Quick Start Guide

Basisbediening
48
Met [
5
4: Multifunctievergrendeling
] ingesteld en de <
R
>-schakelaar
ingesteld op omhoog, voorkomt de camera dat u per ongeluk instellingen
wijzigt door aan het hoofdinstelwiel, het snelinstelwiel, de multicontroller
en de AF-gebiedselectiehendel te zitten of het touchpaneel aan te raken.
<R>-schakelaar ingesteld
op omlaag: ontgrendeld
<R>-schakelaar ingesteld
op omhoog: vergrendeld
1
Selecteer [Multifunctie-
vergrendeling].
Selecteer op het tabblad [54] de
optie [Multifunctievergrendeling]
en druk vervolgens op <0>.
2
Voeg een vinkje [
X
] toe om de
camerabediening te vergrendelen.
Selecteer een camerabediening en druk
op <
0
> om er een [
X
] bij te zetten.
Selecteer [OK].
X
De geselecteerde camerabedieningen
worden vergrendeld wanneer de
multifunctievergrendelingsschakelaar
zich in de vergrendelde positie bevindt.
R Multifunctievergrendeling
Wanneer de <R>-schakelaar omhoog staat en u een van de
vergrendelde camerabedieningsfuncties probeert te gebruiken (behalve
wanneer [hAanraakbediening] is ingesteld), wordt <L> weergegeven in
de zoeker en op het LCD-paneel. Op het scherm Instellingen voor de
opnamefunctie (pag. 49), wordt [LOCK] weergegeven. Tijdens Live
View-opnamen wordt [LOCK] weergegeven op het LCD-scherm.
Wanneer u deze vergrendelt, wordt standaard ook het instelwiel <
5
> vergrendeld.
In basismodi is alleen [hAanraakbediening] instelbaar.