XE7085-001_cover_H1-4 PANTONE 285C K Bedieningshandleiding Borduurmachine PR-650 Bedieningshandleiding Productcode: 884-T05 op veelgestelde vragen (FAQs). Dutch 884-T05 XE7085-001 Printed in Taiwan 884-T05 Ga naar http://solutions.brother.
Handelsmerken FlashFX® is a registered trademark of Datalight, Inc. FlashFX® Copyright 1998-2007 Datalight, Inc. U.S.Patent Office 5,860,082/6,260,156 FlashFX® Pro™ is a trademark of Datalight, Inc. Datalight® is a registered trademark of Datalight, Inc. Copyright 1989-2007 Datalight, Inc., All Rights Reserved Video powered by Mobiclip™ encoding and playback technology. IMPORTANT: READ BEFORE DOWNLOADING, COPYING, INSTALLING OR USING.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Inleiding Gefeliciteerd met de aanschaf van deze borduurmachine. Lees voordat u de machine gebruikt de “Belangrijke veiligheidsinstructies”. Bestudeer vervolgens ook deze handleiding, zodat u de diverse functies juist kunt uitvoeren. Nadat u de handleiding hebt doorgenomen, raden wij u aan deze op een handige plaats op te bergen, zodat u hem in de toekomst gemakkelijk kunt raadplegen.
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 4 Houd altijd het werkvlak leeg: • Gebruik de machine nooit wanneer de ventilatieopeningen zijn geblokkeerd. Houd de ventilatieopeningen van de machine vrij van pluisjes, stof en losse stukken stof. • Gebruik geen verlengsnoeren. Sluit de machine rechtstreeks aan op een wandstopcontact. • Zorg dat u nooit voorwerpen in openingen steekt of laat vallen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 7 Voor een langere levensduur: • Zet de machine niet weg op een plaats met direct zonlicht of met een hoge vochtigheidsgraad. Gebruik of plaats de machine niet in de buurt van een verwarming, strijkijzer, halogeenlamp of andere warme voorwerpen. • Gebruik voor het reinigen van de machine alleen neutrale zeep of reinigingsmiddelen.
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ALLEEN VOOR GEBRUIKERS IN GROOTBRITTANNIË, IERLAND, MALTA EN CYPRUS BELANGRIJK • Als u de stekkerzekering moet vervangen, gebruikt u een zekering die is goedgekeurd door ASTA voor BS 1362 (met het -teken) met de sterkte die op de stekker is aangegeven. • Plaats de zekeringkap altijd terug. Gebruik nooit zekeringen waarvan de zekeringskap ontbreekt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES 5
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gebruiksrechtovereenkomst Deze machine bevat gegevens, software en/of documentatie (verder te noemen “INHOUD”) die het eigendom zijn van Brother Industries, Ltd. (“BROTHER”). DOOR DE INHOUD TE GEBRUIKEN, ACCEPTEERT DE KLANT DE VOORWAARDEN EN BEPALINGEN VAN DEZE OVEREENKOMST. BROTHER behoudt het eigendom van alle rechten over de INHOUD en de kopieën van de INHOUD in dit pakket.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Waarschuwingsetiketten Op de machine treft u de volgende waarschuwingsetiketten aan. Neem de voorzorgsmaatregelen op de labels in acht. 1 2 Waar de etiketten zich bevinden Doe eenmaal daags voor gebruik een druppel olie op de haak.
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Structuur en functies van de machine Machinaal borduren met zes naalden Uw machine heeft zes naalden, die elk zijn ingeregen met een andere kleur draad. De machine kan borduurpatronen naaien met verschillende kleuren door automatisch de juiste naald voor elke kleur te selecteren. Het mechanisme dat de naalden op en neer beweegt, wordt de naaldstang genoemd. De naaldstangen bevinden zich in de naaldstanghouder.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De zes naalden kunnen niet gelijktijdig borduren. De machine verplaatst telkens een enkele naald naar de borduurpositie. De naaldstanghouder wordt, volgens de borduurvolgorde, naar links of rechts verplaatst zodat de machine de naaldstang en de naalddraad van de gewenste kleur naar de borduurpositie kan verplaatsen. 1 Naald in de borduurpositie De naald bevindt zich boven het gat in naaldplaat 2.
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Met de uitgebreide draadkleurweergave kunt u kleuren realistisch weergeven De kleuren en kleurnummers van de draden zijn opgeslagen in het geheugen van de machine. Uit deze databank van kleuren draad kunt u kleuren selecteren om uw eigen kleurenpalet samen te stellen. Als de patroonkleuren met behulp van dit palet worden veranderd, kan het patroon worden weergegeven met de kleuren die u hebt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ USB-poort standaard beschikbaar Wanneer u de computer aansluit op de machine met de meegeleverde USB-kabel, kunt u patronen gemakkelijk overzetten van de computer naar de machine. Zie “Computer (USB)” op pagina 156. Beschikbare functies U kunt ontwerpen borduren met een maximumformaat van 200 mm (H) × 300 mm (B) (7-7/8 inch (H) × 11-3/4 inch (B). Met het optionele petraam kunt u ook op petten borduren.
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Opzet van de handleiding Deze handleiding is als volgt ingedeeld. Lees dit voor gebruik Hoofdstuk 1: Voorbereidingen In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u de borduurmachine moet instellen en de diverse voorbereidingen die u moet treffen voordat u kunt beginnen met naaien.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Inhoudsopgave Inleiding ........................................................................................................................... 1 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES ...................................................................... 1 Gebruiksrechtovereenkomst............................................................................................. 6 Waarschuwingsetiketten .......................
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De stof in het borduurraam spannen ..............................................................................47 De stof in het borduurraam spannen ........................................................................................................... 47 Het borduurraam aan de machine bevestigen ................................................................49 Het borduurraam bevestigen ............................
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— BORDUURINSTELLINGEN 115 Rijgsteken ..................................................................................................................... 116 Een applicatiestuk maken ............................................................................................. 117 Een applicatiestuk maken ......................................................................................................................
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Borduurpatronen opslaan.............................................................................................187 Geheugen van de machine ....................................................................................................................... 187 Als het borduurpatroon niet kan worden opgeslagen................................................................................. 187 USB-medium .............
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Onderhoud................................................................................................................... 245 Het LCD-scherm reinigen ......................................................................................................................... 245 De buitenkant van de machine reinigen ...................................................................................................
——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 18
1 VOORBEREIDINGEN Nadat u machine hebt uitgepakt, raadpleegt u “Accessoires” op pagina 22 en controleert u of alle vermelde accessoires zijn meegeleverd. Nadat u hebt gecontroleerd of alle accessoires zijn meegeleverd, kunt u de machine installeren. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u de borduurmachine moet instellen en wordt u ingelicht over de diverse voorbereidingen die u moet treffen voordat u kunt beginnen met naaien. Machineonderdelen en hun functie...............................................
VOORBEREIDINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————————— Machineonderdelen en hun functie Hieronder worden de diverse onderdelen van de machine en hun functie beschreven. Lees de beschrijvingen zorgvuldig door, zodat u de namen van de onderdelen kent voordat u de machine gaat gebruiken. Vooraanzicht 1 Draadspanningsknoppen Hiermee regelt u de spanning van de draad.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Rechterkant/achteraanzicht Bedieningspaneel 1 1 Start/stop-knop Druk op de start/stop-knop om de machine te starten of te stoppen. Afhankelijk van de handeling die door de machine wordt uitgevoerd, veranderen de kleur en de wijze van oplichten van de knop.
VOORBEREIDINGEN ——————————————————————————————————————————————————————————————————————— Accessoires De onderstaande accessoires worden met de machine meegeleverd. U moet altijd de voor deze machine ontworpen accessoires gebruiken. Meegeleverde accessoires Open de doos en controleer of de volgende accessoires zijn meegeleverd. Wanneer een artikel ontbreekt of beschadigd is, neemt u contact op met de erkende dealer. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Nr. Memo ● U kunt de bijgeleverde aanraakstift opbergen in de betreffende houder achter op het bedieningspaneel. Zie pagina 21. 1 2 3 4 5 6 7 Optionele accessoires De volgende accessoires zijn optioneel verkrijgbaar. 8 9 10 11 12 1. Onderdeelnaam Geavanceerd petraam 2 set (Zie pagina 225.) Geavanceerd petraam 2 Geavanceerd petraam Montagemal (Zie pagina 225.
VOORBEREIDINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————————— De machine installeren Hieronder wordt beschreven hoe u de machine moet instellen. Als de machine niet juist wordt ingesteld, kan de machine gaan schudden of veel geluid gaan maken en zal het borduurwerk niet goed worden uitgevoerd. Er is tevens een optionele naaitafel voor de machine verkrijgbaar.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Installatielocatie Installeer de machine op een locatie waarbij u rekening houdt met de volgende vereisten: • Plaats de machine minimaal 50 mm (2 inch) van de muur. • Zorg voor voldoende ruimte rondom de machine. • Plaats geen objecten binnen het bereik van het borduurraam. • Plaats de machine in de buurt van een stopcontact. • Gebruik een stabiele ondergrond (waterpas), bijvoorbeeld een bureau.
VOORBEREIDINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gebruik de meegeleverde moersleutel om de 4 verstelbare moer van het voetje te draaien. De machine installeren Stel bij het installeren van de machine de pootjes zo af dat de machine stabiel staat. Zorg dat al het verpakkingsmateriaal en het 1 plakband van de machine is verwijderd. Door de moer in de richting 1 te draaien, wordt het pootje langer; door de moer in de richting 2 te draaien, wordt het pootje korter.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het bedieningspaneel in de juiste stand De stand van het bedieningspaneel afstellen Stel de stand en de hoek van het bedieningspaneel zo af dat dit eenvoudig kan worden bediend. 3 zetten. Draai de duimschroef los, zet het bedieningspaneel in een dusdanige stand dat het eenvoudig is af te lezen en draai de duimschroef aan. 1 bedieningspaneel naar voren te draaien.
VOORBEREIDINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gebruik de kruiskopschroevendraaier om de De draadgeleider voorbereiden Zet de draadgeleider omhoog. Houd de meegeleverde kruiskopschroevendraaier bij de hand. 3 schroeven aan de linker- en rechterzijde van de draadgeleider los te draaien en zet de draadgeleider omhoog, zodat deze waterpas staat.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De kloshouder in positie zetten Zet de kloshouder vast in de borduurstand. Draai de duimschroef los en open de 1 kloshouder naar links en naar rechts. De borduurraamhouder bevestigen Bevestig de borduurraamhouder aan de wagen. 1 Verwijder de twee duimschroeven van de 1 borduurraamhouder. 1 Duimschroeven 2 met de pennen op de raambevestigingsplaat Lijn de gaten in de borduurraamhouder uit van de wagen.
VOORBEREIDINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————————— Zet de borduurraamhouder vast met de twee 1 zijn verwijderd. 3 duimschroeven die in stap 1 Duimschroeven Opmerking ● Draai de duimschroeven stevig aan met de meegeleverde schijfvormige schroevendraaier. De machine is nu klaar voor gebruik.
2 BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING In dit hoofdstuk worden de basishandelingen voor het borduren beschreven, van het starten van de machine en het borduren van een patroon tot de afwerking. Volg de stappen in deze beknopte handleiding om een patroon te borduren en bekend te raken met de bediening van deze machine. Voorzorgsmaatregelen ............................................................................................32 Basisprocedures ....................................................................
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Voorzorgsmaatregelen Hieronder worden de maatregelen beschreven die in acht moeten worden genomen om de juiste werking van de machine te garanderen. Voorzorgsmaatregelen stroomvoorziening Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht voor de stroomvoorziening. WAARSCHUWING ● Gebruik uitsluitend gewone huishoudaansluitingen als elektriciteitsbron.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Voorzorgsmaatregelen naalden Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht bij het kiezen van de juiste naalden voor uw machine. VOORZICHTIG ● Gebruik alleen machinenaalden voor huishoudelijk gebruik. De naald ‘HAX 130 EBBR’ (Organ) wordt aanbevolen. Schmetz 130/705 H-E naalden kunnen eventueel ook worden gebruikt.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Aanbevelingen voor de bovendraad Neem de volgende aanbevelingen in acht voor de te gebruiken bovendraad. Opmerking ● Aanbevolen wordt het gebruik van borduurdraad van rayon of polyester (120 den x 2 / 135 dtex x 2 / gewicht van 40 (in VS en Europa) / #50 (in Japan)). Aanbevelingen voor te gebruiken stof Neem de volgende aanbevelingen in acht voor de te gebruiken stof.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Basisprocedures Hieronder wordt een aantal basisprocedures van het borduren beschreven. Lees deze zorgvuldig voordat u met de machine gaat werken. Handeling Stap Pagina Pagina beknopte bedieningsp handleiding rocedures 1 De spoel plaatsen. p. 36 p. 33 2 De machine aanzetten. p. 38 p. 32, 34 3 Selecteer een borduurpatroon. p. 42 4 Een borduurpatroon bewerken. p. 44 5 De borduurinstellingen opgeven. p.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 1. De spoel plaatsen Bij aanschaf van de machine is alleen het spoelhuis geïnstalleerd in de haak. Plaats een spoel met spoeldraad daarop gewonden om te borduren. Zie pagina 33 voor voorzorgsmaatregelen voor de spoel. Opmerking ● De machine kan niet aangeven hoeveel spoeldraad over is. Voordat u begint met borduren controleert u of er voldoende spoeldraad is voor het patroon.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 1 Plaats de spoel in het spoelhuis. Het spoelhuis plaatsen 1 Plaats het spoelhuis terwijl u het lipje op het Plaats het spoelhuis op de haak. spoelhuis uitlijnt met de inkeping in de haak (zie afbeelding). 2 Opmerking ● Controleer of de draad met de klok mee op de spoel is gewonden (zie afbeelding).
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 2. De machine aanzetten Steek het netsnoer in het stopcontact en zet de machine aan. Zie pagina 32 voor voorzorgsmaatregelen voor de stroomvoorziening. 1 Steek het netsnoer in de machine. Steek de stekker van het netsnoer in een 2 normaal stopcontact. 5 Druk op . X Het patroontypekeuzescherm wordt weergegeven en de start/stop-knop licht rood op. De wagen wordt naar de beginpositie 6 verplaatst.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Uitleg van het scherm Wanneer u de machine aanzet en op drukt, wordt het patroontypekeuzescherm weergegeven. De volgende handelingen kunnen worden opgegeven via het bedieningspaneel. Zie pagina 34 voor voorzorgsmaatregelen voor het aanraakscherm. 1 2 2 3 4 6 Nr.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Schermoverzicht Hieronder wordt de volgorde van de basishandelingen weergegeven. Selecteer een patroon in het patroontypekeuzescherm. (Zie pagina 42, 71.) Bewerk het patroon in het patroonbewerkingsscherm. (Zie pagina 44, 73.) 1 1 Druk op deze toets om door te gaan naar het patroonbewerkingsscherm nadat u minstens één patroon hebt geselecteerd. Deze toets wordt alleen weergegeven als u een patroon hebt geselecteerd.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Controleer in het borduurscherm de draadkleuren die zijn toegekend aan de naaldstangen. Installeer vervolgens de bovendraden. Druk op om de machine te ontgrendelen, zodat de start/stopknop groen begint te knipperen. De borduurmachine is nu klaar om te borduren. Na het borduren verschijnt het borduurinstellingenscherm. (Zie pagina 53, 77.) 2 1 2 1 Druk op deze toets om terug te keren naar het borduurinstellingenscherm.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 3. Een borduurpatroon selecteren Als voorbeeld wordt het patroon rechts geselecteerd op de laatste pagina van de borduurpatronen. Kies een patrooncategorie (type) in het patroontypekeuzescherm. Patroontypekeuzescherm (Zie pagina 71 voor informatie over de toetsen en andere gegevens op het scherm.) Zoek in het patroonlijstscherm naar het gewenste patroon en druk vervolgens op de toets voor het patroon.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 Een borduurpatroon selecteren Druk op het gewenste patroon. In dit voorbeeld drukt u op . In dit voorbeeld wordt een bloem geselecteerd op de tweede pagina. 1 Druk op om de categorie borduurpatronen te selecteren. 2 X Het geselecteerde patroon wordt weergegeven in het patroonweergavevlak. X Het patroonlijstscherm verschijnt. Druk op (vorige) of (volgende) 2 totdat de gewenste pagina wordt weergegeven.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 4. Het borduurpatroon bewerken Via dit scherm kunt u het patroon bewerken. Patroonbewerkingsscherm (Zie pagina 73 voor informatie over de toetsen en andere gegevens op het scherm.) 6 1 2 Naar het borduurinstellingenscherm 1 3 Druk op . 7 4 8 5 1 Geeft de grootte weer van het borduurpatroon dat in het patroonweergavevlak wordt weergegeven. De bovenste waarde geeft de hoogte aan en de onderste waarde de breedte.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 5. Borduurinstellingen opgeven Via dit scherm kunt u het gehele patroon bewerken en borduurinstellingen opgeven. Bovendien kunt u de borduurpositie controleren en een patroon opslaan voor later gebruik. Borduurinstellingenscherm (Zie pagina 75 voor informatie over de toetsen en andere gegevens op het scherm.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 6. Voorbeeldweergave bekijken U kunt een voorbeeldweergave bekijken van het voltooide patroon binnen het borduurraam. Een voorbeeldweergave controleren 2 Druk op om alleen het patroon weer te geven (zonder het borduurraam) zodat dit het hele scherm opvult. 3 Druk opnieuw op om het patroon met het borduurraam weer te geven. 4 Druk op om terug te keren naar het vorige scherm.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 7. De stof in het borduurraam spannen Nadat u het te borduren patroon hebt geselecteerd, controleert u welke borduurramen kunnen worden gebruikt om het patroon te borduren. Selecteer het geschiktste raam en span de stof en de steunstof in het borduurraam. (Zie “Opstrijksteunstof (onderlaag) bevestigen aan stof” op pagina 90.) Zie pagina 34 voor voorzorgsmaatregelen voor de stof.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— ■ De stof in het kleine borduurraam spannen De procedure voor het spannen van de stof in het kleine borduurraam wordt hieronder beschreven. Dezelfde procedure is van toepassing op het spannen van de stof in het middelgrote borduurraam. Zie “De stof spannen” op pagina 91 voor informatie over het spannen van stof in het grote en extra grote borduurraam.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 8. Het borduurraam aan de machine bevestigen Nadat u de stof in het borduurraam hebt gespannen, bevestigt u deze aan de machine. VOORZICHTIG ● Als het borduurraam niet correct wordt bevestigd, kan het borduurraam de persvoet raken. Dit kan de machine beschadigen of letsel veroorzaken. ● De start/stop-knop moet rood oplichten wanneer u het borduurraam bevestigt.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Beweeg de linkerarm om de schroef aan de 3 vervolgens tegelijkertijd de linker- en voor het borduurraam dat moet worden geplaatst en draai vervolgens de duimschroeven aan. In dit voorbeeld lijnt u uit met markering 5. rechterrand uit met de borduurraamhouderklemmen. 2 rechterkant uit te lijnen met de markering Houd het borduurraam horizontaal en lijn • Het binnenraam moet bovenop liggen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 9. Het borduurvlak controleren Controleer het borduurvlak om er zeker van te zijn dat het patroon op de gewenste locatie wordt geborduurd, niet scheeftrekt en dat het borduurraam de persvoet niet raakt. Als het borduurraam niet correct is geplaatst, wordt dit verplaatst naar de correcte positie en wordt vervolgens de borduurpositie aangegeven. 1 Druk op .
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Naar het borduurscherm Nadat u de benodigde handelingen in het borduurinstellingenscherm hebt uitgevoerd, gaat u naar het borduurscherm. 1 Druk op . X Het borduurscherm wordt weergegeven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 10. De bovendraad inrijgen Controleer het borduurscherm op informatie over welke naaldstangen met welke kleuren draad moeten worden ingeregen en rijg vervolgens de bovendraden in.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 1 Druk op . X Het scherm met de melding dat de klossen moeten worden verwisseld, wordt gesloten. • Naast het controleren van de kleuren draad kunt u informatie over het aantal steken en de borduurtijd bekijken en diverse borduurinstellingen in het borduurscherm opgeven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De bovendraad inrijgen Gebruik borduurdraad om de naaldstangen op volgorde in te rijgen, te beginnen bij naaldstang 1. Druk op → → → om een video van de bewerking te bekijken op het LCD-scherm. (zie pagina 206). VOORZICHTIG ● Volg voor het inrijgen van de bovendraad de instructies zorgvuldig op. Als de bovendraad niet correct wordt ingeregen, kan de draad breken of verward raken.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— De nummers geven het inrijgpad aan voor elk van de genummerde naaldstangen. Zorg dat de naaldstangen correct worden ingeregen. 1 draad die voor naaldstang 1 is aangegeven Plaats op kloshouder 1 de klos met de kleur (limoen groen). • Zorg dat de kloshouder is geopend in een V-vorm. • Wanneer u kleine draadklossen gebruikt, plaatst u de meegeleverde klosmat op de kloshouder voordat u de spoel op de houder plaatst.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 2 Haal de draad door het gat in 3 bovendraadgeleider 1. Wikkel de draad met de klok mee eenmaal 5 rond draadspanningsschijf 1. Haal de draad naar u toe vanuit de binnenkant van de draadgeleider. 1 Gat in bovendraadgeleider Haal de draad door bovendraadgeleider 1. 4 Houd de draad met beide handen vast en leid deze van rechts onder de geleider door.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Leid de draad langs het draadpad dat is 6 aangegeven op de machine en leid deze onder de middelste draadgeleider 1. Leid de draad door de opening in de 8 draadgeleider en vervolgens door het gat in de onderste draadgeleider 1.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De naald inrijgen Opmerking Gebruik het automatische naaldinrijgmechanisme om de naald van een draad te voorzien. Druk op → → → om een video van de bewerking te bekijken op het LCD-scherm. (zie pagina 206). 1 Druk op de automatische naaldinrijgknop. ● Wanneer u het handwiel draait, is het mogelijk dat het automatische naaldinrijgmechanisme terugkeert naar de vorige positie om beschadiging te voorkomen.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Leid de draad onder de geleider op de 3 persvoet. 5 Druk op de automatische naaldinrijgknop. 1 Geleider op persvoet 2 Nok in geleider op persvoet • Controleer of de draad goed door de nok in de geleider op de persvoet gaat. Leid de draad goed door de groef in de 4 draadafsnijder en trek zachtjes aan de draad om deze af te snijden. • De naaldinrijger verplaatst zich naar achteren, van de naald af.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Geselecteerde naaldstang verplaatsen en inrijgen U kunt op elk moment een geselecteerde naaldstang verplaatsen naar de borduurpositie en inrijgen. 1 Druk op Druk op de automatische naaldinrijgknop 3 terwijl het naaldstangverplaatsingsscherm wordt weergegeven. . 2 4 X Het naaldstangverplaatsingsscherm verschijnt. Druk op de toets voor de naaldstang die u 2 wilt verplaatsen of inrijgen.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— ■ De in te rijgen naaldstang naar de borduurpositie verplaatsen In het borduurscherm kunt u de naaldstang verplaatsen. 1 wilt inrijgen. Druk op de toets voor de naaldstang die u X De geselecteerde naaldstang wordt verplaatst naar de borduurpositie. Opmerking ● Als de draad niet strak staat, kan deze uit de draadspanningsschijf komen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 11. Het patroon borduren De machine is nu klaar om te borduren. Wanneer de machine begint te borduren, gaat de persvoet automatisch omlaag, de nodige handelingen voor het afknippen van draden na afloop van het borduren worden uitgevoerd, de draden worden gewisseld terwijl het patroon wordt geborduurd en de machine stopt als het patroon klaar is.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Druk op de start/stop-knop. Nadat het borduren van de eerste kleur is 2 Druk op de start/stop-knop terwijl deze groen 3 voltooid, stopt de machine automatisch en knippert. Als de start/stop-knop weer rood oplicht, herhaalt u deze procedure vanaf stap 1. wordt de draad afgeknipt. De naaldstanghouder beweegt naar de positie voor de tweede kleur en het borduren van de tweede kleur begint.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Doorgaan met borduren Druk op om hetzelfde patroon nogmaals te borduren. Het borduren stoppen De machine kan worden gestopt tijdens het borduren. ■ Tijdelijk onderbreken 1 Druk op de start/stop-knop. 2 X Het borduurscherm wordt weergegeven zodat hetzelfde patroon nogmaals kan worden geborduurd. Druk op selecteren. om een nieuw patroon te X De machine stopt en de start/stop-knop licht rood op.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— ■ Verdergaan met borduren nadat de machine was uitgezet. 1 4 Zet de hoofdschakelaar op “{”. Druk op de start/stop-knop. X De machine wordt uitgezet en het scherm en de indicator van de start/stop-knop gaan uit. X De machine stopt en de start/stop-knop licht rood op. • De draad wordt niet afgeknipt 2 ontgrendelen. Druk op 3 om de machine te Druk op de draadknipknop.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 12. De draadspanning controleren Controleer het borduurwerk om na te gaan of het met de juiste draadspanning is geborduurd. Als de draadspanning niet juist is afgesteld, kunnen de steken ongelijkmatig zijn of kunnen er plooien in de stof komen. ■ Correcte draadspanning Aan de achterkant van de stof moet de spoeldraad zich op ongeveer één derde van de breedte van de steek bevinden.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— 13. Borduurraam en stof verwijderen Nadat het borduren is voltooid, verwijdert u het borduurraam en haalt u vervolgens de stof uit het raam. 2 verwijderen. Trek het borduurraam naar u toe om het te Het borduurraam verwijderen VOORZICHTIG ● Zorg dat de start/stop-knop rood oplicht wanneer u het borduurraam verwijdert. Als de start/stop-knop groen knippert, kan de machine beginnen met borduren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 14. De machine uitzetten Zet de machine uit nadat het borduren is voltooid. 1 Zet de hoofdschakelaar op “{”. Memo ● Als de machine wordt uitgezet tijdens het borduren, kunt u doorgaan met borduren wanneer de machine weer is aangezet. (Zie “Verdergaan met borduren nadat de machine is uitgezet” op pagina 110.) X De machine wordt uitgezet en het scherm en de indicator van de start/stop-knop gaan uit.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Beknopte bedieningsgids voor het scherm In de onderstaande tabellen vindt u beschrijvingen van de toetsen en andere informatie die op de schermen worden weergegeven. Toetsschermen De weergave van de toetsen hebben de volgende betekenis: (Normale weergave) : Deze toets is niet geselecteerd maar kan wel worden geselecteerd. (Donkere weergave) : Deze toets is geselecteerd.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het patroontypekeuzescherm Via dit scherm kunt u een patrooncategorie (type) selecteren. Nr. Scherm Functie Toetsnaam Alfabettoets 1 5 2 3 6 7 4 8 9 0 A B Nr. Scherm Functie Toetsnaam Het borduurpatroon voor een ontwerp kan worden geselecteerd. 1 Borduurpatro ontoets Bloemletterpatronen Ingebouwde patronen 3 Appliquéalfabetpatronen, verkrijgbaar in kleine, middelgrote en grote afmetingen. p.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Het patroonlijstscherm Via dit scherm kunt u een patroon selecteren. Nr. 5 Scherm Toetsnaam 7 Pagina 1 8 6 2 7 9 8 3 9 0 A B Nr. 1 Scherm Toetsnaam Functie Geeft de horizontale breedte weer van het 2 geselecteerde Grootte (horizontaal) borduurpatroon. 3 Patroontoetsen Een afbeelding van het patroon wordt weergegeven op de toets. Druk op de afbeelding om het patroon te selecteren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het patroonbewerkingsscherm Via dit scherm kunt u het patroon bewerken. Nr. 1 7 2 Scherm Toetsnaam p. 180 6 Voegt een patroon toe. Met deze toets wordt het Toevoegen- patroongroepkeuzescher m weergegeven. toets p. 162 7 Toont een voorbeeldweergave van het patroon zodat het Voorbeeld- vooraf kan worden toets bekeken. p. 46 Wistoets 3 4 B C 8 5 D 6 Nr.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Nr. Scherm Toetsnaam Functie Draait het patroon dat 8 Horizontaal- wordt bewerkt horizontaal. spiegelbeeldtoets 9 1 2 8 3 4 5 6 7 0 A Nr. 9 Scherm Toetsnaam 1 Rotatietoets Functie Pagina Draait het patroon dat wordt bewerkt. p. 166 2 Wijzigt de grootte van het patroon dat wordt p. 164 Groottetoets bewerkt. 3 Met deze toets kunt u de kleur draad van elk teken in een alfabetpatroon p.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het borduurinstellingenscherm Via dit scherm kunt u het gehele patroon bewerken en borduurinstellingen opgeven. Bovendien kunt u de borduurpositie controleren en een patroon opslaan voor later gebruik. Nr. 1 3 Scherm Toetsnaam 5 6 7 Geeft de verticale afstand weer waarover het patroon dat wordt p. 96 gecombineerd/bewerkt, wordt verplaatst.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Nr. 7 7 Scherm Toetsnaam Functie Geeft een afbeelding weer van het patroon Voorbeeld- dat u gaat borduren, als voorbeeldweergave. toets Pagina p. 46 Verplaatst de borduurpositie van het hele patroon in de richting van de pijl. 8 1 2 8 3 9 0 A 4 5 B 6 Nr. Scherm Toetsnaam Functie Pagina Maakt een applicatie van een gewenst patroon. De omtrek 1 p.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het borduurscherm Via dit scherm kunt u het totaal aantal draadkleuren en de borduurtijd controleren, de naaldstanginstellingen opgegeven en het voor- of achteruitstikken uitvoeren. Nr. 1 7 2 8 3 Scherm Toetsnaam 6 Geeft het naaldstangnummer aan waaraan de kleur draad Naaldstangnum- links is toegewezen.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— Nr. Scherm Toetsnaam Functie Pagina Druk op een toets om de naaldstangpositie te verplaatsen naar het gewenste naaldstangnummer. Doe dit wanneer de naald wordt ingeregen Naaldstangtoets met behulp van het automatische naaldinrijgmechanism 6 e. Geeft de kleur en de kleurnaam (nummer) weer van de draad op Draadkleurinstel de naaldstang die lingenscherm wordt aangegeven op de toets.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Vraag en antwoord TECHNISCHE TERMEN ■ DST Dit is de extensie van Tajimagegevensbestanden (*.dst) die worden gebruikt voor de gegevensindeling van borduurpatronen. Tajima-gegevens bevatten geen kleurinformatie. De borduurmachine kent dus automatisch kleuren toe wanneer u een Tajima (.dst) bestand laadt. (Zie pagina 220.) ■ Naaldnummer De naalden worden van rechts naar links genummerd.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— ■ Een onterechte draadbreukmelding krijgt - Controleer of de bovendraad zich onder de bovendraadgeleiders bevindt. (Zie pagina 56.) - Controleer of de bovendraad rond de draadspanningsschijf is geleid. (Zie pagina 57.) USB-connectiviteit U kunt veel functies uitvoeren met de USB-poorten op de machine. Sluit de apparaten aan die passen bij de functie van elke poort.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ De machine aansluiten op de computer Met de bijgeleverde USB-kabel kunt u de naaimachine aansluiten op uw computer. 2 1 Primaire (bovenste) USB-poort 2 Borduurkaartlezer/USB-kaartschrijfmodule* of USB-medium Opmerking ● Op deze machine kunt u niet twee USBmedia tegelijk gebruiken. Als u twee USBmedia aansluit op de machine, wordt alleen het USB-medium dat u het eerst hebt geplaatst, gedetecteerd.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— ■ Gebruik van een USB-muis Wanneer u een USB-muis op de naaimachine aansluit, kunt u hiermee allerlei handelingen uitvoeren op de schermen. Sluit een USB-muis aan op de USB 1,1-poort die is aangegeven met ■ Een toets aanklikken Wanneer de muis is aangesloten, verschijnt de aanwijzer op het scherm. Verplaats de muis zodat de aanwijzer zich boven de gewenste toets bevindt en klik op de linkermuisknop. .
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Van pagina veranderen Draai het muiswiel om de tabs van de patroonkeuzeschermen te doorlopen. Memo ● Als paginanummers en een verticale schuifbalk voor extra pagina's zijn weergegeven, draai dan het muiswiel of klik met de linker muisknop terwijl de aanwijzer op / staat om de vorige 2 of volgende pagina weer te geven.
BEKNOPTE BORDUURHANDLEIDING ——————————————————————————————————————————————————————————— ■ De grootte wijzigen Zie “De grootte van een patroon wijzigen” op pagina 164. 1 Druk op 2 Wijzig de grootte van het patroon. 84 . ■ Het patroon draaien Zie “De hoek aanpassen” op pagina 97 en “Een patroon draaien” op pagina 166. 1 Druk op . 2 Draai het patroon.
3 ANDERE BASISPROCEDURES In dit hoofdstuk worden andere handelingen beschreven dan die in hoofdstuk 2 zijn behandeld, zoals het borduren van een patroon met zeven of meer kleuren, het vervangen van een naald of het verwisselen van draadklossen. De naald vervangen ................................................................................................86 De naald vervangen.............................................................................................86 De borduurramen gebruiken........
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— De naald vervangen Als de naald is verbogen of de punt van de naald is afgebroken, moet u de naald vervangen. Gebruik de meegeleverde inbussleutel om de naald te vervangen door een naald die geschikt is voor deze machine en die is gecontroleerd met de test beschreven in “De naald controleren” op pagina 33. De naald vervangen 1 Zet de borduurmachine uit.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Houd de naaldwisselhulp vast en druk het uiteinde van de naalwisselhulp 1 in om de naaldbevestigingsklem 2 uit te trekken. Bevestig de klem aan de naald en laat vervolgens het ingedrukte vlak los om de naald vast te klemmen. Druk opnieuw op 1 om de naald los te laten. 1 Uiteinde van de naaldwisselhulp 2 Naaldbevestigingsklem Houd de naald op zijn plaats met uw 4 linkerhand en draai de naaldstelschroef aan.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— De borduurramen gebruiken Hieronder worden de diverse typen borduurramen en hun toepassing beschreven. Naast de meegeleverde borduurramen kan met deze machine ook het optionele petraam worden gebruikt. VOORZICHTIG ● Gebruik alleen een borduurraam met de grootte die in het scherm wordt aangegeven, anders kan het raam de persvoet raken, wat letsel kan veroorzaken.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Borduurtype Borduurvlak Gebruik Zie Cilinderraam (optioneel) 80 mm (H) × 90 mm (B) Te gebruiken bij het borduren (3 inch (H) × 3-1/2 inch (B)) van cilindrische en geronde stof, zoals hemdsmouwen en broeken. Raadpleeg de dichtstbijzijnde erkende dealer. Plat raam (optioneel) 200 mm (H) × 300 mm (B) (7-7/8 inch (H) × 113/4 inch (B)) Raadpleeg de dichtstbijzijnde erkende dealer.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Opstrijksteunstof (onderlaag) bevestigen aan stof Wij raden aan opstrijksteunstof (onderlaag) te gebruiken om te voorkomen dat patronen scheeftrekken of steken gaan krimpen. VOORZICHTIG ● Gebruik opstrijksteunstof bij het borduren op dunne stoffen of stretchstoffen, stoffen met grof weefsel of stoffen waarbij de steken kunnen krimpen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De stof spannen De stof in het extra grote of grote borduurraam spannen 1 Draai de schroef op het buitenraam los. richting van pijl C, plaats hoek C, trek de stof voorzichtig in de richting aangegeven door pijl D en plaats hoek D. • Zorg dat er geen kreukels in de stof zitten nadat deze in het borduurraam is gespannen.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Druk het binnenraam in het buitenraam. Het borduurvel gebruiken Gebruik de rasterlijnen op het borduurvel om de stof netjes in het borduurraam te spannen, zodat het patroon in de juiste positie wordt geborduurd. 1 wilt borduren op de stof af. Teken met kleermakerskrijt het vlak waar u Plaats het borduurvel op het binnenraam.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Grote/kleine stukken stof In dit gedeelte wordt beschreven hoe u stoffen kunt borduren die veel groter of veel kleiner zijn dan het borduurraam. ■ Grote stukken stof of zware kledingstukken borduren Wanneer u grote stukken stof of zware kledingstukken borduurt, gebruikt u een wasknijper of een klem om de overtollige stukken stof aan het borduurraam te bevestigen zodat deze niet loshangen.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Positie en beweging van het borduurraam Hieronder vindt u informatie over het borduurraam tijdens het gebruik van de borduurmachine. ■ Borduurramen die niet kunnen worden gebruikt voor het betreffende borduurwerk Zoals beschreven op pagina 47, geven de borduurraamindicators boven in het scherm aan welke borduurramen kunnen worden gebruikt om het geselecteerde patroon te borduren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Verplaatsen naar de juiste positie Als het midden van het borduurraam samenvalt met de naaldpositie in het borduurvlak, wordt het borduurraam correct, dat wil zeggen op de beginpositie, geplaatst voordat met borduren wordt begonnen. Als het borduurraam wordt vervangen, wordt het volgende raam dat wordt bevestigd niet correct geplaatst.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— De borduurpositie wijzigen Bij aankoop van de machine zijn zowel de beginpositie als de eindpositie ingesteld op het midden van het patroon. Verplaats daarom het raam en stel de borduurpositie zo af dat het midden van het patroon samenvalt met de naaldpositie bij de borduurpositie.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ De borduurpositie zoeken Door de naaldstang te vergrendelen (waarbij de naald en de persvoet naar beneden staan en zijn vastgezet), kan de naaldpositie eenvoudig worden gecontroleerd. ■ De naaldstang ontgrendelen 1 toets voor een andere naaldstang dan Geef het borduurscherm weer en druk op de degene die is vergrendeld.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Druk op deze toetsen om het patroon in de 2 gewenste hoek te zetten. Telkens als u op een toets drukt, wordt het patroon gedraaid. 1 2 3 8 4 5 6 7 9 1 Voorbeeld: oorspronkelijke hoek 1 Draait 1 graad naar rechts 2 Draait 10 graden naar rechts 1 Geeft de hoek van het patroon weer nadat op een toets is gedrukt om deze te wijzigen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Memo ● Bij deze handeling kunnen fijnafstellingen aan de hoek worden gemaakt. Dit is met name handig wanneer u bijvoorbeeld tassen of cilindervormige artikelen borduurt die maar beperkt in het borduurraam kunnen worden gespannen. Voorbeeld: wanneer u een kussensloop borduurt Roteer het patroon 90 graden naar links alvorens te borduren. 3 Voorbeeld: wanneer u een T-shirt borduurt Draai het patroon 180 graden.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Draadkleuren verwisselen op het scherm Als een draadkleur op de kloshouder verschilt van de draadkleur van de naaldpositie op het scherm kunt u de draadkleuren op het scherm verwisselen, zodat deze overeenkomen met de draadkleurpositie op de kloshouder. Deze functie werkt alleen voordat u begint te borduren. Wanneer u bent begonnen met borduren, is de functie niet beschikbaar. 1 Druk op .
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Een patroon borduren met zeven of meer kleuren Wanneer het patroon dat u borduurt zeven of meer kleuren bevat, moet u de draadklossen verwisselen. Tijdens het verwisselen van de draadklossen worden hiertoe instructies weergegeven terwijl de machine automatisch stopt.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Kloswisselingsindicator ( ) De kloswisselingsindicator in het steeknavigatiescherm geeft aan hoe vaak de draadklossen moeten worden verwisseld en hoeveel tijd er tussen verwisselingen ligt. 1 Druk op 3 Controleer de positie van . in het borduurscherm. 1 2 1 geeft aan wanneer de draadklossen moeten worden verwisseld.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Draadklossen verwisselen bij ontwerpen met zeven of meer kleuren In dit gedeelte vindt u informatie over de melding dat de draadklossen moeten worden verwisseld en hoe u de draadklossen eenvoudig kunt verwisselen.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Trek de oude draad vlak onder de Draadklossen eenvoudig verwisselen 4 naaldstangdraadgeleider uit. Wanneer u de draadklossen verwisselt, moet u de bovendraad opnieuw inrijgen. U kunt de draadklossen echter eenvoudig verwisselen wanneer u een draadklos vervangt waarvan de draad correct door de machine is geregen. 1 draadgeleider.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Als de draad breekt of de spoeldraad tijdens het borduren opraakt Als de draad breekt of de spoeldraad opraakt tijdens het borduren, stopt de machine automatisch. Aangezien sommige steken misschien met maar één draad zijn gemaakt, gaat u voor u verder gaat met borduren terug naar een punt waar al steken zijn gemaakt.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— 4 Druk op . Als de spoeldraad breekt of opraakt 1 Druk op en druk vervolgens op de draadknipknop. X Het borduurscherm wordt opnieuw weergegeven. 5 Druk op en druk vervolgens op de start/stop-knop om verder te gaan met borduren. X De bovendraad wordt afgeknipt. • Als de spoeldraad breekt of opraakt, knipt u ook de bovendraad af. Verwijder de steken die alleen met de 2 bovendraad zijn gemaakt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Als de spoeldraad opraakt, vervangt u in deze procedure de spoeldraad. Vervang de spoel door een spoel die is 3 omwikkeld met spoeldraad. (Zie pagina 36.) • Als u het haakklepje kunt openen, vervangt u de spoel zonder het borduurraam uit de machine te verwijderen.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Borduren vanaf het begin of het midden van het patroon Als u wilt borduren vanaf het beginpunt, bijvoorbeeld als een proeflapje is geborduurd met verkeerde draadspanning of als de verkeerde kleur draad is gebruikt, start het borduren dan opnieuw met behulp van de voor- en achteruitstiktoets.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ De steek selecteren waar het borduren moet beginnen 4 Druk op en 5 Nadat u de steek hebt geselecteerd waar het borduren moet beginnen, drukt u op . om een kleur te selecteren uit de draadkleurvolgorde en druk vervolgens op , , en , , om de steek te selecteren. 1 5 6 7 8 9 0 X Het borduurscherm wordt opnieuw weergegeven.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— Verdergaan met borduren nadat de machine is uitgezet In de volgende gevallen worden de resterende steken van het borduurwerk opgeslagen in het geheugen van de machine. • Als de hoofdschakelaar is ingedrukt om de machine uit te zetten nadat het borduren is gestopt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 5 Druk op 7 . Druk op . X Het borduurscherm wordt opnieuw weergegeven. X Het steeknavigatiescherm wordt weergegeven. 6 8 Druk twee keer of drie keer op om Druk op 3 en druk vervolgens op de start/stop-knop om verder te gaan met borduren. twee of drie steken terug te gaan. Memo 1 ● U kunt de machine te allen tijde stoppen, zelfs terwijl deze aan het borduren is.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— De draadspanning afstellen De volgende procedure beschrijft hoe de draadspanning moet worden afgesteld wanneer de juiste draadspanning zoals beschreven op pagina 67 niet is toegepast. Na het afstellen van de spanning van de spoeldraad, kunt u de spanning van de bovendraad afstellen voor elke naaldstang. Opmerking ● Controleer de spanning van de spoeldraad telkens wanneer u de spoel verwisselt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Nadat u de afstelling hebt gedaan, borduurt 4 u met alle naaldstangen om de draadspanning te controleren. ■ Juiste draadspanning U kunt het patroon zien aan de achterkant van de stof. Als de draadspanning niet juist is ingesteld, is het resultaat niet goed. De stof kan gaan rimpelen, en de draad kan breken. Memo ● In de ingebouwde borduurpatronen wordt een patroon gebruikt om de draadspanning te controleren.
ANDERE BASISPROCEDURES ————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Bovendraad is te strak De spanning van de bovendraad is te strak, zodat de spoeldraad zichtbaar wordt aan de bovenkant van de stof. 1 Bovenkant 2 Achterkant Draai de knop in de richting van de pijl om de spanning van de bovendraad te verlagen. 1 Rode lijn Als de rode streep zichtbaar is, kan de draadspanning niet verder worden teruggebracht. Pas de spanning van de spoeldraad aan.
4 BORDUURINSTELLINGEN In dit hoofdstuk worden de diverse borduurinstellingen beschreven waarmee het borduren nog eenvoudiger wordt. Rijgsteken..............................................................................................................116 Een applicatiestuk maken ......................................................................................117 Een applicatiestuk maken ..................................................................................
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— Rijgsteken Voordat u gaat borduren, kunt u rijgsteken naaien langs de omtrek van het patroon. Dit is nuttig om stof te borduren waarop u geen steunstof kunt aanbrengen met een strijkbout of lijm. Door steunstof aan de stof te stikken maakt u de kans op krimpende steken of scheeftrekkende patronen zo klein mogelijk. Opmerking 4 Druk op om de rijginstelling te selecteren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Een applicatiestuk maken U kunt applicatiestukken maken van ingebouwde patronen en patronen op borduurkaarten. Dit is handig voor stoffen die u niet kunt borduren of wanneer u een applicatie op een kledingstuk wilt aanbrengen. Geef met Een applicatiestuk maken en de afstand van het 2 patroon tot de applicatieomtrek op. Het volgende patroon wordt gebruikt om een applicatiestuk te maken.
BORDUURINSTELLINGEN 4 Druk op —————————————————————————————————————————————————————————————————— om de applicatie-instelling te selecteren. Memo ● Er worden drie stappen toegevoegd aan de naaivolgorde: applicatiesnijlijn, plaats van het patroon op het kledingstuk en applicatie stikken. 1 2 3 1 Snijlijn voor applicatie 2 Plaats van patroon op kledingstuk 3 Applicatie stikken ● We raden u aan om de draad voor de snijlijn “APPLICATIEMATERIAAL” te gebruiken die de kleur van de stof het meest benadert.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Breng een beetje stoflijm aan of spray wat Opmerking b lijm en plak het applicatiestuk op de plaatsingslijn. ● Naargelang de patroondichtheid en de stof die u gebruikt, kan het patroon krimpen of niet goed op de plaatsingslijn komen. Het is raadzaam om iets buiten de snijlijn te snijden.
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— Week het applicatiestuk in water om de f wateroplosbare steunstof op te lossen. Selecteer in het patroontypescherm de 3 gewenste kadervorm en het gewenste patroon en voeg dit toe aan het applicatiepatroon. g nodig op. Droog het applicatiestuk en strijk dit zo Memo ● De omtrek wordt genaaid met satijnsteken. ● Hierbij kan een beetje lijm op de persvoet, naald of naaldplaat terechtkomen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 7 Selecteer met het kaderpatroon en druk vervolgens op en . X Het kaderpatroon wordt verwijderd. Druk op om door te gaan naar het Druk op om door te gaan naar het 8 borduurinstellingenscherm. 9 borduurscherm. 4 Ga door met stap 6 van “Een applicatiestuk 0 maken” op pagina 118 om het applicatiestuk te voltooien.
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— Instelling automatische stiksteken U kunt de machine zo instellen dat deze bijvoorbeeld automatisch stiksteken maakt aan het begin van een patroon, na een wisseling van draadkleur en voordat de draad wordt afgeknipt. Bij aankoop van de machine is deze functie ingeschakeld. ■ Opgeven dat stiksteken moeten worden gemaakt aan het begin van een patroon, na een wisseling van draadkleur en nadat de draad is afgeknipt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Instellingen voor begin- en eindpositie De begin- en eindpositie kan afzonderlijk worden ingesteld van de 9 punten van het patroon. Deze punten zijn: linkerbovenhoek, middenboven, rechterbovenhoek, middenlinks, middenmidden, middenrechts, linkeronderhoek, middenonder en rechteronderhoek. U kunt deze instellingen gebruiken om een patroon te herhalen langs een diagonaal.
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— Een patroon herhalen langs een diagonaal 2 Borduur het eerste patroon. Druk op om het borduurscherm weer te geven. Druk vervolgens op druk op de start/stop-knop. Voorbeeld en 1 Beginpositie 2 Eindpositie Als het borduren is voltooid, stopt de machine Geef de linkerbovenhoek op als de 1 beginpositie en de rechteronderhoek als de eindpositie. Druk op 3 in de linker benedenhoek van het patroon.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Verbonden letters borduren Opmerking ● Als u de beginpositie-instelling wilt annuleren en wilt terugkeren naar de beginpositie in het midden van het Volg onderstaande stappen om verbonden letters in één rij te borduren wanneer het patroon buiten het borduurraam valt. Voorbeeld: “DEF” verbinden met de letters “ABC” patroon, druk u op ● Met . selecteert u een andere beginpositie voor het borduren.
BORDUURINSTELLINGEN 8 —————————————————————————————————————————————————————————————————— In het borduurinstellingenscherm drukt u op a . Met zet u de naald op het eind van het borduren van het vorige patroon. Opmerking 9 Druk op ● Zie pagina 96 voor beter zicht wanneer u de naald direct boven het eind van het vorige patroon plaatst. . X De naaldstang bevindt zich in de linkerbenedenhoek van het patroon. Het borduurraam verplaatst zich zo dat de naald in de juiste positie staat. 0 126 Druk op .
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Instelling voor maximale snelheid U kunt de maximale snelheid instellen op een van vijf niveaus tussen 400 en 1.000 tpm, in stappen van 100 tpm. Als u het petraam of het cilinderraam gebruikt, kunt u de maximale snelheid instellen op een van vijf niveaus tussen 400 en 600 tpm, in stappen van 50 tpm. Maximale borduursnelheid Memo Borduurraam/Plat raam Petraam/ Cilinderraam 1 1.
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— De machine zo instellen dat deze stopt bij kleurwisselingen U kunt de machine te allen tijde stoppen. Als u de machine echter stopt tijdens het borduren, kunt u beter een aantal steken teruggaan voordat u doorgaat om de steken te laten overlappen. Als u de machine stopt bij een kleurwisseling, is het niet nodig om steken terug te gaan voordat u kunt doorgaan met borduren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 Druk op • Als de machine tijdelijk wordt uitgezet wanneer deze wordt gestopt op de opgegeven locatie na het borduren, wordt u gevraagd of u wilt doorgaan met borduren of een nieuw patroon wilt selecteren wanneer de machine weer wordt aangezet. . Druk op om door te gaan met borduren. (Zie “Verdergaan met borduren nadat de machine is uitgezet” op pagina 110.
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— Instelling voor tijdelijke naaldstang Nadat het borduren is begonnen, kunt u de machine stoppen bij een kleurwisseling en kunt u voor de volgende kleur die moet worden geborduurd een andere naaldstang opgeven. Als u bovendraad vervangt door draad waarmee een andere naaldstang al is ingeregen, bespaart u tijd. U kunt bijvoorbeeld tijdelijk een gelijke kleur draad kiezen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Druk op zodat de 3 meerkleurenstappen grijs worden en het Memo ● De tijdelijke naaldstanginstelling blijft slechts geldig tot de volgende kleurwisseling. Als het patroon een ander vlak bevat met dezelfde kleur of wanneer het patroon later nog eens wordt geborduurd, wordt het vlak geborduurd met de oorspronkelijke kleur.
BORDUURINSTELLINGEN —————————————————————————————————————————————————————————————————— Instellingen voor gereserveerde naaldstang Normaalgesproken wijst de machine automatisch draadkleuren toe aan de naaldstangen. U kunt echter handmatig een specifieke kleur draad toewijzen aan een bepaalde naaldstang. Als u een naaldstang opgeeft, wordt deze verwijderd uit de automatische toewijzingen van de machine en blijft de opgegeven kleur aan deze stang toegewezen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 4 Druk op . 2 1 Druk op . 1 X De kleur die u hebt geselecteerd in stap 3 wordt aangegeven. 1 De geselecteerde kleur draad en het anker worden weergegeven op de draadklos. 1 Het anker wordt niet meer weergegeven op de draadklos. X Hiermee annuleert u de handmatige naaldstanginstelling.
BORDUURINSTELLINGEN 134 ——————————————————————————————————————————————————————————————————
5 PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN In dit hoofdstuk vindt u informatie over het selecteren, bewerken en opslaan van borduurpatronen. Voorzorgsmaatregelen ..................... 136 De tekstindeling van een teken Wat betreft de borduurgegevens ... 136 wijzigen........................................167 Wat betreft optionele De afstand tussen de tekens borduurkaarten ............................. 138 wijzigen........................................167 Wat betreft USB-media .................
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Voorzorgsmaatregelen Wat betreft de borduurgegevens Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht bij het gebruik van borduurgegevens die niet zijn gemaakt en opgeslagen op deze machine.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Memo ● Wanneer u een bestandsmap moet creëren, gebruikt u de computer. ● In de bestandsnamen kunt u letters en cijfers gebruiken. Als de bestandsnaam niet meer dan acht tekens bevat, verschijnt de hele naam op het scherm. Als de bestandsnaam langer is dan acht tekens, verschijnen slechts de eerste zes tekens gevolgd door “~” en een nummer als bestandsnaam.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— ■ Handelsmerken • Secure Digital (SD) Card is een gedeponeerd handelsmerk of handelsmerk van SD Card Association. • CompactFlash is een gedeponeerd handelsmerk of handelsmerk van Sandisk Corporation. • Memory Stick is een gedeponeerd handelsmerk of handelsmerk van Sony Corporation. • SmartMedia is een gedeponeerd handelsmerk of handelsmerk van Toshiba Corporation.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Wat betreft USB-media • • • • • • • • • Demonteer of verander de USB-media niet. Zorg dat USB-media niet nat worden van water, oplosmiddelen, dranken of andere vloeistoffen. Bewaar en gebruik de USB-media niet op plaatsen waar ze worden blootgesteld aan sterke statische elektriciteit of elektrische interferentie.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Een borduurpatroon selecteren Deze machine heeft diverse ingebouwde borduurpatronen. Naast de ingebouwde patronen kunt u verschillende andere patronen selecteren van de borduurkaarten (optioneel) en van de computer. Memo ● Zie pagina 152 voor meer informatie over het ophalen van borduurpatronen van de borduurkaarten (optioneel).
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Borduurpatronen 3 Druk op . Hiermee bevestigt u de patroonkeuze. 1 Druk op . X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. Kaderpatronen 1 Druk op . X De lijst met borduurpatronen wordt weergegeven. Een borduurpatroon selecteren. 2 Druk op het gewenste patroon. X De lijst met kaderpatronen wordt weergegeven. Selecteer de gewenste vorm voor het kader 2 in de bovenste tabs van het scherm.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— X Het geselecteerde patroon wordt weergegeven in het patroonweergavevlak. Selecteer het monogramontwerp. 2 Druk op de knop voor de gewenste letterstijl. 1 2 3 4 1 • Als een verkeerd patroon is geselecteerd of als u een ander patroon wilt selecteren, drukt u op het gewenste patroon. 4 Druk op . Hiermee bevestigt u de patroonkeuze. X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Selecteer de letters. 3 Druk op de tabs om de verschillende lettervormen te selecteren. Druk vervolgens op elk tabblad op de toets voor een letter.. 1 1 2 1 1 Als een verkeerd teken is geselecteerd of als u een ander teken wilt selecteren, drukt u op om het teken te verwijderen dat het laatst is geselecteerd. Druk vervolgens op de toets voor het gewenste teken.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— ■ De grootte wijzigen Nadat het eerste teken is geselecteerd, drukt u op 8 Druk op . tot het teken de gewenste grootte heeft. • Het volgende teken dat wordt geselecteerd, krijgt de nieuwe tekengrootte. • Nadat de tekens zijn gecombineerd, kan de grootte van alle ingevoerde tekens niet worden gewijzigd. (U kunt de grootte van het gehele patroon wijzigen via het patroonbewerkingsscherm.) 5 Druk op .
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Als u de lettergrootte hebt veranderd, 0 verander het kaderpatroon dan in dezelfde grootte. Alfabetpatronen De machine bevat 25 ingebouwde lettertypen. Druk op om het patroon te veranderen in dezelfde grootte als de letters. Voorbeeld: “Lucky Color” invoeren. 1 Druk op . . X Het lettertypekeuzescherm wordt weergegeven. 1 Druk op deze toets om de grootte te wijzigen. a Druk op 2 Selecteer een lettertype.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Als de toets voor het teken dat u wilt 3 selecteren niet wordt weergegeven, drukt u op de tab voor de gewenste lettertypeset. 5 Nu de eerste letter is geselecteerd, drukt u op om de grootte van de letter te veranderen. 1 2 3 4 5 1 2 3 4 5 Hoofdletters Kleine letters Cijfers/symbolen Speciale tekens Druk op deze toets om het lettertype te wijzigen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 6 Druk op en voer “ucky” in. 8 Druk op en voer “C” in. 9 Druk op en voer “olor” in. 1 1 Als een verkeerd teken is geselecteerd of als u een ander teken wilt selecteren, drukt u op om het teken te verwijderen dat het laatst is geselecteerd. Druk vervolgens op de toets voor het gewenste teken. Telkens wanneer u op drukt, wordt het laatste teken van de tekst verwijderd. 7 Druk op om een spatie in te voeren.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Bloemletterpatronen 1 a Nadat u de tekst hebt gecontroleerd, drukt u op om terug te keren naar het tekstinvoerscherm. b Nadat alle tekst op de gewenste manier is ingevoerd, drukt u op Druk op . . Hiermee bevestigt u de patroonkeuze. X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. ■ De tekstindeling wijzigen Druk op om het volgende scherm weer te geven. Druk op de toets voor de gewenste tekstindeling.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 Druk op . Hiermee bevestigt u de patroonkeuze. X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. Renaissance-alfabetpatronen 1 Druk op . • Als een verkeerd patroon is geselecteerd of als u een ander patroon wilt selecteren, drukt u op het gewenste patroon. 3 Bewerk het patroon indien nodig. X De lijst met renaissance-alfabetpatronen wordt weergegeven. Selecteer een borduurpatroon.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Selecteer een borduurpatroon. Appliqué-alfabetpatronen 1 Druk op 3 Druk op het gewenste patroon. . 1 1 Druk op deze toets om de grootte van het teken te wijzigen. X Het geselecteerde patroon wordt weergegeven in het patroonweergavevlak. X Het groottekeuzescherm wordt weergegeven. Selecteer de tekstgrootte. 2 Druk op de toets voor de gewenste tekstgrootte.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Grieks-alfabetpatronen 3 Druk op . Hiermee bevestigt u de patroonkeuze. 1 Druk op . X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. Borduurpatronen in het geheugen van de machine U kunt borduurpatronen ophalen die zijn opgeslagen in het geheugen van de machine. Zie “Borduurpatronen opslaan” op pagina 187 voor meer informatie over het opslaan van patronen. X De lijst met Grieks-alfabetpatronen wordt weergegeven.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Borduurkaarten (optioneel) ■ Over borduurkaarten (optioneel) • Gebruik alleen borduurkaarten die zijn gefabriceerd voor deze machine. Wanneer u andere kaarten gebruikt, werkt uw machine mogelijk niet goed. • Buitenlandse borduurkaarten kunnen niet met deze machine worden gebruikt. • Berg borduurkaarten op in de koffer. 1 2 3 1 Geeft aan hoeveel geheugen het geselecteerde patroon in beslag neemt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Als de aanraakstift is opgeborgen in de 1 aanraakstifthouder, verwijdert u deze. Steek de arm van de kaartlezerhouder in de 3 betreffende opening achter op het bedieningspaneel. Zorg dat de handgreep van de kaartlezerhouder in de aanraakstifthouder past. 1 Aanraakstift 1 Arm Plaats de borduurkaartlezer met de 2 indicatorkant naar boven in de kaartlezerhouder.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Draai de kabel van de kaartlezer rond de 5 haken achter op het bedieningspaneel en steek de kaartlezerkabel vervolgens in de USB-poort. • U kunt de aanraakstift opslaan in de aanraakstifthouder op de kaartlezerhouder. 1 2 3 4 Aanraakstift Aanraakstifthouder USB-poort Haken Memo ■ De borduurkaartlezer loskoppelen van de machine Neem de kaartlezerkabel van de haken op 1 het bedieningspaneel.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Werken met de borduurkaartlezer zonder de kaartlezerhouder Wanneer u de borduurkaartlezer niet vaak gebruikt, zet de borduurkaartlezer dan stevig in de buurt van het bedieningspaneel. Steek de kaart volledig in de kaartlezer/USB- 2 kaartschrijfmodule*. * Zorg dat hierbij het uiteinde met de afgedrukte pijl boven is.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— ■ Patronen groter dan 200 mm (H) × 300 mm (B) (7-7/8 inch (H) × 11-3/4 inch (B)) Bij een patroon groter dan 200 mm (H) × 300 mm (B) (7-7/8 inch (H) × 11-3/4 inch (B)) wordt de volgende melding weergegeven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Opmerking Opmerking ● De connectoren van de USB-kabel kunnen maar in een richting in de aansluiting worden gestoken. Als de connector moeilijk in de aansluiting gaat, moet u geen kracht gebruiken maar de stand van de connector controleren. ● Raadpleeg voor meer informatie over de locatie van de USB-poort op de computer de handleiding van het betreffende apparaat.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 4 Druk op . Hiermee bevestigt u de patroonkeuze. X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. Opmerking • Als een verkeerd patroon is geselecteerd of als u een ander patroon wilt selecteren, drukt u op het gewenste patroon. Memo ● Voor bijzonderheden over grote borduurpatronen, zie “Grote (gesplitste) borduurpatronen naaien” op pagina 214. • Om een patroon van de computer toe te voegen, herhaalt u stap 1.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Verwijder alle overbodige patronen uit de 1 map “Verwisselbare schijf” op de computer. Selecteer de patroongegevens en verplaats deze naar een andere map, de prullenbak of klik erop met de rechtermuisknop en klik op Verwijderen.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— USB-medium 2 Druk op . U kunt een specifiek borduurpatroon ophalen direct van het USB-medium of uit een map op het USBmedium. Als het borduurpatroon zich in een map bevindt, gaat u lagen of mappen omlaag in het pad ernaartoe. Zie “USB-medium” op pagina 189 voor meer informatie over het opslaan van patronen. Opmerking ● USB-media en lees-schrijfeenheden zijn verkrijgbaar bij elektronicawinkels en computerzaken.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Selecteer een borduurpatroon. 4 Druk op de toets voor het gewenste patroon. • Druk op om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm. ■ Borduurgegevens verwijderen Via dit scherm kunt u de borduurgegevens die zijn opgeslagen op het USB-medium organiseren door onnodige gegevens te verwijderen. Nadat u het patroon hebt geselecteerd dat u wilt verwijderen, drukt u op om het onderstaande scherm weer te geven.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Het borduurpatroon bewerken (Patroonbewerkingsscherm) U kunt de patronen bewerken via het patroonbewerkingsscherm en het borduurinstellingenscherm. U kunt afzonderlijke patronen bewerken via het patroonbewerkingsscherm en u kunt het gehele patroon bewerken via het borduurinstellingenscherm. Het resultaat van de bewerkingen wordt weergegeven in het patroonweergavevlak. Een borduurpatroon selecteren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het patroon selecteren dat moet worden bewerkt Een patroon verplaatsen Als meerdere patronen zijn geselecteerd, kunt u kiezen welk patroon wordt bewerkt. Bepaal waar in het borduurraam het patroon moet worden geborduurd. Als meerdere patronen worden gecombineerd, verplaatst u elk patroon om het ontwerp in te delen. 1 1 het patroon wilt verplaatsen. Druk op of .
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— • Druk op om het patroon terug te zetten in de oorspronkelijk positie (het midden van het borduurraam). Een patroon horizontaal draaien 1 U kunt het patroon ook verplaatsen door het te slepen. Als een USB-muis is aangesloten, verplaatst u de muis zodat de aanwijzer op het gewenste patroon staat. Vervolgens sleept u het patroon terwijl u de linker muisknop ingedrukt houdt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Druk op deze toetsen om de gewenste 2 grootte voor het patroon in te stellen. Elke keer als u op een toets drukt, wordt het patroon iets vergroot of verkleind. 7 1 2 3 4 5 6 8 9 1 2 Voorbeeld: oorspronkelijke grootte 1 Verkleint zonder de verhouding hoogte x breedte te wijzigen. 2 Vergroot zonder de verhouding hoogte x breedte te wijzigen.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Druk op deze toetsen om het patroon in de 2 gewenste hoek te zetten. Een patroon draaien Telkens als u op een toets drukt, wordt het patroon gedraaid. Het patroon kan tussen 1 en 359 graden met de klok mee of tegen de klok in worden gedraaid. 1 Druk op . 1 X Het volgende scherm wordt weergegeven. 1 Geeft de hoek van het patroon weer nadat op een toets is gedrukt om deze te wijzigen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 De tekstindeling van een teken wijzigen Druk op geselecteerd, kunt u de kromming van de boog aanpassen. Druk zonodig op en om de kromming van de boog aan te De tekens kunnen worden geordend op een horizontale lijn, een schuine lijn of op een boog. 1 Nadat u de gewenste tekstindeling hebt passen. . Memo ● Wanneer u en selecteert, veranderen in en . U kunt de schuinte vergroten of verkleinen.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Gecombineerde letterpatronen scheiden 6 1 2 U kunt gecombineerde letterpatronen scheiden om de ruimte tussen letters aan te passen of de patronen afzonderlijk te bewerken nadat u alle letters hebt ingevoerd. 3 4 5 7 1 Geeft op dat de ruimte tussen alle letters in een woord even groot is. 2 Scheidt letters om individueel de tussenruimte en de positie aan te geven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 Met selecteert u waar het patroon moet worden gescheiden. Druk vervolgens op om het te scheiden. In dit voorbeeld wordt het patroon gescheiden tussen “T” en “a”. 5 Druk op . De draden tussen tekens afknippen Opmerking ● Een gescheiden letterpatroon kan niet worden gecombineerd.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Druk op de toetsen om de gewenste 2 draaddichtheid te selecteren. De draaddichtheid wijzigen (alleen bij sommige Elke keer als u op een toets drukt, wordt de draaddichtheid verhoogd of verlaagd. • Selecteer “100%” om het patroon terug te zetten op de oorspronkelijk draaddichtheid (standaard). teken- en kaderpatronen) De draaddichtheid van sommige tekenkaderpatronen kan worden gewijzigd.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 5 Selecteert de vorige kleur in het scherm met de draadkleurvolgorde. 6 Kleurenpalet Selecteer een kleur uit dit palet. 7 Gebruik deze toetsen om een kleur uit het kleurenpalet te selecteren. 8 Druk op deze toets om terug te keren naar de oorspronkelijke kleur. 9 Druk op deze toets om dit scherm te sluiten.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 4 Druk op . Herhaalpatronen ontwerpen ■ Herhaalpatronen naaien Met de randfunctie kunt u steken creëren met herhaalpatronen. U kunt ook de ruimte tussen de patronen binnen een herhaalpatroonsteek aanpassen. 1 X De kleurwijziging wordt bevestigd. X Het patroonbewerkingsscherm wordt opnieuw weergegeven. Memo ● Druk op om pauzelocaties op te geven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Selecteer de richting waarin u het patroon 2 wilt herhalen. 3 Met herhaalt u het patroon boven en met herhaalt u het patroon onder. • Druk op om het bovenste patroon te verwijderen. • Druk op om het onderste patroon te verwijderen. 1 3 5 4 2 Pas de ruimte van het herhaalpatroon aan. • Als u de ruimte wilt verbreden, drukt u op 4 . 5 • Als u de ruimte wilt versmallen, drukt u op .
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 5 Voltooi de herhaalpatronen door stap 2 t/m 4 te herhalen. 6 Nadat u de gewenste wijzigingen hebt doorgevoerd, drukt u op . Het patroonbewerkingsscherm wordt opnieuw weergegeven. ■ Eén element van een herhaalpatroon herhalen Met de knipfunctie kunt u één element van een herhaalpatroon selecteren om alleen dat element te herhalen. Met deze functie kunt u complexe herhaalpatronen ontwerpen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 Druk op . 7 Nadat u de gewenste wijzigingen hebt doorgevoerd, drukt u op . Het patroonbewerkingsscherm wordt opnieuw weergegeven. Opmerking ● Als u een herhaalpatroon in afzonderlijke elementen hebt geknipt, kunt u niet terugkeren naar het oorspronkelijke herhaalpatroon. ● U kunt elk element afzonderlijk bewerken in het bewerkscherm. Zie “Het patroon selecteren dat moet worden bewerkt” op pagina 163.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 3 Druk op om de draadmarkering die u wilt naaien te selecteren. Een eigen palet maken U kunt een eigen palet maken met de draadkleuren die u het meest gebruikt. U kunt draadkleuren selecteren in de uitgebreide lijst draadkleuren van negen verschillende draadmerken. U kunt elke gewenste kleur selecteren en naar uw eigen kleurenpalet verplaatsen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 2 Gebruik om te kiezen 4 waar u een kleur wilt toevoegen in het eigen kleurenpalet. • U kunt in het eigen kleurenpalet kleuren kiezen door het scherm aan te raken met de aanraakstift. • U kunt door 100 kleuren tegelijk schuiven met en Gebruik om een 4-cijferig nummer van een kleur in te voeren. • Als u een fout maakt, drukt u op om het ingevoerde nummer te verwijderen. Voer vervolgens het juiste nummer in.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Herhaal de vorige stappen tot u alle 6 gewenste draadkleuren hebt opgegeven. 4 Druk op . • Als u een opgegeven kleur uit het palet wilt verwijderen, drukt u op . Herhaal de vorige stappen tot u alle 5 gewenste draadkleuren hebt opgegeven. • Als u een opgegeven kleur uit het palet wilt 7 Druk op om terug te keren naar het verwijderen, drukt u op . oorspronkelijke scherm.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Een kleur kiezen in het eigen palet 3 1 om een nieuwe kleur te kiezen uit het kleurenpalet. • Gebruik en om door het eigen kleurenpalet te schuiven. U kunt een kleur kiezen uit de maximaal 300 kleuren die u in het eigen palet hebt geplaatst. Druk op Druk op • Druk op om terug te keren naar de oorspronkelijke kleur.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Een patroon kopiëren 1 Druk op . Een patroon verwijderen 1 Druk op . X Het volgende scherm wordt weergegeven. 2 Druk op . X De kopie ligt boven op het originele patroon. 1 X Het patroon wordt verwijderd. • Druk op om het verwijderen van het patroon af te breken.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het borduurpatroon bewerken (Borduurinstellingenscherm) In het borduurinstellingenscherm kunt u een enkel patroon bewerken wanneer patronen niet zijn gecombineerd. U kunt ook een volledig gecombineerd patroon bewerken als een enkel patroon. Bovendien kunt u de pijltoetsen gebruiken om het patroon te verplaatsen in het patroonbewerkingsscherm of om het borduurraam te verplaatsen in het borduurinstellingenscherm.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— Een gecombineerd patroon bewerken (Voorbeeld) In dit deel wordt beschreven hoe u tekst kunt combineren met een bloemletterpatroon en hoe u het resultaat vervolgens kunt bewerken. 1 Druk op . 2 Selecteer . Druk op 3 selecteren. om het patroon te X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. 4 Druk op . X Dit patroon wordt geplaatst in het midden van het borduurvlak.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— • Als u de grootte van het patroon wilt 5 Druk op . wijzigen, selecteert u “o” en drukt u vervolgens op om de gewenste grootte te selecteren. • Als u de tekstindeling wilt wijzigen, drukt u op en selecteert u vervolgens de gewenste tekstindeling. 8 6 Druk op Druk op geselecteerd. nadat u de letters hebt X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven. . 9 Druk op en pas de positie van de letters aan.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— a Druk op b Druk op . om hetzelfde lettertype te selecteren en voer vervolgens “Luck” in. Nadat u op “L” hebt gedrukt, drukt u op de tab voor kleine letters om het tekstinvoerscherm voor kleine letters weer te geven. Druk vervolgens op “u”, “c” en “k”. c Druk op nadat u de tekens hebt geselecteerd. X Het patroonbewerkingsscherm wordt weergegeven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— e Controleer de uitlijning van het gehele patroon. Als u het patroon wilt bewerken, drukt u op en g Druk op . h Druk op i Druk op om terug te keren naar het patroonbewerkingsscherm nadat u het patroon hebt verkleind. om het te bewerken patroon te selecteren. Als een USB-muis is aangesloten, kunt u het patroon selecteren door erop te klikken.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— • Als u de tekst en het patroon niet goed kunt zien, drukt u op en vervolgens op j Nadat u alle bewerkingen hebt voltooid, drukt u op en vervolgens op om een voorbeeldweergave te bekijken. Druk op om terug te keren naar het vorige scherm. X Het borduurinstellingenscherm wordt weergegeven. • Als u wilt terugkeren naar het patroonbewerkingsscherm, drukt u op . 186 .
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Borduurpatronen opslaan Geheugen van de machine 2 Druk op . • Druk op om terug te keren naar het vorige scherm zonder het patroon op te slaan. U kunt borduurpatronen opslaan die u hebt aangepast en vaak hebt gebruikt, bijvoorbeeld uw naam of andere patrooncombinaties, patronen die zijn geroteerd of vergroot/verkleind, of patronen waarvan de borduurpositie is gewijzigd.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 4 Als u de gegevens wilt wissen, drukt u op . X Het patroon wordt verwijderd en als er voldoende ruimte is, verschijnt het vorige scherm automatisch. • Als u het wissen wilt afsluiten, drukt u op . Als er onvoldoende ruimte is, verwijdert u 1 2 3 1 Geeft aan hoeveel geheugen het geselecteerde patroon in beslag neemt. 2 Geeft de hoeveelheid beschikbare ruimte weer in het geheugen van de machine.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— USB-medium Wanneer u borduurpatronen van de machine naar een USB-medium wilt zenden, plaatst u het USBmedium in de USB-poort van de machine. Memo • Wanneer u de USB-lees-schrijfeenheid aansluit op de USB-poort, zet u de kabel vast met de twee haken op het achterpaneel. Als de kabel niet is vastgezet, kan het borduurraam blijven haken achter de kabel terwijl het raam beweegt.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 3 Druk op . • Druk op om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm zonder op te slaan. Computer (USB) Met behulp van de meegeleverde USB-kabel kan de machine op uw computer worden aangesloten en kunnen borduurpatronen worden opgeslagen op de map “Verwisselbare schijf” op de computer.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Verplaats/kopieer de patroongegevens op Opmerking ● De connectoren van de USB-kabel kunnen maar in een richting in de aansluiting worden gestoken. Als de connector moeilijk in de aansluiting gaat, moet u geen kracht gebruiken maar de stand van de connector controleren. ● Raadpleeg voor meer informatie over de locatie van de USB-poort op de computer de handleiding van het betreffende apparaat.
PATRONEN SELECTEREN/BEWERKEN/OPSLAAN ————————————————————————————————————————————————————— 192
6 BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE In dit hoofdstuk wordt het gebruik van de instellingentoets, de bedieningshandleidingstoets en de helptoets beschreven (zie pagina 39). Er wordt uitgelegd hoe u wijzigingen kunt aanbrengen in de basisinstellingen van de machine en hoe de bediening wordt weergegeven op het LCD-scherm. De instellingentoets gebruiken ..............................................................................194 Het instellingenscherm ......................................................
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— De instellingentoets gebruiken Druk op (instellingentoets) om veel van de basisinstellingen van de machine te wijzigen. Het instellingenscherm Het instellingenscherm bestaat uit vijf pagina’s. Druk op gewenste pagina wordt weergegeven. De toets ■ Pagina 1 en midden onder in het scherm tot de verschijnt op alle pagina's.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Pagina 3 ■ Pagina 5 I B J K L M N B Gereserveerde naald Een bepaalde kleur draad kan worden ingesteld voor een bepaalde naaldstang. De opgegeven kleur blijft toegewezen aan de opgegeven naaldstang tot de instelling wordt geannuleerd. Deze functie is niet toegankelijk via het borduurscherm.(Zie “Instellingen voor gereserveerde naaldstang” op pagina 132.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— De schermhulplijnen wijzigen U kunt de hulplijnen in het patroonweergavevlak instellen op het gewenste borduurraam. U kunt de hulplijninstellingen opgeven via pagina 1/5 van het instellingenscherm. 2 1 3 1 Hier kunt u zien hoe de hulplijnen met de opgegeven instellingen worden weergegeven. 2 VLAK Geeft de grootte van het borduurraam op als hulplijn.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Middelpuntmarkering Het middelpunt wordt aangegeven met een rood plusteken (+). Bij aankoop van de machine wordt de middelpuntmarkering niet weergegeven. 1 Druk op of om aan te geven of de middelpuntmarkering wel of niet moet worden weergegeven. De middelpuntmarkering wordt weergegeven zoals u hebt ingesteld.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— ■ Voorbeeldweergaven Memo Draadkleurnummer(#123) Embroidery (Polyester) Country (Katoen*) Madeira Poly (Polyester) Madeira Rayon (Rayon) ● De kleuren draad in het scherm met de draadkleurvolgorde en in de patronen in het patroonweergavevlak worden weergegeven in de oorspronkelijke draadkleur (de kleuren draad die in de machine zijn ingebouwd).
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De achtergrondkleuren van de borduurpatronen of miniaturen wijzigen De achtergrondkleuren van het patroonweergavevlak en de patroonminiaturen. Naargelang de patroonkleur selecteert u de gewenste achtergrondkleur uit de 66 beschikbare instellingen. U kunt verschillende achtergrondkleuren selecteren voor het patroonweergavevlak en de patroonminiaturen. Bij aanschaf van de machine is de kleur grijs geselecteerd.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— 1 Druk op of om de gewenste instelling te selecteren. Wanneer u “ON” hebt geselecteerd, wordt de toets als volgt weergegeven ; 2 Als “ON“ is geselecteerd, drukt u op en om het aantal transportcodes te wanneer u “OFF” hebt geselecteerd, wordt selecteren. de toets als volgt weergegeven De gewenste instelling wordt weergegeven. .
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Korte steken verwijderen Als u andere borduurgegevens gebruikt dan onze oorspronkelijke patronen, kan de afstand te klein zijn, waardoor de draad of de naald kan breken. U kunt dit voorkomen door de machine in te stellen op het verwijderen van steken met een te kleine afstand. Steken met een kleinere afstand dan u hier opgeeft, kunnen worden verwijderd.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— Druk op 1 selecteren. en om de instelling te ■ De schermbeveiligingsafbeelding wijzigen U kunt uw eigen persoonlijke afbeeldingen selecteren voor de schermbeveiliging van uw machine. Alvorens de schermbeveiligingsafbeelding te wijzigen, bereidt u de afbeelding voor op uw computer of USB-medium. Bij aanschaf van de machine is de standaardinstelling geselecteerd.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Selecteer het apparaat dat u hebt 5 aangesloten. • Druk op wanneer u een USB- medium aansluit op de primaire (bovenste) USB-poort. • Druk op Druk op een bestandsnaam en druk vervolgens op . X De geselecteerde afbeelding wordt opgeslagen op uw machine. • Druk hierop om terug te keren naar het vorige scherm. wanneer u een USB- medium aansluit op de middelste USBpoort.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— Het speakervolume wijzigen U kunt het volume aanpassen van de bedieningssignalen (het signaal dat u hoort wanneer u een toets op het scherm indrukt, of een knop op het bedieningspaneel) en waarschuwingssignalen (deze geven aan dat er een fout is opgetreden). U kunt het speakervolume uitzetten of instellen op een waarde tussen “1” en “5”. Wanneer u “OFF” selecteert, geeft de speaker geen geluid.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De vorm van de aanwijzer veranderen wanneer u een USB-muis gebruikt U kunt selecteren in welke vorm de aanwijzer wordt weergegeven wanneer u een USB-muis aansluit. Naar gelang de achtergrondkleur selecteert u de gewenste vorm uit de drie beschikbare vormen. Bij aanschaf van de borduurmachine is De maateenheden wijzigen U kunt de maateenheden instellen op millimeters of inches.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— De bedieningshandleidingstoets gebruiken Deze machine bevat informatie die is gebaseerd op de inhoud van de bedieningshandleiding, zoals basismachinehandelingen. Druk op (bedieningshandleidingstoets) en selecteer een van de vier onderwerpen die worden weergegeven om de beschikbare informatie weer te geven.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Bijvoorbeeld: informatie over het inrijgen van de bovendraad 1 Druk op om de volgende pagina weer te 5 Druk op . X De lijst met basishandelingen wordt weergegeven. 3 Druk op geven. . X Het bedieningshandleidingscherm verschijnt. 2 4 Druk op 3 4 2 1 1 Volgende-paginatoets Druk op deze toets om de volgende pagina weer te geven. 2 Vorige-paginatoets Druk op deze toets om de vorige pagina weer te geven.
BASISINSTELLINGEN EN HELPFUNCTIE —————————————————————————————————————————————————————————— Wanneer verschijnt, drukt u op deze toets. Wanneer een film wordt weergegeven, verandert de toets in 1 5 Druk op 6 Druk op nadat u de handeling hebt gezien. . 2 3 4 5 6 1 Druk op deze toets om terug te keren naar de illustratie. 2 Druk op deze toets om door te gaan met het vertonen van de film. 3 Druk op deze toets om film de pauzeren. 4 Druk op deze toets om de film vooruit te spoelen.
7 BIJLAGE In dit hoofdstuk vindt u beschrijvingen van borduurtechnieken, tips voor het maken van prachtig borduurwerk en meer informatie over onderhoud en probleemoplossing. Applicaties naaien.............................. 210 Applicatiepatronen ......................... 210 Applicaties maken met een kaderpatroon (1)............................. 211 Applicaties maken met een kaderpatroon (2)............................. 212 Grote (gesplitste) borduurpatronen naaien ........................................
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Applicaties naaien In dit deel wordt de procedure voor het naaien van applicaties beschreven. 3 borduurraam en knip vervolgens voorzichtig Verwijder de stof van de applicatie uit het Applicatiepatronen Sommige ingebouwde borduurpatronen kunnen worden gebruikt voor het naaien van applicaties.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Breng een beetje stoflijm aan of spray wat 5 lijm op de achterzijde van het uitgeknipte applicatiestuk en bevestig vervolgens het applicatiestuk op de basisstof bij de genaaide positie met behulp van het “APPLICATIEPOSITIE”-patroon uit stap 4.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Breng een beetje stoflijm aan of spray wat 3 lijm op de achterzijde van het applicatiestuk dat u in stap 1 hebt uitgeknipt en bevestig het applicatiestuk vervolgens op de basisstof. Applicaties maken met een kaderpatroon (2) Er is een andere manier om applicaties te naaien. Met deze methode hoeft u de stof in het borduurraam niet te verwisselen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Borduur over de applicatiestof heen met 3 hetzelfde raampatroon. Opmerking ● Als de grootte of de borduurpositie van het raampatroon met rechte steken wordt gewijzigd, moet u de grootte of de borduurpositie van het raampatroon met satijnsteken op dezelfde manier wijzigen. Bevestig het borduurraam dat u in stap 4 • Zorg dat de machine stopt voordat het kruis in het midden wordt genaaid.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Grote (gesplitste) borduurpatronen naaien Met PE-DESIGN Ver.7 of later kunt u grote (gesplitste) borduurpatronen naaien. Met grote borduurpatronen worden ontwerpen die groter zijn dan het borduurraam verdeeld in meerdere delen. Deze worden gecombineerd tot één patroon wanneer de gedeelten klaar zijn.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 3 Bewerk het patroon indien nodig. Druk vervolgens op . • Zie “Het borduurpatroon bewerken (Patroonbewerkingsscherm)” op pagina 162 voor meer informatie. 6 Druk op . Memo ● U kunt het patroon naar links of naar rechts draaien wanneer u op Bevestig het patroonformaat en selecteer 4 vervolgens de juiste stof en het borduurraam. • Kies stof die groot genoeg is voor het gecombineerde patroon. 5 Druk op drukt.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 8 Wanneer het borduren is voltooid, verschijnt het volgende scherm. Druk op . Plaats de stof voor het volgende a ontwerpgedeelte aan de hand van het uitlijningsstiksel. In dit geval lijnt u de linkerkant van het raam uit met de rechterkant van het ontwerpgedeelte dat u hebt geborduurd in stap 6. X Er verschijnt een scherm zodat u een deel van het grote borduurpatroon kunt selecteren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Handige tips voor de bediening van de machine In dit deel worden handelingen beschreven die nuttig zijn bij de bediening van deze machine. Draadspanning van ingebouwde patronen controleren 3 Druk op . 4 Druk op . 5 Druk op . Een patroon op de laatste pagina van de borduurpatronen kan worden gebruikt om de draadspanning te controleren.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 6 Druk op (ontgrendelingstoets) en druk vervolgens op de start/stop-knop om te beginnen met borduren. Een patroon borduren dat is uitgelijnd met een markering op de stof Als u het beginpunt en het eindpunt van de steken opgeeft, kunt u de exacte positie van het patroon controleren.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Markeer met kleermakerskrijt dit punt op de 3 stof. Verwijder het borduurraam uit de machine 6 en verbind deze twee punten om de borduurpositie te controleren. • Als de basislijn niet goed is uitgelijnd of met een andere lijn kruist, moet u de stof opnieuw in het borduurraam spannen of de positie van het patroon aanpassen. Stel het beginpunt van het stikken af in de 4 hoek rechtsonder.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Draadkleurweergave met een eigen palet Kleurenpalet Hieronder vindt u extra uitleg over het ingebouwde kleurenpalet en het eigen palet. Normaliter worden de kleuren draad in het scherm met de draadkleurvolgorde en in het patroonweergavevlak weergegeven in de kleuren van het ingebouwde draadkleurpalet.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Prachtig borduurwerk maken Hieronder worden de diverse voorzorgsmaatregelen beschreven die u in acht moet nemen met betrekking tot de draad, de borduurramen en de steunstoffen (onderlagen) om prachtig borduurwerk te maken. Draden Borduurdraad kan duur zijn en daarom moet u er voorzichtig mee omgaan. Hoe goed de draad ook is gemaakt, voor het beste resultaat is het van groot belang dat deze correct wordt opgeborgen.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 2. Een steunstof die u losknipt, is uitstekend geschikt voor middelzware tot zware stoffen, maar kan ook worden gebruikt bij geweven stof. U kunt veel steken gebruiken en met twee of drie lagen is het aantal mogelijke steken schier eindeloos. Dit type onderlaag is ook in zwart verkrijgbaar zodat de binnenkant van een kledingstuk er net zo goed ziet als de buitenkant.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Compatibiliteitstabel stof/steunstof Stof/ kledingstuk Aantal onderlagen Aantal bovenlagen Badstof 1 x lostrekbaar 1 x in water oplosbaar Satijnen jasje Zware voering: Geen Lichte of geen voering: 1 afscheurbaar Geen Katoen 1 x lostrekbaar Geen Spijkerstof 1 x lostrekbaar Geen Hoeden en petten Optioneel Optioneel Overhemd (geweven) 1 x lostrekbaar Geen Golfshirt 1 x afknipbaar Optioneel Fleece 1 x
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— OPTIONELE ACCESSOIRES Een optioneel borduurraam bevestigen voor industriële borduurmachines Stel de borduurraamhouder in op het bevestigen van het borduurraam voor industriële borduurmachines. Als een borduurraam voor industriële borduurmachines wordt bevestigd, bewegen zowel de linker- als de rechterarm van de borduurraamhouder. 1 Verwijder het borduurraam. (Zie pagina 68.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het optionele petraam gebruiken Met het optionele petraam kunt u patronen borduren op petten en mutsen. Hieronder worden de procedures voor het gebruik van het petraam beschreven. Petraam en accessoires U hebt de drijfas van het petraam en de montagemal nodig bij gebruik van het petraam.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Golfstijl Soorten petten Bij deze machine raden we u aan de volgende petten te borduren. ■ Standaard (Pro Style) 1 Voorkant: niet verdeeld 2 5 gedeelten 1 Voorkant: Pro Style 2 6 gedeelten Otto International, Inc.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Petstof niet aanbevolen om te borduren • Petten met een voorstuk van minder dan 50 mm (2 inch) hoog (zoals een zonneklep) • Kinderpetten • Petten met een rand langer dan 80 mm (31/16 inch) Voorzorgsmaatregelen voor de stof 1 Plaats de twee duimschroeven terug op de borduurraamhouder.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Plaats de twee duimschroeven aan de 4 onderkant van de petraamdrijfas in de inkepingen in de wagen. Plaats vervolgens de bevestigingsplaat van de petraamdrijfas boven op de raambevestigingsplaat van de wagen. Duw de petraamdrijfas naar de machine 7 zodat deze volledig in de machine wordt geplaatst en draai ondertussen de twee onderste duimschroeven aan om de petraamdrijfas vast te zetten.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Draai de twee zeskantige schroeven los met 2 de inbussleutel (middelgroot). Draai de schroeven slechts één slag los. 1 Zeskantige schroeven 2 Inbussleutel (middelgroot) Draai met de inbussleutel (groot) de vier 4 zeskantige schroeven aan de binnenkant van de ring los. Draai de schroeven slechts één slag los.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Druk de ring zachtjes omlaag en draai met 6 de inbussleutel (groot) de vier zeskantige schroeven aan de binnenkant van de ring vast. Draai de schroeven stevig vast. ■ De montagemal voorbereiden Breng de stopper omlaag en bevestig de montagemal aan een stabiel oppervlak, bijvoorbeeld een tafel. 1 kruiskopschroevendraaier en breng de Draai de twee schroeven los met een stopper omlaag in de richting van de pijl.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Klem de bevestigingsbeugel stevig op het 4 bevestigingsoppervlak door de duimschroef Pas het formaat van de montagemal aan naar 6 gelang het type pet dat u borduurt. vast te draaien.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Trek de montagemal naar u toe en draai met de kruiskopschroevendraaier de vier schroeven (twee links en twee rechts) vast. ■ Het petraam op de montagemal bevestigen en een pet in het raam plaatsen Bevestig het petraam op de montagemal. 1 Lijn de zijkant van de montagemal uit met de beugel van het petraam en duw het petraam op zijn plaats. X De voorbereiding van de montagemal is voltooid.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Zet de steunstof vast met de pennen op het 3 petraam. Lijn de middelste lijn van de pet uit met de 5 nok in de montagemal. 1 Pennen • Zorg dat de pennen door de steunstof gaan zodat deze stevig vast zit. Til (draai) de binnenrand in de pet omhoog 4 en plaats de pet in het petraam. Houd beide zijden van de pet vast met beide handen en lijn de rand van het onderste raam uit met de onderzijde van de klep.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lijn de tanden van het klepraam uit met de 8 onderkant van de klep. 1 Tanden van het buitenste klemraam 2 Onderzijde van de klep 9 Stel de andere kant op dezelfde manier af. 0 Sluit de hendel van het snapslot. Opmerking ● Draai de twee schroeven voor het buitenste klemraam vast.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Trek de uiteinden van de pet weg vanuit het a midden zodat de stof strak staat. b Zet de pet vast met de klemmen. Plaats de klep zo dat een ronde vorm d behouden blijft. X Het plaatsen van de pet in het petraam is voltooid. Verwijder het petraam uit de montagemal. e Druk zowel de linker- als de rechterhouder op de montagemal met beide duimen in. Trek vervolgens het borduurraam los (zie afbeelding).
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ Het petraam op de machine bevestigen U hebt de petraamdrijfas nodig om het petraam op de machine te bevestigen. Bevestig de petraamdrijfas op de wagen voordat u het petraam op de machine bevestigt. (Zie “De petraamdrijfas monteren” op pagina 227.) Bevestig het petraam op de petraamdrijfas.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Nadat u de klephouder hebt verwijderd, 2 ontgrendelt u het snapslot van het 3 Verwijder de twee bovenste duimschroeven. klemraam. Vervolgens verwijdert u de klemmen en daarna de pet. 1 Duimschroeven 1 Klephouder 2 Snapslot 3 Klemmen 4 Verwijder de petraamdrijfas.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Lijn de gaten op de borduurraamhouder uit met 6 de pennen op de raambevestigingsplaat van de wagen. Extra informatie over digitaliseren Wanneer u een patroon maakt om te borduren met een petraam, moet u aandacht schenken aan de volgende punten om registratieproblemen te voorkomen (gaten in de patronen slecht uitgelijnd). 1 Naai onderlaagsteken.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Voor het naaien van patroonomtrekken 3 gebruikt u voor satijnsteken een steekbreedte van minstens 2 mm. Zorg ook dat het stiksel de stof minstens 1 mm overlapt. Vermijd ook sprongen van lange steken in de omtrek van elk vlak of elke letter. 1 Minstens 1 mm 2 Minstens 2 mm VOORZICHTIG ● Naai niet meer dan vier overlappende patronen. 7 1 Geef op dat overlappende vlakken niet genaaid moeten worden.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De optionele spoelopwinder gebruiken Gebruik de optionele spoelopwinder als u spoeldraad op een metalen spoel wilt winden. Hieronder wordt het gebruik van de optionele spoelopwinder beschreven. Voorzorgsmaatregelen Zie pagina 32 voor voorzorgsmaatregelen voor de stroomvoorziening. VOORZICHTIG ● Plaats de spoelopwinder op een egaal, stabiel oppervlak.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De optionele spoelopwinder installeren Bevestig de kloshouder, het kloskussentje en de draadgeleider aan de spoelopwinder. De AC-adapter aansluiten 1 adapter. Steek de stekker van het netsnoer in de AC- 1 Breng de houder omlaag en plaats de Plaats de kloshouder en het kloskussentje. kloshouder recht in het gat Plaats vervolgens het kloskussentje.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De spoel opwinden Leg de spoel en de klos met spoeldraad klaar. Gebruik katoenen of gesponnen polyester spoeldraad (tussen 74 dtex x 2 en 100 dtex x 2). Opmerking ● Haal het kloskussentje weg en zet de klos direct op de kloshouder wanneer u een kleine klos gebruikt. Gebruik ook de meegeleverde kloskap om de kleine klos op zijn plaats te houden.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Leid de draad van voor naar achteren door 5 het gat aan de rechterkant van de draadgeleider. Opmerking ● Volg nauwgezet de beschreven procedure. Als de spoel wordt opgewonden zonder dat de draad met de draadafsnijder wordt afgeknipt, kan de draad om de spoel verward raken en kan de naald breken wanneer de spoeldraad bijna op is. Schuif de spoelhouder op zijn plaats tot deze 8 vastklikt.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De spoel houdt automatisch op met draaien als 0 deze is opgewonden; de spoelhouder keert vervolgens terug naar de uitgangspositie. a Verwijder de spoel. VOORZICHTIG ● Zorg dat de spoeldraad op de juiste manier wordt opgewonden, anders kan de naald breken of de draadspanning onjuist zijn. ● Reinig het spoelhuis telkens wanneer u de spoel verwisselt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Onderhoud Hieronder worden eenvoudige procedures voor machineonderhoud beschreven. Houd de machine altijd schoon, anders kunnen er storingen optreden. Het LCD-scherm reinigen Als het oppervlak van het LCD-scherm vuil is, kunt u het met een zachte, droge doek afvegen. Gebruik geen biologische reinigers of reinigingsmiddelen.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gebruik het meegeleverde 3 schoonmaakborsteltje om pluisjes en stof te verwijderen van en rondom de haak. Reinigen rondom de naaldplaat Als zich pluisjes en stof rondom het bewegende mesje of de draadopsluitplaat verzamelen, wordt de draad misschien niet goed afgeknipt, waarna een foutmelding verschijnt, of kunnen delen van de machine beschadigd raken.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gebruik het meegeleverde 3 schoonmaakborsteltje om pluisjes en stof uit het bewegende mesje, het vaste mesje, de draadopsluitplaat en de omliggende gebieden te verwijderen. Het spoelhuis reinigen Draadwas en stof kunnen gemakkelijk in het gat van de spanveer op het spoelhuis komen, waardoor de draadspanning niet meer goed is. Het is dan ook raadzaam het te reinigen telkens wanneer u de spoel verwisselt.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Opmerking ● Zorg dat u de spanveer niet buigt. Gebruik niets anders dan dik papier of papier met de aangegeven dikte om het spoelhuis te reinigen. 3 schoonmaakborsteltje om pluisjes en stof uit Gebruik het meegeleverde De draadpaden van de bovendraden reinigen Als stof of pluisjes zich ophopen in de draadgeleiders of draadspanningsunit in de paden van de bovendraden, kan de draad tijdens het borduren mogelijk breken.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ De spanningsunit uit elkaar halen en reinigen 3 De spanningsunit opnieuw in elkaar zetten 1 draait u deze tegen de klok in, zoals Als u de spanningsknop wilt verwijderen, aangegeven in de illustratie. Opmerking ● Let op dat u de spanningsschijf niet ondersteboven installeert, wanneer u de spanningsunit opnieuw in elkaar zet. Onderop zit een magneet.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Draai het handwiel (ongeveer 50 graden) om De machine oliën 3 het loophuis van de haak in een zodanige positie te zetten dat u dit goed kunt oliën. U moet de machine oliën voordat u deze voor de eerste keer gebruikt om de levensduur van de onderdelen te verlengen en de machine naar behoren te laten werken. Als u te weinig olie aanbrengt op de haak, verschijnt er mogelijk een foutmelding.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— ■ De naaldstangen oliën Selecteer in het borduurscherm één naaldstang tegelijk. Trek de geselecteerde naaldstang omlaag en vergrendel deze (zie pagina 97). Breng een druppel olie aan op de viltring van de onderste naaldstang.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Problemen oplossen Problemen oplossen via het scherm Controleer de items die worden 4 weergegeven. Met deze machine kunt u eenvoudig tijdens het borduren problemen oplossen. Druk op de toets die het probleem weergeeft en loop vervolgens de mogelijke oorzaken na die worden getoond. 1 2 Druk op . Druk op 5 Nadat u de gewenste informatie hebt gelezen, drukt u op . 6 Druk op . . 3 het probleem bevat.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Problemen oplossen Als de machine niet naar behoren functioneert, controleer dan eerst de volgende punten/kwesties voordat u hulp inroept. Neem contact op met een erkende dealer als de gesuggereerde oplossing het probleem niet verhelpt. Symptoom De machine werkt niet. Waarschijnlijke oorzaak De machine staat niet aan. De machine is niet ontgrendeld. U hebt niet op de start/stop-knop gedrukt.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom Waarschijnlijke oorzaak Het gebied rondom het gat van de borduurvoet is beschadigd. Oplossing Pagina Vervang de persvoet. Raadpleeg de dichtstbijzijnde erkende dealer. 1 Krassen of bramen Het schuifoppervlak op het haakloophuis is niet glad. Er zitten krassen en bramen op. Raadpleeg de dichtstbijzijnde erkende dealer. 1 Haakloophuisvlak De spoel of het spoelhuis is niet goed geplaatst. De naald breekt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom Waarschijnlijke oorzaak De naald is niet correct geplaatst. De naaldstelschroef zit los. De naald is verbogen of stomp. Het vlak rondom het gat in de naaldplaat is beschadigd. Oplossing Plaats de naald op de juiste manier. Gebruik de inbussleutel om de naaldstelschroef stevig aan te draaien. Vervang de naald door een nieuwe. Pagina p. 86 p. 86 p.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom Waarschijnlijke oorzaak Het schuifvlak op de haak is niet glad. Er zitten brandplekken op. Oplossing Pagina Raadpleeg de dichtstbijzijnde erkende dealer. 1 Haakloophuisvlak De draad is los in het haakvlak. De speling tussen de haak en het loophuis is te groot. De haak draait niet soepel. De ruimte tussen de haakstop en de haak kan niet worden afgesteld. De bovendraad is niet goed ingeregen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom Waarschijnlijke oorzaak Het automatische naaldinrijgmechanisme is kapot. Er zit lijm op de naald. De stof staat niet strak. De bovendraad breekt. De spoeldraad breekt. Er worden steken overgeslagen. De kwaliteit van de draad is slecht. De borduurgegevens bestaan uit steken met een afstand van nul. De borduurgegevens bevatten veel steken met een zeer kleine afstand.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom Waarschijnlijke oorzaak Er is geen steunstof (onderlaag) gebruikt. Het borduurraam is niet correct aan de wagen bevestigd. De wagen of het borduurraam loopt ergens tegenaan. Het borduurpatroon is scheefgetrokken. De stof blijft hangen of zit ergens vast. De wagen beweegt terwijl u het borduurraam verwijdert. Het ontwerp is niet goed gedigitaliseerd.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom Waarschijnlijke oorzaak De draadspanning komt niet overeen met de mate waarin draadspanningsknop is aangedraaid. Er zitten lussen in de bovendraad. De draad is niet goed ingeregen rond de bovenste draadspanningsschijven. De kwaliteit van de draad is slecht. De machine maakt veel lawaai. Er kunnen pluisjes rondom de haak zijn gedraaid. De bovendraad is niet goed ingeregen. De haak is beschadigd.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Symptoom De machine stopt en geeft aan dat een draad is gebroken, terwijl dit niet het geval is. Er zitten naaldscheuren of gaten in het kledingstuk. Waarschijnlijke oorzaak Als de draadbreuksensor in de draadspanningsschijf van de draadspanningsknop geen draaddoorvoer detecteert, zelfs al is de machine aan het borduren, treedt er een draadbreukfout op en stopt de machine.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Foutmeldingen Als u op de start/stop-knop drukt terwijl de machine niet juist is ingesteld of als er een onjuiste handeling wordt uitgevoerd, stopt de machine en geeft door middel van een zoemer en een foutmelding aan dat er zich een storing heeft voorgedaan. Als er een foutmelding wordt weergegeven, corrigeert u het probleem aan de hand van de instructies in het bericht.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— U kunt niet beginnen met naaien vanuit de opgegeven beginpositie. Verander de beginpositie of plaats de stof opnieuw in het raam en verander de borduurpositie. (Zie pagina 124.) De naald is op een onjuiste plaats gestopt. Draai aan het handwiel tot de markering op het handwiel bovenaan staat. De naaldstanghouder is op een onjuiste plaats gestopt.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— De geheugencapaciteit van het USB-medium is overschreden. Er bevinden zich te veel gegevens in de machine of het USB-medium. U hebt op gedrukt in het borduurscherm. Druk op om terug te keren Het geselecteerde patroon zal worden gewist, omdat u op hebt gedrukt. naar het borduurinstellingenscherm. Het vorige borduurwerk in het borduurscherm wordt geannuleerd. De afbeelding zal worden gewist.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— U hebt op de draadknipknop gedrukt voordat u de machine hebt ontgrendeld. De machine heeft onderhoud nodig. (Zie pagina 251.) Druk op om de draadknipfunctie te gebruiken. De machine haalt een opgeslagen De machine is gestopt terwijl de patroon op. naaldstanghouder bewoog. Druk op om de naaldstanghouder automatisch opnieuw in te stellen.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Het USB-medium is beveiligd tegen schrijven. Druk op en annuleer de schrijfbeveiliging. U hebt geprobeerd een patroon te selecteren nadat het USB-medium waarop het patroon is opgeslagen, is veranderd. U probeert een met copyright beschermd patroon op te slaan op een USB-medium/computer.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— U probeert een patroon op te U probeert een incompatibel halen dat is gedownload als medium te gebruiken. patroon voor een andere machine. Het USB-medium is bezig met gegevensoverdracht. De motor blijft vastzitten omdat Er heeft zich een fout voorgedaan de draad verward is of er iets met het USB-medium. anders mis is met de draadaanvoer. Mogelijk heeft zich stof opgehoopt in de bewegende snijder.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Neem contact op met de dichtstbijzijnde erkende dealer als een van de volgende meldingen wordt weergegeven.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— 268
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Gebruik de meegeleverde aanraakstift om op Als de machine niet reageert wanneer u op een toets drukt 2 het midden van de kruisen in het scherm te drukken, van 1 tot en met 5. Als er niets gebeurt wanneer u op een toets op het scherm drukt (u kunt geen toets selecteren of de toetsen zijn vervormd), stelt u het aanraakscherm als volgt af.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Specificaties Specificaties van de machine Item Specificatie Gewicht 37 kg Afmetingen 512 (B) × 589 (D) × 586 (H) mm (20-5/32 (B) × 23-3/16 (D) × 23-1/16 (H) inch) Borduursnelheid Maximum / Cilindrisch: 1.000 spm, Pet: 600 spm Snelheidsbereik / max.: 1.000 spm, Min.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Software-upgrade voor uw machine U kunt met een USB-medium of computer software-upgrades downloaden voor uw borduurmachine. Wanneer een upgradeprogramma verkrijgbaar is op “http://solutions.brother.com”, download dan de bestanden volgens de instructies op de website en onderstaande stappen.
BIJLAGE —————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Kopieer het upgradebestand naar Opmerking 4 “Verwisselbare schijf”. ● Als zich een fout voordoet, verschijnt een foutmelding in rode tekst. Wanneer de download goed is uitgevoerd, verschijnt de volgende foutmelding. 5 Druk op . 5 machine uit en weer aan.
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Index Symbolen “DST”-instelling ............................................... 194, 199 A Aanbevelingen voor de draad .................................... 34 Aanraakscherm .......................................................... 21 Aantal draadkleurwisselingen ........................ 72, 74, 75 Accessoires ................................................................ 22 Achtergrondkleuren ........................
BIJLAGE ——————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Draadlengte .............................................................201 Draadsensor .............................................................204 Draadspanning .................................................112, 244 Draadspanningsknoppen ....................................20, 113 Draadspanningsschijf .................................................57 DST .......................................................
————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————————— Petraamdrijfas .......................................................... 227 afstellen ............................................................. 228 bevestigen ......................................................... 227 Petraammongatemal ................................................ 227 Petten golfstijl .............................................................. 226 laag zittend ...............................
XE7085-101_cover_H1-4 PANTONE 285C K Bedieningshandleiding Borduurmachine PR-650 Bedieningshandleiding Productcode: 884-T05 op veelgestelde vragen (FAQs). Dutch 884-T05 XE7085-1011 Printed in Taiwan 884-T05 Ga naar http://solutions.brother.