User's Guide

Table Of Contents
43
Een opgeslagen labelbestand afdrukken
NEDERLANDS
8
1
2
3
4
5
6
7
9
10
HET BESTANDSGEHEUGEN GEBRUIKEN
Druk op de toets Bestand.
Selecteer "Afdrukken" met de toets of en druk dan op de toets OK of de Entertoets.
Selecteer een bestandsnummer met de toets of en druk vervolgens op de toets
Afdrukken, OK of de Entertoets.
Een enkele pagina afdrukken:
Een enkele pagina wordt meteen afgedrukt.
Een reeks pagina’s afdrukken:
Het scherm voor het opgeven van de af te drukken reeks pagina’s wordt weergegeven.
Selecteer "Alles" of "Bereik" met de toets of en druk op de toets OK of de
Entertoets.
Druk op de toets Bestand.
Selecteer "Verwijderen" met de toets of en druk op de toets OK of de Entertoets.
Selecteer een bestandsnummer met de toets of , en druk vervolgens op de toets
OK of de Entertoets.
Het bericht "Verwijderen?" wordt weergegeven.
Druk op de toets OK of de Entertoets om het bestand te verwijderen.
Een opgeslagen labelbestand afdrukken
Zie "De naar de printer overgebrachte gegevens gebruiken" op pagina 63 voor meer informatie
over het afdrukken van een label waarvoor een overgebrachte sjabloon is gebruikt.
1
2
3
Geef bij selectie van "Bereik" de eerste en de laatste pagina op.
Druk op Esc om terug te keren naar de vorige stap.
Druk op de toets Afdrukken als het bericht "Druk op Afdrukken om tape te knippen en door te
gaan" wordt weergegeven. Gebruik de "Snij-optie" om in te stellen dat de tape na elk label moet
worden afgesneden. Zie "Opties tape afsnijden" op pagina 37 voor meer informatie.
Een opgeslagen labelbestand verwijderen
Zie "De overgebrachte gegevens verwijderen" op pagina 69 voor meer informatie over het
verwijderen van een label waarvoor een overgebrachte sjabloon wordt gebruikt.
1
2
3
4
Druk op de toets Esc om het verwijderen van het bestand te annuleren en terug te keren naar het
vorige scherm.