GEBRUIKERSHANDLEIDING MFC-235C MFC-260C
Als u de klantenservice moet bellen A.u.b. de volgende gegevens invullen voor toekomstige referentie: Modelnummer: MFC-235C en MFC-260C (omcirkel uw modelnummer) Serienummer: 1 Aankoopdatum: Plaats van aankoop: 1 Het serienummer staat op de achterkant van het apparaat. Bewaar deze gebruikershandleiding samen met uw kassabon als aankoopbewijs in geval van diefstal of brand of voor service die onder de garantie valt. Registreer uw product online op http://www.brother.
Informatie over goedkeuring en mededeling aangaande samenstelling en publicatie DEZE APPARATUUR IS ONTWORPEN VOOR GEBRUIK MET EEN DUBBELDRAADS ANALOOG PSTN-SNOER, VOORZIEN VAN DE PASSENDE CONNECTOR. INFORMATIE OVER GOEDKEURING Brother wijst erop dat dit product mogelijk niet goed functioneert in een ander land dan dat waarin het oorspronkelijk werd aangekocht, en biedt geen garantie indien dit product wordt gebruikt op openbare telecommunicatielijnen in een ander land.
EG-conformiteitsverklaring onder de richtlijn R & TTE ii
EG-conformiteitsverklaring onder de richtlijn R & TTE Producent Brother Industries Ltd. 15-1, Naeshiro-cho, Mizuho-ku, Nagoya 467-8561, Japan Fabriek Brother Industries (Shen Zhen) Ltd.
Inhoudsopgave Paragraaf I 1 Algemeen Algemene informatie 2 Gebruik van de documentatie ................................................................................2 Symbolen en conventies die in de documentatie gebruikt worden..................2 De softwarehandleiding raadplegen ......................................................................2 Documentatie bekijken ....................................................................................
Paragraaf II 5 Fax Een fax verzenden 24 Faxmodus activeren ............................................................................................24 Faxen verzenden vanaf de ADF (alleen MFC-260C) ...................................24 Faxen verzenden via de glasplaat................................................................. 24 Documenten in Letter-formaat verzenden via de glasplaat ........................... 25 Een fax in kleur verzenden ......................................................
Een extern antwoordapparaat aansluiten ............................................................38 Aansluitingen .................................................................................................38 Een uitgaand bericht op uw antwoordapparaat opnemen .............................38 Aansluiting op meerdere lijnen (PBX)............................................................39 Externe en tweede toestellen ..............................................................................
Paragraaf IV Direct foto's printen 11 Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation 56 Werken met PhotoCapture Center™................................................................... 56 Afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation zonder een PC ....56 PhotoCapture Center™ vanaf uw computer gebruiken................................. 56 Een geheugenkaart of USB-flashstation gebruiken.......................................
Paragraaf VI Appendices A Veiligheid en wetgeving 72 Een geschikte plaats kiezen ................................................................................72 Veilig gebruik van de machine .............................................................................73 Belangrijke veiligheidsinstructies ...................................................................76 BELANGRIJK - Voor uw eigen veiligheid ......................................................
D Specificaties 115 Algemeen ..........................................................................................................115 Afdrukmedia....................................................................................................... 117 Fax..................................................................................................................... 118 Kopiëren ............................................................................................................
x
Paragraaf I Algemeen Algemene informatie Documenten en papier laden Algemene instellingen Beveiligingsfuncties I 2 6 17 21
1 Algemene informatie Gebruik van de documentatie 1 Dank u voor de aanschaf van een Brothermachine! Het lezen van de documentatie helpt u bij het optimaal benutten van uw machine. Symbolen en conventies die in de documentatie gebruikt worden De volgende symbolen en conventies worden in de documentatie gebruikt. Vet Vetgedrukte tekst verwijst naar specifieke toetsen op het bedieningspaneel van de machine.
Algemene informatie Documentatie bekijken (voor Macintosh®) Opmerking Als dit venster niet wordt geopend, kunt u Windows® Explorer gebruiken om het programma start.exe uit te voeren vanuit de hoofdmap van de Brother-cd-rom. d e 1 a Zet uw Macintosh ® aan. Plaats de Brother-cd-rom in uw cd-romstation. Het volgende venster wordt weergegeven. b Dubbelklik op het pictogram Documentation. c d Dubbelklik op uw taalmap. 1 Klik op Documentatie. Klik op de documentatie die u wilt lezen.
Hoofdstuk 1 MFC-260C Overzicht van het bedieningspaneel Het bedieningspaneel van de MFC-235C heeft dezelfde toetsen als dat van de MFC-260C. Opmerking In de meeste illustraties in deze gebruikershandleiding wordt de MFC-260C weergegeven. 1 2 4 Faxtoetsen Herkies/Pauze Met deze toets wordt het laatst gekozen nummer opnieuw gebeld. U kunt hem ook gebruiken voor het invoegen van een pauze wanneer u snelkiesnummers programmeert.
Algemene informatie 1 6 Volumetoetsen Starttoetsen: Kleur Start Met deze toets start u het faxen, of maakt u kopieën in kleur. Hiermee kunt u ook een scanbewerking uitvoeren (in kleur of mono, afhankelijk van de scaninstelling in de ControlCenter-software). Mono Start Met deze toets start u het faxen, of maakt u monochrome kopieën. Hiermee kunt u ook een scanbewerking uitvoeren (in kleur of mono, afhankelijk van de scaninstelling in de ControlCenter-software).
2 Documenten en papier laden Documenten laden Documenten laden De ADF gebruiken (alleen MFC-260C) VOORZICHTIG Trek NIET aan het document terwijl het doorschuift. 2 De ADF heeft een capaciteit van maximaal 10 vellen en voert het papier vel voor vel in. Gebruik standaard papier van 80 g/m2 en blader de stapel altijd door alvorens het papier in de ADF te plaatsen.
Documenten en papier laden De glasplaat gebruiken U kunt de glasplaat gebruiken om vel voor vel te faxen, kopiëren of scannen, of bijvoorbeeld bladzijden uit een boek. Ondersteunde documentformaten Lengte: max. 297 mm Breedte: max. 215,9 mm Gewicht: max. 2 kg Documenten laden Opmerking VOORZICHTIG 2 Als u bezig bent een boek of een lijvig document te scannen, laat het deksel dan NIET dichtvallen en druk er niet op.
Hoofdstuk 2 Acceptabel papier en andere media De afdrukkwaliteit kan worden beïnvloed door het soort papier dat u in de machine gebruikt. Om de beste afdrukkwaliteit te krijgen voor de instellingen die u hebt gekozen, moet u de papiersoort altijd instellen op het type papier dat u plaatst. U kunt normaal papier, inkjetpapier (gecoat papier), glanzend papier, transparanten en enveloppen gebruiken. Wij raden u aan om verschillende soorten papier te testen, alvorens een grote hoeveelheid aan te schaffen.
Documenten en papier laden Omgaan met en gebruik van media Papiercapaciteit in de uitvoerpapierlade 2 2 Bewaar papier in de originele verpakking en zorg dat deze gesloten blijft. Bewaar het papier plat en verwijderd van vocht, direct zonlicht en warmte. Max. 50 vel 80 g/m2 A4- of Letter-papier. Om vlekken te voorkomen moeten transparanten of fotopapier vel voor vel uit de uitvoerpapierlade worden genomen. De gecoate zijde van fotopapier glimt.
Hoofdstuk 2 De juiste papiersoort selecteren 2 Type en formaat papier voor elke functie Papiersoort Losse vellen Kaarten Enveloppen Transparanten 10 Papierformaat 2 Gebruik Fax Kopiëren Photo Capture Printer Letter 216 × 279 mm Ja Ja Ja Ja A4 210 × 297 mm Ja Ja Ja Ja Legal 216 × 356 mm Ja Ja – Ja Executive 184 × 267 mm – – – Ja JIS B5 182 × 257 mm – – – Ja A5 148 × 210 mm – Ja – Ja A6 105 × 148 mm – – – Ja Foto 10 × 15 cm – Ja Ja Ja Foto 2L 13
Documenten en papier laden Gewicht, dikte en capaciteit papier Papiersoort Losse vellen Gewicht Dikte Aantal vellen 64 tot 120 g/m2 0,08 tot 0,15 mm 100 1 2 0,08 tot 0,25 mm 20 Inkjetpapier 64 tot 200 g/m Glanzend papier Max. 220 g/m 2 Max. 0,25 mm 20 Fotokaart Max. 240 g/m 2 Max. 0,28 mm 20 Indexkaart Max. 120 g/m 2 Max. 0,15 mm 30 Briefkaart Max. 200 g/m 2 Max. 0,23 mm 30 Enveloppen 75 tot 95 g/m 2 Max.
Hoofdstuk 2 Papier en andere media laden a c Blader de stapel papier goed door, om te voorkomen dat papier vastloopt of scheef wordt ingevoerd. 2 Als de papiersteunklep open is, deze sluiten en vervolgens de papierlade volledig uit de machine trekken. Til het deksel van de uitvoerpapierlade (1) op. Opmerking Draag er steeds zorg voor dat het papier niet omkrult.
Documenten en papier laden e De papiergeleiders voor de breedte met beide handen voorzichtig aan het papier aanpassen. Zorg dat de papiergeleiders aan de zijkant de randen van het papier aanraken. h Terwijl u de papierlade vasthoudt, de papiersteun (1) naar buiten trekken tot u een klik hoort en de papiersteunklep (2) uitvouwen. 2 Opmerking De papiersteunklep niet gebruiken voor Legal-papier.
Hoofdstuk 2 Enveloppen en briefkaarten laden Enveloppen en briefkaarten laden 2 Enveloppen laden a Voor sommige enveloppen is het nodig de marge in te stellen in de toepassing. Zorg ervoor dat u eerst een testafdruk maakt. Druk de hoeken en zijkanten van de enveloppen of briefkaarten zo plat mogelijk alvorens deze te plaatsen. Opmerking 2 Gebruik enveloppen met een gewicht van 75 tot 95 g/m2.
Documenten en papier laden Als u problemen hebt bij het afdrukken op enveloppen, volg dan de volgende suggesties op: a b Open de omslag van de envelop. c Stel de maat en marge in bij uw toepassing. 2 2 Zorg ervoor dat de open omslag zich aan de zijkant of aan de achterkant van de envelop bevindt tijdens het afdrukken. Kleine afdrukken uit de machine verwijderen 2 Wanneer de machine kleine stukjes papier uitwerpt op de uitvoerpapierlade, kunt u deze misschien niet bereiken.
Hoofdstuk 2 Afdrukgebied 2 Hoe groot het afdrukgebied is, is afhankelijk van de instellingen binnen de door u gebruikte toepassing. De onderstaande afbeeldingen tonen de onbedrukbare gedeelten op losse vellen papier en enveloppen. De machine kan alleen afdrukken in de grijze gedeelten, wanneer de afdrukfunctie Zonder marges beschikbaar is en aanstaat.
3 Algemene instellingen Energiebesparende stand 3 Wanneer de machine inactief is, kunt u hem in de energiebesparende stand zetten door op de Spaarstand-toets te drukken. U kunt in de energiebesparende stand nog altijd telefoongesprekken ontvangen. Voor verdere informatie over het ontvangen van faxen in de energiebesparende stand, raadpleegt u de tabel op pagina 18. Voor andere opdrachten moet u de machine wel uit de energiebesparende stand halen. 3 3 Druk op de toets Spaarstand.
Hoofdstuk 3 Energiebesparende stand instellen U kunt de toets Spaarstand van de machine aanpassen. De standaardmodus is Faxontv:Aan. De machine kan ook faxberichten of telefoongesprekken ontvangen wanneer deze in de energiebesparende modus staat. Wanneer u wilt dat uw machine geen faxberichten of oproepen ontvangt, moet u deze instelling op Faxontv:Uit zetten. (Zie Energiebesparende stand op pagina 17.
Algemene instellingen Papierinstellingen Papiersoort 3 3 Voor de beste afdrukkwaliteit dient u de machine in te stellen op het type papier dat u gebruikt. a b Druk op Menu, 1, 2. c Druk op Stop/Eindigen. c Druk op Menu, 1, 3. Druk op a of b om Letter, Legal, A4, A5 of 10x15cm te selecteren. Druk op OK. 3 3 U kunt het volume ook veranderen via het menu, door de instructies hieronder op te volgen: Opmerking a b Belvolume Druk in de faxmodus op d of c om het volume aan te passen.
Hoofdstuk 3 Luidsprekervolume 3 U kunt kiezen uit een serie volumeniveaus voor de luidspreker, van Hoog tot Uit. a b Druk op Menu, 1, 4, 3. c Druk op Stop/Eindigen. LCD-contrast U kunt het contrast van het LCD-scherm aanpassen, zodat de weergave duidelijker wordt. Als u het LCD-scherm niet goed kunt lezen, kunt u proberen de contrastinstelling te wijzigen. Druk op a of b om Laag, Half, Hoog of Uit te selecteren. Druk op OK.
4 Beveiligingsfuncties Verzendslot Met het verzendslot voorkomt u dat onbevoegden toegang krijgen tot de machine. Wanneer Verzendslot op Aan staat, zijn de volgende functies beschikbaar: Fax ontvangen Wanneer Verzendslot Aan is, zijn de volgende functies NIET beschikbaar: Fax verzenden Kopiëren PC-printen 4 Het wachtwoord voor het verzendslot instellen en wijzigen Functies van het bedieningspaneel Als u het wachtwoord reeds hebt ingesteld, hoeft u dit niet opnieuw in te stellen.
Hoofdstuk 4 Verzendslot in-/uitschakelen Verzendslot inschakelen 4 4 a b Druk op Menu, 2, 0, 1. c Voer het viercijferige wachtwoord in. Druk op OK. De machine gaat offline en op het LCDscherm verschijnt Verzendslot Mode. Druk op a of b om Verzendslot Aan te selecteren. Druk op OK. Verzendslot uitschakelen a b Druk op Menu. Voer het viercijferige wachtwoord in. Druk op OK. Verzendslot wordt automatisch uitgeschakeld.
Paragraaf II Fax Een fax verzenden Een fax ontvangen Telefoon en externe apparaten Nummers kiezen en opslaan Rapporten afdrukken II 24 30 35 41 45
5 Een fax verzenden Faxmodus activeren 5 Als u de faxmodus wilt activeren, drukt u op (Fax), waarna de toets groen wordt. Faxen verzenden vanaf de ADF (alleen MFC-260C) 5 5 Faxen verzenden via de glasplaat U kunt de glasplaat gebruiken om pagina's van een boek door te faxen. U kunt documenten van max. Letter of A4-formaat gebruiken. Bij kleuren-faxen kunt u niet meer dan één pagina per keer verzenden.
Een fax verzenden Documenten in Letter-formaat verzenden via de glasplaat 5 Voor documenten van het formaat Letter moet u de scangrootte op Letter instellen. Als u dit niet doet, gaat de zijkant van de faxen verloren. a Zorg dat de faxmodus b c Druk op Menu, 2, 2, 0. d Na voltooiing van de groepsverzending wordt een verzendrapport afgedrukt. Druk op a of b om Letter te selecteren. Druk op OK. Druk op Stop/Eindigen. 5 a Zorg dat de faxmodus b c Laad uw document.
Hoofdstuk 5 Een actieve groepsverzending annuleren a Druk op Menu, 2, 4. Op het LCD-scherm ziet u het faxnummer dat wordt gekozen. XXXXXXXX b Druk op OK. Het taaknummer wordt op het LCDscherm weergegeven: 1.Wis c 2.Stop Druk op 1 om te wissen. Op het LCD-scherm verschijnt het taaknummer van de groepsverzending en 1.Wis 2.Stop. d Druk op 1 om de groepsverzending te annuleren. e Druk op Stop/Eindigen.
Een fax verzenden Contrast 5 Als uw document erg licht of erg donker is, wilt u het contrast wellicht wijzigen. Voor de meeste documenten kan de fabrieksinstelling Auto worden gebruikt. Het apparaat selecteert dan automatisch het geschikte contrast voor uw document. Gebruik Licht wanneer u een licht document verzendt. Gebruik Donker wanneer u een donker document verzendt. a b c d Zorg dat de faxmodus De standaardfaxresolutie wijzigen a Zorg dat de faxmodus b c Druk op Menu, 2, 2, 2. 5 actief is.
Hoofdstuk 5 Tweevoudige werking (alleen monochroom) Alle faxen direct verzenden 5 U kunt een nummer kiezen en de fax in het geheugen inlezen––zelfs wanneer de machine een fax vanuit het geheugen verzendt, faxen ontvangt of gegevens vanuit de PC afdrukt. Het LCD-scherm toont het nieuwe taaknummer en het beschikbare geheugen. Soms wilt u een belangrijk document onmiddellijk verzenden, zonder te wachten totdat het vanuit het geheugen wordt verzonden.
Een fax verzenden Taken in de wachtrij controleren en annuleren U kunt controleren welke taken in het geheugen nog op verzending wachten en een taak annuleren. (Als er geen taken zijn, wordt de melding Geen opdrachten op het LCD-scherm weergegeven.) a b c Druk op Menu, 2, 4. De taken in de wachtrij verschijnen op het LCD-scherm. Druk op a of b om door de taken te bladeren en de gewenste taak te annuleren. Druk op OK.
6 Een fax ontvangen 6 Ontvangststanden 6 U dient een ontvangststand te kiezen afhankelijk van de externe apparaten en telefoondiensten die op uw lijn aanwezig zijn. De ontvangststand kiezen 6 Standaard ontvangt uw machine automatisch alle faxen die er naartoe verzonden worden. Met behulp van onderstaande afbeelding kunt u de juiste stand kiezen. Zie Ontvangststanden gebruiken op pagina 31 en Instellingen ontvangststand op pagina 32 voor meer informatie over de ontvangststanden.
Een fax ontvangen Ontvangststanden gebruiken Handmatig 6 Sommige ontvangststanden antwoorden automatisch (Alleen Fax en Fax/Telefoon). Misschien wilt u de belvertraging wijzigen alvorens deze standen te gebruiken (zie Belvertraging op pagina 32). Alleen Fax 6 In de stand Alleen Fax wordt elke oproep automatisch beantwoord. Als de oproep een fax is, ontvangt de machine die.
Hoofdstuk 6 Instellingen ontvangststand Belvertraging De functie Belvertraging bepaalt hoe vaak de machine in de stand Alleen Fax of Fax/Telefoon overgaat voordat de oproep wordt beantwoord. Als u externe of tweede toestellen op dezelfde lijn als de machine gebruikt, selecteert u het maximumaantal belsignalen. (Zie Werken met een tweede toestel op pagina 39 en Fax waarnemen op pagina 33.) a b c Druk op Menu, 2, 1, 1.
Een fax ontvangen Fax waarnemen Als Fax waarnemen op Aan staat, gebeurt het volgende: 6 6 De machine ontvangt faxberichten automatisch, ook al beantwoordt u het telefoontje. Zodra op het LCD-scherm Ontvangst wordt weergegeven of wanneer u 'tjirpende geluiden' hoort via de hoorn die u gebruikt, legt u gewoon de hoorn op de haak. Uw machine doet de rest.
Hoofdstuk 6 Faxen in het geheugen ontvangen 6 Als de papierlade leeg raakt tijdens de ontvangst van faxberichten, verschijnt op het scherm Papier nazien en wordt u gevraagd papier in de papierlade te plaatsen. (Zie Papier en andere media laden op pagina 12.) Als u geen papier in de papierlade kunt plaatsen, gebeurt het volgende: Als Geheugen ontv.
7 Telefoon en externe apparaten Werking als telefoon Toon of puls 7 7 Als u een externe telefoon gebruikt en een pulsservice hebt, maar toonsignalen moet verzenden (bijvoorbeeld voor telebankieren), dient u onderstaande instructies te volgen. Als u Toetstoonservice hebt, hoeft u deze functie niet te gebruiken voor het verzenden van toonsignalen. a Neem de hoorn van het externe toestel op. b Druk op # op het bedieningspaneel van de machine.
Hoofdstuk 7 Telefoondiensten Het type telefoonlijn instellen 7 7 Als u de machine aansluit op een lijn met PBX of ISDN voor het verzenden en ontvangen van faxen, moet u het type telefoonlijn dienovereenkomstig wijzigen aan de hand van de volgende stappen. a Druk op Menu, 0, 6. 6.Tel lijn inst Druk op a of b om PBX of ISDN (of Normaal) te selecteren. Druk op OK. c Druk op Stop/Eindigen.
Telefoon en externe apparaten De functie Beller ID inschakelen 7 Als nummerweergave (Beller ID) op uw lijn beschikbaar is, moet u deze functie op Aan instellen om het telefoonnummer van de beller op het LCD-scherm weer te geven wanneer de telefoon overgaat. a b c De Beller ID-lijst afdrukken a b Druk op Menu, 2, 0, 3. c d Druk op Mono Start of Kleur Start. Druk op Menu, 2, 0, 3. Druk op a of b om Aan (of Uit) te selecteren. Druk op OK. Druk op Stop/Eindigen.
Hoofdstuk 7 Een extern antwoordapparaat aansluiten Onjuiste configuratie U mag geen antwoordapparaat op een andere plaats op dezelfde telefoonlijn aansluiten. 7 U wilt misschien een extern antwoordapparaat aansluiten. Als u echter een extern antwoordapparaat aansluit op dezelfde lijn als de machine, worden alle gesprekken beantwoord door het antwoordapparaat, en ‘luistert’ de machine naar faxtonen. Als er faxtonen klinken, neemt de machine de oproep over en wordt de fax ontvangen.
Telefoon en externe apparaten Externe en tweede toestellen Opmerking Wij raden u aan om aan het begin van uw uitgaande bericht eerst een stilte van 5 seconden op te nemen, omdat de machine geen faxtonen kan horen over een resonerende of luide stem. U kunt proberen om deze pauze weg te laten, maar als uw machine problemen heeft met de ontvangst, dient u het uitgaande bericht opnieuw op te nemen en deze pauze in te lassen.
Hoofdstuk 7 Als u een telefoontje aanneemt en er is niemand aan de lijn: Code voor deactiveren op afstand 7 Waarschijnlijk gaat het om het ontvangen van een handmatige fax. Druk op l 5 1 en wacht tot u het tjirpende geluid hoort of totdat het LCD-scherm Ontvangst weergeeft, pas dan mag u ophangen.
8 Nummers kiezen en opslaan Nummers kiezen Handmatig kiezen 8 8 a Zoeken 8 U kunt zoeken naar namen die in het snelkiesgeheugen zijn opgeslagen. Druk op Snelkiezen. Druk op OK en de navigatietoetsen om numeriek te zoeken of gebruik de kiestoetsen om alfabetisch te zoeken. Toets alle cijfers van het faxnummer in. Snelkiezen 8 8 8 Druk op Snelkiezen. 1 b 2 Druk op OK en de toets # (hekje), en toets het tweecijferige snelkiesnummer in.
Hoofdstuk 8 Faxnummer opnieuw kiezen Als u handmatig een fax verzendt en de lijn bezet is, drukt u op Herkies/Pauze en vervolgens op Mono Start of Kleur Start om het opnieuw te proberen. Als u het laatst gekozen nummer nogmaals wilt bellen, kunt u tijd besparen door op Herkies/Pauze en Mono Start of Kleur Start te drukken. Herkies/Pauze werkt alleen als u het nummer via het bedieningspaneel hebt gekozen.
Nummers kiezen en opslaan Snelkiesnummers opslaan U kunt maximaal 40 tweecijferige snelkiesnummers met een naam opslaan. Voor het kiezen van een nummer hoeft u dan slechts op een paar toetsen te drukken (bijvoorbeeld: Snelkiezen, OK, #, het tweecijferige nummer en Mono Start of Kleur Start). a b Druk op Snelkiezen en a of b om Snelkies inst. te selecteren. Druk op OK. Gebruik de kiestoetsen om een tweecijferig snelkiesnummer (01-40) in te voeren. Druk op OK.
Hoofdstuk 8 Groepen voor groepsverzenden instellen Als u regelmatig hetzelfde faxbericht naar een groot aantal faxnummers wilt verzenden, kunt u een groep instellen. Groepen worden opgeslagen onder een snelkiesnummer. Elke groep heeft een eigen snelkiesnummer. U kunt het faxbericht versturen naar alle nummers die in een groep zijn opgeslagen door een snelkiesnummer in te toetsen en vervolgens op Mono Start te drukken.
9 Rapporten afdrukken Faxrapporten 9 U dient het verzendrapport en de journaaltijd in te stellen met de toets Menu. Verzendrapport U kunt het verzendrapport gebruiken als bewijs dat u een fax hebt verzonden. In dit rapport staan de datum en de tijd waarop het bericht werd verzonden, en wordt tevens aangegeven of de transmissie geslaagd was (OK). Als u Aan of Aan+Beeld kiest, wordt dit rapport afgedrukt voor elke fax die u verzendt. 9 Faxjournaal (activiteitenrapport) a b Druk op Menu, 2, 3, 2.
Hoofdstuk 9 Rapporten De volgende rapporten zijn beschikbaar: 1.Verzendrapport Drukt een verzendrapport af van uw laatste transmissie. 9 Een rapport afdrukken a b Een helplijst over u hoe u de machine snel kunt programmeren. Voer het nummer in van het rapport dat u wilt afdrukken. Druk bijvoorbeeld op 2 om de helplijst af te drukken. 3.Kieslijst 4.Fax Journaal In deze lijst staat informatie over de laatste ontvangen en verzonden faxen. (TX: verzenden.) (RX: ontvangen.) 5.
Paragraaf III Kopiëren Kopiëren III 48
10 Kopiëren 10 Kopiëren 10 Meerdere kopieën maken U kunt max. 99 kopieën maken. Kopieermodus activeren 10 a Druk op 10 (Kopie) om de kopieermodus Zorg dat de kopieermodus actief is. te activeren. De standaardinstelling is Fax. U kunt het aantal seconden of minuten wijzigen dat de machine in de kopieermodus blijft. (Tijdklokstand op pagina 18.) b Laad uw document. (Zie Documenten laden op pagina 6.) c Gebruik de kiestoetsen om het aantal kopieën in te voeren (maximaal 99).
Kopiëren Kopieeropties Gebruik de toets Kopie Opties als u de kopieerinstellingen tijdelijk wilt wijzigen voor de volgende kopie. De machine wacht na het kopiëren 1 minuut en schakelt vervolgens over naar de standaardinstellingen of naar de faxmodus als u de tijdklokstand hebt ingesteld. Zie Tijdklokstand op pagina 18 voor meer informatie. 10 Druk op Druk op Menuselectie Opties Pagina Kwaliteit Normaal Snel Fijn 50 Vergr.
Hoofdstuk 10 f De kopieersnelheid en kwaliteit wijzigen 10 U kunt kiezen uit een reeks kwaliteitsinstellingen. De standaardinstelling is Normaal. Als u de instelling van de kwaliteit tijdelijk wilt wijzigen, gaat u als volgt te werk: Druk op a Normaal Normaal is de aanbevolen stand voor gewone afdrukken. Dit zorgt voor goede kopieerkwaliteit met goede kopieersnelheid. Snel Hoge kopieersnelheid en laagste inktverbruik.
Kopiëren c Gebruik de kiestoetsen om het aantal kopieën in te voeren (maximaal 99). d Druk op Kopie Opties en a of b om Vergr./Verklein te selecteren. Druk op OK. e Ga op een van de volgende manieren te werk: Druk op a of b om het gewenste vergrotings- of verkleiningspercentage te selecteren. Druk op OK. Druk op a of b om Custom(25-400%) te selecteren. Druk op OK. Gebruik de kiestoetsen om een vergrotings- of verkleiningspercentage tussen 25% en 400% in te voeren.
Hoofdstuk 10 f g Druk op Mono Start om het document te scannen. Bij gebruik van posterlayout kunt u ook op Kleur Start drukken. Als u een poster aan het maken bent of het document in de ADF geplaatst hebt, scant de machine de pagina's en start met printen. Als u de glasplaat gebruikt, gaat u naar g. U kunt van een foto een kopie op posterformaat maken. Nadat de machine de pagina gescand heeft, drukt u op 1 om de volgende pagina te scannen. Volgende Pagina? 1.Ja 2.
Kopiëren Helderheid, contrast en kleur instellen Helderheid Contrast 10 10 Als u de instelling van de helderheid tijdelijk wilt wijzigen, gaat u als volgt te werk: U kunt het contrast wijzigen om een beeld er scherper en levendiger te laten uitzien. a Druk op Menu, 3, 3. 3.Contrast b Druk op a of b om het contrast te wijzigen. Druk op OK. is. c Druk op Stop/Eindigen. b c Laad uw document. Kleurverzadiging Gebruik de kiestoetsen om het aantal kopieën in te voeren (maximaal 99).
Hoofdstuk 10 Papieropties 10 Papiersoort 10 Als u op speciaal papier kopieert, stel dan de machine in op het type papier dat u gebruikt om de beste afdrukkwaliteit te verkrijgen. a Zorg dat de kopieermodus actief b c Laad uw document. d Druk op Kopie Opties en a of b om Papiersoort te selecteren. Druk op OK. e Druk op a of b om de gebruikte papiersoort te selecteren (Normaal Papier, Inkjetpapier, Brother Fotopap., Ander fotopapier of Transparanten). Druk op OK.
Paragraaf IV Direct foto's printen Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of 56 USB-flashstation Foto's afdrukken vanaf een camera 64 IV
11 Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Een geheugenkaart of USBflashstation gebruiken Opmerking Alleen de MFC-235C biedt ondersteuning voor een USB-flashstation. Werken met PhotoCapture Center™ 11 Afdrukken vanaf een geheugenkaart of USBflashstation zonder een PC U kunt vanaf uw PC toegang krijgen tot een geheugenkaart of USB-flashstation in de machine.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Mapstructuur van geheugenkaarten of een USBflashstation 11 Uw machine is ontworpen om compatibel te zijn met beeldbestanden van moderne digitale camera's en geheugenkaarten; lees echter onderstaande punten om fouten te vermijden: De extensie van het beeldbestand moet .JPG zijn. (Andere extensies voor beeldbestanden, zoals .JPEG, .TIF, .GIF etc., worden niet herkend.
Hoofdstuk 11 Aan de slag De werking van de toets PhotoCapture 11 Steek de kaart of het USB-flashstation correct in de juiste sleuf. 1 2 3 4 5 1 USB-flashstation 2 CompactFlash® 3 SecureDigital™, MultiMediaCard™ 4 Memory Stick®, Memory Stick Pro™ 5 xD-Picture Card™ VOORZICHTIG De USB Direct-interface ondersteunt alleen een USB-flashstation, een PictBridgecompatibele camera of een digitale camera die compatibel is met de standaard USB Mass Storage (USB-massaopslag).
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Afdrukken vanaf een geheugenkaart of USBflashstation 11 Index (miniaturen) afdrukken 11 Het PhotoCapture Center™ wijst aan de afbeeldingen nummers toe (bijvoorbeeld nr.1, nr. 2, nr. 3, enz.). Voordat u een foto afdrukt, moet u een indexblad met miniaturen afdrukken. Op basis van deze index kunt u het nummer van de gewenste foto kiezen.
Hoofdstuk 11 Foto's afdrukken 11 g Druk op a of b om het gebruikte papierformaat te selecteren: Letter, A4, 10x15cm of 13x18cm. Ga naar h als u Letter of A4 selecteert. Ga naar i als u een ander formaat selecteert. Druk op Kleur Start als u klaar bent met het kiezen van instellingen. h Druk op a of b om het afdrukformaat te selecteren: (10x8cm, 13x9cm, 15x10cm, 18x13cm of 20x15cm). Druk op OK. i Ga op een van de volgende manieren te werk: Ga naar j om het aantal kopieën te selecteren.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Afdrukken in DPOF-formaat 11 e Druk op a of b om de gebruikte papiersoort te selecteren: Normaal Papier, Inkjetpapier, Brother Fotopap. of Ander fotopapier. Druk op OK. f Druk op a of b om het gebruikte papierformaat te selecteren: Letter, A4, 10x15cm of 13x18cm. DPOF betekent Digital Print Order Format. Vooraanstaande producenten van digitale camera's (Canon Inc., Eastman Kodak Company, Fuji Photo Film Co. Ltd.
Hoofdstuk 11 PhotoCapture Center™afdrukinstellingen Afdrukformaat 11 Afdruksnelheid en -kwaliteit a b c c 62 11 11 Druk op a of b om Normaal Papier, Inkjetpapier, Brother Fotopap. of Ander fotopapier te selecteren. Druk op OK. a b c Druk op Stop/Eindigen. Druk op Stop/Eindigen. Druk op Stop/Eindigen. 11 c 11 Druk op a of b om de afdruk lichter of donkerder te maken. Druk op OK. U kunt de contrastinstelling wijzigen. Met meer contrast ziet een beeld er scherper en levendiger uit.
Foto's afdrukken vanaf een geheugenkaart of USB-flashstation Trimmen 11 Wanneer uw foto te lang of te breed is voor de ruimte die u hebt geselecteerd, wordt er automatisch een gedeelte van de afbeelding afgesneden. De standaardinstelling is Aan. Wanneer u de hele afbeelding wilt afdrukken, zet u deze instelling op Uit.
12 Foto's afdrukken vanaf een camera Foto's direct afdrukken vanaf een PictBridgecamera Uw digitale camera instellen 12 Controleer of uw camera zich in PictBridgemodus bevindt. De volgende PictBridgeinstellingen zijn mogelijk beschikbaar via het LCD-scherm van uw PictBridge-compatibele camera. Afhankelijk van uw camera zijn bepaalde instellingen wellicht niet beschikbaar. Uw Brother-machine ondersteunt de PictBridge-standaard.
Foto's afdrukken vanaf een camera Instellingen Opties Papierformaat 10×15 cm Papiersoort Glanzend papier Layout Zonder marges: Aan Afdrukkwaliteit Fijn Deze instelling wordt ook gebruikt als er geen menuopties beschikbaar zijn op uw camera. Foto's afdrukken 12 Opmerking Verwijder eventuele geheugenkaarten of het USB-flashstation uit de machine alvorens een digitale camera aan te sluiten.
Hoofdstuk 12 Afdrukken in DPOF-formaat DPOF betekent Digital Print Order Format. Vooraanstaande producenten van digitale camera's (Canon Inc., Eastman Kodak Company, Fuji Photo Film Co. Ltd., Matsushita Electric Industrial Co. Ltd. en Sony Corporation) hebben deze standaard ontwikkeld om het afdrukken van beelden vanaf een digitale camera te vereenvoudigen.
Foto's afdrukken vanaf een camera Foto's afdrukken 12 Opmerking Verwijder eventuele geheugenkaarten of het USB-flashstation uit de machine alvorens een digitale camera aan te sluiten. a Zorg dat uw camera uitstaat. Sluit uw camera aan op de USB Direct-interface (1) op de machine door middel van de USB-kabel.
Hoofdstuk 12 68
Paragraaf V Software Softwarefuncties V 70
13 Softwarefuncties De cd-rom bevat de softwarehandleiding voor de functies die beschikbaar zijn bij aansluiting op een computer (bijvoorbeeld printen en scannen). De handleiding bevat eenvoudig te gebruiken koppelingen, die u rechtstreeks naar een bepaalde sectie leiden als u erop klikt. U kunt informatie vinden over de volgende functies: Afdrukken Scannen c Klik op de titel die u wilt lezen in de lijst links van het venster.
Paragraaf VI Appendices Veiligheid en wetgeving Problemen oplossen en routineonderhoud Menu en functies Specificaties Verklarende woordenlijst VI 72 81 105 115 127
A Veiligheid en wetgeving Een geschikte plaats kiezen Zet de machine op een plat, stabiel oppervlak, bijvoorbeeld een bureau. Kies een trillingvrije plaats. Plaats de machine in de buurt van een telefoonaansluiting en een standaard geaard stopcontact. Kies een plaats uit waar de temperatuur constant tussen 10°C en 35°C ligt. VOORZICHTIG • Zet uw machine niet op een plaats waar veel mensen heen en weer lopen. • Plaats de machine niet op een tapijt.
Veiligheid en wetgeving Veilig gebruik van de machine A Bewaar deze voorschriften a.u.b., zodat u ze later kunt naslaan. Lees ze altijd voordat u onderhoud gaat verrichten. WAARSCHUWING Binnen in de machine bevinden zich hoogspanningselektroden. Controleer voordat u de binnenkant van de machine reinigt of u het telefoonsnoer eerst hebt ontkoppeld en daarna het voedingssnoer uit het stopcontact hebt verwijderd. Zo kunt u een elektrische schok voorkomen. Raak de stekker NOOIT met natte handen aan.
Plaats uw handen NIET op de rand van de machine onder het documentdeksel of onder het scannerdeksel. Hierdoor kunt u verwondingen oplopen. Plaats uw handen NOOIT op de rand van de papierlade onder het deksel van de uitvoerlade. Hierdoor kunt u verwondingen oplopen. Raak de papierinvoerrol NIET aan. Hierdoor kunt u verwondingen oplopen.
Veiligheid en wetgeving Raak de grijze zone in de onderstaande afbeelding NIET aan. Hierdoor kunt u verwondingen oplopen. Wanneer u de machine verplaatst moet u deze van de basis optillen, door een hand aan iedere kant van het toestel te plaatsen (zie afbeelding). Draag de machine NOOIT door het scannerdeksel vast te houden. Gebruik NOOIT ontvlambare vloeistoffen of spuitbussen om de binnen- of buitenkant van de machine te reinigen. Hierdoor kunt u brand veroorzaken of een elektrische schok oplopen.
WAARSCHUWING • Ga bij het installeren of wijzigen van telefoonlijnen voorzichtig te werk. Raak niet-geïsoleerde telefoondraden of aansluitingen nooit aan, tenzij de telefoonlijn uit het stopcontact is getrokken. Installeer telefoonbedrading nooit tijdens onweer. Installeer een stopcontact voor een telefoon nooit op een vochtige plaats. • Installeer dit product in de nabijheid van een goed bereikbaar stopcontact.
Veiligheid en wetgeving 8 Dit apparaat moet worden aangesloten op een spanningsbron zoals die op het etiket staat aangegeven. Als u niet zeker weet welke soort stroom geleverd wordt, neem dan contact op met uw leverancier of het plaatselijke elektriciteitsbedrijf. 9 Gebruik alleen het stroomsnoer dat bij de machine is geleverd. 10 Dit apparaat is voorzien van een 3-draads geaard snoer en een geaarde stekker. Deze stekker past alleen in een geaard stopcontact. Dit is een veiligheidsmaatregel.
BELANGRIJK - Voor uw eigen veiligheid A Voor een veilige werking moet de meegeleverde geaarde stekker in een normaal geaard stopcontact worden gestoken dat via het huishoudelijk net geaard is. Het feit dat dit apparaat naar tevredenheid werkt, betekent niet per se dat de voeding geaard is en dat de installatie volkomen veilig is. Het is voor uw veiligheid van belang dat u in geval van twijfel omtrent de aarding een bevoegd elektricien raadpleegt. Waarschuwing: deze machine moet worden geaard.
Veiligheid en wetgeving Wettelijke beperkingen voor kopiëren A Het maken van reproducties van bepaalde artikelen of documenten met frauduleuze bedoelingen is een strafbaar feit. Deze aantekening is meer bedoeld als richtlijn dan als een volledige opsomming. Wij raden u aan de betreffende instanties in uw eigen land te raadplegen met betrekking tot de wettigheid van een bepaald artikel of document waarover twijfel bestaat.
Handelsmerken Het Brother-logo is een wettig gedeponeerd handelsmerk van Brother Industries, Ltd. Brother is een wettig gedeponeerd handelsmerk van Brother Industries, Ltd. Multi-Function Link is een wettig gedeponeerd handelsmerk van Brother International Corporation. © 2007 Brother Industries, Ltd. Alle rechten voorbehouden. Microsoft en Windows zijn wettig gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de V.S. en andere landen.
B Problemen oplossen en routineonderhoud B Problemen oplossen B Als u denkt dat er een probleem is met uw machine, kijk dan in onderstaande tabel en volg de tips voor het oplossen van problemen. De meeste problemen kunt u zelf eenvoudig oplossen. Indien u extra hulp nodig hebt, biedt het Brother Solutions Center u de meest recente veelgestelde vragen en tips voor het oplossen van problemen. Ga naar http://solutions.brother.com.
Afdrukken (Vervolg) Probleem Suggesties De machine print blanco pagina's. De printkop reinigen (Zie De printkop reinigen op pagina 99.) Tekens en regels overlappen elkaar. De uitlijning controleren. (Zie De uitlijning controleren op pagina 101.) Afgedrukte tekst of afbeeldingen staan scheef. Zorg ervoor dat het papier correct in de papierlade geplaatst is en dat de papiergeleiders aan de zijkant goed staan afgesteld. (Zie Papier en andere media laden op pagina 12.
Problemen oplossen en routineonderhoud Afdrukken (Vervolg) Probleem Suggesties De machine kan geen volledige pagina's van een document afdrukken. Verlaag de printresolutie. (Zie Afdrukken voor Windows® of Afdrukken en faxen Het bericht Geheugen vol wordt weergegeven. voor Macintosh® in de softwarehandleiding op de cd-rom.) Maak uw document minder complex en probeer opnieuw. Verlaag de grafische kwaliteit of verminder het aantal lettertypen in uw toepassing.
Faxen ontvangen Probleem Suggesties Kan geen fax ontvangen. Controleer of de machine in de juiste ontvangststand staat voor uw instelling. (Zie Ontvangststanden op pagina 30.) Als u vaak last hebt van interferentie op de telefoonlijn, kunt u proberen de menuinstelling Compatibiliteit op Minimaal te zetten. (Zie Storing op de telefoonlijn op pagina 94.) Als u uw machine aansluit op PBX of ISDN, moet u de menu-instelling voor Type telefoonlijn aan uw telefoon aanpassen.
Problemen oplossen en routineonderhoud Inkomende oproepen afhandelen Probleem Suggesties De machine registreert een spraakverbinding als faxtonen. Als de functie Fax waarnemen op Aan staat, is uw machine gevoeliger voor geluiden. Uw machine heeft misschien per ongeluk stemmen of muziek op de lijn geïnterpreteerd als faxtonen en reageert dan met faxontvangsttonen. Deactiveer de machine door op Stop/Eindigen te drukken. Probeer dit probleem te vermijden door de functie Fax waarnemen uit te schakelen.
Problemen met scannen Probleem Suggesties Tijdens het scannen verschijnen TWAIN/WIA-fouten. Zorg dat de Brother TWAIN/WIA-driver als primaire bron is geselecteerd. Klik in PaperPort™ 11SE met OCR op Bestand, scannen of foto ophalen en klik op Selecteren om de Brother TWAIN/WIA-driver te selecteren. Slechte scanresultaten bij gebruik van de ADF. (alleen MFC-260C) Gebruik de glasplaat. (Zie De glasplaat gebruiken op pagina 7.
Problemen oplossen en routineonderhoud Foutmeldingen B Zoals met alle verfijnde kantoorproducten, kunnen er fouten optreden. In dergelijke gevallen kan de machine de fout doorgaans zelf identificeren en wordt een foutmelding getoond. De onderstaande lijst geeft een overzicht van de meest voorkomende foutmeldingen. De meeste fouten kunt u zelf corrigeren. Indien u extra hulp nodig hebt, biedt het Brother Solutions Center de meest recente veelgestelde vragen en tips voor het oplossen van problemen.
Foutmelding Oorzaak Geen Beller ID Er zijn geen inkomende gesprekken in het geheugen. U hebt geen gesprekken ontvangen, u hebt de functie nummerweergave niet op uw machine geactiveerd, of u bent niet geabonneerd op de service voor nummerweergave van uw telefoonbedrijf. Geen bestand De geheugenkaart of het USBflashstation in de mediasleuf bevat geen JPG-bestand. Geen Cartridge Een van de inktcartridges is niet goed geïnstalleerd. Geheugen vol Het geheugen van de machine is vol.
Problemen oplossen en routineonderhoud Foutmelding Oorzaak Wat te doen Onbruikb. app. Er is een defect apparaat op de USB Koppel het apparaat los van de USB DirectDirect-interface aangesloten. interface en druk vervolgens op Spaarstand om de machine uit en vervolgens weer aan te zetten. Er is een niet-ondersteund USBOntkoppel het apparaat van de USB DirectOnbruikb apparaat of USB-flashstation op de interface. Apparaat USB Direct-interface aangesloten. USB-Apparaat Loskoppelen. (Ga naar http://solutions.
Foutmelding Oorzaak Wat te doen Zwarte inkt op De aangegeven inktcartridge is leeg. Vervang de lege inktcartridges. (Zie De inktcartridges vervangen op pagina 94.) De machine stopt alle Gele inkt op printbewerkingen. Zolang er Cyaan inkt op geheugen beschikbaar is, worden Magenta inkt op zwart-witfaxen in het geheugen opgeslagen. Als een verzendende machine een kleurenfax heeft, zal de machine tijdens de ‘aansluitbevestiging’ vragen om de fax in zwart-wit te verzenden.
Problemen oplossen en routineonderhoud Het faxjournaal naar een andere faxmachine overbrengen Opmerking B Als u uw Stations-ID nog niet hebt ingesteld, kunt u de faxoverbrengingsstand niet gebruiken. (Zie de informatie over het Uw Stations-ID instellen in de installatiehandleiding.) Om vastlopen van papier in de toekomst te vermijden, het ADF-deksel goed sluiten door er in het midden voorzichtig op te drukken. Het document is in de ADF vastgelopen a b Druk op Menu 9, 0, 2.
Papier vastgelopen in de machine c B Verwijder de klep ter verwijdering van vastgelopen papier (1). Trek het vastgelopen papier uit de machine. Verwijder het vastgelopen papier uit de plaats waar het in de machine is vastgelopen. Open en sluit het scannerdeksel om de fout te wissen. a Trek de papierlade (1) uit de machine. 1 1 b Trek het vastgelopen papier (1) eruit en druk op Stop/Eindigen.
Problemen oplossen en routineonderhoud d Plaats de klep ter verwijdering van vastgelopen papier terug. Controleer of de klep goed is geïnstalleerd. e Til het scannerdeksel (1) op aan de voorkant van de machine, totdat deze in de open stand vergrendeld is. Zorg dat er geen vastgelopen papier in de machine achterblijft. Kijk beide kanten van de inktpatroonhouder na. 1 f Til het scannerdeksel op om de vergrendeling los te maken (1).
Kiestoondetectie B Wanneer u een fax automatisch verzendt, wacht uw machine standaard een bepaalde tijd, alvorens te beginnen met het kiezen van het nummer. Door de instelling van de kiestoon te wijzigen in Detectie kunt u uw machine laten kiezen zodra er een kiestoon wordt gevonden. Deze instelling kan wat tijd besparen bij het versturen van één fax naar een aantal verschillende nummers. Als u de instelling wijzigt en problemen krijgt met kiezen, moet u de standaardinstelling GEEN detectie herstellen.
Problemen oplossen en routineonderhoud b Trek de ontgrendelingshendel naar beneden en verwijder de inktcartridge van de kleur die op het LCD-scherm getoond wordt. d Verwijder het gele beschermkapje (1). 1 Onjuiste configuratie Raak het gebied uit de onderstaande afbeelding NIET aan. Opmerking c Als het gele beschermkapje loskomt terwijl u de verpakking opent, zal de cartridge niet beschadigd worden.
f Til elke ontgrendelingshendel op en duw erop tot u een klik hoort, en sluit vervolgens het deksel van de inktcartridge. VOORZICHTIG Verwijder GEEN inktcartridges, als deze niet vervangen hoeven te worden. Als u dit toch doet, kan dit de hoeveelheid inkt verminderen en weet de machine niet hoeveel inkt er nog in de cartridge zit. Raak de houders voor de cartridges NIET aan. Als u dat doet, kan de inkt vlekken op uw huid achterlaten.
Problemen oplossen en routineonderhoud De buitenkant van de machine schoonmaken d Stof de binnen- en buitenkant van de papierlade met een zachte doek af. e Sluit het deksel van de uitvoerpapierlade en plaats de papierlade stevig terug in de machine. B VOORZICHTIG Gebruik neutrale schoonmaakmiddelen. Reiniging met vloeistoffen die vervliegen, zoals verdunner of benzine, beschadigt de buitenkant van de machine. Gebruik GEEN schoonmaakmiddelen die ammoniak bevatten.
b (alleen MFC-260C) Reinig op de ADF de witte balk (1) en de glazen strook (2) met een zachte, pluisvrije doek die is bevochtigd met een niet-ontvlambaar glasreinigingsmiddel. De geleiderol van de machine reinigen B WAARSCHUWING Haal het netsnoer van de machine uit het stopcontact voordat u de geleiderol (1) schoonmaakt. 1 a 2 Maak de geleiderol (1) en het gebied eromheen schoon door met een zachte, droge, pluisvrije doek de gemorste inkt op te vegen.
Problemen oplossen en routineonderhoud VOORZICHTIG Leg de klep ter verwijdering van vastgelopen papier niet ondersteboven neer, zoals in de illustratie. De klep kan hierdoor beschadigd raken, waardoor het papier kan vastlopen. De printkop reinigen B De printkop wordt automatisch gereinigd, zodat de afdrukkwaliteit optimaal blijft. Als de afdrukkwaliteit te wensen overlaat, kunt u het reinigingsproces handmatig starten.
De afdrukkwaliteit controleren h B Reinigen starten Als er fletse of gestreepte kleuren en tekst verschijnen op uw uitvoer, kunnen enkele spuitmondjes verstopt zijn. U kunt dit controleren door de Testpagina afdrukkwaliteit te printen en naar het patroon van de spuitmondjes te kijken. a b Druk op Inkt. c Druk op a of b om Printkwaliteit te selecteren. Druk op OK. d Druk op Kleur Start. De machine begint de Testpagina afdrukkwaliteit te printen.
Problemen oplossen en routineonderhoud De uitlijning controleren B g Het kan zijn dat u de uitlijning moet afstellen, als na het transport van de machine de afgedrukte tekst vlekkerig is of de afbeeldingen flets zijn. a b c d Pas 1200dpi aan Beste kiezen#5 Druk op Inkt. h Druk op a of b om Testafdruk te selecteren. Druk op OK. Het inktvolume controleren Druk op a of b om Instel kantlijn te selecteren. Druk op OK. Druk op Mono Start of Kleur Start.
Informatie over de machine Het serienummer controleren U kunt het serienummer van de machine nakijken op het scherm. a B B De machine inpakken en vervoeren B Wanneer u de machine transporteert, gebruik dan het oorspronkelijke verpakkingsmateriaal van de machine. Als u de machine niet goed inpakt, kan uw garantie vervallen. Druk op Menu, 6, 1. VOORZICHTIG 1.Serienummer XXXXXXX b Druk op Stop/Eindigen. Het is belangrijk dat u de machine na een afdruktaak de printkop laat ‘parkeren’.
Problemen oplossen en routineonderhoud c Installeer de gele bescherming, til elke ontgrendelingshendel op en duw erop tot u een klik hoort; sluit vervolgens het kapje van de cartridge. g Til het scannerdeksel op om de vergrendeling (1) los te maken. Druk de steun van het scannerdeksel voorzichtig naar beneden (2) en sluit het scannerdeksel (3). VOORZICHTIG Als u de gele bescherming niet kunt vinden, mag u de inktcartridges NIET verwijderen als u de machine gaat vervoeren.
h 104 Verpak de machine in de plastic tas en doe deze in de originele doos met het originele verpakkingsmateriaal. i Verpak de afgedrukte materialen in de originele doos zoals hieronder aangegeven. Plaats de gebruikte inktcartridges niet in de doos. j Sluit de doos en maak deze dicht met verpakkingstape.
C Menu en functies Programmeren op het scherm C C Het menu openen. Naar volgend menuniveau. Optie accepteren. Terug naar het vorige menuniveau. C U kunt uw machine programmeren met behulp van de menutabel die begint op pagina 105. Op deze pagina's worden de menuselecties en -opties opgesomd. Druk op Menu gevolgd door de menunummers om uw machine te programmeren. Doe bijvoorbeeld het volgende om het volume van de waarschuwingstoon in te stellen op Laag.
De programmeermodus openen: a b Druk op Menu. Kies een optie. Druk op 1 voor het menu Standaardinst. Druk op 2 voor het menu Fax. Druk op 3 voor het menu Kopie. Druk op 0 voor Stand.instel. U kunt sneller door ieder menuniveau bladeren door op a of b te drukken voor de gewenste richting. c Druk op OK wanneer die optie op het LCD-scherm verschijnt. Op het LCD-scherm wordt vervolgens het volgende menuniveau weergegeven. d Druk op a of b om naar uw volgende menuselectie te bladeren.
Menu en functies Menutabel C De menutabel helpt u de menuselecties en -opties te begrijpen die u in de programma's van de machine tegenkomt. De fabrieksinstellingen zijn vetgedrukt en met een sterretje weergegeven. Selecteer & OK Hoofdmenu Submenu Selecteer & OK Menuselecties 1.Standaardinst. 1.Tijdklokstand — accepteren afsluiten Opties Omschrijvingen 0 Sec. 18 Hiermee kunt u de tijd instellen om terug te keren naar de faxmodus. 30 Sec. Pagina 1 Min 2 Min.* 5 Min. Uit 2.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 1.Standaardinst. 4.Volume 1.Belvolume Uit Hiermee kunt u het belvolume aanpassen. 19 (Vervolg) Laag Half* Hoog 2.Waarsch.toon Uit Laag* Half Hiermee kunt u het volume 19 van de waarschuwingstoon aanpassen. Hoog 3.Luidspreker Uit Laag Hiermee kunt u het volume 20 van de luidspreker aanpassen. Half* Hoog 5.Aut. zomertijd — Aan* Uit 6.P.Bewaar inst. — Faxontv:Aan* Faxontv:Uit 7.LCD Contrast — Licht Donker* 2.Fax 1.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu 2.Fax (Vervolg) Menuselecties Opties Omschrijvingen 1.Ontvangstmenu 4.Afstandscode Aan* (l51, #51) (alleen in de faxmodus) Uit U kunt alle telefoontjes op 40 een tweede of een extern toestel aannemen en deze codes gebruiken om de machine te activeren of deactiveren. U kunt deze codes wijzigen. (Vervolg) 5.Auto reductie Aan* Uit 6.Geheugen ontv. Aan* Uit 2.Verzendmenu 1.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties 2.Fax 3.Kies rapport 2.Journaal tijd Uit (Vervolg) (Vervolg) Na 50 faxen* Omschrijvingen Pagina 45 Elke 6 uur Elke 12 uur Elke 24 uur Elke 2 dagen Elke 7 dagen 4.Rest. jobs — — 26 Hiermee kunt u controleren welke taken in het geheugen zitten en kunt u geselecteerde taken annuleren. 0. Diversen 1.Verzendslot — Hiermee wordt voorkomen 21 dat onbevoegde gebruikers de huidige instellingen van de machine wijzigen. 2.
Menu en functies Hoofdmenu Submenu Menuselecties 3.Kopie 4.Kleuren aanp. 1.Rood (Vervolg) Opties Omschrijvingen Pagina R:- nnnno + Hiermee kunt u de hoeveelheid rood in kopieën aanpassen. 53 R:- nnnon + C R:- nnonn +* R:- nonnn + R:- onnnn + 2.Groen G:- nnnno + G:- nnnon + Hiermee kunt u de hoeveelheid groen in kopieën aanpassen. G:- nnonn +* G:- nonnn + G:- onnnn + 3.Blauw B:- nnnno + B:- nnnon + Hiermee kunt u de hoeveelheid blauw in kopieën aanpassen.
Hoofdmenu Submenu Menuselecties Opties Omschrijvingen Pagina 4. Fotocapture 4.Afm. afdruk — 10x8cm 62 (Vervolg) 13x9cm Hiermee kunt u kunt u het afdrukformaat selecteren. (Verschijnt wanneer A4 of Letter is geselecteerd in het menu Papierformaat.) Hiermee kunt u de helderheid instellen. 62 Hiermee kunt u het contrast instellen. 62 15x10cm* 18x13cm 20x15cm 5.Helderheid — - nnnno + - nnnon + - nnonn +* - nonnn + - onnnn + 6.Contrast — - nnnno + - nnnon + - nnonn +* - nonnn + - onnnn + 7.
Menu en functies Opties Omschrijvingen Pagina 5.Print lijsten 1.Verzendrapport — — Drukt een verzendrapport af van uw laatste transmissie. 46 2.Help — — Hiermee wordt de helplijst afgedrukt, zodat u in een oogopslag kunt zien hoe u snel uw machine kunt programmeren. 46 3.Kieslijst — — Een lijst van namen en nummers die zijn opgeslagen in het snelkiesgeheugen. De nummers staan in numerieke volgorde in de lijst. 46 4.
Tekst invoeren Speciale tekens en symbolen C Tijdens het instellen van bepaalde menuselecties, zoals de Stations-ID, moet u wellicht tekst in de machine invoeren. Op de meeste cijfertoetsen staan ook drie of vier letters. Op de toetsen 0, # en l staan geen letters, omdat deze toetsen voor speciale tekens worden gebruikt. U verkrijgt het gewenste teken door meermaals op de betreffende cijfertoets te drukken.
D Specificaties D Algemeen D D Geheugencapaciteit 16 MB ADF (automatische documentinvoer) Max.
Afmetingen (MFC-235C) 360 mm 150 mm 398 mm 351 mm 443 mm (MFC-260C) 370 mm 180 mm 398 mm 351 mm 443 mm Gewicht 7,3 kg (MFC-235C) 8,0 kg (MFC-260C) Geluidsemissie In bedrijf: 50 dB of minder 1 Temperatuur In bedrijf: 10 tot 35°C Beste afdrukkwaliteit: 20 tot 33°C In bedrijf: 20 tot 80% (niet condenserend) Beste afdrukkwaliteit: 20 tot 80% (niet condenserend) Vochtigheid 1 Dit is afhankelijk van de omstandigheden waarin wordt afgedrukt.
Specificaties Afdrukmedia Papierinvoer D Papierlade Papiersoort: D Normaal papier, inkjetpapier (gecoat papier), glanzend papier 2, transparanten 1 2 en enveloppen Papierformaat: Letter, Legal, Executive, A4, A5, A6, JIS_B5, enveloppen (commercial No.10, DL, C5, Monarch, JE4), Fotokaart, Indexkaart en Briefkaart 3. Breedte: 89 mm - 216 mm Hoogte: 127 mm - 356 mm Zie Gewicht, dikte en capaciteit papier op pagina 11 voor meer informatie.
Fax Compatibiliteit Coderingssysteem Modemsnelheid Documentgrootte Scanbreedte Afdrukbreedte Grijswaardenschaal Contrastregeling Resolutie Snelkiezen Groepen Groepsverzenden 1 Automatisch opnieuw kiezen Belvertraging Bron van communicatie Verzenden vanuit het geheugen Ontvangst zonder papier (Geh.ontvangst) D ITU-T groep 3 MH/MR/MMR/JPEG Automatische terugval 14.400 bps Breedte ADF: (MFC-260C) 148 mm tot 216 mm Hoogte ADF: (MFC-260C) 148 mm tot 355,6 mm Breedte glasplaat: max.
Specificaties Kopiëren D Kleur/Monochroom Ja/Ja Documentgrootte Breedte ADF: (MFC-260C) D 148 mm tot 216 mm Hoogte ADF: (MFC-260C) 148 mm tot 355,6 mm Breedte glasplaat: max. 216 mm Hoogte glasplaat: max. 297 mm Kopieersnelheid (MFC-235C) Mono: max. 18 pagina's/minuut (A4-papier) 1 Kleur: max. 16 pagina's/minuut (A4-papier) 1 (MFC-260C) Mono: max. 20 pagina's/minuut (A4-papier) 1 Kleur: max. 18 pagina's/minuut (A4-papier) 1 Meerdere kopieën Sets van max.
PhotoCapture Center™ Opmerking Alleen de MFC-235C biedt ondersteuning voor een USB-flashstation. Beschikbare media 1 CompactFlash® (alleen type I) (Microdrive™ is niet compatibel) (Compacte I/O-kaarten zoals de Compact LAN-kaart en de Compact Modem-kaart worden niet ondersteund.
Specificaties PictBridge Compatibiliteit D Ondersteunt de Camera & Imaging Products Association PictBridge standaard CIPA DC-001. Ga naar http://www.cipa.jp/pictbridge voor meer informatie.
Scanner D Kleur//Monochroom Ja/Ja TWAIN-compatibel Ja (Windows® 2000 Professional/XP/XP Professional x64 Edition/Windows Vista™/Windows Vista™ x64 Edition) Mac OS® X 10.2.4 of recenter WIA-compatibel Ja (Windows® XP 1/Windows Vista™) Kleurintensiteit 36-bits kleurverwerking (invoer) 24-bits kleurverwerking (uitvoer) (Werkelijke invoer: 30-bits kleur/Werkelijke uitvoer: 24-bits kleur) Resolutie Max. 19.200 x 19.200 dpi (geïnterpoleerd) 2 Max. 600 × 2400 dpi (optisch) Scansnelheid Kleur: max.
Specificaties Printer Printerdriver D Driver voor Windows® 2000 Professional/XP/XP Professional x64 Edition/Windows Vista™/Windows Vista™ x64 Edition ter ondersteuning van Brother Native Compression-modus Mac OS® X 10.2.4 of recenter: Brother-inktdriver Resolutie Max. 1200 × 6000 dpi 1200 × 2400 dpi 1200 × 1200 dpi 600 × 600 dpi 600 × 300 dpi 600 × 150 dpi Afdruksnelheid (MFC-235C) Mono: max. 25 pagina's/minuut 1 Kleur: max. 20 pagina's/minuut 1 (MFC-260C) Mono: max. 27 pagina's/minuut 1 Kleur: max.
Interfaces USB D Een USB 2.0-interfacekabel die niet langer is dan 2,0 m. 1 2 1 Uw machine heeft een full-Speed USB 2.0-interfacekabel. Deze interface is compatibel met een Hi-Speed USB 2,0; de maximale gegevensoverdrachtsnelheid is echter 12 Mbits/sec. De machine kan ook worden verbonden met een computer die over een USB 1.1 interface beschikt. 2 USB-poorten van andere merken worden niet ondersteund voor Macintosh®.
Specificaties Vereisten voor de computer D ONDERSTEUNDE BESTURINGSSYSTEMEN EN SOFTWAREFUNCTIES Aanbevolen Vereiste Processor Ondersteunde Besturingssystemen Interface hoeveelheid hardesch (minimaal) functies RAM ijfruimte ® 1, 5 2000 ® Afdrukken, USB 256 MB 480 MB Intel Windows Professional PC-Fax ® Pentium II of verzenden 4 XP Home gelijkwaardige AMD XP Professional Scannen, Verwisselb AMD Opteron™ 512 MB XP Professional are schijf 3 x64 Edition AMD Athlon™64 Intel® Xeon™ met Intel® EM64T Windows Vista
Verbruiksartikelen Inkt De machine gebruikt aparte inktcartridges in Zwart, Geel, Cyaan en Magenta die los staan van de printkopset. Gebruiksduur van inktcartridge Vervanging inktcartridges Wanneer u de eerste keer een set inktcartridges installeert, gebruikt de machine een hoeveelheid inkt om de inktleidingen te vullen voor afdrukken van hoge kwaliteit. Dit proces hoeft slechts één keer te worden uitgevoerd. Met alle daaropvolgende inktcartridges kunt u het gespecificeerde aantal pagina’s afdrukken.
E Verklarende woordenlijst E Dit is een uitvoerige lijst van functies en termen die voorkomen in Brotherhandleidingen. Beschikbaarheid van deze functies is afhankelijk van het model dat u heeft aangeschaft. ADF (automatische documentinvoer) Het document kan in de ADF worden geplaatst, waarbij iedere pagina om beurten automatisch wordt gescand. Antw.app. (antwoordapparaat) U kunt een extern antwoordapparaat op uw machine aansluiten. Autom.
ECM (Foutencorrectie) Deze functie controleert tijdens een faxtransmissie of er fouten optreden en verzendt de pagina's met fouten opnieuw. Grijswaardenschaal De grijstinten die voor het kopiëren, scannen en faxen van foto's worden gebruikt. Extern toestel Een antwoordapparaat of telefoontoestel dat op uw machine is aangesloten. Groepsnummer Een combinatie van snelkiesnummers die zijn opgeslagen onder snelkieslocaties en die worden gebruikt voor het rondsturen van faxen.
Verklarende woordenlijst LCD-scherm (liquid crystal display) Dit is het schermpje op uw machine waarop tijdens het programmeren meldingen verschijnen. Wanneer de machine inactief is, worden op dit schermpje de datum en de tijd aangegeven. Nummerweergave Een service geleverd door het telefoonbedrijf, waarmee u het nummer (of de naam) ziet van degene door wie u gebeld wordt.
Superfijne resolutie (alleen monochroom) 392 × 203 dpi. Ideaal voor kleine afdrukken en lijntekeningen. Tijdelijke instellingen Voor elke faxtransmissie en kopie kunt u bepaalde opties selecteren zonder de standaardinstellingen te wijzigen. Toon Een kiesmethode die gebruikt wordt bij toetstelefoons. Transmissie Het vanaf uw machine over de telefoonlijn verzenden van faxen naar een andere faxmachine.
F Index A C Aansluiten extern antwoordapparaat ......................38 extern toestel ........................................39 Aansluiting op meerdere lijnen (PBX) ......39 Aansluitingen EXT antwoordapparaat ..............................38 extern toestel .....................................38 ADF (automatische documentinvoer) .......... 6, 24 Afdrukken drivers .................................................123 foto's .....................................................60 gebied .................
Fax/Telefoon, stand belvertraging .........................................32 code voor aannemen van telefoon .......................................... 39, 40 dubbel belsignaal (telefoongesprekken) ............................32 F/T-beltijd ..............................................32 Faxontvangstcode .......................... 39, 40 op tweede toestel aannemen ......... 39, 40 Faxcodes code voor activeren op afstand ...... 33, 39 code voor deactiveren op afstand .......................................
O Onderhoud, routine ..................................94 inktcartridges vervangen .......................94 Ontvangststand ........................................30 Alleen Fax .............................................30 Fax/Telefoon .........................................30 Handmatig ............................................30 Telefoon/Beantw. ..................................30 Opslag in geheugen ...............................105 PhotoCapture Center™ ..................... 86 scannen .........
S V Scannen Zie Softwarehandleiding op de cd-rom. .... Serienummer achterhalen Zie binnenkant frontdeksel ..................... Snelkiezen nummers instellen .................................43 wijzigen .................................................43 Speciale telefoonfuncties op enkele lijn .................................................85 Stroomstoring .........................................105 Vastgelopen document .............................................. 91 papier .........................
OPMERKING Dit apparaat bevat een Ni-MH batterij voor memory back-up. Raadpleeg uw leverancier over de verwijdering van de batterij op het moment dat u het apparaat bij einde levensduur afdankt. Gooi de batterij niet weg, maar lever hem in als Klein Chemisch Afval. Bij dit produkt zijn batterijen geleverd. Wanneer deze leeg zijn, moet u ze niet weggooien maar inleveren als KCA.
Bezoek ons op World Wide Web http://www.brother.com Deze machine is uitsluitend goedgekeurd voor gebruik in het land van aankoop. Lokale Brotherbedrijven of -leveranciers bieden alleen ondersteuning voor machines die in het land van vestiging zijn aangeschaft.