Extra Information
72
Als u verbinding wilt maken met z (Opnamen naar een andere
camera overbrengen) of Connect Station, raadpleegt
u “Gemakkelijke verbinding” (pag. 23).
* Voor deze instructies wordt ervan uitgegaan dat eerst alle apparaten,
bijvoorbeeld een smartphone, met een Wi-Fi-toegangspuntzijn verbonden.
* Voor [Camera access point modus] raadpleegt u pagina 88.
Stroomdiagram voor het gebruik van de Wireless
LAN-functie (Geavanceerde verbinding)
q
Smartphone
l
Printer
m
Webservice
Instellingen
Bijnaam vastleggen (pag. 14)
Camera Connect
installeren op een
smartphone (pag. 22)
• Registreren bij
CANON iMAGE
GATEWAY (pag. 90)
• Webservices
vast
leggen op de
camera (p
ag. 91)
Elk apparaat verbinden met een Wi-Fi-
toegangspunt*
Verbinding
De camera verbinden met een Wi-Fi-toegangspunt
(pag. 73) (pag. 89)
De camera verbinden met elk apparaat
(pag. 31) (pag. 60)
Gebruik
Opnamen weergeven
en opnamen maken
op afstand (pag. 34)
Beeld printen
(p
ag. 61
)
Beeld opslaan en
delen (pag. 104)










