GEBRUIKERSHANDLEIDING MFC-5490CN Versie 0 DUT
Als u de klantenservice moet bellen A.u.b. de volgende gegevens invullen voor toekomstige referentie: Modelnummer: MFC-5490CN Serienummer: 1 Aankoopdatum: Plaats van aankoop: 1 Het serienummer staat op de achterkant van het apparaat. Bewaar deze gebruikershandleiding samen met uw kassabon als aankoopbewijs in geval van diefstal of brand of voor service die onder de garantie valt. Registreer uw product online op http://www.brother.
Informatie over goedkeuring en mededeling aangaande samenstelling en publicatie DEZE APPARATUUR IS ONTWORPEN VOOR GEBRUIK MET EEN DUBBELDRAADS ANALOOG PSTN-SNOER, VOORZIEN VAN DE PASSENDE CONNECTOR. INFORMATIE OVER GOEDKEURING Brother wijst erop dat dit product mogelijk niet goed functioneert in een ander land dan dat waarin het oorspronkelijk werd aangekocht, en biedt geen garantie indien dit product wordt gebruikt op openbare telecommunicatielijnen in een ander land.
EG-conformiteitsverklaring onder de richtlijn R & TTE ii
EG-conformiteitsverklaring onder de richtlijn R & TTE Producent Brother Industries, Ltd. 15-1, Naeshiro-cho, Mizuho-ku, Nagoya 467-8561, Japan Fabriek Brother Industries (Shen Zhen) Ltd G02414-1, Bao Chang Li Bonded Transportation Industrial Park, Bao Long Industrial Estate, Longgang, Shenzhen, China Verklaren hierbij dat: Productomschrijving : Faxmachine Modelnaam : MFC-5490CN voldoet aan de voorschriften van de richtlijn R & TTE (1999/5/EG), en we verklaren dat het aan de volgende standaards voldoet.
Inhoudsopgave Paragraaf I 1 Algemeen Algemene informatie 2 Gebruik van de documentatie................................................................................2 Symbolen en conventies die in de documentatie gebruikt worden..................2 De softwarehandleiding en de netwerkhandleiding openen ..................................3 Documentatie bekijken ....................................................................................3 Brother-support oproepen (voor Windows®) ...................
4 Beveiligingsfuncties 25 Verzendslot.......................................................................................................... 25 Het wachtwoord van het verzendslot instellen en wijzigen............................25 Verzendslot in-/uitschakelen..........................................................................26 Paragraaf II 5 Fax Een fax verzenden 28 Faxmodus activeren ............................................................................................
7 Telefoontoestellen en externe apparaten 40 Werking als telefoon ............................................................................................40 Toon of puls ...................................................................................................40 Fax/Telefoon-stand .......................................................................................40 Fax/Telefoon-stand in de energiebesparende stand .....................................40 Telefoondiensten ..................
10 Rapporten afdrukken 59 Faxrapporten .......................................................................................................59 Verzendrapport..............................................................................................59 Faxjournaal (activiteitenrapport) ....................................................................59 Rapporten ............................................................................................................60 Een rapport afdrukken .....
Paragraaf IV Direct foto's printen 13 Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation 74 Werken met PhotoCapture Center™ ...................................................................74 Afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation zonder een pc .....74 Scannen naar een geheugenkaart of een USB-flashstation zonder een pc te gebruiken ..........................................................................................74 PhotoCapture Center™ vanaf uw computer gebruiken .......
Paragraaf VI Appendices A Veiligheid en wetgeving 92 Een geschikte plaats kiezen ................................................................................92 Veilig gebruik van de machine.............................................................................93 Belangrijke veiligheidsinstructies...................................................................97 BELANGRIJK - Voor uw eigen veiligheid ......................................................98 LAN-verbinding.......................
D Specificaties 143 Algemeen...........................................................................................................143 Afdrukmedia.......................................................................................................145 Fax.....................................................................................................................146 Kopiëren ............................................................................................................
Paragraaf I Algemeen Algemene informatie Papier en documenten laden Algemene instellingen Beveiligingsfuncties I 2 8 21 25
1 Algemene informatie Gebruik van de documentatie 1 Waarschuwingen informeren u over de maatregelen die u moet treffen om te vermijden dat u letsel oploopt. Dank u voor de aanschaf van een Brothermachine! Het lezen van de documentatie helpt u bij het optimaal benutten van uw machine. Deze waarschuwingen wijzen u op procedures die u moet volgen om te voorkomen dat de machine of andere voorwerpen worden beschadigd.
Algemene informatie De softwarehandleiding en de netwerkhandleiding openen c Als het scherm met de taal verschijnt, klikt u op de gewenste taal. Het hoofdmenu van de cd-rom wordt geopend. 1 1 Deze gebruikershandleiding bevat niet alle informatie over de machine, zoals het gebruik van de printer, de scanner, PC-Fax en het netwerk. Raadpleeg de Softwarehandleiding en de Netwerkhandleiding op de cd-rom voor gedetailleerde informatie hierover.
Hoofdstuk 1 Instructies voor het scannen opzoeken Er zijn verscheidene manieren waarop u documenten kunt scannen. U kunt de instructies als volgt vinden: 1 Documentatie bekijken (voor Macintosh®) a Zet uw Macintosh® aan. Plaats de Brother cd-rom in uw cd-rom-station. Het volgende venster wordt weergegeven. b Dubbelklik op het pictogram Documentation. c d Dubbelklik op uw taalmap.
Algemene informatie Instructies voor het scannen opzoeken Er zijn verscheidene manieren waarop u documenten kunt scannen. U kunt de instructies als volgt vinden: Softwarehandleiding Scannen (voor Mac OS® X 10.2.4 of recenter) ControlCenter2 (voor Mac OS® X 10.2.4 of recenter) 1 Brother-support oproepen (voor Windows®) 1 1 Alle nodig hulpbronnen, bijvoorbeeld websupport (Brother Solutions Center), staan tot uw beschikking. Klik op Brother-support in het hoofdmenu.
Hoofdstuk 1 Overzicht van het bedieningspaneel 11 1 10 12/10 11:53 Res:Standaar 1 1 2 6 2 Fax- en telefoontoetsen: Herkies/Pauze Met deze toets kunt u het laatst gekozen nummer opnieuw bellen. U kunt hem ook gebruiken voor het invoegen van een pauze wanneer u snelkiesnummers programmeert. Telefoon/Intern Deze toets wordt gebruikt voor een telefoongesprek nadat de hoorn van het externe telefoontoestel tijdens het dubbele belsignaal is opgepakt.
Algemene informatie 10 9 8 1 7 12/10 11:53 Fax Res:Standaard 4 Volumetoetsen 6 d c Wanneer de machine inactief is, kunt u het belvolume afstellen door op deze toetsen te drukken. d Druk hierop om terug door een menuoptie te bladeren. a of b Druk op deze toets om door de menu's en opties te bladeren. Wis/terug Druk op deze toets om tekens te verwijderen of om naar het vorige menuniveau terug te gaan. OK Hiermee kiest u een instelling.
2 Papier en documenten laden Papier en andere afdrukmedia laden a Als de papiersteunklep open is, sluit u deze en sluit u vervolgens de papiersteun. Trek de papierlade volledig uit de machine. c 2 2 Druk de papiergeleiders voor de breedte (1) en de papiergeleider voor de lengte (2) met beide handen voorzichtig in en stel deze geleiders af op het papierformaat.
Papier en documenten laden Opmerking e Wanneer u papier van Legal-formaat gebruikt, drukt u op de universele ontgrendeling (1) terwijl u de voorzijde van de papierlade naar buiten trekt. Plaats het papier voorzichtig in de papierlade met de afdrukzijde omlaag en de bovenste rand eerst. Controleer of het papier vlak in de lade ligt. 1 f d Blader de stapel papier goed door, om te voorkomen dat papier vastloopt of scheef wordt ingevoerd.
Hoofdstuk 2 g Sluit de uitvoerlade. Controleer of het papier vlak in de lade ligt en niet boven de markering voor de maximale invoercapaciteit (1) uitkomt. Enveloppen en briefkaarten laden 2 Informatie over enveloppen 2 Gebruik enveloppen met een gewicht van 80 tot 95 g/m2. 1 Voor sommige enveloppen is het nodig de marge in te stellen in de toepassing. Maak eerst een testafdruk voordat u veel enveloppen afdrukt. VOORZICHTIG h Duw de papierlade langzaam volledig in de machine.
Papier en documenten laden Enveloppen en briefkaarten laden a Druk de hoeken en zijkanten van de enveloppen of briefkaarten zo plat mogelijk alvorens deze te plaatsen. Opmerking Plaats de enveloppen of briefkaarten één voor één in de papierlade als er verschillende enveloppen of briefkaarten tegelijk naar binnen worden getrokken. 2 b Leg enveloppen of briefkaarten in de papierlade met de adreszijde naar beneden en de invoerkant eerst, zoals afgebeeld.
Hoofdstuk 2 Als u problemen heeft bij het afdrukken op enveloppen, volg dan de volgende suggesties op: a Zorg ervoor dat de omslag zich tijdens het afdrukken aan de zijkant of aan de achterkant van de envelop bevindt. b Stel de maat en marge in bij uw toepassing. 12 Kleine afdrukken uit de machine verwijderen 2 Wanneer de machine kleine stukjes papier uitwerpt in de uitvoerlade, kunt u deze misschien niet bereiken.
Papier en documenten laden Afdrukgebied 2 Hoe groot het afdrukgebied is, is afhankelijk van de instellingen binnen de door u gebruikte toepassing. De onderstaande afbeeldingen tonen de onbedrukbare gedeelten op losse vellen papier en enveloppen. De machine kan afdrukken in de grijze gedeelten op losse vellen papier wanneer de afdrukfunctie Zonder rand beschikbaar is en ingeschakeld is. (Zie Afdrukken voor Windows® of Afdrukken en faxen voor Macintosh® in de softwarehandleiding op de cd-rom.
Hoofdstuk 2 Acceptabel papier en andere afdrukmedia De afdrukkwaliteit kan worden beïnvloed door het soort papier dat u in de machine gebruikt. Om de beste afdrukkwaliteit te krijgen voor de instellingen die u heeft gekozen, moet u de papiersoort altijd instellen op het type papier dat u plaatst. U kunt normaal papier, inkjetpapier (gecoat papier), glanzend papier, transparanten en enveloppen gebruiken.
Papier en documenten laden Dubbelzijdig afdrukken is alleen mogelijk bij PC-printen. (Zie Afdrukken voor Windows® in de softwarehandleiding op de cd-rom.) 2 Onjuiste configuratie Gebruik de volgende soorten papier NIET: • papier dat beschadigd, gekruld of gekreukt is of een onregelmatige vorm heeft 1 1 1 2 mm of meer • hoogglanzend of erg gestructureerd papier • papier dat niet netjes kan worden gestapeld • breedlopend papier Papiercapaciteit van de uitvoerlade 2 Max.
Hoofdstuk 2 De juiste afdrukmedia kiezen 2 Type en formaat papier voor elke functie Papiersoort Losse vellen Kaarten Enveloppen Transparanten 16 Papierformaat 2 Gebruik Faxen Kopiëren Photo Capture Printer Letter 215,9 × 279,4 mm Ja Ja Ja Ja A4 210 × 297 mm Ja Ja Ja Ja Legal 215,9 × 355,6 mm Ja Ja – Ja Executive 184 × 267 mm – – – Ja JIS B5 182 × 257 mm – – – Ja A5 148 × 210 mm – Ja – Ja A6 105 × 148 mm – – – Ja Foto 10 × 15 cm – Ja Ja Ja Foto 2
Papier en documenten laden Gewicht, dikte en capaciteit papier Papiersoort 2 Gewicht Dikte Aantal vellen Normaal papier 64 tot 120 g/m2 0,08 tot 0,15 mm 150 1 Inkjetpapier 64 tot 200 g/m2 0,08 tot 0,25 mm 20 Glanzend papier Max. 220 g/m2 Max. 0,25 mm 20 2 Foto Kaart Max. 220 g/m2 Max. 0,25 mm 20 2 Indexkaart Max. 120 g/m2 Max. 0,15 mm 30 Briefkaart Max. 200 g/m2 Max. 0,25 mm 30 Enveloppen 75 tot 95 g/m2 Max. 0,52 mm 10 Transparanten – – 10 Losse vellen Kaarten 1 Max.
Hoofdstuk 2 Documenten laden Documenten laden VOORZICHTIG U kunt een fax verzenden, kopiëren en scannen vanuit de ADF (automatische documentinvoer) en vanaf de glasplaat. De ADF gebruiken Trek NIET aan het document terwijl het doorschuift. 2 De ADF heeft een capaciteit van maximaal 50 vellen en voert het papier vel voor vel in. Gebruik standaardpapier van het type 80 g/m2 en waaier de stapel altijd los alvorens het papier in de ADF te plaatsen.
Papier en documenten laden c d Documenten laden Plaats de documenten met de bedrukte zijde omhoog en de bovenrand eerst in de ADF totdat u voelt dat ze de papierrol raken. 2 Opmerking Als u de glasplaat wilt gebruiken, moet de ADF leeg zijn. a b Til het documentdeksel op. c Sluit het documentdeksel. Gebruik de documentgeleiders aan de linker- en bovenkant om het document met de bedrukte zijde omlaag in de linkerbovenhoek van de glasplaat te leggen.
Hoofdstuk 2 Scangebied 2 De grootte van het scangebied is afhankelijk van de instellingen in de door u gebruikte toepassing. Hieronder wordt aangegeven welke gedeelten u niet kunt scannen.
3 Algemene instellingen Energiebesparende stand 3 Ontkoppel de machine niet van de voeding zodat de afdrukkwaliteit wordt behouden, de levensduur van de printkop wordt verlengd en om zo min mogelijk inkt te gebruiken. 3 Druk op de toets Spaarstand. • Zelfs als u de machine in de energiebesparende stand heeft gezet, zal de machine de printkop toch regelmatig reinigen om de afdrukkwaliteit te handhaven.
Hoofdstuk 3 Aan/Uitinstellingen Ontvangst stand Beschikbare opdrachten Faxontv: Aan 1 Alleen Fax Fax ontvangen Ext. TEL/ ANT Fax waarnemen (fabrieksinst elling) Uitgestelde fax 3 Fax doorzenden 3 Fax opslaan 3 PC-Fax ontvangen 3 Tijdklokstand De machine heeft op het bedieningspaneel vier tijdelijke modustoetsen: Fax, Scan, Kopie en Photo Capture. U kunt de tijdsduur wijzigen waarna de machine, na de laatste scan-, kopieer- of PhotoCapture-bewerking, terugkeert naar de faxmodus.
Algemene instellingen Papierinstellingen Papiersoort 3 3 Voor de beste afdrukkwaliteit dient u de machine in te stellen op het type papier dat u gebruikt. a b Druk op Menu, 1, 2. c Druk op Stop/Eindigen. c 3 3 U kunt het volume ook via het menu aanpassen door de onderstaande instructies te volgen: Het papier wordt met de bedrukte zijde naar boven op de uitvoerlade aan de voorkant van de machine uitgeworpen.
Hoofdstuk 3 Luidsprekervolume 3 U kunt kiezen uit een serie volumeniveaus voor de luidspreker, van Hoog tot Uit. a b Druk op Menu, 1, 4, 3. c Druk op Stop/Eindigen. LCD-contrast a b Druk op Menu, 1, 5. c Druk op Stop/Eindigen. 24 3 Druk op Menu, 1, 7. Druk op a of b om Licht of Donker te kiezen. Druk op OK. 3 U kunt de machine zo instellen dat de zomer/wintertijd automatisch wordt gewijzigd. De machine zal in de lente automatisch een uur vooruit worden gezet en één uur terug in de herfst.
4 Beveiligingsfuncties Verzendslot Met het verzendslot voorkomt u ongeautoriseerde toegang tot het gebruik van de machine.
Hoofdstuk 4 Verzendslot in-/uitschakelen Het verzendslot inschakelen a b Druk op Menu, 2, 0, 1. c Voer het geregistreerde wachtwoord van 4 cijfers in. Druk op OK. De machine gaat offline en op het LCD-scherm wordt Verzendslot Mode weergegeven. Druk op Menu. Voer het geregistreerde wachtwoord van 4 cijfers in. Druk op OK. Het verzendslot wordt automatisch uitgeschakeld. Opmerking Als u het verkeerde wachtwoord invoert, wordt op het LCD-scherm Fout wachtwoord weergegeven en blijft de machine offline.
Paragraaf II Fax Een fax verzenden Een fax ontvangen Telefoontoestellen en externe apparaten Nummers kiezen en opslaan Opties voor afstandsbediening (Alleen monochroom) Rapporten afdrukken Pollen II 28 35 40 47 52 59 61
5 Een fax verzenden Faxmodus activeren Druk op activeren. 5 (Fax) om de faxmodus te Faxen via de ADF verzenden a Zorg dat de faxmodus actief is b Plaats het document met de bedrukte zijde naar boven in de ADF. (Zie De ADF gebruiken op pagina 18.) a Zorg dat de faxmodus actief is b c Leg uw document op de glasplaat. d Druk op Mono Start of Kleur Start. 5 . c Voer het faxnummer in met de kiestoetsen, een ééntoetsnummer, een snelkiesnummer of via Zoeken.
Een fax verzenden Documenten van Letterformaat via de glasplaat faxen 5 Wanneer documenten van het formaat Letter zijn, moet u het scanformaat op Letter instellen. Wanneer u dit niet doet, ontbreken de zijkanten van de fax. a Zorg dat de faxmodus actief is b c Druk op Menu, 2, 2, 0. d Rondsturen (alleen monochroom) 5 Met de functie Rondsturen kunt u één faxbericht automatisch naar meerdere faxnummers verzenden. Dit wordt ook wel 'groepsverzenden' genoemd.
Hoofdstuk 5 Aanvullende verzendopties Opmerking • Als u geen gebruik gemaakt hebt van de nummers voor groepen, kunt u faxen naar maximaal 156 verschillende nummers verzenden. Faxen met meer instellingen verzenden • Hoeveel geheugen er beschikbaar is, hangt af van het type taken die in het geheugen zijn opgeslagen en van het aantal nummers waarnaar u de fax verzendt. Als u de fax naar het maximale aantal nummers probeert te verzenden, kunt u geen gebruik maken van de tweevoudige werking.
Een fax verzenden Contrast 5 Als uw document erg licht of erg donker is, wilt u het contrast wellicht wijzigen. Voor de meeste documenten kan de standaardinstelling Auto worden gebruikt. Hiermee wordt automatisch het geschikte contrast voor uw document geselecteerd. Gebruik Licht wanneer u een licht document verzendt. Zorg dat de faxmodus actief is b c d Laad uw document. a Zorg dat de faxmodus actief is b c Druk op Menu, 2, 2, 2.
Hoofdstuk 5 Tweevoudige werking (alleen monochroom) Alle faxen direct verzenden 5 U kunt een nummer kiezen en de fax in het geheugen inlezen––zelfs wanneer de machine een fax vanuit het geheugen verzendt, faxen ontvangt of gegevens vanuit de pc afdrukt. Het LCD-scherm toont het nieuwe taaknummer en het beschikbare geheugen. 5 Als u een fax gaat verzenden, zal de machine de documenten eerst in het geheugen scannen alvorens deze te verzenden.
Een fax verzenden Uitgesteld faxen (alleen monochroom) 5 U kunt in de loop van de dag tot maximaal 50 faxen in het geheugen opslaan die binnen 24 uur moeten worden verzonden. Deze faxen worden verzonden op het tijdstip dat u instelt in stap d. Uitgestelde groepsverzending (alleen monochroom) Voordat u de uitgestelde faxen verzendt, kunt u alle faxen in het geheugen sorteren op bestemming en geplande tijd.
Hoofdstuk 5 Een fax handmatig verzenden Melding geheugen vol Bij handmatige verzending van een fax hoort u de kiestoon, de beltonen en de faxontvangsttonen. Als u tijdens het scannen van de eerste pagina van een fax de melding Geheugen vol ziet, drukt u op Stop/Eindigen om de fax te annuleren. 5 a Zorg dat de faxmodus actief is b c Laad uw document. d e Kies het faxnummer dat u wilt bellen. . Neem de hoorn van een extern telefoontoestel op en luister of u een kiestoon hoort.
6 Een fax ontvangen 6 Ontvangststanden 6 De juiste ontvangststand kiezen 6 Standaard ontvangt uw machine automatisch alle faxen die ernaartoe verzonden worden. Met behulp van onderstaande afbeelding kunt u de juiste stand kiezen. Zie Ontvangststanden gebruiken op pagina 36 en Instellingen ontvangststand op pagina 37 voor meer informatie over de ontvangststanden.
Hoofdstuk 6 Ontvangststanden gebruiken Handmatig 6 Sommige ontvangststanden antwoorden automatisch (Alleen Fax en Fax/Telefoon). Misschien wilt u de belvertraging wijzigen alvorens deze standen te gebruiken. (Zie Belvertraging op pagina 37.) Alleen Fax 6 In de stand Alleen fax wordt elke oproep automatisch beantwoord. Als de oproep een fax is, ontvangt uw machine deze fax.
Een fax ontvangen Instellingen ontvangststand Belvertraging De functie Belvertraging bepaalt hoe vaak de machine in de stand Alleen Fax of Fax/Telefoon overgaat voordat de oproep wordt beantwoord. Als u externe of tweede toestellen op dezelfde lijn als de machine gebruikt, kiest u het maximum aantal belsignalen. (Zie Werken met een tweede toestel op pagina 45 en Fax waarnemen op pagina 38.) a b c Druk op Menu, 2, 1, 1.
Hoofdstuk 6 Fax waarnemen Als Fax waarnemen is ingesteld op Aan: 6 6 De machine ontvangt faxberichten automatisch, ook al neemt u het telefoontje aan. Zodra op het LCD-scherm Ontvangst wordt weergegeven of wanneer u 'tjirpende' geluiden hoort via de hoorn die u gebruikt, legt u gewoon de hoorn op de haak. Uw machine doet de rest.
Een fax ontvangen Een fax afdrukken vanuit het geheugen 6 Als u Fax opslaan heeft gekozen, kunt u een fax toch vanuit het geheugen afdrukken wanneer u zich bij de machine bevindt. (Zie Opties voor afstandsbediening (Alleen monochroom) op pagina 52.) a Druk op Menu, 2, 4, 3. Afstandsopties 3.Print document b c Druk op Mono Start. Druk op Stop/Eindigen. 6 Opmerking Wanneer u een fax vanuit het geheugen afdrukt, worden de faxgegevens gewist.
7 Telefoontoestellen en externe apparaten Werking als telefoon Toon of puls 7 7 Als een externe telefoon hebt en een pulsservice heeft, maar toonsignalen moet verzenden (bijvoorbeeld voor telebankieren), gaat u als volgt te werk: a Neem de hoorn van het externe toestel op. b Druk op # op het bedieningspaneel van uw machine. Alle cijfers die hierna worden gekozen, worden verzonden als toonsignalen. Wanneer u de hoorn op de haak legt, keert de machine terug naar de pulsservice.
Telefoontoestellen en externe apparaten Telefoondiensten Het type telefoonlijn instellen 7 7 Als u de machine aansluit op een lijn met PBX of ISDN voor het verzenden en ontvangen van faxen, moet u het type telefoonlijn dienovereenkomstig wijzigen aan de hand van de volgende stappen. a Druk op Menu, 0, 6. Stand.instel. 6.Tel lijn inst b Druk op a of b om PBX, ISDN (of Normaal) te kiezen. Druk op OK. c Druk op Stop/Eindigen.
Hoofdstuk 7 Nummerweergave (Beller ID) Met de functie Beller ID kunt u gebruikmaken van de dienst Nummerweergave die door vele plaatselijke telefoonbedrijven wordt aangeboden. Neem voor meer informatie contact op met uw telefoonbedrijf. Bij gebruik van deze dienst ziet u het telefoonnummer of, indien beschikbaar, de naam van de beller. Na enkele belsignalen wordt op het LCDscherm het telefoonnummer (en eventueel de naam) van uw beller weergegeven.
Telefoontoestellen en externe apparaten Het overzicht van nummerweergave afdrukken a b Druk op Menu, 2, 0, 3. c d Druk op Mono Start of Kleur Start. Druk op a of b om Print rapport te kiezen. Druk op OK. Als geen nummerweergave is opgeslagen, klinkt er een waarschuwingstoon en wordt Geen Beller ID op het LCD-scherm weergegeven. Druk na het afdrukken op Stop/Eindigen. 7 Extern antwoordapparaat aansluiten 7 U wilt misschien een extern antwoordapparaat aansluiten.
Hoofdstuk 7 Opmerking Onjuiste configuratie U mag geen antwoordapparaat op een andere plaats op dezelfde telefoonlijn aansluiten. Aansluitingen 7 Het externe antwoordapparaat moet zijn aangesloten zoals aangegeven in de vorige afbeelding. a Neem het uitgaande bericht op uw externe antwoordapparaat op. c d Activeer het antwoordapparaat. Wij raden u aan contact op te nemen met het bedrijf dat uw PBX geïnstalleerd heeft om uw machine aan te sluiten.
Telefoontoestellen en externe apparaten Externe en tweede toestellen Als u een telefoontje aanneemt en er is niemand aan de lijn: 7 Een extern of tweede toestel aansluiten 7 U kunt een aparte telefoon aansluiten, zoals in de volgende afbeelding. Waarschijnlijk gaat het om het ontvangen van een handmatige fax. Druk op l 5 1 en wacht tot u het tjirpende geluid hoort of totdat het LCD-scherm Ontvangst weergeeft, pas dan mag u ophangen.
Hoofdstuk 7 Codes voor afstandsbediening gebruiken Code voor activeren op afstand De codes voor afstandsbediening wijzigen 7 Als u een faxoproep op een tweede toestel toestel aanneemt, kunt u de oproep doorverbinden naar de machine door het intoetsen van de code voor activeren op afstand l 5 1. Wacht op de tjirpende geluiden en leg vervolgens de hoorn op de haak. (Zie Fax waarnemen op pagina 38.) Als u activeren op afstand wilt gebruiken, moet u de vereiste codes inschakelen.
8 Nummers kiezen en opslaan Nummers kiezen Handmatig kiezen 8 8 Snelkiesnummers kiezen 8 a Druk op b Druk op a of b om Zoeken te kiezen. Druk op OK. c Druk op # (hekje), en voer dan het snelkiesnummer van twee cijfers in via de kiestoetsen. 8 (Telefoonboek). Toets alle cijfers van het fax- of telefoonnummer in. Eéntoetsnummers kiezen De machine heeft drie toetsen waaronder u zes fax- of telefoonnummers kunt opslaan voor automatisch kiezen. Deze nummers worden ééntoetsnummers genoemd.
Hoofdstuk 8 Faxnummer opnieuw kiezen 8 Als u handmatig een fax verzendt en de lijn bezet is, drukt u op Herkies/Pauze en vervolgens op Mono Start of Kleur Start om het opnieuw te proberen. Als u het laatste gekozen nummers nogmaals wilt bellen, kunt u dit snel doen door op Herkies/Pauze en Mono Start of Kleur Start te drukken. Eéntoetsnummers opslaan De machine heeft drie toetsen waaronder u zes fax- of telefoonnummers kunt opslaan voor automatisch kiezen. Deze nummers worden ééntoetsnummers genoemd.
Nummers kiezen en opslaan Snelkiesnummers opslaan U kunt maximaal 100 snelkieslocaties van 2 cijfers met een naam opslaan. Voor het kiezen van een nummer hoeft u dan slechts een paar toetsen in te drukken (bijvoorbeeld: (Telefoonboek), OK, #, het tweecijferige nummer en Mono Start of Kleur Start). a b Druk op c Voer via de kiestoetsen het locatienummer van het snelkiesnummer van twee cijfers in (00-99). Druk op OK. d e (Telefoonboek). Druk op a of b om Snelkies inst. te kiezen. Druk op OK.
Hoofdstuk 8 Groepen voor rondsturen instellen e 8 Met behulp van groepen, die in een ééntoetsnummer of snelkieslocatie kunnen worden opgeslagen, kunt u hetzelfde faxbericht naar veel verschillende faxnummers verzenden door een ééntoetsnummer of een snelkiesnummer in te voeren en op Mono Start te drukken. Eerst moet u elk faxnummer opslaan in een ééntoetsnummer of snelkieslocatie. Vervolgens kunt u deze als nummers in de groep opnemen. Elke groep heeft een eigen ééntoets- of snelkieslocatie.
Nummers kiezen en opslaan Snelkiesnummers combineren 8 U kunt meerdere snelkiesnummers combineren om een nummer te kiezen. Dit is bijvoorbeeld handig als u een toegangscode moet opgeven om een interlokaal gesprek tegen een goedkoper tarief te voeren. Stel bijvoorbeeld dat u ‘555 ’ hebt opgeslagen onder snelkiesnummer 03, en ‘7000 ’ onder snelkiesnummer 02.
9 Opties voor afstandsbediening (Alleen monochroom) U kunt slechts één optie voor afstandsbediening tegelijk gebruiken: Fax doorzenden Fax opslaan PC-Fax ontvangen Uit U kunt uw keuze op elk gewenst moment wijzigen. Als er nog ontvangen faxen in het geheugen van de machine opgeslagen zijn wanneer u tussen opties voor afstandsbediening schakelt, verschijnt er een bericht op het LCD-scherm. (Zie Opties voor afstandsbediening wijzigen op pagina 55.
Opties voor afstandsbediening (Alleen monochroom) Fax opslaan 9 PC-Fax ontvangen 9 Wanneer u Fax Opslaan kiest, wordt de ontvangen fax in het geheugen van de machine opgeslagen. U kunt faxberichten vanaf een andere locatie ophalen met de opdrachten voor afstandsbediening. Als u de functie PC-Fax ontvangen inschakelt, worden ontvangen faxen in het geheugen opgeslagen en automatisch naar uw pc gestuurd. Vervolgens kunt u deze faxen op uw pc bekijken en opslaan.
Hoofdstuk 9 Opties voor afstandsbediening uitschakelen Opmerking • PC-Fax ontvangen wordt niet ondersteund door Mac OS®. • Voordat u PC-Fax ontvangen kunt instellen, moet u de software MFL-Pro Suite op uw pc installeren. Zorg ervoor dat de pc is aangesloten en is ingeschakeld. (Zie PC-FAX ontvangen in de softwarehandleiding op de cd-rom voor meer informatie.) a Afstandsopties 1.
Opties voor afstandsbediening (Alleen monochroom) Opties voor afstandsbediening wijzigen Als er zich nog ontvangen faxen in het geheugen van de machine bevinden wanneer u de opties voor afstandsbediening wijzigt, verschijnt een van de volgende vragen op het LCD-scherm: Wis alle faxen ? 1.Ja 2.Nee Tot. print fax? 1.Ja 2.Nee Als er nog ontvangen faxen in het geheugen staan wanneer u overschakelt op PC-Fax ontv. vanuit een andere optie [Fax Doorzenden of Fax Opslaan], drukt u op a of b om de pc te selecteren.
Hoofdstuk 9 Uw code voor toegang op afstand gebruiken a Kies uw faxnummer op een telefoontoestel met druktoetsen of een ander faxapparaat. b Voer uw code voor toegang op afstand (3 cijfers gevolgd door l) direct in zodra uw machine antwoordt. c De machine geeft aan of er berichten zijn ontvangen: 9 1 lange pieptoon — faxberichten Geen pieptonen — geen berichten d Voer een opdracht in wanneer de machine twee korte pieptonen geeft.
Opties voor afstandsbediening (Alleen monochroom) Opdrachten voor afstandsbediening 9 Gebruik de volgende opdrachten om toegang te krijgen tot functies op de machine als u zich op een andere locatie bevindt. Wanneer u uw machine belt en vervolgens uw code voor toegang op afstand invoert (3 cijfers gevolgd door l), geeft het systeem twee korte pieptonen en moet u een opdracht voor afstandsbediening invoeren.
Hoofdstuk 9 Faxberichten ophalen U kunt uw machine bellen vanaf elke telefoon met druktoetsen en uw faxberichten naar een ander faxapparaat laten sturen. U moet Fax opslaan inschakelen voordat u deze functie kunt gebruiken. a b Kies uw faxnummer. c d 9 Het nummer voor Fax doorzenden wijzigen U kunt de standaardinstelling van het nummer voor Fax doorzenden wijzigen vanaf een andere telefoon met druktoetsen of een ander faxapparaat. a b Kies uw faxnummer.
10 Rapporten afdrukken Faxrapporten 10 U dient het verzendrapport en de journaaltijd in te stellen met de toets Menu. Verzendrapport 10 U kunt het verzendrapport gebruiken als bewijs dat u een fax heeft verzonden. In dit rapport staan de datum en de tijd waarop het bericht werd verzonden, en wordt tevens aangegeven of de transmissie geslaagd was (OK). Als u Aan of Aan+Beeld kiest, wordt dit rapport afgedrukt voor elke fax die u verzendt.
Hoofdstuk 10 Rapporten 10 De volgende rapporten zijn beschikbaar: 1.Verzendrapport Drukt een verzendrapport af van uw laatste transmissie. 2.Help Een helplijst waarin wordt aangegeven hoe u de machine kunt programmeren. 3.Kieslijst Een lijst met namen en nummers die zijn opgeslagen in het geheugen voor ééntoetsen snelkiesnummers, in numerieke volgorde. 4.Fax Journaal In deze lijst staat informatie over de laatste ontvangen en verzonden faxen. (TX: verzenden.) (RX: ontvangen.) 5.
11 Pollen 11 Pollen - overzicht 11 Met de functie voor pollen kunt u de machine zo instellen dat andere mensen faxen van u kunnen ontvangen, maar hiervoor zelf de telefoonkosten moeten betalen. Omgekeerd kunt u hiermee ook het faxapparaat van iemand anders bellen en een fax van dit apparaat ontvangen terwijl u de kosten betaalt. Dit werkt alleen als de pollingfunctie op beide machines is ingesteld. Pollen wordt niet door alle faxapparaten ondersteund.
Hoofdstuk 11 Uitgestelde ontvang pollen instellen 11 Opeenvolgend pollen (alleen monochroom) 11 Met uitgestelde polling kunt u de machine instellen om op een later tijdstip te beginnen met pollen. U kunt slechts één uitgestelde pollingbewerking instellen. U kunt ook in één bewerking documenten van verschillende faxapparaten opvragen. a Zorg dat de faxmodus actief is a Zorg dat de faxmodus actief is b Druk op Menu, 2, 1, 6. b Druk op Menu, 2, 1, 6. . Ontvangstmenu 6.
Pollen Verzend pollen (alleen monochroom) Verzend pollen met beveiligingscode instellen U kunt de pollingprocedure beveiligen om te beperken wie de documenten waarvoor u polling heeft ingesteld, kunnen ontvangen. Met verzend pollen kunt u instellen dat uw machine wacht met de verzending van een document totdat een ander faxapparaat belt om het document op te halen. Pollen met beveiliging werkt alleen met faxapparaten van Brother.
Hoofdstuk 11 64
Paragraaf III Kopiëren Kopiëren III 66
12 Kopiëren Kopiëren Kopieermodus activeren 12 12 Eén kopie maken 12 a 12 Zorg dat de kopieermodus actief is . Druk op (Kopie) om de kopieermodus te activeren. De standaardinstelling is Fax. U kunt het aantal seconden of minuten dat de machine in de kopieermodus staat, wijzigen. (Zie Tijdklokstand op pagina 22.) b Laad uw document. (Zie Documenten laden op pagina 18.) c Druk op Mono Start of Kleur Start. Meerdere kopieën maken 12 U kunt per afdruktaak maximaal 99 kopieën maken.
Kopiëren Kopieertoetsen Als u de kopieerinstellingen tijdelijk voor de volgende kopie wilt wijzigen, gebruikt u de kopieertoetsen. De machine keert 1 minuut na het kopiëren terug naar de standaardinstelling, of als de tijdklokstand ervoor zorgt dat de machine terugkeert naar de faxmodus. Zie Tijdklokstand op pagina 22 voor meer informatie. 12 Kopieersnelheid en -kwaliteit wijzigen 12 U kunt kiezen uit een reeks kwaliteitsinstellingen. De standaardinstelling is Normaal.
Hoofdstuk 12 Volg onderstaande instructies om de standaardinstelling te wijzigen: Om de volgende kopie te vergroten of te verkleinen volgt u onderstaande instructies: a a Druk op Menu, 3, 1. Kopie 1.Kwaliteit b c . Druk op a of b om Normaal, Fijn of Snel te kiezen. Druk op OK. Druk op Stop/Eindigen. De gekopieerde afbeelding vergroten of verkleinen b c Laad uw document. d e Druk op Vergroot/Verklein. Druk op a of b om Custom(25-400%) te kiezen. Druk op OK.
Kopiëren Kopieeropties 12 Druk op Menuselectie Opties Pagina Druk op Papiersoort 72 Normaal Papier Inkjet papier Met de kopieerfunctie N op 1 kunt u twee of vier pagina's op één pagina afdrukken. Dit is handig om papier te besparen. A5 10(B) x 15(H)cm Belangrijk Glossy anders Transparanten Papierformaat A4 72 Stel het papierformaat in op Letter of A4.
Hoofdstuk 12 f g Druk op Mono Start of Kleur Start om het document te scannen. Als u het document in de ADF heeft geplaatst of een poster aan het maken bent, scant de machine de pagina's en start met printen. Als u de glasplaat gebruikt, gaat u naar stap g. Nadat de machine de pagina gescand heeft, drukt u op 1 om de volgende pagina te scannen. Volgende Pagina? 1.Ja 2.Nee h Leg de volgende pagina op de glasplaat. Druk op OK. Herhaal g en h voor elke pagina van de lay-out.
Kopiëren d Druk op Opties en druk vervolgens op a of b om Stapel/Sorteer te kiezen. Druk op OK. e Druk op a of b om Sorteren te kiezen. Druk op OK. f Druk op Mono Start of Kleur Start. Opmerking Volg onderstaande instructies om de standaardinstelling te wijzigen: a b Druk op Menu, 3, 2. c Druk op Stop/Eindigen. Druk op a of b om een lichtere of donkerder kopie te maken. Druk op OK. • Sorteren is niet beschikbaar bij Pagina layout-opties.
Hoofdstuk 12 Papieropties Papiersoort Als u op speciaal papier kopieert, stel dan de machine in op het type papier dat u gebruikt om de beste afdrukkwaliteit te verkrijgen. a b c Laad uw document. d Druk op Opties en druk vervolgens op a of b om Papiersoort te kiezen. Druk op OK. f Voer het aantal kopieën in met de kiestoetsen (maximaal 99). Druk op a of b om de papiersoort te kiezen die u gebruikt Normaal Papier, Inkjet papier, Brother BP71, Glossy anders of Transparanten. Druk op OK.
Paragraaf IV Direct foto's printen Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Foto's afdrukken vanaf een camera 74 85 IV
13 Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Werken met PhotoCapture Center™ Een geheugenkaart of een USB-flashstation gebruiken 13 Ook wanneer de machine niet is aangesloten op uw computer, kunt u foto's rechtstreeks vanaf digitale cameramedia of een USB-flashstation afdrukken. (Zie Afdrukken vanaf een geheugenkaart of een USB-flashstation op pagina 77.) U heeft vanaf uw computer toegang tot een geheugenkaart of USB-flashstation dat in de voorkant van de machine is gestoken.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Mapstructuur van geheugenkaarten of een USB-flashstation Let op het volgende: 13 Uw machine is ontworpen om compatibel te zijn met beeldbestanden van moderne digitale camera's, geheugenkaarten en USB-flashstations; lees echter onderstaande punten om fouten te vermijden: De extensie van het beeldbestand moet .JPG zijn. (Andere extensies voor beeldbestanden, zoals .JPEG, .TIF, .GIF etc., worden niet herkend.
Hoofdstuk 13 Aan de slag Indicaties van de toets Photo Capture 13 Steek de kaart of het USB-flashstation correct in de juiste sleuf. Photo Capture-licht is aan: de geheugenkaart of het USB-flashstation is correct geplaatst.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Afdrukken vanaf een geheugenkaart of een USB-flashstation Index afdrukken (miniaturen) 13 13 Het PhotoCapture Center™ wijst aan de afbeeldingen nummers toe (bijvoorbeeld nr.1, nr. 2, nr. 3 enz.). Voordat u een foto afdrukt, drukt u eerst de miniaturen af om het nummer van de foto die u wilt afdrukken te kiezen.
Hoofdstuk 13 d e f d Druk op a of b om de papiersoort die u gebruikt te kiezen, Normaal Papier, Inkjet papier, Brother BP71 of Glossy anders. Druk op OK. Druk op a of b om het papierformaat dat u gebruikt te kiezen, Letter of A4. Druk op OK. Druk op Kleur Start om te beginnen met afdrukken. Afbeeldingen afdrukken 13 U dient eerst het nummer van een beeld te weten, pas dan kunt u het afdrukken. a Controleer of u de geheugenkaart of het USB-flashstation in de juiste sleuf heeft geplaatst.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation h i Druk op a of b om het afdrukformaat te kiezen 8x10cm, 9x13cm, 10x15cm, 13x18cm, 15x20cm of Max. afmetingen. Druk op OK. Ga op een van de volgende manieren te werk: Ga naar j om het aantal kopieën te kiezen. Als u klaar bent met het kiezen van instellingen, drukt u op Kleur Start. j Toets in hoeveel kopieën u wilt maken. Druk op OK. k Druk op Kleur Start om te beginnen met afdrukken.
Hoofdstuk 13 f Druk op a of b om het papierformaat dat u gebruikt te kiezen, Letter, A4, 10x15cm of 13x18cm. Druk op OK. Als Letter of A4 gekozen hebt, gaat u naar g. Als u een ander formaat gekozen hebt, gaat u naar h. g h Druk op a of b om het afdrukformaat te kiezen 8x10cm, 9x13cm, 10x15cm, 13x18cm, 15x20cm of Max. afmetingen. Druk op OK. Druk op Kleur Start om te beginnen met afdrukken.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Papier en papierformaat a b c 13 Druk op Menu, 4, 3. Druk op a of b om het papierformaat dat u gebruikt te kiezen, Letter, A4, 10x15cm of 13x18cm. Druk op OK. Als u Letter of A4 gekozen hebt, drukt u op a of b om het afdrukformaat dat u gebruikt te kiezen, 8x10cm, 9x13cm, 10x15cm, 13x18cm , 15x20cm of Max. afmetingen. Druk op OK. Kleurverbetering instellen U kunt de functie voor kleurverbetering inschakelen om afdrukken levendiger te maken.
Hoofdstuk 13 Bijsnijden 13 Wanneer uw foto te lang of te breed is voor de ruimte die u heeft geselecteerd, wordt er automatisch een gedeelte van de afbeelding afgesneden. De standaardinstelling is Aan. Wanneer u de hele afbeelding wilt afdrukken, zet u deze instelling op Uit. Als u ook de instelling Zonder rand gebruikt, zet u deze op Uit. (Zie Afdrukken zonder rand op pagina 82.) a b Druk op Menu, 4, 5. c Druk op Stop/Eindigen. Bijsnijd(crop): Uit a b Druk op Menu, 4, 6.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Scannen naar een geheugenkaart of USB-flashstation 13 U kunt monochrome documenten en documenten in kleur naar een geheugenkaart of een USB-flashstation scannen. Monochrome documenten worden opgeslagen in de bestandsformaten PDF (*.PDF) of TIFF (*.TIF). Documenten in kleur kunnen in de bestandsformaten PDF (*.PDF) of JPEG (*.JPG) worden opgeslagen. De standaardinstelling is 150 dpi 16kl en de standaard bestandsindeling is PDF.
Hoofdstuk 13 Druk op Menu, 4, 0, 1. Uitleg bij de foutmeldingen Druk op a of b om 200x100 dpi Z&W, 200 dpi Z&W, 150 dpi 16kl, 300 dpi 16kl of 600 dpi 16kl te kiezen. Druk op OK. Als u eenmaal vertrouwd bent met de verschillende soorten fouten die kunnen optreden wanneer u met PhotoCapture Center™ werkt, kunt u problemen gemakkelijk identificeren en verhelpen.
14 Foto's afdrukken vanaf een camera Foto's direct afdrukken vanaf een PictBridgecamera 14 Uw digitale camera instellen 14 14 Controleer of uw camera zich in PictBridgemodus bevindt. De volgende PictBridgeinstellingen zijn mogelijk beschikbaar via het LCD-scherm van uw PictBridge-compatibele camera. Afhankelijk van uw camera zijn bepaalde instellingen wellicht niet beschikbaar. Uw Brother-machine ondersteunt de PictBridge-standaard.
Hoofdstuk 14 Instellingen Opties Papierformaat 10×15cm Papiersoort Glanzend papier Layout Zonder rand: Aan Afdrukkwaliteit Fijn Datum afdrukken Uit Deze instellingen worden ook gebruikt als er geen menuopties beschikbaar zijn op uw camera. Foto's afdrukken 14 Opmerking Verwijder geheugenkaarten of een USB-flashstation uit de machine voordat u een digitale camera aansluit. a De naam en de beschikbaarheid van elke instelling zijn afhankelijk van de specificatie van de camera.
Foto's afdrukken vanaf een camera Afdrukken in DPOF-formaat 14 DPOF betekent Digital Print Order Format. Vooraanstaande producenten van digitale camera's (Canon Inc., Eastman Kodak Company, Fuji Photo Film Co. Ltd., Matsushita Electric Industrial Co. Ltd. en Sony Corporation) hebben deze standaard ontwikkeld om het afdrukken van beelden vanaf een digitale camera te vereenvoudigen.
Hoofdstuk 14 Foto's afdrukken 14 Opmerking Verwijder geheugenkaarten of een USB-flashstation uit de machine voordat u een digitale camera aansluit. a Zorg dat uw camera uitstaat. Sluit uw camera aan op de USB Direct-interface (1) op de machine door middel van de USB-kabel. Uitleg bij de foutmeldingen 14 Als u eenmaal vertrouwd bent met de verschillende soorten fouten die kunnen optreden wanneer u vanaf een camera afdrukt, kunt u problemen gemakkelijk identificeren en verhelpen.
Paragraaf V Software Software- en netwerkfuncties V 90
15 Software- en netwerkfuncties De cd-rom bevat de softwarehandleiding voor de functies die beschikbaar zijn bij aansluiting op een computer (bijvoorbeeld afdrukken en scannen). Deze handleiding bevat eenvoudig te gebruiken koppelingen, die u rechtstreeks naar een bepaalde sectie leiden als u erop klikt. U kunt informatie vinden over de volgende functies: Afdrukken Scannen c 15 Klik op de titel die u wilt bekijken in de lijst links van het venster.
Paragraaf VI Appendices Veiligheid en wetgeving Problemen oplossen en routineonderhoud Menu en functies Specificaties Verklarende woordenlijst VI 92 102 130 143 157
A Veiligheid en wetgeving Een geschikte plaats kiezen Zet de machine op een plat, stabiel oppervlak, bijvoorbeeld een bureau. Kies een trillingvrije plaats. Plaats de machine in de buurt van een telefoonaansluiting en een standaard geaard stopcontact. Kies een plaats waar de temperatuur tussen de 10° C en 35° C blijft. WAARSCHUWING Plaats de machine NIET in de buurt van verwarmingstoestellen, airconditioners, koelkasten, medische apparatuur, chemicaliën of water.
Veiligheid en wetgeving Veilig gebruik van de machine A A Bewaar deze voorschriften a.u.b., zodat u ze later kunt naslaan. Lees ze altijd voordat u onderhoud wilt verrichten. WAARSCHUWING Binnen in de machine bevinden zich hoogspanningselektroden. Controleer voordat u de binnenkant van de machine reinigt of u het telefoonsnoer eerst heeft ontkoppeld en daarna het voedingssnoer uit het stopcontact heeft verwijderd. Zo kunt u een elektrische schok voorkomen. Raak de stekker NOOIT met natte handen aan.
Plaats uw handen NOOIT op de rand van de papierlade onder het deksel van de lade. Hierdoor kunt u verwondingen oplopen. Raak de grijze zone in de onderstaande afbeelding NIET aan. Hierdoor kunt u verwondingen oplopen.
Veiligheid en wetgeving Wanneer u de machine verplaatst moet u deze van de basis optillen, door een hand aan iedere kant van het toestel te plaatsen (zie afbeelding). Draag de machine NOOIT door het scannerdeksel of de klep ter verwijdering van vastgelopen papier vast te houden. Gebruik GEEN ontvlambare stoffen, spray, vloeibare reinigingsmiddelen of aerosols om de binnenkant of de buitenkant van de machine schoon te maken. Dit kan brand veroorzaken of u kunt hierdoor een elektrische schok krijgen.
Ga bij het installeren of wijzigen van telefoonlijnen voorzichtig te werk. Raak niet-geïsoleerde telefoondraden of aansluitingen nooit aan, tenzij de telefoonlijn uit het stopcontact is getrokken. Installeer telefoonbedrading nooit tijdens onweer. Installeer een stopcontact voor een telefoon nooit op een vochtige plaats. Installeer dit product in de nabijheid van een goed bereikbaar stopcontact. In geval van nood moet u de stekker uit het stopcontact halen om de stroom volledig uit te schakelen.
Veiligheid en wetgeving Belangrijke veiligheidsinstructies A A 1 Lees alle instructies door. 2 Bewaar ze, zodat u ze later nog kunt naslaan. 3 Volg alle waarschuwingen en instructies die op het product worden aangegeven. 4 Gebruik dit product NIET in de buurt van water. 5 Zet dit product NIET op een onstabiele ondergrond, stelling of tafel. Het apparaat kan dan namelijk vallen en ernstig beschadigd raken. 6 Gleuven en openingen in de behuizing en de achter- of onderkant zijn voor de ventilatie.
BELANGRIJK - Voor uw eigen veiligheid A Voor een veilige werking moet de meegeleverde geaarde stekker in een normaal geaard stopcontact worden gestoken dat via het huishoudelijk net geaard is. Het feit dat dit apparaat naar tevredenheid werkt, betekent niet per se dat de voeding geaard is en dat de installatie volkomen veilig is. Het is voor uw veiligheid van belang dat u in geval van twijfel omtrent de aarding een bevoegd elektricien raadpleegt. Waarschuwing: deze machine moet worden geaard.
Veiligheid en wetgeving EU-richtlijn 2002/96/EG en EN50419 A A Alleen voor de Europese Gemeenschap Dit apparaat is gemarkeerd met het bovenstaande recyclingsymbool. Het betekent dat u het apparaat, aan het eind van zijn levensduur, apart moet aanleveren bij een daarvoor bestemd verzamelpunt en niet bij het gewone huishoudelijke afval mag plaatsen. Dit zal het leefmilieu voor ons allemaal ten goede komen.
Wettelijke beperkingen voor kopiëren Het maken van reproducties van bepaalde artikelen of documenten met frauduleuze bedoelingen is een strafbaar feit. Deze aantekening is meer bedoeld als richtlijn dan als een volledige opsomming van elk mogelijk verbod. Daar waar twijfel bestaat, raden wij u aan de betreffende instanties in uw eigen land te raadplegen met betrekking tot de wettigheid van documenten waar twijfel over bestaat.
Veiligheid en wetgeving Handelsmerken A A Het Brother-logo is een wettig gedeponeerd handelsmerk van Brother Industries, Ltd. Brother is een wettig gedeponeerd handelsmerk van Brother Industries, Ltd. Multi-Function Link is een wettig gedeponeerd handelsmerk van Brother International Corporation. © 2008 Brother Industries, Ltd. Alle rechten voorbehouden. Windows Vista is een handelsmerk of wettig gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen.
B Problemen oplossen en routineonderhoud Problemen oplossen B B Als u denkt dat er een probleem is met uw machine, kijk dan in onderstaande tabel en volg de tips voor het oplossen van problemen. De meeste problemen kunt u zelf eenvoudig oplossen. Indien u extra hulp nodig heeft, biedt het Brother Solutions Center u de meest recente veelgestelde vragen en tips voor het oplossen van problemen. Ga naar http://solutions.brother.com.
Problemen oplossen en routineonderhoud Afdrukken (Vervolg) Probleem Suggesties Witte horizontale lijnen in tekst of grafische afbeeldingen. De printkop reinigen (Zie De printkop reinigen op pagina 125.) B Gebruik originele Innobella™ inkt van Brother. Gebruik het aanbevolen type papier. (Zie Acceptabel papier en andere afdrukmedia op pagina 14.) De machine print blanco pagina's. De printkop reinigen (Zie De printkop reinigen op pagina 125.) Gebruik originele Innobella™ inkt van Brother.
Afdrukken (Vervolg) Probleem Suggesties Fotopapier wordt niet goed ingevoerd. Wanneer u op Brother-fotopapier afdrukt, plaats dan eerst het instructieblad dat met het fotopapier wordt geleverd in de papierlade, en plaats vervolgens het fotopapier boven op het instructieblad. Maak de invoerrol voor het papier schoon. (Zie De invoerrol voor papier reinigen op pagina 125.) De machine voert meerdere pagina's in. Zorg dat het papier op de juiste wijze in de papierlade is geplaatst.
Problemen oplossen en routineonderhoud Faxen ontvangen Probleem Suggesties Kan geen fax ontvangen. Controleer of het telefoonsnoer correct is aangesloten. Controleer of de machine in de juiste ontvangststand staat voor uw instelling. (Zie Ontvangststanden op pagina 35.) B Als u vaak last heeft van storing op de telefoonlijn, kunt u proberen de menuinstelling Compatibiliteit op Basic(voorVoIP) te zetten. (Zie Storing op de telefoonlijn op pagina 109.
Inkomende oproepen afhandelen Probleem Suggesties De machine registreert een spraakverbinding als faxtonen. Als de functie Fax waarnemen op Aan staat, is uw machine gevoeliger voor geluiden. Uw machine heeft misschien per ongeluk stemmen of muziek op de lijn geïnterpreteerd als faxtonen en reageert dan met faxontvangsttonen. Deactiveer de machine door op Stop/Eindigen te drukken. Probeer dit probleem te vermijden door de functie Fax waarnemen uit te schakelen. (Zie Fax waarnemen op pagina 38.
Problemen oplossen en routineonderhoud Problemen met scannen Probleem Suggesties Tijdens het scannen verschijnen TWAIN/WIA-fouten. Zorg dat de Brother TWAIN/WIA-driver als primaire bron is geselecteerd. Klik in PaperPort™ 11SE met OCR op Bestand, Scannen of foto ophalen en vervolgens op Selecteren om de Brother TWAIN/WIA-driver te kiezen. OCR werkt niet. Verhoog de scannerresolutie. Slechte scanresultaten bij gebruik van de ADF. Gebruik de glasplaat. (Zie De glasplaat gebruiken op pagina 19.
Netwerkproblemen Probleem Suggesties Afdrukken via het netwerk onmogelijk. Controleer of uw machine aanstaat, online is en klaar is om af te drukken. Druk de netwerkconfiguratielijst af (zie Rapporten op pagina 60.) en controleer de huidige netwerkinstellingen in deze lijst. Sluit de LAN-kabel weer aan op de hub om te controleren of de kabels en de netwerkaansluitingen in orde zijn. Probeer, indien mogelijk, de machine aan te sluiten op een andere poort van uw hub en gebruik een andere kabel.
Problemen oplossen en routineonderhoud Kiestoondetectie Wanneer u een fax automatisch verzendt, wacht uw machine standaard een bepaalde tijd, alvorens te beginnen met het kiezen van het nummer. Door de instelling van de kiestoon te wijzigen in Waarneming kunt u uw machine laten kiezen zodra er een kiestoon wordt gevonden. Deze instelling kan wat tijd besparen bij het versturen van één fax naar een aantal verschillende nummers.
Foutmeldingen B Zoals met alle geavanceerde kantoorproducten kunnen er fouten optreden en moeten verbruiksartikelen van tijd tot tijd worden vervangen. In dergelijke gevallen kan de machine de fout doorgaans zelf identificeren en wordt een foutmelding getoond. De onderstaande lijst geeft een overzicht van de meest voorkomende onderhouds- en foutmeldingen. De meeste fouten en algemene onderhoudswerkzaamheden kunt u zelf afhandelen.
Problemen oplossen en routineonderhoud Foutmelding Oorzaak Wat te doen Alleen BK afdr. Een of meerdere kleureninktcartridges zijn leeg. Vervang de lege inktcartridges. (Zie De inktcartridges vervangen op pagina 120.
Foutmelding Oorzaak Deksel is open Het scannerdeksel is niet goed gesloten. Document nazien Het document is niet correct geplaatst of het document dat via de ADF is gescand, was te lang. Formaat nazien U gebruikt een verkeerd papierformaat. Wat te doen Til het scannerdeksel op en sluit dit weer. Zie De ADF gebruiken op pagina 18. Zie Vastgelopen document op pagina 117. Zorg dat de instelling Papierformaat van de machine overeenkomt met het formaat van het papier in de papierlade.
Problemen oplossen en routineonderhoud Foutmelding Oorzaak Wat te doen Init. Onmog. XX De machine heeft een mechanisch probleem. Open het scannerdeksel en verwijder vreemde voorwerpen uit de machine. Als de foutmelding niet verholpen is, raadpleegt u Faxberichten of het faxjournaal overbrengen op pagina 116 voordat u de machine ontkoppelt zodat u geen belangrijke meldingen verliest. —OF— Er bevindt zich in de machine een voorwerp dat er niet hoort, zoals een paperclip of afgescheurd papier.
Foutmelding Oorzaak Wat te doen Niet toegewezen U hebt geprobeerd om een éénkiesnummer of snelkiesnummer te gebruiken dat niet is opgeslagen. Stel het éénkiesnummer of snelkiesnummer in. (Zie Eéntoetsnummers opslaan op pagina 48 of Snelkiesnummers opslaan op pagina 49.) Onbruikb. app. Er is een defect apparaat op de USB Direct-interface aangesloten. OnbruikbApparaat USB-Apparaat Loskoppelen. Er is een USB-apparaat of USBflashstation dat niet wordt ondersteund, aangesloten op de USB Direct-interface.
Problemen oplossen en routineonderhoud Foutmelding Oorzaak Wat te doen Scannen Onm. XX De machine heeft een mechanisch probleem. Open het scannerdeksel en verwijder vreemde voorwerpen uit de machine. Als de foutmelding niet verholpen is, raadpleegt u Faxberichten of het faxjournaal overbrengen op pagina 116 voordat u de machine ontkoppelt zodat u geen belangrijke meldingen verliest. —OF— Er bevindt zich in de machine een voorwerp dat er niet hoort, zoals een paperclip of afgescheurd papier.
Faxberichten of het faxjournaal overbrengen Op het LCD-scherm wordt weergegeven: Reinig. Onm. XX Init. Onmog. XX Afdrukken Onm XX Scannen Onm. XX Wij raden u aan om uw faxen naar een andere faxmachine over te brengen. (Zie Faxen naar een andere faxmachine versturen op pagina 116.) Faxen naar een andere faxmachine versturen Als u uw stations-ID nog niet heeft ingesteld, kunt u de faxoverdrachtmodus niet gebruiken. (Zie Persoonlijke gegevens invoeren (stations-ID) in de installatiehandleiding.
Problemen oplossen en routineonderhoud Faxen overbrengen naar uw pc U kunt de faxen vanuit het geheugen van uw machine overbrengen naar uw pc. a b c Zorg ervoor dat MFL-Pro Suite op uw pc is geïnstalleerd en schakel vervolgens PC-FAX Ontvangst in op de pc. (Zie Ontvangen via PC-FAX voor Windows® in de softwarehandleiding op de cd-rom voor meer informatie.) Zorg ervoor dat PC-Fax ontvangen op de machine is ingesteld. (Zie PC-Fax ontvangen op pagina 53.
Het document is in de ADF vastgelopen a Verwijder al het papier dat niet is vastgelopen uit de ADF. b c Til het documentdeksel op. B Papier vastgelopen in de machine Verwijder het vastgelopen papier uit de plaats waar het in de machine is vastgelopen. a Trek de papierlade (1) uit de machine. Trek het vastgelopen document er naar rechts uit. 1 b d e Trek het vastgelopen papier (1) eruit en druk op Stop/Eindigen. Sluit het documentdeksel. Druk op Stop/Eindigen.
Problemen oplossen en routineonderhoud d Open de klep ter verwijdering van vastgelopen papier (1) aan de achterzijde van de machine. Trek het vastgelopen papier uit de machine. VOORZICHTIG Voordat u de stekker van de machine uit het stopcontact haalt, kunt u uw faxen die in het geheugen opgeslagen zijn overbrengen naar uw pc of een andere faxmachine zodat belangrijke berichten niet verloren gaan. (Zie Faxberichten of het faxjournaal overbrengen op pagina 116.
g Til het scannerdeksel op om de vergrendeling (1) te ontgrendelen. Druk de steun van het scannerdeksel (2) voorzichtig naar beneden en sluit het scannerdeksel (3) met beide handen. 1 2 3 Routineonderhoud De inktcartridges vervangen Uw machine is voorzien van een inktstippenteller. De inktstippenteller controleert automatisch het inktniveau in elk van de 4 cartridges. Als de machine ontdekt dat een inktcartridge bijna leeg is, zal de machine u waarschuwen door middel van een melding op het LCD-scherm.
Problemen oplossen en routineonderhoud a Open het deksel van de inktcartridge. Als een of meer inktcartridges leeg zijn, bijvoorbeeld Zwart, wordt op het LCD-scherm Kan niet afdr. weergegeven. b Druk op de ontgrendelingshendel (zie illustratie) om de op het LCD-scherm aangegeven inktcartridge te ontgrendelen. Verwijder de cartridge uit de machine. d Draai de groene knop op het gele beschermkapje rechtsom tot u een klik hoort om de vacuümverpakking te openen en verwijder vervolgens het kapje (1).
f Duw de inktcartridge voorzichtig in de machine tot deze vastklikt en sluit het deksel van de inktcartridge. VOORZICHTIG Verwijder inktcartridges ALLEEN als ze aan vervanging toe zijn. Als u zich niet aan dit voorschrift houdt, kan de hoeveelheid inkt achteruitgaan en weet de machine niet hoeveel inkt er nog in de cartridge zit. Raak de houders voor de cartridges NIET aan. Als u dat doet, kan de inkt vlekken op uw huid achterlaten.
Problemen oplossen en routineonderhoud De buitenkant van de machine schoonmaken c Breng de uitvoerlade omhoog en verwijder hetgeen dat in de papierlade vastzit. d Reinig de binnen- en buitenkant van de papierlade met een zachte doek om stof te verwijderen. B VOORZICHTIG Gebruik neutrale schoonmaakmiddelen. Reiniging met vluchtige vloeistoffen, zoals verdunner of benzine, beschadigt de buitenkant van de machine. Gebruik GEEN schoonmaakmiddelen die ammoniak bevatten.
De glasplaat reinigen a Til het documentdeksel (1) op. Reinig de glasplaat (2) en het witte plastic (3) met een zachte, pluisvrije doek die is bevochtigd met een niet-brandbare glasreiniger. B De geleiderol van de machine reinigen WAARSCHUWING Haal de stekker van de machine uit het stopcontact voordat u de geleiderol reinigt. 1 3 a Breng het scannerdeksel omhoog tot het goed in de open stand vergrendelt.
Problemen oplossen en routineonderhoud De invoerrol voor papier reinigen a Trek de papierlade volledig uit de machine. b Haal de stekker van de machine uit het stopcontact en open de klep ter verwijdering van vastgelopen papier (1) aan de achterzijde van de machine. De printkop reinigen B B De printkop wordt automatisch gereinigd, zodat de afdrukkwaliteit goed blijft. Als de afdrukkwaliteit te wensen overlaat, kunt u het reinigingsproces handmatig starten.
De afdrukkwaliteit controleren h U wordt gevraagd of u wilt beginnen met reinigen. B Reinigen starten 1.Ja 2.Nee Als er fletse of gestreepte kleuren en tekst verschijnen op uw uitvoer, kunnen enkele spuitmondjes verstopt zijn. U kunt dit controleren door de Testpagina afdrukkwaliteit te printen en naar het patroon van de spuitmondjes te kijken. i a b Druk na het reinigen op Kleur Start. De machine zal nu de Testpagina afdrukkwaliteit nogmaals afdrukken en vervolgens terugkeren naar stap e.
Problemen oplossen en routineonderhoud De uitlijning controleren Het kan zijn dat u de uitlijning moet afstellen, als na het transport van de machine de afgedrukte tekst vlekkerig is of de afbeeldingen flets zijn. a b Druk op Inkt. B Het inktvolume controleren B U kunt controleren hoeveel inkt nog in de cartridge aanwezig is. a b Druk op Inkt. Druk op a of b om Testafdruk te kiezen. Druk op OK. B Druk op a of b om Inktvolume te kiezen. Druk op OK.
De machine inpakken en vervoeren Wanneer u de machine transporteert, gebruik dan het oorspronkelijke verpakkingsmateriaal van de machine. Als u de machine niet goed verpakt, wordt schade die optreedt tijdens het vervoer van de machine niet door de garantie gedekt. VOORZICHTIG B Controleer of de plastic lipjes aan beide zijden van de groene bescherming (1) goed op hun plaats zijn geklikt (2). VOORZICHTIG Het is belangrijk dat u de machine na een afdruktaak de printkop laat ‘parkeren’.
Problemen oplossen en routineonderhoud g Til het scannerdeksel (1) op om de vergrendeling los te maken. Druk de steun van het scannerdeksel (2) voorzichtig naar beneden en sluit het scannerdeksel (3) met beide handen. i 1 2 h Verpak de machine en de documentatie in de originele doos met het originele verpakkingsmateriaal zoals hieronder afgebeeld. Plaats de gebruikte inktcartridges niet in de doos. 3 Plaats de machine in de zak. j Sluit de doos en maak deze dicht met verpakkingstape.
C Menu en functies Programmeren op het scherm Menutoetsen C Uw machine is zodanig ontworpen dat deze eenvoudig via het LCD-scherm kan worden geprogrammeerd met behulp van de menutoetsen. Programmeren via het scherm is uiterst eenvoudig en helpt u alle functies van uw machine optimaal te benutten. Het menu openen. Op het LCD-scherm worden stapsgewijze aanwijzingen weergegeven om u te helpen uw machine te programmeren.
Menu en functies De programmeermodus openen: a b Druk op Menu. Kies een optie. Druk op 1 voor het algemeen instelmenu. Druk op 2 voor het faxmenu. C Druk op 3 voor het kopieermenu. Druk op 0 voor de begininstellingen. U kunt sneller door elk menuniveau bladeren wanneer u op a of b drukt voor de gewenste richting. c Druk op OK wanneer die optie op het LCD-scherm weergegeven wordt. Op het LCD-scherm wordt vervolgens het volgende menuniveau weergegeven.
Menutabel C De menutabel helpt u de menuselecties en -opties te begrijpen die u in de programma's van de machine tegenkomt. De fabrieksinstellingen zijn vetgedrukt en met een sterretje weergegeven. Kiezen & OK Kiezen & OK om te accepteren om te verlaten Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 1.Standaardinst. 1.Tijdklokstand — 0 Sec. Hiermee kunt u de tijd instellen om terug te keren naar de faxmodus. 22 Hiermee kunt u de papiersoort in de papierlade instellen.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 1.Standaardinst. 4.Volume 1.Belvolume Uit Hiermee kunt u het belvolume aanpassen. 23 Hiermee kunt u het volume van de waarschuwingstoon aanpassen. 23 Hiermee kunt u het volume van de luidspreker aanpassen. 24 De zomertijd wordt automatisch ingesteld. 24 Aanpassing van de toets Spaarstand om in de energiebesparende stand geen faxen te ontvangen. 21 Hiermee stelt u het contrast van het LCD-scherm af.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 2.Fax 1.Ontvangstmenu 2.F/T Beltijd 20 Sec. 37 (Vervolg) (Alleen in faxmodus) Hiermee stelt u het F/T dubbele belsignaal in de stand Fax/Telefoon in. Faxberichten ontvangen zonder op Start te drukken. 38 U kunt alle telefoontjes op een tweede of een extern toestel aannemen en deze codes gebruiken om de machine te activeren of deactiveren. U kunt deze codes wijzigen. 46 Hiermee wordt het formaat van inkomende faxen verkleind.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 2.Fax 2.Verzendmenu 6.Verzend Pollen Stand. 63 (Vervolg) (Alleen in faxmodus) Hiermee stelt u het document op uw machine zo in dat het kan worden opgehaald door een ander faxapparaat. Als u problemen heeft met het internationaal verzenden van faxen, zet u deze optie op Aan. 32 Hiermee past u het scangebied van de glasplaat aan het documentformaat aan.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 2.Fax 5.Rest. jobs — — Hiermee kunt u controleren welke taken zich in het geheugen bevinden en kunt u geselecteerde taken annuleren. 30 0.Diversen 1.Verzendslot — Voorkomt dat niet bevoegde gebruikers de huidige machineinstellingen kunnen wijzigen. 25 2.Compatibel Hoog* Hiermee stelt u de compatibiliteit af wanneer er problemen met het verzenden zijn. 109 De opgeslagen gegevens van de laatste 30 bellers bekijken of afdrukken.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 4.Fotocapture 1.Printkwaliteit — Normaal Hiermee kunt u de afdrukkwaliteit instellen. 80 Hiermee kunt u de papiersoort selecteren. 80 Hiermee kunt u het papier- en afdrukformaat selecteren. 81 Foto* 2.Papiersoort — Normaal Papier Inkjet papier Brother BP71 C Glossy anders* 3.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 4.Fotocapture 4.Kleur aanp. Aan 3.Wit Balans 81 (Vervolg) (Vervolg) Uit* -nnnno+ Hiermee kunt u de tint van witte vlakken aanpassen. -nnnon+ -nnonn+* -nonnn+ -onnnn+ 4.Scherpte -nnnno+ Hiermee kunt u het detail van de afbeelding verbeteren. -nnnon+ -nnonn+* -nonnn+ -onnnn+ 5.Kleurdensiteit -nnnno+ Hiermee kunt u de totale hoeveelheid kleur in de afbeelding aanpassen. -nnnon+ -nnonn+* -nonnn+ -onnnn+ 5.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 4.Fotocapture 0.naar media 1.Kwaliteit 200x100 dpi Z&W 84 (Vervolg) (Wanneer een geheugenkaart of USB-flashstation is geplaatst) Hiermee kunt u de scanresolutie voor uw type document selecteren. Hiermee kunt u het standaard bestandsformaat voor zwart-wit scannen selecteren. 84 Hiermee kunt u het standaard bestandsformaat voor kleuren scannen selecteren.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 5.Netwerk 1.Setup TCP/IP 7.WINS Server (Primary) (Vervolg) (Vervolg) Specificeert het IP-adres van de primaire of secundaire server. Raadpleeg de netwerkhandleiding 000.000.000.000 (Secondary) 000.000.000.000 8.DNS Server (Primary) 000.000.000.000 Specificeert het IP-adres van de primaire of secundaire server. (Secondary) 000.000.000.000 9.APIPA Aan* Uit 0.IPv6 Aan Uit* 2.Setup Misc. 1.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 6.Print lijsten 1.Verzendrapport — — Drukt een verzendrapport af van uw laatste transmissie. 60 2.Help — — Drukt de Helplijst af met informatie over hoe u snel uw machine kunt programmeren. 3.Kieslijst — — Een lijst met namen en nummers die zijn opgeslagen in het geheugen voor ééntoetsen snelkiesnummers, in numerieke volgorde. 4.
Tekst invoeren C Tijdens het instellen van bepaalde menuselecties, zoals de Stations-ID, moet u wellicht tekst in de machine invoeren. Op de meeste nummertoetsen staan drie of vier letters. Op de toetsen 0, # en l staan geen letters, omdat deze toetsen voor speciale tekens worden gebruikt. U krijgt het gewenste teken door meermaals op de betreffende nummertoets te drukken.
D Specificaties D Algemeen D Printertype Inkjet Afdrukmethode Mono: Piëzo met 94 × 1 spuitmondje Kleur: Piëzo met 94 × 3 spuitmondjes Geheugencapaciteit 40 MB D LCD (liquid crystal display) 16 tekens × 2 regels Stroombron AC 220 tot 240 V 50/60Hz Stroomverbruik Energiebesparende stand: Gemiddeld 0,7 W Slaapstand: Gemiddeld 4 W Stand-by: Gemiddeld 5,5 W In bedrijf: Gemiddeld 27 W 143
Afmetingen 451 mm 403 mm 440 mm 222 mm 400 mm 490 mm Gewicht 9,6 kg Geluidsemissie In bedrijf: LPAm = 50 dB of minder 1 Geluidsemissie conform ISO 9296 In bedrijf: LWAd = 64,3 dB (A) 1 (Mono) LWAd = 61,6 dB (A) 1 (Kleur) Kantoorapparatuur met LWAd boven 63,0 dB (A) is niet geschikt voor gebruik in ruimten waar mensen voornamelijk denkwerk verrichten. Dergelijke apparatuur moet in aparte ruimten worden geplaatst om geluidshinder te voorkomen.
Specificaties Afdrukmedia Papierinvoer D Papierlade Papiersoort: Normaal papier, inkjetpapier (gecoat papier), glanzend papier 2, transparanten 1 2 en enveloppen Papierformaat: Letter, Legal, Executive, A4, A5, A6, JIS B5, enveloppen (commercieel Nr.10, DL, C5, Monarch, JE4), Foto kaart, Indexkaart en Briefkaart 3. Breedte: 98 mm - 215,9 mm Lengte: 148 mm - 355,6 mm Zie Gewicht, dikte en capaciteit papier op pagina 17 voor meer informatie.
Fax D Compatibiliteit ITU-T Supergroep 3 Coderingssysteem MH/MR/MMR/JPEG Modemsnelheid Automatische terugval 33.600 bps Documentgrootte Breedte ADF: 148 mm tot 215,9 mm Lengte ADF: 148 mm tot 355,6 mm Breedte glasplaat: max. 215,9 mm Hoogte glasplaat: max.
Specificaties Rondsturen 1 156 stations Automatisch opnieuw kiezen 3 keer met tussenpozen van 5 minuten Belvertraging 0, 1, 2, 3, 4, 5 of 6 belsignalen Bron van communicatie Openbaar telefoonnetwerk. Verzenden vanuit het geheugen Max. 480 2/400 3 pagina's Ontvangst zonder papier (Geheugen ontv.) Max. 480 2/400 3 pagina's 1 Alleen monochroom 2 'pagina's' verwijst naar de 'Brother Standard Chart No. 1' (een standaardzakenbrief, standaardresolutie, MMR-code).
Kopiëren D Kleur/Monochroom Ja/Ja Documentgrootte Breedte ADF: 148 mm tot 215,9 mm Lengte ADF: 148 mm tot 355,6 mm Breedte glasplaat: max. 215,9 mm Lengte glasplaat: max. 297 mm Meerdere kopieën Stapelt/sorteert maximaal 99 pagina's Vergroten/Verkleinen 25% tot 400% (in stappen van 1%) Resolutie Kan max. 1.200×1.200 dpi scannen Kan max. 1.200×1.
Specificaties PhotoCapture Center™ Beschikbare media 1 D CompactFlash® (alleen Type I) (Microdrive™ is niet compatibel) (Compact I/O-kaarten zoals Compact LAN-kaart en Compact Modem-kaart worden niet ondersteund.
PictBridge Compatibiliteit D Ondersteunt de PictBridge-norm CIPA DC-001 van de Camera & Imaging Products Association. Ga naar http://www.cipa.jp/pictbridge voor meer informatie.
Specificaties Scanner D Kleur/Monochroom Ja/Ja TWAIN-compatibel Ja (Windows® 2000 Professional/XP/XP Professional x64 Edition/Windows Vista®) Mac OS® X 10.2.4 of recenter WIA-compatibel Ja (Windows® XP 1/Windows Vista®) Kleurintensiteit 48-bits kleurverwerking (invoer) D 24-bits kleurverwerking (uitvoer) (Werkelijke invoer: 30-bits kleur/Werkelijke uitvoer: 24-bits kleur) Resolutie Max. 19.200 × 19.200 dpi (geïnterpoleerd) 2 Max. 1.200 × 2.400 dpi (optisch) (glasplaat) Max. 1.
Printer Printerdriver D Windows® 2000 Professional/XP/XP Professional x64 Edition/Windows Vista®-driver met ondersteuning voor Brother Native Compression-modus Mac OS® X 10.2.4 of recenter: Brother-inktdriver Resolutie Max. 1.200 × 6.000 dpi 1.200 × 2.400 dpi 1.200 × 1.200 dpi 600 × 1.200 dpi 600 × 600 dpi 600 × 300 dpi 600 × 150 dpi (Kleur) 450 × 150 dpi (Mono) Afdruksnelheid Mono: max. 35 pagina's/minuut 1 Kleur: max.
Specificaties Interfaces USB 1 2 LAN-kabel D Een USB 2.0-interfacekabel die niet langer is dan 2 m. 3 Ethernet UTP-kabel van categorie 5 of hoger. 1 Uw machine heeft een Hi-Speed USB 2.0-interfacekabel. De machine kan ook worden verbonden met een computer die een USB 1.1-interface heeft. 2 USB-poorten van andere merken worden niet ondersteund voor Macintosh ®. 3 Zie de netwerkhandleiding voor gedetailleerde netwerkspecificaties.
Vereisten voor de computer ONDERSTEUNDE BESTURINGSSYSTEMEN EN SOFTWAREFUNCTIES Vereiste ruimte op Ondersteunde Minimale Aanbevolen de vaste schijf Computerplatform & PcMinimumpcprocessorhoeveelheid besturingssysteemversie interface RAM Drivers Toepassoftwarefuncties snelheid RAM singen Afdrukken, USB Windows®- 2000 Intel® Pentium II® 64 MB 256 MB 110 MB 340 MB 5 4 besturings- Professional PC-FAX Ethernet of gelijkwaardig systeem 1 XP Home 2 5 Scannen, 128 MB Verwisselbare XP schijf Professional 2 5 XP 64-bi
Specificaties Verbruiksartikelen D Inkt De machine gebruikt aparte inktcartridges in Zwart, Geel, Cyaan en Magenta die los staan van de printkopset. Gebruiksduur van inktcartridge De eerste keer dat u een set inktcartridges installeert, gebruikt de machine een hoeveelheid inkt om de inktleidingen te vullen voor afdrukken van hoge kwaliteit. Dit is een eenmalig proces. Met alle daaropvolgende inktcartridges kunt u het gespecificeerde aantal pagina’s afdrukken.
Netwerk (LAN) D LAN U kunt uw machine op een netwerk aansluiten om via het netwerk af te drukken en te scannen, en om PC-Fax verzenden, PC-Fax ontvangen (Alleen bij Windows®) en Remote Setup te gebruiken 1. De netwerkbeheersoftware Brother BRAdmin Light 2 wordt meegeleverd. Ondersteuning van Windows® 2000 Professional/XP/XP Professional x64 Edition/ Windows Vista® Mac OS® X 10.2.
E Verklarende woordenlijst E Dit is een uitvoerige lijst van functies en termen die voorkomen in Brotherhandleidingen. Beschikbaarheid van deze functies is afhankelijk van het model dat u heeft aangeschaft. ADF (automatische documentinvoer) Het document kan in de ADF worden geplaatst, waarbij iedere pagina om beurten automatisch wordt gescand. Antwoordapparaat (automatische telefoonbeantwoorder) U kunt een extern antwoordapparaat op uw machine aansluiten.
Contrast Instelling om te compenseren voor donkere of lichte documenten. Faxen of kopieën van donkere documenten worden lichter en omgekeerd. Faxtonen De tonen die tijdens het verzenden en ontvangen van faxen door de faxmachines worden uitgezonden. Direct verzenden Als het geheugen vol is, kunt u faxberichten onmiddellijk verzenden. Fijn, resolutie Dit is een resolutie van 203 x 196 dpi. Wordt gebruikt voor afdrukken met kleine lettertjes en diagrammen.
Verklarende woordenlijst Internationale modus In deze stand worden de faxtonen tijdelijk gewijzigd om ruis en statische elektriciteit op internationale telefoonlijnen te onderdrukken. PhotoCapture Center™ Hiermee kunt u digitale foto's van uw digitale camera met een hoge resolutie afdrukken, voor een afdrukkwaliteit die gelijkstaat aan die van foto's. Journaaltijd De vooraf geprogrammeerde regelmaat waarmee het faxjournaal automatisch wordt afgedrukt.
Snelkieslijst Een lijst van namen en nummers die zijn opgeslagen in het snelkiesgeheugen, in numerieke volgorde. Snelkiesnummer Een voorgeprogrammeerd nummer dat u snel kunt kiezen. U moet op (Telefoonboek), # drukken en de code van twee cijfers intoetsen en op Mono Start of Kleur Start drukken om het kiezen te starten. Standaard, resolutie 203 × 97 dpi. Wordt gebruikt voor tekst van normaal formaat en biedt de snelste transmissie.
F Index A B Aansluiten extern antwoordapparaat ......................43 extern toestel ........................................45 Aansluiting op meerdere lijnen (PBX) ......44 Aansluitingen EXT antwoordapparaat ..............................43 externe telefoon .................................43 ADF (automatische documentinvoer) ............................... 18, 28 Afdrukken afbeeldingen .........................................78 drivers .................................................
ophalen vanaf een externe locatie .......................................... 57, 58 problemen ............................... 102, 104 storing op de telefoonlijn ..................109 van een tweede toestel ............... 45, 46 verkleinen om op papier te passen ....38 verzenden ...................................... 28, 61 Annuleren in het geheugen ................33 contrast ..............................................31 direct verzenden ................................32 faxmodus activeren ...........
optietoets papierformaat .....................................72 papiersoort .........................................72 papier ....................................................72 sorteren .................................................70 tijdelijke instellingen ..............................67 toetsen ..................................................67 vergroten/verkleinen .............................68 L LCD (liquid crystal display) ....................130 contrast ................................
Q S Quick Dial .................................................48 Eéntoetsnummers gebruiken ...........................................47 instellen ..............................................48 wijzigen ..............................................49 Groepsnummers groepen voor rondsturen instellen .....50 wijzigen ..............................................49 Rondsturen ...........................................29 groepen gebruiken .............................29 Snelkiesnummers gebruiken .......
V Vastlopen document ............................................117 papier ..................................................118 Veiligheidsinstructies ........................ 93, 97 Verbruiksartikelen ..................................155 Verkleinen inkomende faxen ..................................38 kopieën .................................................68 Vervoeren, machine ...............................128 Verzendslot in-/uitschakelen .....................................
Bezoek ons op World Wide Web http://www.brother.com Deze machine is uitsluitend goedgekeurd voor gebruik in het land van aankoop. Plaatselijke Brother-bedrijven of hun dealers verlenen alleen service aan machines die in hun eigen land zijn aangekocht.