Operation Manual

83
Als het AF-kader is ingesteld op [FlexiZone] (p. 82), kunt u de positie
en grootte van het AF-kader wijzigen.
Druk op de knop
X Het AF-kader wordt oranje.
Verplaats het AF-kader.
Draai aan het keuzewiel  om het
AF-kader te verplaatsen.
Druk op de knoppen opqr om kleine
aanpassingen te maken.
Als er gezichten worden herkend,
wordt het AF-kader verplaatst naar
het volgende gezicht iedere keer als
u op de knop n drukt.
Als u de knop ingedrukt houdt,
keert het AF-kader terug naar de
uitgangspositie (centrum).
Wijzig de grootte van het
AF-kader.
Druk op de knop l
X Het AF-kader wordt kleiner.
Als u nogmaals op de knop l drukt,
krijgt het AF-kader weer de normale
grootte.
Voltooi de instellingen.
Druk op de knop
Positie en grootte van het AF-kader wijzigen
Het spotmeetpunt kan worden gekoppeld aan het AF-kader (p. 87).
Het AF-kader krijgt de normale grootte als u Digitale Zoom (p. 62)
of Digitale Tele-Converter (p. 63) gebruikt.