User's Guide

Table Of Contents
EEN LABEL BEWERKEN
28
Symbolen invoeren
Selecteer een symbool met de toets , , of en druk op OK of de Entertoets.
Het geselecteerde symbool wordt ingevoegd in de tekstregel.
Het door de gebruiker gedefinieerde teken invoegen met de symboolfunctie
Druk op de toets Symbool.
Er wordt een lijst met symboolcategorieën en symbolen in die categorie weergegeven.
Als een door de gebruiker gedefinieerd teken is overgebracht, wordt ook "Aangepast"
weergegeven.
Selecteer "Aangepast" met de toets of en druk dan op de toets OK of de
Entertoets.
Selecteer een door de gebruiker gedefinieerd teken met de toets of en druk dan
op de toets OK of de Entertoets.
De geselecteerde bitmap wordt ingevoegd in de tekstregel.
Symboolupdate gebruiken
U kunt uw persoonlijke categorie met symbolen maken met de functie Symboolupdate.
De "Historie" verschijnt als u symbolen selecteert, om u te helpen de gewenste symbolen
snel te vinden.
Druk op de toets Menu, selecteer "Geavanceerd" met de toets of en druk dan op
de toets OK of de Entertoets.
Selecteer "Symboolupdate" met de toets of en druk op de
toets OK of de Entertoets. Selecteer daarna "Aan" met de toets
of .
3
Bij het selecteren van een symbool:
Druk op de Shift-toets en de toets Symbool om terug te keren naar de vorige pagina.
Druk de toets Symbool om naar de volgende pagina te gaan.
Druk op Esc om terug te keren naar de vorige stap.
Breng de afbeeldingen over naar de printer met behulp van P-touch Transfer Manager als u de door de
gebruiker gedefinieerde tekenafbeeldingen wilt gebruiken. Zie "Werken met P-touch Transfer Manager
(voor Windows)" op pagina 53 voor meer informatie over P-touch Transfer Manager.
1
Het laatst ingevoerde symbool wordt geselecteerd in de weergegeven lijst.
2
3
Druk bij het selecteren van een symbool op de toets Symbool om naar de volgende pagina te gaan.
De ingevoegde door de gebruiker gedefinieerde tekenafbeelding wordt met een markering voor een
geselecteerd, door de gebruiker gedefinieerd teken ( ) in het tekstinvoerscherm weergegeven.
Zet de cursor op de afbeelding en druk op de toets Symbool om de door de gebruiker gedefinieerde
tekenafbeelding zelf weer te geven.
Druk op Esc om terug te keren naar de vorige stap.
U kunt door de gebruiker gedefinieerde tekens niet aan symboolupdate toevoegen, zelfs niet als ze zijn
overgebracht naar de printer.
1
2