Operation Manual

24
De camera kan de onderwerp- en opnameomstandigheden bepalen, zodat
u de camera automatisch de beste instellingen voor de compositie kunt laten
selecteren en u alleen nog maar de foto hoeft te maken.
De camera kan ook gezichten detecteren en hierop automatisch scherpstellen,
waarna de kleur en helderheid optimaal worden ingesteld.
Schakel de camera in.
Druk op de ON/OFF-knop.
X
Het opstartgeluid klinkt en het opstartscherm
verschijnt.
Druk nogmaals op de ON/OFF-knop om de
camera uit te schakelen.
Kies de modus
A
.
Stel het programmakeuzewiel in op
A
.
Als u de camera op het onderwerp richt,
maakt de camera geluid omdat deze de
compositie bepaalt.
X
De camera stelt scherp op het onderwerp
dat als hoofdonderwerp wordt beschouwd
en het pictogram voor de bepaalde
compositie wordt weergegeven in de
rechterbovenhoek van het scherm.
X
Als er gezichten worden herkend, verschijnt
een wit kader rond het gezicht van het
hoofdonderwerp. Rond de andere herkende
gezichten verschijnt een grijs kader.
X
Als een herkend gezicht beweegt, wordt het
gevolgd door een wit kader en verdwijnen de
grijze kaders.
Kies de compositie.
Als u de zoomknop naar
i
draait, zoomt
u in op het onderwerp zodat dit groter lijkt.
Als u de zoomknop naar
j
draait, zoomt
u uit op het onderwerp zodat dit kleiner lijkt.
Als u de zoomknop helemaal naar links
of rechts draait, wordt de grootte snel
gewijzigd. Als u de zoomknop slechts een
beetje draait, wordt de grootte langzaam
gewijzigd.
Foto's maken
Beeldgebied voor
filmopnamen (p. 27)
Zoombalk
Scherpstelbereik (ongeveer)