Quick Setup Guide
Table Of Contents
EEN LABEL BEWERKEN
40
Een geserialiseerd label invoeren
Herhaal de stappen 3 en 4 om de tweede reeks tekens die u wilt
ophogen, de waarde waarmee moet worden opgehoogd en de
waarde voor de telling op te geven.
Voorbeeld: Selecteer A of A01. Als u de waarde twee keer met
één wilt ophogen, stelt u voor "Tellen" in: 02 en voor "verhoogd
met": 1.
Druk op de toets OK of de Entertoets om het scherm weer te
geven met de instellingen.
Voorbeeld:
U kunt het eerste teken niet selecteren omdat het grijs wordt
weergegeven.
5
6
• Als u op de toetsen Shift en Serialiseren drukt, kunt u het instellen herhalen. Nadat u de
instellingen opnieuw hebt opgegeven, wordt het bericht "Gegevens overschrijven na deze
positie?" weergegeven. Druk op de toets OK om de instellingen te overschrijven.
• Bij meerdere pagina’s met labels kunt u bij het afdrukken kiezen uit Alles/Huidig/Bereik.
• Raadpleeg de Gebruikershandleiding voor het afdrukken van labels.
• Druk op Esc om terug te keren naar de vorige stap.
• De functie Serialiseren is ook beschikbaar voor barcodes. Een barcode wordt geteld als één
teken.
• Eventuele symbolen of overige niet-alfanumerieke tekens worden genegeerd tijdens
automatisch nummeren.
• Een serialiseringsreeks kan maximaal vijf tekens bevatten.
• De waarde "Tellen" kan worden ingesteld op maximaal 99.
• De waarde "verhoogd met" kan worden ingesteld op een waarde van één tot negen.
• De ophoogvolgorde van letters en cijfers is als volgt:
0
1 ...9
0
...
A
B ...Z
A
...
a
b ...z
a
...
A0
A1 ...A9
B0
...
U kunt spaties (weergegeven als liggende streepjes "_" in het onderstaande voorbeeld)
gebruiken om de ruimte tussen de tekens aan te passen of om het aantal afgedrukte cijfers te
controleren.
_9
10 ...99
00
...
_Z
AA ...ZZ
AA
...
1_9
2_0 ...9_9
0_0
...










