Quick Start Guide

179
De AF-bediening selecterenN
Deze AF-bediening is geschikt voor bewegende onderwerpen.
Terwijl u de ontspanknop half ingedrukt houdt, blijft de camera
voortdurend scherpstellen op het onderwerp.
Als de transportmodus is ingesteld op continue opnamen met hoge
snelheid, is de maximumsnelheid ongeveer 5,0 fps. De opnamen
worden gemaakt, waarbij prioriteit wordt gegeven aan de continue
opnamesnelheid.
Als de transportmodus is ingesteld op continue opnamen met lage
snelheid, is de maximumsnelheid ongeveer 3,0 fps. De opnamen
worden gemaakt, waarbij prioriteit wordt gegeven aan het volgen
van het onderwerp.
Bij opnamen met flitser is de continue opnamesnelheid langzamer.
Als de scherpstelling is bereikt, wordt het AF-punt blauw. Er klinkt in
dit geval geen pieptoon.
De belichting wordt ingesteld op het moment dat de opname wordt
gemaakt.
Afhankelijk van de gebruikte lens, de afstand tot het onderwerp
en de snelheid van het onderwerp kan de camera mogelijk niet
goed scherpstellen.
Als u de zoom bedient tijdens continu-opnamen, gaat de
scherpstelling mogelijk verloren. Maak de opname nadat
u met de zoom de gewenste compositie hebt bepaald.
Servo AF voor bewegende onderwerpen
Bij
[
Servo AF
]
kan de beeldkwaliteit worden ingesteld op
1
of JPEG. Als
41
of
61
is ingesteld, wordt de opname vastgelegd in
1
-kwaliteit.
Wanneer [
Servo AF
] is ingesteld en Ruisond. bij meerd. opn. is ingesteld,
schakelt [
Hoge ISO-ruisreductie
] automatisch over naar [
Standaard
].