Operation Manual

53
Andere opnamestanden
P-modus
Tv-, Av-, M- en C-modus
Afspeelmodus
Wi-Fi-functies
Menu Instellingen
Accessoires
Bijlage
Vóór gebruik
Index
Basishandleiding
Handleiding voor gevorderden
Basishandelingen
van de camera
Auto-modus/
Modus Hybride automatisch
Handige opnamefuncties
De digitale horizon met twee assen gebruiken
Foto’s
Films
U kunt de digitale horizon, die op het scherm verschijnt, als richtlijn
gebruiken om te bepalen of de camera van voor naar achter en van
links naar rechts waterpas staat.
1
Geef de digitale horizon weer.
z Druk meerdere keren op de knop [ ]
om de digitale horizon weer te geven.
2
Houd de camera recht.
z (1) geeft de voor-achterverhouding
aan en (2) de links-rechtsverhouding.
z Als de camera is gekanteld, beweegt
u deze zodanig dat de rode lijn groen
wordt.
Als de digitale horizon niet in stap 1 verschijnt, drukt u op de knop
[
] en controleert u de instelling in het tabblad [ 1] ►
[Opname-infoscherm].
De digitale horizon wordt niet getoond tijdens het opnemen van
een lm.
Wanneer u de camera verticaal houdt, wordt de stand van de
digitale horizon automatisch in overeenstemming gebracht met
de stand van de camera.
Kalibreer de digitale horizon als het lijkt alsof deze niet helpt
om waterpas opnamen te maken (
=
161).
Niet beschikbaar in de modus [
].
(
1
) (
2
)
Voor PAL-video
Beeldkwaliteit
Aantal
opnamepixels
Framesnelheid Details
1920 x 1080 50,00 fps
Voor opnamen in
Full-HD-kwaliteit.
1920 x 1080 25,00 fps
1280 x 720 25,00 fps Voor opnamen in HD.
640 x 480 25,00 fps
Voor opnamen in
SD-kwaliteit.
Zwarte balken (aan de linker- en rechterkant in de modus
[
] en [ ] en aan de boven- en onderkant in de
modus [
], [ ], [ ], [ ], [ ],
[
] en [ ]) geven aan welke beeldgebieden niet
worden vastgelegd.
U kunt deze instelling ook congureren door MENU (
=
31) ►
tabblad [
8] ► [Filmkwaliteit] te kiezen.