Operation Manual

27
2
Steken selecteren
Selecteer de gewenste steek met de
steekselectietoetsen.
Wanneer u de naaimachine aanzet, is de rechte
steek ( linker naaldstand) geselecteerd.
a
Zet de naaimachine aan.
b
Druk op (steekselectietoetsen). Het
nummer van de geselecteerde steek verschijnt.
Druk op de “+” of de “–” van om één
nummer hoger of lager te gaan. Door te
drukken op aan de rechterkant wijzigt u het
cijfer rechts en door te drukken op aan de
linkerkant wijzigt u het cijfer links
.
X De steek is geselecteerd.
c
Bevestig de persvoet.
Opmerking
Welke persvoet u moet gebruiken wordt
aangegeven door de letter (G, A, J, N, of R)
onder rechts van het steeknummer.
d
Pas zo nodig de steeklengte en steekbreedte
aan.
Bijzonderheden over het naaien met de
respectievelijke naaisteken vindt u in het
volgende voorbeeld.
[Voorbeeld] Selectie van steek .
a
Druk op de steekselectietoetsen om steek 04 te
selecteren.
Met aan de rechterkant selecteert u “4” en met
aan de linkerkant selecteert u “0”.
b
Druk op de “+” of de “–” van
(steeklengtetoets) om de steek langer of korter
te maken.
a Steeklengtetoets
b Kort
c Lang
c
Druk op de “+” of de “–” van
(steekbreedtetoets) om de steek breder of
smaller te maken.
a Steekbreedtetoets
b Smal
c Breed
Opmerking
Wanneer u de standaardinstelling van de
steeklengte of steekbreedte wijzigt,
verdwijnt rond of op de LCD-
display. Wanneer u de standaardinstelling
van de steeklengte of steekbreedte herstelt,
verschijnt weer rond of op de
LCD-display.
Als u de steekbreedte van de geselecteerde
steek niet kunt wijzigen, verschijnt “--”
rechts van op de LCD-display.
Nadat u de steekbreedte hebt aangepast, draait
u het handwiel langzaam naar u toe (tegen de
klok in) om te controleren of de naald de
persvoet niet raakt. Als de naald de persvoet
raakt, kan de naald verbuigen of breken.
Wanneer de steken te dicht op elkaar zitten,
vergroot u de steeklengte. Wanneer u verder
gaat met naaien terwijl de steken te dicht op
elkaar zitten, kan de naald verbuigen of breken.
VOORZICHTIG