Extra Information
108
De camera kan opnieuw verbinding maken met een webservice waarvoor de
verbindingsinstellingen zijn vastgelegd. De verbinding met het toegangspunt
hoeft slechts eenmaal tot stand te worden gebracht. U hoeft niet voor elke
webservice opnieuw een verbinding tot stand te brengen.
1
Selecteer [Wi-Fi-functie].
Stel op het tabblad [
5
3
] de optie
[
Wi-Fi/NFC
] in op [
Inschakelen
] en
selecteer vervolgens [
Wi-Fi-functie
].
2
Selecteer [
m
].
Selecteer [
m
] (Uploaden naar
webservice) en druk op <
0
>.
3
Selecteer een webservice.
Selecteer een webservice en druk
op <
0
>.
Wanneer het scherm [
Verzenden naar
]
(pag. 103) wordt weergegeven, selecteert
u een bestemming en gaat u naar stap 4.
4
Selecteer [Verbinden].
Wanneer er instellingen voor meerdere
verbindingsdoelen zijn vastgelegd,
selecteert u [
Kies instell.
], het
verbindingsdoel en brengt u de verbinding
tot stand.
Selecteer [
Verbinden
] en druk op <
0
>.
Selecteer [
OK
] in het
bevestigingsdialoogvenster.
De camera zal weer met de webservice
verbinding maken.
Opnieuw verbinding maken










