Button Manager User’s Guide

40
5. Het venster Printerconfiguraties wordt geopend.
6. Selecteer de printer waarmee u de gescande afbeeldingen wilt afdrukken.
OPMERKING
Klik op Eigenschappen, wijzig printerinstellingen en klik op OK als u de instellingen van de
geselecteerde printer wilt wijzigen.
7. Klik op de tab Opties. Het venster Opties wordt geopend .
8. Schakel de selectievakjes in bij de functies die u wilt inschakelen:
Bestanden verwijderen na afdrukken: De gescande afbeeldingen worden na het afdrukken
verwijderd.
Auto kleurdetectie: Het afbeeldingstype van de gescande afbeelding detecteren en de
afbeelding overeenkomstig afdrukken. Als de gescande afbeelding bijvoorbeeld een
afbeelding in kleur is, wordt de afbeelding in kleur afgedrukt (als de geselecteerde printer
een kleurenprinter is); als de gescande afbeelding een afbeelding in zwart-wit is, wordt de
afbeelding afgedrukt in zwart-wit.