzingsknop 6 (0 94) I-knop (versneld afspelen) (0 111)/ Toewijzingsknop 7 (0 94) K-knop (naar begin van volgende clip gaan) (0 111)/Toewijzingsknop 10 (0 94) B-knop (stoppen) (0 109
Namen van onderdelen 19 Aansluitpunten 햲 1 1 2 4 5 6 W-aansluitpunt (hoofdtelefoon) (0 78) AV-aansluitpunt (0 125) DC IN-aansluitpunt (0 23) 3 Aansluitpunten 햳 4 2 3 HD/SD COMPONENT OUT-aansluitpunt (0 124) USB-aansluitpunt HDMI OUT-aansluitpunt (0 124) 5 6
Namen van onderdelen Draadloze afstandsbediening WL-D6000 1 20 14 13 12 11 10 2 9 8 4 7 5 3 6 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 START/STOP-knop (starten/stoppen met opnemen) (0 39) ZOOM-knoppen (zoomen) (0 65) F/O/E/A-knoppen MENU-knop (menu openen/sluiten) (0 27) J/I-knoppen (versneld vooruit/achteruit afspelen) (0 111) Z/Y-knoppen (beeldje voor beeldje vooruit/achteruit afspelen) (0 111) B-knop (stoppen) (0 109) D-knop (afspelen/pauzeren) (0 109) INDEX-knop (indexschermen) (0 109) SET-knop (me
2 Voorbereidingen 21 De stroombron voorbereiden U kunt de camcorder met een accu of rechtstreeks via de netadapter van stroom voorzien. Als u de netadapter op de camcorder aansluit terwijl een accu is geplaatst, zal de camcorder stroom gebruiken uit het stopcontact. Laad accu’s op voordat u deze in gebruik neemt. Als u wilt weten wat met gebruik van een volledig opgeladen accu bij benadering de oplaadduur en opname/afspeelduur is, raadpleeg dan Oplaadduur (0 170) en Opname- en afspeelduur (0 170).
De stroombron voorbereiden De accu plaatsen 1 Zet de schakelaar d (stroom) op OFF (햲). 22 2 Plaats de accu in zijn geheel in het compartiment en druk zachtjes op de accu totdat deze vast klikt (햳). De accu verwijderen 1 Zet de schakelaar d op OFF. 2 Houd de BATT. RELEASE-toets (accu ontgrendelen) ingedrukt en verwijder de accu.
De stroombron voorbereiden Als de camcorder uitgeschakeld is en een accu is aangesloten die compatibel is met Intelligent System, druk dan op de knop BATT. (accu-informatie) om de resterende accuduur en de beschikbare opnameduur weer te geven (wordt gedurende 5 seconden weergegeven). Afhankelijk van de levensduur van de accu wordt de accu-informatie mogelijk niet weergegeven. 23 BELANGRIJK • Sluit alleen producten aan op de netadapter die nadrukkelijk voor gebruik met deze camcorder worden aanbevolen.
De stroombron voorbereiden Bij gebruik van de optionele compacte netadapter CA-920 en het optionele DC-koppelstuk DC-920: 1 Zet de d-schakelaar (stroom) op OFF (햲). 24 2 Sluit het DC-koppelstuk aan op de camcorder (햳). 3 Sluit het netsnoer aan op de compacte netadapter en steek de stekker van het snoer in het stopcontact (햴). 4 Sluit het DC-koppelstuk aan op de compacte netadapter (햵). 5 Verwijder het DC-koppelstuk na gebruik. • Duw tegen de BATT. RELEASE-toets en trek het DC-koppelstuk naar buiten.
Datum-, tijd- en taalinstellingen Datum-, tijd- en taalinstellingen Datum en tijd instellen U moet de datum en tijd van de camcorder instellen voordat u deze kunt gebruiken. Wanneer de klok van de camcorder niet ingesteld is, verschijnt automatisch het scherm [Date/Time], met de dag geselecteerd. Bedieningsstanden: 1 Duw de joystick omhoog/omlaag om de dag te wijzigen en ga vervolgens naar de maand met (A). 2 Wijzig de rest van de velden op dezelfde wijze.
Datum-, tijd- en taalinstellingen De datum en tijd weergeven tijdens het opnemen [M LCD/VF Setup] U kunt de datum en tijd weergeven in de linkeronderzijde van het scherm. 26 Bedieningsstanden: 1 Druk op de MENU-knop. [Custom Display 2] [Date/Time] 2 Duw de joystick omhoog/omlaag om [M LCD/VF Setup] te selecteren. [Off] 3 Selecteer [Custom Display 2] en vervolgens [Date/Time] op vergelijkbare wijze. 4 Duw de joystick omhoog/omlaag om de weer te geven informatie te selecteren.
Gebruik van de menu’s Gebruik van de menu’s In de stand kunt u met het menu de algemene instellingen van veel camcorderfuncties wijzigen. Het menu opent u door de MENU-knop in te drukken. Druk in de stand op de MENU-knop om het menu te openen voor de algemene instellingen of druk op SET om het clipmenu voor clipbewerkingen te openen. Raadpleeg Menu-opties (0 139) voor bijzonderheden over de beschikbare menu-opties en instellingen.
Gebruik van de menu’s 28 OPMERKINGEN • Onderdelen die niet beschikbaar zijn, worden mogelijk gedimd weergegeven. • U kunt op elk moment de MENU-knop indrukken om het menu te sluiten. • Als u gebruik maakt van de draadloze afstandsbediening, gebruik dan de knoppen h, i, f, g en SET op dezelfde wijze als de joystick van de camcorder. • U kunt de huidige instellingen controleren op de statusschermen (0 152).
De camcorder voorbereiden De camcorder voorbereiden In dit gedeelte worden de basisvoorbereidingen voor de camcorder beschreven, zoals bevestigen van de zonnekap, aansluiten van de microfoonhouder-unit, en afstellen van de zoeker en het LCD-scherm. 29 De microfoonhouder-unit aansluiten Gebruik de bijgeleverde schroeven om de microfoonhouder-unit aan te sluiten op de hendel.
De camcorder voorbereiden Gebruik van het LCD-paneel Open het LCD-paneel 90 graden. 30 • U kunt het paneel 90 graden naar beneden of 180 graden naar het objectief draaien. OPMERKINGEN • Standaard is het zoekerscherm uitgeschakeld als u gebruik maakt van het LCD-scherm. U kunt beide schermen echter ook tegelijkertijd gebruiken. Zie het volgende hoofdstuk. • U kunt het LCD-scherm zo instellen dat het zwart-wit is (0 31).
De camcorder voorbereiden Het scherm instellen op zwart-wit Het zoeker- en LCD-scherm worden standaard in kleur weergegeven, maar u kunt ook voor weergave in zwart-wit kiezen. Zelfs wanneer het scherm in zwart-wit is, worden de tekst op het scherm en de pictogrammen in kleur weergegeven. [M LCD/VF Setup] [LCD/VF B&W] [Off] Bedieningsstanden: 1 Open het submenu [LCD/VF B&W]. [M LCD/VF Setup] [LCD/VF B&W] 2 Selecteer [On] en druk vervolgens op SET.
De camcorder voorbereiden De afdekplaatjes van de aansluitpunten verwijderen en aansluiten 32 Verwijder de afdekplaatjes van de hieronder genoemde aansluitpunten als u de aansluitpunten wilt gebruiken. • HD/SD SDI- en GENLOCK/TC-aansluitpunt* • W-aansluitpunt (hoofdtelefoon), AV- en DC IN-aansluitpunt • REMOTE-aansluitpunt • HD/SD COMPONENT OUT-, USB- en HDMI OUT-aansluitpunt *Alleenb. De afdekplaatjes van de aansluitpunten verwijderen 1 Open het afdekplaatje van de aansluitpunten.
De camcorder voorbereiden De draadloze afstandsbediening gebruiken om de camcorder te bedienen Als u de draadloze afstandsbediening gebruikt, richt deze dan op de sensor op de camcorder. Als u de knoppen op de draadloze afstandsbediening indrukt, gaan de statuslampjes op de camcorder branden. OPMERKINGEN • Als u de START/STOP-knop of ZOOM-knoppen op de draadloze afstandsbediening gebruikt, moet u samen met de betreffende knop tegelijkertijd de opnameinschakelingsknop indrukken.
Opnamemedia voorbereiden Opnamemedia voorbereiden 34 De camcorder maakt clips op CompactFlash (CF)-kaarten en foto’s* op SD- en SDHCgeheugenkaarten. De camcorder is uitgerust met twee CF-kaartsleuven. Initialiseer opnamemedia (0 36) voordat u deze de eerste keer met deze camcorder gebruikt. * De camcorder kan voorkeuze-instellingen (0 98) en camera-instellingen (0 106) opnemen op een SD-kaart.
Opnamemedia voorbereiden De status van de CF-kaartsleuven controleren U kunt onmiddellijk de status van de CF-kaartsleuven controleren door de statusindicator CFj/CFl te bekijken. Raadpleeg de volgende tabel. Kleur statusindicator 35 Status CF-kaartsleuf Rood Er vindt een bewerking op de CF-kaart plaats. Groen Het is mogelijk om opnamen te maken of af te spelen en de CF-kaartsleuf is geselecteerd voor het maken of afspelen van opnamen.
Opnamemedia voorbereiden Een SD-kaart plaatsen en verwijderen 1 Zet de camcorder uit (햲). 36 2 Open het afdekplaatje van de SD-kaartsleuf. 3 Plaats de SD-kaart recht, met het label naar de handgreepriem gericht, in zijn geheel in de SD-kaartsleuf totdat deze vast klikt (햳). 4 Sluit het afdekplaatje van de SD-kaartsleuf (햴). • Forceer het afdekplaatje niet om het dicht te maken als de SD-kaart niet correct geplaatst is.
Opnamemedia voorbereiden Een SD-kaart initialiseren 3 Selecteer [Complete] (volledige initialisatie) of [Quick] (snelle initialisatie) en druk vervolgens op SET. 4 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET. • Als u de initialisatieoptie [Complete] gebruikt, druk dan op SET als u de procedure wilt annuleren terwijl deze wordt uitgevoerd. U kunt de SD-kaart wel gebruiken, maar alle gegevens worden verwijderd. 5 Druk op SET nadat het bevestigingsbericht verschijnt.
Opnamemedia voorbereiden Relay-opname gebruiken [J Other Functions] Deze functie is standaard geactiveerd. Als deze gedeactiveerd is, volg dan de procedure hieronder om de afstandsbediening te activeren. 38 [Relay Rec] 1 Open het submenu [Relay Rec]. [J Other Functions] [Relay Rec] [On] 2 Selecteer [On] en druk vervolgens op SET. Gelijktijdig opnamen maken op twee CF-kaarten 1 Open het submenu [Double Slot Rec].
3 Opnemen 39 Video-opnamen maken In dit hoofdstuk worden de basisprocedures beschreven waarmee u video-opnamen kunt maken. Maak eerst een testopname om te controleren of de camcorder correct functioneert voordat u begint met opnemen. Maak een opname van circa 6 minuten met 50 Mbps (0 45). Als de camcorder problemen vertoont, raadpleeg dan het hoofdstuk Problemen oplossen (0 158). Raadpleeg Audio opnemen (0 74) voor bijzonderheden over het opnemen van audio.
Video-opnamen maken 2 Druk op de START/STOP-knop om te beginnen met opnemen. • De opname begint. De statuslampjes aan de voorzijde en achterzijde gaan branden en de opname-indicator [NREC] verschijnt op het scherm. • U kunt de START/STOP-knop gebruiken op de zijgreep of camcorderhendel. • Als u de draadloze afstandsbediening gebruikt, druk dan tegelijkertijd op de START/STOP-knop en de opname-inschakelingsknop. 40 3 Druk op de START/STOP-knop als u wilt pauzeren.
Video-opnamen maken Opnamen maken in de volledig automatische stand Zet de CAMERA-schakelaar op FULL AUTO als u de volledig automatische stand wilt kiezen. In de volledig automatische stand stelt de camcorder automatisch het diafragma, de versterking, de sluitertijd en de witbalans in. De camcorder zal continu de helderheid en witbalans automatisch instellen*. In de volledig automatische stand wordt de autofocus echter niet ingeschakeld.
Video-opnamen maken Schermgegevens 42 Raadpleeg dit hoofdstuk voor een beschrijving van de diverse schermgegevens die worden weergegeven in de stand . U kunt gebruikmaken van de displayvoorkeursfunctie (custom display) (0 105) om de meeste schermgegevens te tonen of te verbergen. Dergelijke schermgegevens worden aangeduid met een asterisk (*).
Video-opnamen maken OPMERKINGEN • U kunt op de DISP.-knop drukken om de meeste pictogrammen en schermgegevens uit te schakelen. • Als het pictogram A wordt weergegeven naast de witbalans, diafragmawaarde, versterking of sluitertijd, dan geeft dit aan dat de instelling in de automatische stand staat. 1 Resterende accutijd • Het pictogram laat een ruwe schatting zien van de resterende acculading als een deel van een volledig opgeladen accu.
Video-opnamen maken Spaarstand 44 Activeer de spaarstand als u het scherm wilt uitschakelen en het accuverbruik wilt verminderen. Met één druk op de knop keert de camcorder onmiddellijk terug naar de opnamepauzestand. 1 Houd de POWER SAVE ten minste 2 seconden ingedrukt. • Het scherm wordt uitgeschakeld en de ON/OFF-indicator gaat branden in een oranje kleur. • Tijdens de spaarstand knipperen de statuslampjes tweemaal na circa elke 3 seconden.
Videoconfiguratie: Bitsnelheid, Resolutie en Beeldsnelheid Videoconfiguratie: Bitsnelheid, Resolutie en Beeldsnelheid Selecteer de bitsnelheid, resolutie (beeldjesgrootte) en de beeldsnelheid die het best tegemoetkomen aan uw creatieve aspiraties voordat u begint met opnemen. [J Other Functions] [Bit Rate/Resolution] Bedieningsstanden: [50 Mbps 1920x1080] 1 Open het submenu [Bit Rate/Resolution] om de bitsnelheid en resolutie in te stellen.
CUSTOM-knop/wiel voor persoonlijke voorkeursinstellingen CUSTOM-knop/wiel voor persoonlijke voorkeursinstellingen 46 U kunt aan de CUSTOM-knop/wielcombinatie een functie toewijzen die u vaak gebruikt. U kunt hierbij kiezen uit meerdere opties. U kunt de geselecteerde functie vervolgens wijzigen met de CUSTOM-knop/ wielcombinatie zonder dat u het menu hoeft te openen.
Scherpstelling Scherpstelling Deze camcorder is uitgerust met de volgende twee methoden om scherp te stellen. Handmatige scherpstelling (MF): Gebruik de handbediende ring om scherp te stellen. U kunt de peaking- en vergrotingsfuncties gebruiken om nauwkeuriger scherp te stellen. Autofocus (AF): De camcorder stelt continu automatisch scherp. Bij gebruik van autofocus kunt u kiezen tussen Instant AF, Medium AF en Normal AF. U kunt ook de handbediende ring gebruiken.
Scherpstelling 48 OPMERKINGEN • Gebruik van het afstandsdisplay dat de afstand tot het onderwerp toont: - Als de camcorder uit de autofocusstand komt of wanneer u scherp stelt met de handbediende ring, dan wordt op het scherm gedurende circa 3 seconden de geschatte afstand tot het onderwerp weergegeven. - Gebruik het afstandsdisplay als een schatting; als de afstandswaarde voor een bepaald zoombereik door de camcorder niet als erg precies wordt beschouwd, zal deze waarde worden weergegeven in grijs.
Scherpstelling • Als u scherp stelt, kunt u gebruikmaken van de optie [J Other Functions] [WFM (LCD)] [Edge Monitor] (0 82) om zelfs nóg nauwkeuriger scherp te stellen. • Als u een toewijzingsknop toewijst aan [Peaking] (0 94), dan kunt u op de knop drukken om het geselecteerde peaking-niveau te activeren. Vergroting Druk op de MAGN.-knop. • Aan de onderzijde van het scherm verschijnt i en het midden van het scherm wordt circa 2 keer vergroot*. • Druk nogmaals op de knop om de functie te annuleren.
Scherpstelling Opties [Instant]: 50 [Medium]: [Normal]: Stelt de autofocusstand in op Instant AF. Er wordt scherp gesteld met de hoogste snelheid. Deze stand is erg handig wanneer u opnamen maakt onder omstandigheden met veel of weinig licht. Deze stand maakt gebruik van zowel het TTL-systeem als een externe sensor om scherp te stellen. Stelt de autofocusstand in op Medium AF. De camcorder stelt soepeler scherp dan bij gebruik van de optie [Instant]. Stelt de autofocusstand in op Normal AF.
Scherpstelling Opties [Face Pri.]8: Hiermee wordt de camcorder ingesteld op autofocus met prioriteit voor gezicht. Als de camcorder het gezicht van het onderwerp herkent, wordt door de camcorder op het gezicht scherp gesteld en wordt dit door de camcorder gevolgd. Als geen gezicht wordt herkend, dan stelt de camcorder scherp op het onderwerp in het midden van het scherm.
Beeldstabilisator Beeldstabilisator 52 Gebruik de beeldstabilisator om camcordertrillingen te compenseren, zodat uw opnamen stabieler worden. Er zijn 3 methoden om het beeld te stabiliseren; selecteer de methode die het best tegemoetkomt aan uw wensen. Dynamic IS P: Dynamic IS biedt compensatie voor een hogere mate van camcordertrilling, bijvoorbeeld als u opneemt terwijl u loopt, en is effectiever als de zoom de maximale groothoek nadert. [l Camera Setup] [OIS Functions] [Img Stab.
Versterking Versterking Met de versterkingsregeling wordt afhankelijk van de licht- en opnameomstandigheden het niveau van het gegenereerde videosignaal ingesteld. U kunt automatische of handmatige versterkingsregeling selecteren. 53 Bedieningsstanden: Automatische versterkingsregeling (AGC) Met deze functie wordt automatisch de versterking ingesteld op basis van de helderheid van het onderwerp.
Versterking Handmatige versterkingsregeling U kunt de versterking handmatig afstellen en hierbij kiezen tussen 3 voorkeuzeniveaus: (L: laag, M: midden, H: hoog). Elk niveau kan afzonderlijk worden ingesteld. Dat kan in stappen van 0,5 dB. 54 Versterkingswaarden toewijzen [l Camera Setup] U kunt afzonderlijke versterkingswaarden toewijzen aan de voorkeuzeniveaus L, M en H. Daarna kunt u het gewenste versterkingsniveau activeren met de GAIN-knop. [Gain] [L 0.0 dB] [M 6.0 dB] [H 12.
Sluitertijd Sluitertijd Stem de sluitertijd af op de opnameomstandigheden. Bijvoorbeeld in een donkere omgeving wilt u wellicht een sluitertijd gebruiken die langer is. De camcorder biedt de volgende 6 standen. 55 Bedieningsstanden: Uit: De camcorder maakt gebruik van een standaardsluitertijd die is gebaseerd op de beeldsnelheid. Automatisch ([Automatic]): De camcorder stelt automatisch de sluitertijd in op basis van de helderheid van het beeld.
Sluitertijd Een andere sluitertijdstand selecteren [l Camera Setup] 1 Open het submenu [Shutter]. 56 [l Camera Setup] [Shutter] [Shutter] 2 Selecteer de gewenste stand en druk vervolgens op SET. 3 Sluit het menu en druk vervolgens op de SHUTTER-knop. [Automatic] • Als u [Automatic] hebt geselecteerd, dan wordt de sluitertijdstand op automatisch gezet en hoeft u de rest van de procedure niet uit te voeren. • De sluitertijd op het scherm wordt weergegeven in oranje.
Het diafragma instellen Het diafragma instellen U kunt de helderheid van uw opnamen of de scherptediepte beïnvloeden door het diafragma te wijzigen. Verhoog de diafragmawaarde (F8) zodat nabijgelegen en verafgelegen objecten beide scherp zijn. U kunt de camcorder het diafragma automatisch laten instellen of u kunt dat handmatig doen om meer controle over uw opnamen te krijgen.
Het diafragma instellen 58 • Als u de diafragmawaarde handmatig instelt, dan blijft deze niet behouden als u de automatische diafragmaregeling activeert (behalve in de volledig automatische stand). De diafragmawaarde die door de camcorder automatisch wordt ingesteld, blijft behouden als u terugkeert naar handmatige diafragmaregeling. • Als het ingebouwde ND-filter wordt geactiveerd, dan kan het beeld donker worden als u een hoge diafragmawaarde kiest.
Witbalans Witbalans De camcorder maakt gebruik van een elektronisch witbalansproces om onder verschillende lichtomstandigheden het beeld te kalibreren voor een nauwkeurige kleurweergave. Er zijn 4 methoden om de witbalans in te stellen. Automatische witbalans: De camcorder selecteert automatisch de optimale witbalans. Voorkeuzewitbalans: Stel de witbalans in op [Daylight] of [Tungsten]. Instelling van kleurtemperatuur: Stelt u in staat de kleurtemperatuur in te stellen tussen 2.000 K en 15.000 K.
Witbalans 3 Sluit het menu en druk vervolgens op de WB-knop. • Druk herhaaldelijk op de knop totdat het pictogram van de gewenste instelling verschijnt in de linkeronderzijde van het scherm. 60 Opties [Daylight] H: Geschikt voor het opnemen van scènes zoals zonsopgangen/ondergangen, vuurwerk of nachtscènes. [Tungsten] I: Geschikt voor het opnemen van scènes zoals een feest met veranderende lichtomstandigheden of scènes onder studioverlichting of natriumlampen.
Witbalans Aangepaste witbalans U kunt in de camcorder twee aangepaste witbalansinstellingen opslaan voor toekomstig gebruik. 1 Druk op de WB-knop om de aangepaste instelling F A of F B te selecteren. • Het pictogram F A of F B verschijnt naast de kleurtemperatuur op het scherm. Als een ander of geen pictogram verschijnt, druk dan opnieuw op de knop totdat het gewenste pictogram verschijnt. 2 Richt de camcorder zodanig op een wit object dat het gehele scherm door het object wordt gevuld.
Zoomen Zoomen 62 U kunt de zoom bedienen (tot 10x) met de zoomtuimelschakelaar op de zijhandgreep of die op de camcorderhendel. U kunt ook de handbediende ring of de zoomknoppen op de draadloze afstandsbediening gebruiken. Gebruik de zachte zoomregeling (0 65) voor een zoom met een geleidelijke start en/of stop. U kunt ook gebruikmaken van de optie [l Camera Setup] [Tele-converter] om de brandpuntsafstand te verhogen met een factor van circa 1,5, 3 of 6.
Zoomen Gebruik van de zoomtuimelschakelaar op de handgreep Gebruik de functies in de submenu’s van [l Camera Setup] [Zoom] om de zoomsnelheid in te stellen. Als u een constante zoomsnelheid selecteert, gebruik dan een van de 16 constante snelheden (1 is de langzaamste, 16 is de snelste). Als u een variabele snelheid selecteert, druk dan zachtjes voor een langzame zoom; druk harder voor een snellere zoom.
Zoomen Gebruik van de zoomtuimelschakelaar op de camcorderhendel Gebruik de functies in de submenu’s van [l Camera Setup] om de zoomsnelheid in te stellen. 64 [Zoom] Zet de zoomtuimelschakelaar naar Q om uit te zoomen (groothoek) of naar P om in te zoomen (telefoto). De zoomsnelheid instellen Raadpleeg de volgende tabel voor de zoomsnelheden (bij benadering) in het gehele zoombereik (van eind tot eind). 1 Open het zoomsubmenu [Speed Level].
Zoomen Gebruik van de draadloze afstandsbediening of optionele afstandsbediening De zoomsnelheid bij gebruik van de draadloze afstandsbediening verschilt van de zoomsnelheid bij gebruik van een optionele (zoomafstandsbediening ZR-2000 of ZR-1000) of in de winkel verkrijgbare afstandsbediening die aangesloten is op het REMOTE-aansluitpunt. Als u de draadloze afstandsbediening gebruikt, moet u de opname-inschakelingsknop tegelijkertijd indrukken met de gewenste zoomknop om te kunnen zoomen.
Gebruik van de optionele conversie-objectieven Gebruik van de optionele conversie-objectieven 66 Door de optionele teleconverter TL-H58 aan te sluiten, vergroot u de brandpuntsafstand van de camcorder met een factor van circa 1,5. Door de optionele groothoekconverter WD-H58W aan te sluiten, verkleint u de brandpuntsafstand met een factor van circa 0,8.
Schermmarkeringen en zebrapatronen Schermmarkeringen en zebrapatronen Gebruik van de schermmarkeringen stelt u in staat om ervoor te zorgen dat uw onderwerp op de juiste wijze wordt ingekaderd en zich binnen het betreffende veilige gebied bevindt. De zebrapatronen helpen u gebieden te identificeren die overbelicht zijn. De schermmarkeringen en het zebrapatroon zijn niet van invloed op uw opnamen.
Schermmarkeringen en zebrapatronen 68 Opties [Center]: [Horizontal]: [Grid]: Toont een kleine markering die het midden van het scherm aangeeft. Toont een horizontale lijn om u te helpen horizontale beeldcomposities te maken. Toont een raster dat u in staat stelt uw opnamen op de juiste wijze in te kaderen (horizontaal en verticaal). [Safety Zone]: Toont indicators die diverse veilige gebieden weergeven, zoals een veilig actiegebied en een veilig tekstgebied.
De tijdcode instellen De tijdcode instellen De camcorder kan een tijdcodesignaal genereren en dit signaal insluiten in uw opnamen. U kunt de camcorder het tijdcodesignaal laten uitvoeren vanaf het HD/SD SDI-aansluitpunt (alleen b) of GENLOCK/TCaansluitpunt (alleen b; 0 73). Daarnaast kunt u de tijdcode via superimpositie uitvoeren op het videouitvoersignaal vanaf het HDMI OUT-aansluitpunt, HD/SD COMPONENT OUT-aansluitpunt of AV-aansluitpunt.
De tijdcode instellen 4 Wijzig de rest van de velden (minuten, seconden, frame) op dezelfde wijze. • Druk op de CANCEL-knop als u het scherm wilt sluiten zonder de tijdcode in te stellen. 70 5 Selecteer [Set] om het scherm te sluiten. • Als u de tijdcode instelt op [Free Run], dan gaat de tijdcode lopen vanaf de waarde die is ingesteld bij stap 2 t/m 4. Het tijdcodedisplay bevriezen Als u een toewijzingsknop toewijst aan [Time Code Hold] (0 94), dan kunt u het tijdcodedisplay bevriezen*.
De User Bit (extra informatie in het tijdcodesignaal) instellen De User Bit (extra informatie in het tijdcodesignaal) instellen Voor weergave van de User Bit kunt u de opnamedatum/tijd selecteren of een identificatiecode die uit 8 karakters bestaat in het hexadecimale systeem. Er zijn zestien karakters mogelijk: de getallen 0 t/m 9 en de letters A t/m F. b Als de User Bit-informatie wordt ontvangen in combinatie met een externe tijdcode, kunt u op het opnamemedium ook de externe User Bit opnemen.
b Synchronisatie met een extern apparaat b Synchronisatie met een extern apparaat 72 Met Genlock-synchronisatie kunt u het videosignaal van deze camcorder synchroniseren met dat van een extern videoapparaat. Ook kunt u met een extern tijdcodesignaal de tijdcode van deze camcorder synchroniseren met het externe signaal. Door het externe tijdcodesignaal met meerdere camera’s te gebruiken, kunt u opnamen maken met meerdere camera’s.
b Synchronisatie met een extern apparaat 1 Open het submenu [Genlock/TC Term.]. [J Other Functions] [Genlock/TC Term.] 2 Selecteer [Gen/TC In] en druk vervolgens op SET. 73 De User Bit van een extern signaal opnemen De User Bit van een extern tijdcodesignaal kunt u ook opnemen met de tijdcode zelf. 1 Open het submenu [Rec Mode] van de User Bit. [L TC/UB Setup] [User Bit] [Rec Mode] 2 Selecteer [External] en druk vervolgens op SET.
Audio opnemen Audio opnemen 74 De camcorder kan audio opnemen en afspelen met lineaire PCM via twee kanalen, met een bemonsteringsfrequentie van 48 kHz. U kunt audio opnemen met de ingebouwde microfoon, een optionele externe microfoon (XLR- of MIC-aansluitpunt) of via lijninvoer (XLR-aansluitpunt). U kunt voor kanaal 1 en kanaal 2 de audio-invoer afzonderlijk selecteren.
Audio opnemen De microfoondemper activeren [m Audio Setup] Als het audioniveau te hoog is en het geluid vervormd klinkt terwijl u opnamen maakt met de ingebouwde microfoon of met een microfoon die aangesloten is op het MIC-aansluitpunt, activeer dan de microfoondemper (12 dB voor de ingebouwde microfoon, 20 dB voor een externe microfoon). 1 Open het submenu [Int. Mic Att]. [m Audio Setup] [Audio Input] [Audio Input] [Int. Mic Att.] [Off] [Int. Mic Att.] 2 Selecteer [On] en druk vervolgens op SET.
Audio opnemen Schakelen tussen een externe microfoon en lijninvoer Schakelaars XLR-aansluitpunten 1 Stel de AUDIO IN-schakelaar van het gewenste kanaal in op EXT. 76 2 Stel de schakelaar van het XLR-aansluitpunt van het gewenste kanaal in op LINE of MIC. • Als u een microfoon wilt voorzien van fantoomvoeding, zet de schakelaar dan op MIC+48V in plaats van LINE of MIC. Zorg ervoor dat u eerst de microfoon aansluit voordat u de fantoomvoeding inschakelt.
Audio opnemen De microfoondemper activeren U kunt de demper (20 dB) van de externe microfoon activeren als de schakelaar van het XLR-aansluitpunt is ingesteld op MIC of MIC+48V. 1 Open voor het betreffende XLR-aansluitpunt het submenu van de microfoondemper. [m Audio Setup] [Audio Input] [XLR1 Mic Att.] of [XLR2 Mic Att.] [m Audio Setup] [Audio Input] [XLR1 Mic Att.] [XLR2 Mic Att.] 2 Selecteer [On] en druk vervolgens op SET.
Audio opnemen Handmatige instelling van het audioniveau CH1/CH2-audioniveauwielen U kunt voor elk kanaal het audioniveau handmatig instellen tussen -f en 18 dB. 78 1 Stel de audioniveauschakelaar van het gewenste kanaal in op M. 2 Draai aan het corresponderende audioniveauwiel om het audioniveau in te stellen. • Ter referentie: de 0 correspondeert met -f, 5 correspondeert met 0 dB en 10 correspondeert met +18 dB.
Gebruik van metagegevens Gebruik van metagegevens De camcorder voegt aan clips automatisch metagegevens toe terwijl de clips worden opgenomen. Metagegevens bestaan uit een door uzelf gedefinieerd clipinformatieprofiel* en opnamegegevens, zoals de sluitertijd-, belichtings- en scherpstelinstellingen. U kunt de software Canon XF Utility gebruiken om specifieke metadata te zoeken en te controleren.
Kleurenbalken/audioreferentiesignaal Kleurenbalken/audioreferentiesignaal 80 U kunt de camcorder kleurenbalken en een audioreferentiesignaal van 1 kHz laten genereren en opnemen, en deze uitvoeren vanaf het HD/SD SDI-aansluitpunt (alleen b), HDMI OUT-aansluitpunt, HD/SD COMPONENT OUT-aansluitpunt1, AV-aansluitpunt en het hoofdtelefoonaansluitpunt W2. 1 2 Voert alleen kleurenbalken uit. Voert alleen een audioreferentiesignaal uit.
Video Scope Video Scope De camcorder kan een vereenvoudigde golfvormmonitor weergeven. Ook kan de camcorder een edge monitor* weergeven om u te helpen met de scherpstelling. De video scopes verschijnen alleen op het LCD-scherm. De scopes verschijnen niet in de zoeker of op een extern beeldscherm. * De edge monitor “kijkt” naar de scherpstelling van het gehele beeld en toont het resultaat als een golfvorm. De edge monitor is alleen beschikbaar in de stand .
Video Scope De edge monitor configureren 82 [J Other Functions] Met deze video scope kunt u preciezer scherp stellen als de camcorder in de handmatige scherpstellingsstand staat. De edge monitor heeft 2 standen. 1 Open het submenu [Edge Monitor]. [J Other Functions] [WFM (LCD)] [Edge Monitor] [Edge Monitor] 2 Selecteer de gewenste optie en druk vervolgens op SET.
Opnamemarkeringen toevoegen tijdens het maken van opnamen Opnamemarkeringen toevoegen tijdens het maken van opnamen Tijdens het maken van opnamen kunt u in een clip een belangrijke opname markeren door een “opnamemarkering” toe te voegen (n). In de schermberichten wordt een opnamemarkering “[Shot Mark]” genoemd. Er zijn twee soorten opnamemarkeringen: opnamemarkering 1 (c) en opnamemarkering 2 (d); u kunt aan één enkele clip elk type of beide types toevoegen.
Een clip bekijken Een clip bekijken 84 Als de camcorder in de stand clip bekijken. staat, kunt u de laatst opgenomen Bedieningsstanden: [Rec Review] 1 Open het submenu [Rec Review] om in te stellen hoe lang u de clip kunt bekijken. [J Other Functions] [J Other Functions] [Entire Clip] [Rec Review] 2 Selecteer de gewenste optie en druk vervolgens op SET. 3 Druk op de knop U nadat u klaar bent met opnemen. • De laatst opgenomen clip wordt met de ingestelde afspeelduur zonder audio afgespeeld.
Speciale opnamestanden Speciale opnamestanden De camcorder heeft 4 speciale opnamestanden. Intervalopname ([Interval Rec]): De camcorder neemt met een vooraf ingesteld interval automatisch een vooraf ingesteld aantal beeldjes op. Deze stand is geschikt voor het opnemen van onderwerpen met weinig beweging, zoals de natuur of planten. Beeldjes opnemen ([Frame Rec]): Telkens wanneer u op de START/STOP-knop drukt, neemt de camcorder een vooraf ingesteld aantal beeldjes op .
Speciale opnamestanden • [INT STBY] verandert in [N INT REC] terwijl u opneemt en verandert in [N INT STBY] tussen intervallen. 86 4 Druk nogmaals op de START/STOP-knop wanneer u met opnemen wilt stoppen. • Alle opgenomen beeldjes worden samengevoegd tot één clip. • De statuslampjes gaan uit en aan de bovenzijde van het scherm verschijnt [INT STBY] (terwijl [INT] knippert). OPMERKINGEN • U kunt tegelijkertijd slechts één speciale opnamestand gebruiken.
Speciale opnamestanden 5 Selecteer [Off] en druk vervolgens op SET. • De stand voor beeldjes opnemen wordt beëindigd en alle opgenomen beeldjes worden samengevoegd tot één clip. • De statuslampjes gaan uit en [STBY] verschijnt aan de bovenzijde van het scherm. • • • • • • OPMERKINGEN U kunt tegelijkertijd slechts één speciale opnamestand gebruiken. Tijdens het maken van opnamen kunt u het aantal beeldjes niet wijzigen.
Speciale opnamestanden 88 2 Selecteer [Slow & Fast Motion] en druk vervolgens op SET. • [S&F STBY] verschijnt aan de bovenzijde van het scherm. • De geselecteerde beeldsnelheid voor het maken van opnamen wordt weergegeven aan de rechterzijde van het scherm naast de optie [J Other Functions] [Frame Rate] (de beeldsnelheid voor het afspelen van opnamen). Beeldsnelheid voor het maken van opnamen Beeldsnelheid voor het afspelen van opnamen 3 Druk op de START/STOP-knop om te beginnen met opnemen.
Speciale opnamestanden 3 Druk op de START/STOP-knop om te beginnen met opnemen. • De statuslampjes branden. • [PRE REC STBY] verandert [N PRE REC] terwijl u opneemt. 4 Druk nogmaals op de START/STOP-knop wanneer u met opnemen wilt stoppen. • De camcorder neemt de clip op, waaronder circa 3 seconden met video en audio die was opgenomen voordat u op de START/STOP-knop drukte. • De statuslampjes gaan uit en [PRE REC STBY] verschijnt aan de bovenzijde van het scherm.
Infraroodopnamen Infraroodopnamen 90 Deze camcorder is uitgerust met de mogelijkheid om films op te nemen in donkere omgevingen met gebruik van de infraroodlamp van de camcorder en andere bronnen van infraroodlicht. Ook kunt u selecteren of de lichtere gebieden van het beeld in groen of wit moeten worden weergegeven. Bedieningsstanden: De infraroodstand activeren Voer de procedure hieronder uit om de camcorder in de infraroodstand te zetten en de kleuren van de lichte gebieden in het beeld in te stellen.
Infraroodopnamen OPMERKINGEN • Wanneer de camcorder in de infraroodstand staat, worden de volgende opties automatisch ingesteld. - Versterking, sluitertijd en diafragma worden ingesteld op automatisch. - Autofocus wordt ingesteld op [Normal AF]. - Lichtmeting, AE-niveau, AGC-limiet, witbalans en voorkeuze-instellingen kunnen niet worden ingesteld. - ND-filter kan niet worden geactiveerd. • Als u de camcorder in de infraroodstand zet, richt het objectief dan niet op sterke licht- of warmtebronnen.
Verschuiving van de optische as Verschuiving van de optische as Deze functie helpt u bij een opstelling met twee camera’s voor het maken van 3D-opnamen doordat u de positie van de beeldstabilisatielens kunt instellen. 92 Bedieningsstanden: 1 Open het submenu [OIS Functions]. [l Camera Setup] [OIS Functions] 2 Selecteer [Axis Shift] en druk op SET. [l Camera Setup] [OIS Functions] • Y verschijnt aan de onderzijde van het scherm. 3 Open het scherm [Adjust] van de optische as.
Gebruik van de aanduiding van de brandpuntsafstand Gebruik van de aanduiding van de brandpuntsafstand De aanduiding van de brandpuntsafstand helpt u bij het gebruik van twee camcorders wanneer u 3D-opnamen maakt. De aanduiding wordt weergegeven als een numerieke waarde en heeft een bereik van 154 stappen. U kunt de aanduiding instellen op 0 bij elk punt in het zoombereik om u te helpen beide camcorders precies te kalibreren.
4 Voorkeuze instellen 94 Toewijzingsknoppen De camcorder is comfortabel uitgerust met 10* knoppen die u kunt toewijzen aan diverse functies. Door vaak gebruikte functies toe te wijzen aan deze knoppen, kunt u deze functies met één druk op de knop snel activeren. * In de stand zijn alleen de toewijzingsknoppen 1 t/m 4 beschikbaar. Bedieningsstanden: Aan een knop een andere functie toewijzen 1 Open het submenu [Assign Button].
Toewijzingsknoppen Gebruik van een toewijzingsknop Nadat u aan een van de knoppen een functie hebt toegewezen, kunt u de betreffende functie later snel gebruiken door deze knop in te drukken. Bij sommige functies kan een menu met opties verschijnen. In dat geval moet u de gewenste optie selecteren en vervolgens op SET drukken. Toewijzingsknoppen Functies kunnen voor de stand en voor de stand afzonderlijk worden ingesteld.
Voorkeuze-instellingen Voorkeuze-instellingen 96 U kunt vooraf een aantal beeldgerelateerde voorkeuze-opties instellen. Nadat u individuele instellingen hebt aangepast aan uw wensen, kunt u de gehele set in de camcorder of op de SD-kaart opslaan als een bestand met voorkeuze-instellingen. U kunt het bestand dan op een later tijdstip laden om de huidige instellingen te wijzigen in de voorkeuzeniveaus die u hebt geselecteerd.
Voorkeuze-instellingen • Als u andere acties in het bestand wilt uitvoeren, ga dan verder met de procedures hierna. • Selecteer [Off] als u opnamen wilt maken zonder het bestand met voorkeuze-instellingen toe te passen. Bestanden met voorkeuze-instellingen die al in de camcorder aanwezig zijn Standaard zijn de bestanden met voorkeuze-instellingen in de bestandslocaties [C7] t/m [C9] beveiligd. Verwijder de beveiliging (0 97) als u het bestand wilt bewerken.
Voorkeuze-instellingen Bestanden met voorkeuze-instellingen kopiëren 98 U kunt bestanden met voorkeuze-instellingen kopiëren tussen de camcorder en SD-kaart. Als het bestand met de voorkeuze-instellingen aanwezig is in de camcorder, gebruik dan [Copy To b] (kopiëren naar kaart), of gebruik [Load From b] (kopiëren vanaf kaart), afhankelijk van wat u wilt doen. Als het bestand met de voorkeuze-instellingen aanwezig is op een SD-kaart, gebruik dan [Copy To Cam.
Voorkeuze-instellingen 3 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET. • Het bestand op de SD-kaart) wordt overschreven door het bestand in de camcorder. 4 Druk op de MENU-knop om het menu te verlaten. OPMERKINGEN • U kunt ook een bestand met voorkeuze-instellingen dat ingesloten is in een clip, kopiëren naar de camcorder (0 118). In een opname voorkeuze-instellingen insluiten U kunt video-opnamen of foto’s maken met gebruik van uw voorkeuzeinstellingen.
Voorkeuze-instellingen Donkere gebieden ([Black Gamma]) Uitvoer Black Gamma Regelt het onderste gedeelte van de gammacurve (donkere gebieden van het beeld). [Level]: Verhoogt of verlaagt het onderste gedeelte van de gammacurve. Deze waarde kan worden ingesteld tussen -50 en 50. (Standaard: 0) [Range]: Selecteert het bereik waarbinnen donkere gebieden worden beïnvloed. Deze waarde kan worden ingesteld tussen -5 en 50. (Standaard: 0) [Point]: Bepaalt de vorm van het onderste gedeelte van de gammacurve.
Voorkeuze-instellingen Scherpte ([Sharpness]) Stelt de scherpte van het uitvoer- en opnamesignaal in. [Level]: Stelt het scherpteniveau in.Deze waarde kan worden ingesteld tussen -10 en 50. (Standaard: 0) [H Detail Freq.]: Stelt de middenfrequentie van horizontale scherpte in. Instelling van een hogere waarde verhoogt de frequentie, die, op haar beurt, de scherpte vergroot. Deze waarde kan worden ingesteld tussen -8 en 8.
Voorkeuze-instellingen 102 [Effect Level]: Stelt het niveau van het filter in. De beschikbare opties zijn [Off], [Low], [Middle] en [High]. (Standaard: [Off]) [Hue]: Stelt de kleurschakering in voor detectie van huidtinten. Deze waarde kan worden ingesteld tussen -16 en 16. (Standaard: 0) [Chroma]: Stelt de kleurverzadiging in voor detectie van huidtinten. Deze waarde kan worden ingesteld tussen 0 en 31. (Standaard: 16) [Area]: Stelt het kleurbereik in voor detectie van huidtinten.
Voorkeuze-instellingen Kleurcorrectie ([Color Correction]) De camcorder detecteert de karakteristiek van een bepaalde kleur (kleurfase, kleurverzadiging, gebied en Y-niveau) en corrigeert deze tijdens het opnemen. U kunt de kleurcorrectie instellen voor maximaal twee verschillende gebieden (A en B). [Select Area]: Selecteert een of meer gebieden die moeten worden gecorrigeerd. De beschikbare opties zijn [Area A], [Area B] en [Area A&B]. Selecteer [Off] als u deze optie wilt uitschakelen.
Functies en schermgegevens afstemmen op uw persoonlijke wensen Functies en schermgegevens afstemmen op uw persoonlijke wensen 104 U kunt de camcorder afstemmen op uw persoonlijke stijl en behoeften. Gebruik de optie [J Other Functions] [Custom Function] om in te stellen hoe sommige bedieningselementen en functies in de stand moeten functioneren. Ook kunt u gebruik maken van de optie [M LCD/VF Setup] [Custom Display] om in te stellen welke gegevens op het scherm worden weergegeven terwijl u opnamen maakt.
Functies en schermgegevens afstemmen op uw persoonlijke wensen Instellen welke schermgegevens u wilt weergeven U kunt instellen welke pictogrammen door de camcorder moeten worden weergegeven of verborgen. Raadpleeg Schermgegevens (0 42) voor bijzonderheden over welke schermgegevens u voor weergave kunt selecteren. Raadpleeg [Custom Display 1] (0 145) en [Custom Display 2] (0 146) voor bijzonderheden over de instelopties. Bedieningsstanden: 1 Open het submenu [Custom Display 1] of [Custom Display 2].
Camera-instellingen opslaan en laden Camera-instellingen opslaan en laden 106 Nadat u de instellingen in de menu’s hebt gewijzigd, kunt u die instellingen opslaan op een SD-kaart. U kunt die instellingen dan op een later tijdstip weer in deze camcorder laden, of in een andere XF105- of XF100-camcorder zodat u die camcorder op precies dezelfde wijze kunt gebruiken. Bedieningsstanden: Camera-instellingen opslaan op de SD-kaart 1 Open het submenu [Save To b].
5 Afspelen 107 Afspelen In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u clips afspeelt die u hebt opgenomen op een CF-kaart. Raadpleeg De camcorder aansluiten op een externe monitor (0 123) voor bijzonderheden over hoe u clips afspeelt op een externe monitor. Raadpleeg Foto’s bekijken (0 134) voor informatie over hoe u op de SD-kaart foto’s kunt bekijken. Bedieningsstanden: Clipindexscherm De afspeelfuncties kunt u gebruiken u in het clipindexscherm.
Afspelen Houd de knop op de d-schakelaar ingedrukt en zet deze op MEDIA. • De camcorder schakelt over op de stand en het clipindexscherm verschijnt. 2 108 1 3 4 5 6 7 16 15 14 8 9 10 1 2 3 4 5 6 7 Momenteel geselecteerde CF-kaartsleuf (0 37) Clipminiatuur (0 120) Relay-opname: Verschijnt als een clip op de ene CF-kaart begint en verdergaat op de andere.
Afspelen Andere indexschermen selecteren In het clipindexscherm kunt u werken met alle clips op een CF-kaart. U kunt echter overschakelen naar andere indexschermen die alleen clips met een e-markering (indexscherm [e Mark]), clips met een Z-markering (indexscherm [Z Mark]) of foto’s* (indexscherm [Photos]) tonen. * Foto’s worden opgeslagen op de SD-kaart. 1 Druk op de INDEX-knop. • Het selectiemenu van het indexscherm verschijnt. 2 Selecteer het gewenste indexscherm en druk vervolgens op SET.
Afspelen Schermgegevens 1 2 3 4 5 110 6 7 8 9 10 11 12 13 19 18 17 16 15 1 2 3 4 5 6 7 8 9 1 2 Resterende accutijd (0 43) Afspeelmethode Geselecteerde CF-kaart Relay-opname Tijdcode (0 69) Clipnummer / Totaal aantal clips Bitsnelheid en resolutie (0 45) Beeldsnelheid (0 45) Ingesloten bestand met voorkeuze-instellingen (0 96) Wordt weergegeven wanneer [M LCD/VF Setup] Wordt weergegeven wanneer [M LCD/VF Setup] 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 14 Uitvoerdisplays (0 125) Draadloze afstandsbediening (
Afspelen Afspeelknoppen Als u een clip afspeelt, gebruik dan de knoppen op de camcorder of de draadloze afstandsbediening als u gebruik wilt maken van versneld afspelen, beeldje voor beeldje afspelen of als u clips wilt overslaan. Raadpleeg de volgende tabel. 111 Beschikbare afspeeltypes Afspeeltype Bediening Versneld afspelen Camcorder: Druk op de J-knop of de I-knop. Draadloze afstandsbediening: Druk op de J-knop of de I-knop.
Afspelen Het volume van de ingebouwde luidspreker instellen 112 [m Audio Setup] 1 Open het submenu [Speaker Volume]. [m Audio Setup] [Audio Output] [Speaker Volume] [Audio Output] 2 Selecteer het gewenste niveau en druk vervolgens op SET. • Selecteer [Off] als u de audio volledig wilt uitschakelen. [Speaker Volume] OPMERKINGEN • Raadpleeg Het audiokanaal selecteren (0 126) voor bijzonderheden over selectie van een ander kanaal.
Werken met clips Werken met clips Behalve dat u een clip kunt afspelen, kunt u ook andere handelingen uitvoeren, bijvoorbeeld een clip verwijderen of clipinformatie weergeven. Dit doet u in het clipmenu, dat afhankelijk van het gebruikte indexscherm diverse functies bevat. U kunt de functies gebruiken in het menu [J Other Functions] om sommige handelingen toe te passen op alle clips.
Werken met clips Gebruik van het clipmenu 1 Selecteer een clip en druk vervolgens op SET. • Het clipmenu verschijnt. Welke functies beschikbaar zijn, hangt af van het gebruikte indexscherm en welke functies ingeschakeld zijn. 114 2 Selecteer de gewenste functie en druk vervolgens op SET. • De functie wordt ingeschakeld. Sommige functies vereisen dat meer actie nodig is. Voer hiertoe de instructies op het scherm uit. • Druk anders op de CANCEL-knop als u wilt terugkeren naar het clipindexscherm.
Werken met clips Een e-markering of Z-markering toevoegen Als u een OK-markering (e) of een vinkje-markering (Z) aan een clip toevoegt, kunt u later een indexscherm oproepen dat alleen clips met een e-markering of alleen clips met een Z-markering toont. Clips met een e-markering kunt u bovendien niet verwijderen, zodat u deze markering kunt gebruiken om belangrijke clips te beveiligen. In de schermberichten worden deze markeringen [e Mark] respectievelijk [Z Mark] genoemd.
Werken met clips Clips kopiëren U kunt clips kopiëren van de ene CF-kaart naar de andere. De gekopieerde clips behouden hun oorspronkelijke naam. 116 Eén enkele clip kopiëren 1 Selecteer de gewenste clip en druk vervolgens op SET om het clipmenu te openen. 2 Selecteer [Copy Clip] en druk vervolgens op SET. • Het clipinformatiescherm verschijnt waarin u wordt gevraagd de bedieningshandeling te bevestigen. 3 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET.
Werken met clips Clips verwijderen U kunt elke clip behalve die met een e-markering verwijderen. Als u dergelijke clips wilt verwijderen, moet u eerst de e-markering verwijderen. 117 Eén enkele clip verwijderen 1 Selecteer de gewenste clip en druk vervolgens op SET om het clipmenu te openen. 2 Selecteer [Delete Clip] en druk vervolgens op SET. • Het clipinformatiescherm verschijnt waarin u wordt gevraagd de bedieningshandeling te bevestigen. 3 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET.
Werken met clips Kopiëren van een bestand met voorkeuze-instellingen dat ingesloten is in een clip U kunt naar de camcorder een bestand met voorkeuze-instellingen kopiëren dat ingesloten is in een clip. 118 1 Selecteer de gewenste clip en druk vervolgens op SET om het clipmenu te openen. 2 Selecteer [Copy X File] en druk vervolgens op SET. • Het scherm [X Data 1/3] verschijnt met het oranje selectiekader dat de eerste bestandslocatie van het bestand met de voorkeuze-instellingen aangeeft.
Werken met clips Van één enkele clip een indexscherm weergeven dat beeldjes bevat U kunt een indexscherm weergeven van één enkele clip die met een vast interval in beeldjes is opgedeeld. Dit komt van pas als u een lange clip hebt of wanneer u een clip vanaf een bepaald punt wilt afspelen. U kunt instellen hoeveel miniaturen u wilt weergeven. U kunt in dit indexscherm ook andere bedieningshandelingen uitvoeren, zoals opnamemarkeringen toevoegen en verwijderen.
Werken met clips Een opnamemarkering verwijderen 1 Open het indexscherm [Shot Mark] of [Expand Clip]. 2 Selecteer het gewenste beeldje (miniatuur) en druk vervolgens op SET om het clipmenu te openen. 120 3 Selecteer [Del. Shot Mark 1] of [Del. Shot Mark 2] en druk vervolgens op SET. • Het clipinformatiescherm verschijnt waarin u wordt gevraagd de bedieningshandeling te bevestigen. 4 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET.
6 Externe aansluitingen 121 Video-uitvoerconfiguratie Of videosignalen kunnen worden uitgevoerd vanaf het HD/SD SDI-aansluitpunt (alleen b), HDMI OUTaansluitpunt of HD/SD COMPONENT OUT-aansluitpunt, hangt af van de videoconfiguratie van de clip, de mogelijkheden van de externe monitor (voor video-uitvoer vanaf het HDMI OUT-aansluitpunt) en van de diverse menu-instellingen. Video-uitvoer vanaf het AV-aansluitpunt vindt altijd plaats in de 576/50i-standaard.
Video-uitvoerconfiguratie SD-uitvoer 122 Wanneer HD-video (hoogte/breedteverhouding van 16:9) wordt geconverteerd en uitgevoerd als SD-video (hoogte/breedteverhouding van 4:3), kunt u kiezen hoe de video wordt weergegeven op de externe monitor. [N Video Setup] [SD Output] [Squeeze] 1 Open het submenu [SD Output]. [N Video Setup] [SD Output] 2 Selecteer de gewenste optie en druk vervolgens op SET.
De camcorder aansluiten op een externe monitor De camcorder aansluiten op een externe monitor Als u de camcorder aansluit op een externe monitor om opnamen te maken of af te spelen, gebruik dan het aansluitpunt op de camcorder dat overeenkomt met het aansluitpunt dat u op de monitor wilt gebruiken. Selecteer vervolgens de configuratie van de videosignaaluitvoer (0 121). De camcorder kan tegelijkertijd video uitvoeren vanaf alle video-uitgangen.
De camcorder aansluiten op een externe monitor b Gebruik van het HD/SD SDI-aansluitpunt 124 De digitale signaaluitvoer vanaf het HD/SD SDI-aansluitpunt omvat het videosignaal, audiosignaal en tijdcodesignaal. Voer desgewenst de volgende procedure uit om de uitvoer op HD of SD in te stellen. Door de uitvoer uit te schakelen, vermindert u het stroomgebruik van de camcorder. [N Video Setup] [SDI Output] [Off] 1 Open het submenu [SDI Output].
De camcorder aansluiten op een externe monitor Gebruik van het AV-aansluitpunt Wanneer u video uitvoert vanaf het AV-aansluitpunt, dan wordt het videosignaal geconverteerd naar een analoog SD Composite Video-signaal. Bovendien wordt door het AV-aansluitpunt ook audio uitgevoerd. U kunt de SD-uitvoermethode selecteren (0 122). OPMERKINGEN • Indien nodig, kunt u de schermgegevens superimpositioneren op de video die wordt weergegeven op de externe monitor (0 125).
Audio-uitgang Audio-uitgang 126 De camcorder kan audio uitvoeren vanaf het HD/SD SDI-aansluitpunt (alleen b), HDMI OUT-aansluitpunt, AV-aansluitpunt of W-hoofdtelefoonaansluitpunt. Wanneer audio wordt uitgevoerd vanaf het AV-aansluitpunt of W-hoofdtelefoonaansluitpunt, kunt u instellingen zoals het uitgangskanaal configureren. Wanneer audio wordt uitgevoerd vanaf het AV-aansluitpunt, kunt u het uitgangsniveau selecteren.
Audio-uitgang Opties [CH1/CH2]: [CH1/CH1]: [CH2/CH2]: [All/All]: Audio vanaf CH1 wordt uitgevoerd vanaf het linkeraudiokanaal en audio vanaf CH2 wordt uitgevoerd vanaf het rechteraudiokanaal. Audio vanaf CH1 wordt uitgevoerd vanaf zowel het linker- als rechteraudiokanaal. Audio vanaf CH2 wordt uitgevoerd vanaf zowel het linker- als rechteraudiokanaal. Audio vanaf CH1 en CH2 wordt gemixt en uitgevoerd vanaf zowel het linker- als rechterkanaal.
Clips opslaan op een computer Clips opslaan op een computer Gebruik Canon XF Utility om clips op te slaan of een van de Canon XF-plugins* om clips te importeren in NLE-software (non-linear editing, niet-lineaire bewerking). 128 * Plugins zijn beschikbaar voor NLE-software van Avid en Apple. MXF-clips opslaan Canon XF Utility en de Canon XF-plugins kunnen gratis worden gedownload via de website van Canon voor uw regio.
Clips opslaan op een computer 6 Klik op Next/Volgende en klik daarna op Finish/Voltooien. Canon XF Utility verwijderen (Windows) 1 Selecteer in het Start-menu Alle programma’s > Canon Utilities > Canon XF Utility > Uninstall Canon XF Utility/Canon XF Utility verwijderen. • Er verschijnt een bevestigingsscherm. 2 Klik op Yes/Ja om te beginnen met het verwijderen van de software.
Clips opslaan op een computer De software verwijderen (Mac OS) Sleep het bestand dat of de map die u wilt verwijderen naar Prullenmand. 130 Canon XF Utility /Programma’s/Canon Utilities/Canon XF Utility Canon XF Plugin for Final Cut Pro /Bibliotheek/Application Support/ProApps/MIO/RAD/Plugins/CanonXF.RADPlug Canon XF Plugin for Final Cut Pro X /Bibliotheek/Application Support/ProApps/MIO/RADPlugins/CanonXF64.
Clips opslaan op een computer De gebruiksaanwijzingen van de software openen Voor meer informatie over het gebruik van de software raadpleegt u de gebruiksaanwijzing (PDF-bestand) van elke module. De gebruiksaanwijzingen worden samen met de software geïnstalleerd. De volgende procedures voor computers met Windows gelden voor Windows 7. De procedures kunnen afwijken bij andere versies. Raadpleeg voor meer informatie de Help-modules van het besturingssysteem.
7 Foto’s 132 Foto’s maken U kunt foto’s maken wanneer de camcorder in de stand staat, of u kunt een foto maken van een beeld uit een clip wanneer de camcorder in de stand staat. Foto’s worden opgeslagen op de SD-kaart. In de stand is de fotoresolutie 1920x1080*. In de stand is de fotoresolutie afhankelijk van de resolutieinstelling van de clip waarvan een foto wordt gemaakt. Als de clip 1920x1080 of 1440x1080 is, dan is de fotoresolutie 1920x1080.
Foto’s maken BELANGRIJK • Houd u aan de voorzorgsmaatregelen hieronder terwijl de statusindicator van de SD-kaart knippert. Als u dat nalaat, raakt u uw gegevens mogelijk voorgoed kwijt. - Verwijder de stroombron niet en schakel de camcorder niet uit. - Verwijder de SD-kaart niet. OPMERKINGEN • Als de LOCK-schakelaar op de SD-kaart zodanig is ingesteld dat de kaart niet kan worden beschreven, kunt u geen foto maken. Wijzig eerst de stand van de LOCK-schakelaar.
Foto’s weergeven Foto’s weergeven U kunt de foto’s weergeven die u met de camcorder hebt gemaakt. 134 Bedieningsstanden: Het indexscherm [Photos] weergeven Roep het indexscherm [Photos] op als u foto’s wilt bekijken. 1 Houd de knop op de d-schakelaar ingedrukt en zet deze op MEDIA. • De camcorder schakelt over op de stand clipindexscherm verschijnt. en het 2 Druk op de INDEX-knop. • Het selectiemenu van het indexscherm verschijnt. 3 Selecteer [Photo Index] en druk vervolgens op SET.
Werken met foto’s Werken met foto’s U kunt het fotomenu gebruiken om een foto te beveiligen of de beveiliging van een foto te annuleren, om een foto te verwijderen of om een bestand met voorkeuze-instellingen te kopiëren dat is ingesloten in een foto. U kunt het fotomenu oproepen vanuit het indexscherm [Photos] of vanuit het fotoweergavescherm. Gebruik van het fotomenu 1 Selecteer in het indexscherm [Photos] een foto en druk vervolgens op SET. • Als u een foto bekijkt, druk dan op SET.
Werken met foto’s Alle foto’s verwijderen [J Other Functions] 1 Open het submenu [Delete All Photos]. [J Other Functions] [Delete All Photos] 136 [Delete All Photos] 2 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET. • Alle foto’s op de SD-kaart worden verwijderd. • Selecteer [Cancel] in plaats van [OK] als u de procedure wilt annuleren. • Terwijl de foto’s worden verwijderd, kunt u op SET drukken als u het verwijderingsproces wilt stopzetten. 3 Druk op SET nadat het bevestigingsbericht verschijnt.
Werken met foto’s 5 Selecteer [OK] en druk vervolgens op SET. • De geselecteerde foto wordt beveiligd en naast de miniatuur van de foto verschijnt h. • Selecteer [Cancel] in plaats van [OK] als u de procedure wilt annuleren. • Als in de foto een bestand met voorkeuze-instellingen ingesloten is, dan wordt dit bestand eveneens beveiligd.
Werken met foto’s OPMERKINGEN • U kunt een bestand met voorkeuze-instellingen niet kopiëren naar een bestandslocatie die beveiligd is. 138 Fotonummering Aan foto’s worden automatisch opeenvolgende nummers toegewezen van 0101 t/m 9900, en deze worden opgeslagen in mappen van maximaal 100 foto’s op de SD-kaart. Mappen worden genummerd van 101 t/m 998. U kunt selecteren welke fotonummeringsmethode moet worden gebruikt. [J Other Functions] [Photo Numbering] [Continu.
8 Overige informatie 139 Menu-opties Raadpleeg Gebruik van de menu’s (0 27) voor meer informatie over de wijze waarop u een onderdeel selecteert. Raadpleeg de pagina waarnaar wordt verwezen voor bijzonderheden over elke functie. Menu-onderdelen zonder een pagina waarnaar wordt verwezen, worden na de tabellen nader verklaard. De standaardinstelling van een insteloptie wordt aangegeven in een vet lettertype. Niet-beschikbare menu-onderdelen worden gedimd weergegeven.
Menu-opties Menu-onderdeel Submenu [Image Stabilizer] (Beeldstabilisator) 140 [Zoom] (Zoomen) Instelopties 0 [Dynamic], [Standard] (Dynamisch, Standaard) 52 [Speed Level] (Snelheidsniveau) [Fast], [Normal], [Slow] (Snel, Normaal, Langzaam) 63 [Soft Zoom Control] (Zachte zoomregeling) [Both], [Stop], [Start], [Off] (Beide, Stop, Start, Uit) – [Grip Rocker] (Tuimelschakelaar op handgreep) [Constant], [Variable] (Constant, Variabel) [Constant Speed] (Constante snelheid) [Handle Rocker] (Tuime
Menu-opties [X Edit File]-voorkeuze-instellingen Menu-onderdeel Submenu Instelopties [Rename] (Naam wijzigen) 0 97 [Protect] (Beveiligen) [Unprotect], [Protect] (Beveiliging opheffen, Beveiligen) 97 [Reset] (Resetten) [Cancel], [OK] 97 [Gamma] (Gammacurve) [Normal 1], [Normal 2], [Normal 3], [Normal 4], [Cine 1], [Cine 2] 99 [Black] (Zwartingsniveau en kleurzweem van zwarte tonen) [Master Pedestal] (Vergroten/verkleinen van zwartingsniveau) -50 t/m 50 (0) [Master Black] (Kleurzweemcorrecti
Menu-opties Menu-onderdeel [Skin Detail] (Huiddetail) 142 [Selective NR] (Selectieve ruisreductie) [Color Matrix] (Kleurenmatrix) [White Balance] (Witbalans) [Color Correction] (Kleurcorrectie) [Other Functions] Overige functies Submenu Instelopties [Effect Level] (Niveau filter) [Off], [Low], [Middle], [High] [Hue] (Kleurschakering) -16 t/m 16 (0) [Chroma] (Kleurverzadiging) 0 t/m 31 (16) [Area] (Kleurbereik) 0 t/m 31 (16) [Y Level] (Helderheid) 0 t/m 31 (16) [Effect Level] (Niveau filte
Menu-opties Menu [m Audio Setup] Menu-onderdeel [Audio Input] (Audio-ingang) Submenu [CH1], [CH1/CH2] [Int. Mic Low Cut] (Uitfilteren van laagfrequente storingen) [Off], [LC1], [LC2] [Int. Mic Sensitivity] (Gevoeligheid ingebouwde microfoon) [Normal], [High] [Int. Mic Att.
Menu-opties Menu [M LCD/VF Setup] Menu-onderdeel 144 [LCD Setup] (LCD instellen) Submenu 0 Instelopties [Brightness] (Helderheid) -99 t/m 99 (0) [Contrast] N N -99 t/m 99 (0) N N [Color] (Kleur) -20 t/m 20 (0) N N [Sharpness] (Scherpte) 1 t/m 4 (2) N N [Backlight] (Tegenlicht) [Normal], [Bright] (Normaal, Helder) N N [Brightness] (Helderheid) -99 t/m 99 (0) N N [Contrast] -99 t/m 99 (0) N N [Color] (Kleur) -3 t/m 3 (0) N N [Backlight] (Tegenlicht) [Normal], [Bright] (
Menu-opties Menu-onderdeel [Markers] (Markeringen) Submenu [On], [Off] N – [Center] (Centraal) [White], [Gray], [Off] N – [Horizontal] (Horizontaal) [White], [Gray], [Off] N – [Grid] (Raster) [White], [Gray], [Off] N – [Safety Zone] (Veilige zone) [White], [Gray], [Off] N – [Safety Zone Area] (Gebied veilige zone) [80%], [90%], [92.5%], [95%] N – [Aspect Marker] (Markering hoogte/ breedteverhouding) [White], [Gray], [Off] N – N – [Aspect Ratio] [4:3], [13:9], [14:9], [1.
Menu-opties Menu-onderdeel [Custom Display 2] (Voorkeursdisplay 2) 146 Submenu 0 Instelopties [Remaining Battery] (Resterende acculading) [Warning], [Normal], [Off] (Waarschuwing, Normaal, Uit) N – [Remaining Rec Time] (Resterende opnameduur) [Warning], [Normal], [Off] (Waarschuwing, Normaal, Uit) N – [Rec Mode] (Opnamestand) [On], [Off] N – [Genlock] (Fasesynchronisatie) [On], [Off] N – [Time Code] (Tijdcode) [On], [Off] N – [Interval Counter] (Intervalteller) [On], [Off] N –
Menu-opties [Focus Mode]: Toont het pictogram van de scherpstellingsstand (A, 6, 7) indien deze optie is ingesteld op [On]. [Object Distance]: Bepaalt wanneer de afstand tot het onderwerp wordt getoond. [Always On]: Wordt altijd op het scherm getoond. [Normal]: Wordt alleen getoond wanneer scherp wordt gesteld. [Full Auto/Lock]: Toont het pictogram van de volledig automatische stand (F) en het vergrendelingspictogram (y) indien deze optie is ingesteld op [On].
Menu-opties [User Memo]: Toont het pictogram van het clipinformatieprofiel (f) indien deze optie is ingesteld op [On], wat aangeeft dat samen met de clip een clipinformatieprofiel wordt opgenomen. [User Bit]: Toont de User Bit indien deze optie is ingesteld op [On]. 148 [Audio Output CH]: Toont het audio-uitgangskanaal indien deze optie is ingesteld op [On]. [Date/Time]: Toont de datum en tijd indien deze optie is ingesteld op [On].
Menu-opties Menu-onderdeel Submenu 1 t/m 10 Zie voetnoot 2 [Custom Key/Dial] (Knop/wielcombinatie voorkeuzefuncties) [Normal] (Normaal) [Tally Lamp] (Statuslampje) 0 Instelopties [Assign Button] (Toewijzingsknop) 1 N N [Iris(ND)], [Face AF], [Headphone Volume], [Tele-converter], [Off] (Diafragma-instelling, Autofocus op gezicht, Volume hoofdtelefoon, Teleconverter, Uit) N – [Infrared] (Infrarood) [IR Light], [Headphone Volume], [Tele-converter], [Off] (Infraroodlamp, Volume hoofdtelefoon, T
Menu-opties Menu-onderdeel [Set Metadata] (Metagegevens instellen) 150 Submenu 0 Instelopties [User Memo] (Clipinformatieprofiel) [Off], Lijst van clipinformatieprofielbestanden [Country Code] (Landcode) Letters A t/m Z, nummers 0 t/m 9, plusteken (+), minteken (-), dubbele punt (:), spatie [Organization] (Organisatie) 79 N – – [User Code] (Gebruikerscode) [SDI Rec Command] (Gelijktijdig starten of stoppen met opnemen op ander apparaat) (Alleen b) [On], [Off] [Photo Numbering] (Fotonummering
Menu-opties Menu-onderdeel Submenu N N N N [Complete], [Quick] (Compleet, Snel) N N – N – [Cancel], [OK] [Initialize Media] (Media initialiseren) [Cancel], [OK] [CF A] (CF-kaart A) [CF B] (CF-kaart B) [SD Card] (SD-kaart) [Firmware] (Firmware) 1 2 3 4 5 6 0 Instelopties [Reset Hour Meter] (Urenteller resetten) – 36 – Niet beschikbaar in het indexscherm [Photos]. Instelopties voor [Assign Button]: [(NONE)], [Img Stab.
De statusschermen weergeven De statusschermen weergeven U kunt de statusschermen gebruiken om de diverse opname- en afspeelinstellingen van de camcorder te controleren. U kunt de statusschermen ook weergeven op een externe monitor. 152 Bedieningsstanden: 1 Wijs een toewijzingsknop toe aan [Status] (0 95). 2 Druk op de toewijzingsknop. • Het laatst weergegeven statusscherm verschijnt, tenzij u de camcorder had uitgezet of de bedieningsstand hebt gewijzigd.
De statusschermen weergeven Statusscherm [Camera] (stand ) 153 1 2 3 4 5 6 7 1 2 3 4 5 6 Versterking (0 53) Versterkingslimiet (0 53) Autofocusstand (0 49) Zachte zoomregeling (0 140) Instelling zoomtuimelschakelaar op handgreep (0 63) Zoomsnelheid van zoomtuimelschakelaar op camcorderhendel (0 64) 8 9 10 11 12 7 8 9 10 11 Flikkervermindering (0 56) Scherpstellingslimiet (0 51) AF op gezicht (0 50) Zoomsnelheidsniveau (0 63) Zoomsnelheid van zoomtuimelschakelaar op handgreep (0 63) 12 Zoomsnelheid va
De statusschermen weergeven Statusscherm [Audio] In de stand 154 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 In de stand 13 7 1 2 3 4 5 6 7 Low-cut filter (voor uitfilteren van laagfrequente storingen) van ingebouwde microfoon (0 74) Gevoeligheid ingebouwde microfoon (0 74) Opnamekanaal XLR-aansluitpunt (0 76) Gevoeligheid van microfoons die zijn aangesloten op XLR-aansluitpunten (0 76) Audiopiekbegrenzer (0 78) Vertraging audio-uitvoer (0 126) Audio-uitgangsniveau van het AV-aansluitpunt (0 127) 8 9 10 11 12 13
De statusschermen weergeven Statusscherm [Video] 155 1 2 3 1 2 3 4 4 5 6 7 8 9 Status HDMI OUT-aansluitpunt (0 124) Instelling uitvoer HD/SD SDI-aansluitpunt (alleen b, 0 124) Schermgegevens superimpositioneren op HD-uitvoer (0 125) Status uitvoer HD/SD COMPONENT OUTaansluitpunt (0 124) * Alleen in de stand 5 9 Schermgegevens superimpositioneren op SD-uitvoer (0 125) Instelling SD-uitvoer (0 122) Speciale opnamestand* (0 85) Aantal beeldjes voor intervalopnamen (0 85) of voor beeldjes opnemen* (0
De statusschermen weergeven Statusscherm [Battery / Hour Meter] 156 1 2 3 4 5 1 2 3 Resterende opnameduur Indicator resterende opnameduur Indicator levensduur accu 4 5 Statusscherm [X Data 1/3] (stand Totale gebruiksduur camcorder tot nu toe (0 151) Gebruiksduur sinds de laatste keer dat [Reset Hour Meter] werd gebruikt (0 151) ) 10 1 2 3 4 5 6 7 8 1 2 3 4 5 Naam van bestand met voorkeuze-instellingen (0 96) Gamma (0 99) Master Pedestal (zwartingsniveau) (0 99) RGB-niveaus van Master Black (correc
De statusschermen weergeven Statusscherm [X Data 2/3] (stand ) 157 1 2 3 4 5 6 7 1 2 3 Scherpte-instellingen (niveau, frequentie horizontaal detail, verhouding horizontaal/verticaal detail, en limiet) (0 101) Scherpte-instellingen (instelling scherpte boven knee point, versterking, en balans resolutie/ vermindering gekartelde randen) (0 101) Instellingen Level Depend (verlaging hoeveelheid scherpte donkere gebieden) (Level, Slope en Offset) (0 101) Statusscherm [X Data 3/3] (stand 4 5 6 7 Coring-i
Problemen oplossen Problemen oplossen Loop eerst door de lijst hieronder wanneer u problemen ondervindt bij het gebruik van uw camcorder. Neem contact op met uw dealer of een Canon Service Center als het probleem aanhoudt. 158 Stroombron De camcorder kan niet worden ingeschakeld of schakelt zichzelf uit. - De accu is leeg. Vervang de accu of laad deze op. - Verwijder de accu en sluit deze opnieuw goed aan. Ik kan de accu niet opladen. - De temperatuur van de accu is hoger of lager dan het oplaadbereik.
Problemen oplossen Ik kan een foto niet verwijderen. - De foto is beveiligd. Verwijder de beveiliging (0 97). - De LOCK-schakelaar op de SD-kaart staat zo ingesteld dat gegevens op de kaart niet per abuis kunnen worden gewist. Wijzig de stand van de LOCK-schakelaar. Ik kan clips niet kopiëren. - Er is te weinig ruimte op de CF-kaart waarnaar u de clips wilt kopiëren of de CF-kaart bevat al het maximale aantal clips (999 clips).
Problemen oplossen Audio wordt opgenomen op een extreem laag niveau. - De audioniveauschakelaar is ingesteld op M, en het opnameniveau is te laag ingesteld. Controleer de audioniveaumeter op het LCD-scherm en stel het audioniveau correct in (0 78). - De microfoondemper is ingeschakeld. Zet de microfoondemper van de ingebouwde of externe microfoon uit (0 75). 160 Het geluid is vervormd of wordt opgenomen op een lager niveau.
Problemen oplossen Overzicht van berichten Raadpleeg dit hoofdstuk als er een bericht op het scherm verschijnt. Het bericht wordt getoond in de taal die u hebt ingesteld met de optie [Other Functions] [Language o]. De berichten in dit hoofdstuk staan hieronder in alfabetische volgorde. Merk op dat sommige berichten “CF A/CF B” bevatten. Dit geeft aan dat “CF A” of “CF B” in het bericht wordt weergegeven.
Problemen oplossen 162 CF A/CF B Operation canceled. - De bestandsbeheerinformatie is beschadigd. Beschadigde bestandsbeheerinformatie kan niet meer worden hersteld. CF-kaarten of clips met beschadigde bestandsbeheerinformatie kunnen niet worden gelezen door de software Canon XF Utility of bijbehorende plugins. - Als langdurig één enkele clip wordt opgenomen, dan wordt de clip opgesplitst in kleinere videobestanden van elk 2 GB. Dit bericht verschijnt als er 99 kleinere videobestanden zijn.
Problemen oplossen File name error - De map- en bestandsnummers hebben hun maximale waarde bereikt. Stel [Other Functions] in op [Reset] en verwijder alle foto’s op de SD-kaart (0 135) of initialiseer de kaart (0 36). [Photo Numbering] Invalid operation - De volgende bedieningshandelingen kunt u niet uitvoeren.
Voorzorgsmaatregelen Voorzorgsmaatregelen Camcorder 164 Houd u aan de instructies hieronder om ervoor te zorgen dat de camcorder optimaal blijft functioneren. • Houd de camcorder niet vast aan het LCD-paneel als u de camcorder draagt. Wees voorzichtig als u het LCD-paneel sluit. • Laat de camcorder niet achter op plaatsen met hoge temperaturen (zoals in een auto die staat geparkeerd in de volle zon), of op plaatsen met een hoge vochtigheid.
Voorzorgsmaatregelen De camcorder voor langere tijd opbergen • Bewaar accu’s op een droge plaats bij een temperatuur die niet hoger wordt dan 30 °C. • Ontlaad de accu volledig voordat u deze opbergt. Daarmee verlengt u de levensduur van de accu. • Het is raadzaam al uw accu’s ten minste éénmaal per jaar volledig op te laden en volledig te ontladen. Sluit op de accu altijd de afdekplaat aan. Voorkom dat metalen objecten in aanraking komen met de contactpunten (afbeelding 1).
Voorzorgsmaatregelen 166 • SD-kaarten: SD-kaarten zijn uitgerust met een schakelaar die u zo kunt instellen dat de kaart niet per abuis kan worden beschreven, waardoor gegevens anders ongewild zouden worden gewist. Zet de schakelaar op de SD-kaart in de LOCK-stand als u niet wilt dat de kaart kan worden beschreven.
Onderhoud/overig Onderhoud/overig Camcorder reinigen Camcorderhuis • Gebruik een zachte droge doek om het camcorderhuis te reinigen. Maak nooit gebruik van chemisch behandelde doekjes of vluchtige oplosmiddelen zoals verfverdunners. Objectief en Instant AF-sensor • Indien het objectief of de Instant AF-sensor vuil is, dan zal autofocus mogelijk niet goed werken. • Verwijder stof of vuildeeltjes met een blaaskwastje. Gebruik echter geen blaaskwastjes met lucht uit een spuitbus.
De interne batterij verwijderen De interne batterij verwijderen Verwijder de interne oplaadbare lithiumbatterij voordat u de camcorder volgens de recyclingsvoorschriften in uw regio afdankt. 168 1 Verwijder de 11 schroeven die worden getoond in de afbeelding en maak de onderste afdekking los. 2 Grijp de lithiumbatterij stevig vast met een isolatietang en verwijder de batterij van het bord.
Optionele accessoires Optionele accessoires De volgende optionele accessoires zijn compatibel met deze camcorder. De verkrijgbaarheid verschilt van gebied tot gebied.
Optionele accessoires Gebruik van originele Canon-accessoires wordt aanbevolen. 170 Dit product is ontworpen om met gebruik van originele Canon-accessoires een optimale prestatie te leveren. Canon is niet aansprakelijk voor schade aan dit product en/of ongevallen zoals brand, etc. die worden veroorzaakt door een defect in andere accessoires dan originele Canon-accessoires (bijv. lekkage en/of explosie van een accu).
Optionele accessoires c Bitsnelheid 50 Mbps 35 Mbps 25 Mbps Gebruikstijd BP-925 BP-955 BP-950G BP-970G BP-975 Zoeker 205 min. 420 min. 430 min. 600 min. 635 min. LCD-scherm 200 min. 410 min. 420 min. 585 min. 625 min. Opnemen (gebruikelijk)* Zoeker 130 min. 265 min. 275 min. 380 min. 400 min. LCD-scherm 125 min. 260 min. 270 min. 375 min. 390 min. Afspelen LCD-scherm 290 min. 595 min. 610 min. 850 min. 905 min. Opnemen (maximaal) Zoeker 205 min. 420 min.
Optionele accessoires Beschermingsfilter 58 mm, ND4L-filter 58 mm, ND8L-filter 58 mm Filters voor neutrale densiteit en MC Protector-filters helpen u controle te krijgen over moeilijke verlichtingsomstandigheden. 172 Deze aanduiding geeft aan dat het betreffende accessoire een originele Canon-video-accessoire is. Als u Canon-videoapparatuur gebruikt, dan raden wij u aan alleen Canon-accessoires te gebruiken waarop deze aanduiding staat.
Specificaties Specificaties XF105 / XF100 Systeem • Opnamesysteem Films: Videocompressie: MPEG-2 Long GOP; Audiocompressie: Lineaire PCM, 16 bits, 48 kHz, 2 kanalen Bestandstype: MXF Foto’s: Beeldcompressie: JPEG DCF (Design rule for Camera File system), compatibel met Exif Ver. 2.
Specificaties • Iris: Automatische of handmatige instelling • Versterking: Automatisch (AGC) of handmatig (-6,0 dB t/m 33,0 dB, fijnafstelling beschikbaar) • Sluitertijd: Automatisch, snelheid, hoek, Clear Scan of lange sluiter, uit; 1/3 sec t/m 1/2000 174 • Minimale verlichting: 0,08 lux (CAMERA-schakelaar ingesteld op M (handmatig), [Frame Rate] ingesteld op [50i], versterking ingesteld op 33 dB, sluitertijd ingesteld op 1/3) • Verlichtingsbereik onderwerp: 0,08 t/m 100.
Specificaties • b GENLOCK/TC-aansluitpunt BNC-jack Als GENLOCK-aansluitpunt Alleen invoer: 1 Vp-p/75 Ω Als TC-aansluitpunt (tijdcode) Invoer: 0,5 V–18 Vp-p/10 kΩ Uitvoer: 1 Vp-p/75 Ω • REMOTE-aansluitpunt Stereo-mini-jack van ∅ 2,5 mm • USB-aansluitpunt mini-B, USB 2.
Specificaties Accu BP-925 • Accutype Oplaadbare lithiumionaccu, compatibel met Intelligent System 176 • Nominale spanning 7,4 V DC • Gebruikstemperatuur 0–40 °C • Accucapaciteit Gebruikelijk: 2.600 mAh Minimaal: 19 Wh / 2.450 mAh • Afmetingen (B x H x D) 38,2 x 43,5 x 70,5 mm • Gewicht 130 g Gewicht en afmetingen zijn bij benadering. Fouten en omissies voorbehouden. De informatie in deze handleiding geldt vanaf juli 2016. Specificaties kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.
Index 177 A Aan/uitzetten van de camcorder . . . . . . . . . . . .24 Aansluiten van de camcorder op een externe monitor . . . . . . . . . . . . . . . . . .123 Aansluitpunten, afdekplaatjes . . . . . . . . . . . . . .32 Accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .169 Accu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .21 AE-niveau . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .58 Afspelen Clips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .109 Foto’s .
H O Handgreepriem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .31 HD/SD COMPONENT OUT-aansluitpunt . . . . .124 HD/SD SDI-aansluitpunt* . . . . . . . . . . . . . . . . .124 HDMI OUT-aansluitpunt . . . . . . . . . . . . . . . . . .124 Hoofdtelefoonaansluitpunt . . . . . . . . . . . . . . . . .78 Hoogte/breedteverhouding . . . . . . . . . . . . . . .122 OK-markeringen (e) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115 Opnamemarkeringen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83 Opnemen van clips . . . .
V Veiligheidszone . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .67 Versterking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .53 Videoconfiguratie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .45 Video-uitvoerconfiguratie . . . . . . . . . . . . . . . . .121 Vinkje-markeringen (Z) . . . . . . . . . . . . . . . . . .115 Voeding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .21 Volledig automatische stand . . . . . . . . . . . . . . .41 Voorkeuren . . . . . . . . . . . . . . .
Canon Europa N.V. Bovenkerkerweg 59, 1185 XB Amstelveen, The Netherlands www.canon-europe.com Raadpleeg uw garantiekaart of ga naar www.canon-europe.com/Support voor informatie over het dichtstbijzijnde Canon-kantoor. Dit product en de hieraan gekoppelde garantie worden in landen in Europa geleverd door Canon Europa N.V. HD Camcorder Gebruiksaanwijzing GEDRUKT IN DE EU © CANON INC.