Extra Information

64
De camera kan opnieuw verbinding maken met een printer waarvoor de
verbindingsinstellingen zijn vastgelegd.
1
Selecteer [Wi-Fi-functie].
Stel op het tabblad [
5
3
] de optie
[
Wi-Fi/NFC
] in op [
Inschakelen
] en
selecteer vervolgens [
Wi-Fi-functie
].
2
Selecteer [l].
Selecteer
[l]
(Afdrukken van Wi-Fi-
printer) en druk op
<0>.
3
Selecteer [Verbinden].
Wanneer er instellingen voor meerdere
verbindingsdoelen zijn vastgelegd,
selecteert u [
Kies instell.
], het
verbindingsdoel en brengt u de verbinding
tot stand.
Selecteer [
Verbinden
] en druk op <
0
>.
Selecteer [
OK
] in het
bevestigingsdialoogvenster.
De camera zal weer met de printer
verbinding maken.
Als het doel van de verbinding van de
printer is gewijzigd, herstelt u de instelling
om verbinding te kunnen maken met de
camera voordat u deze handeling
ui
tvo
ert.
Opnieuw verbinding maken
Als u opnieuw verbinding wilt maken en de SSID van de camera niet kent,
selecteert u [
Bekijk/wijzig instellingen
] in stap 3 om de SSID op te zoeken
(pag. 113).
Als u verbinding hebt gemaakt door [
Gemakkelijke verbinding
] te selecteren,
wordt “
_Canon0A
” toegevoegd aan het einde van de SSID van de camera.