Installation Instructions
20 Installatievoorschriften Advance 4e druk april 2009
Hoofdstuk 5 Storing
5.1 Storingsanalyse
Wanneer de regeling een storing detecteert, wordt dit op het
display weergegeven door middel van het knipperende tekst-
symbool “Service” tezamen met een F-code (Fout-code).
Als voorbeeld is hier weergegeven de storing F9; dit betekent
dat er iets fout is met de bedrading naar de buitentemperatuur-
voeler of met de voeler zelf.
Het toestel blijft in deze storing staan totdat het betreffende
probleem is opgelost; hierna zal het toestel zichzelf resetten
(Auto reset) en keert het display terug naar de weergave van
de bedrijfssituatie.
De tabel bij paragraaf 5.2 geeft een overzicht van de storingen,
de mogelijke oorzaken en de te ondernemen acties.
6026-A
5.2 Foutcodes
Foutcode Oorzaak Actie installateur
F1
De CO
2
-sensor die de luchtkwaliteit van de
afzuiglucht meet is defect.
Het toestel draait op basis van “Basic venti
-
lation”.
• Controleer de bedrading van de CO
2
-sensor naar de regelprint.
• Controleer de aansluiting van de CO
2
-sensor op de regelprint.
• Vervang indien nodig de CO
2
-sensor.
F2
De toevoerventilator staat stil.
Ook de afvoerventilator stopt in dit geval
• Controleer de bedrading en steker van de regelprint naar de toe
-
voerventilator.
• Vervang indien nodig de toevoerventilator.
F5
De afvoerventilator staat stil.
Ook de toevoerventilator stopt in dit geval
• Controleer de bedrading en steker van de regelprint naar de af
-
voerventilator.
• Vervang indien nodig de afvoerventilator.
F9
De temperatuurvoeler die de temperatuur van
de aangezogen buitenlucht meet is defect.
Beide ventilatoren staan stil.
• Controleer de bedrading van de voeler naar de regelprint.
• Controleer de aansluiting van de voeler op de bedrading.
• Vervang indien nodig de temperatuurvoeler.
F10
De vochtsensor die de relatieve vochtigheid
van de afzuiglucht meet is defect.
Het toestel werkt normaal maar regelt niet
meer op de vochtigheidssensor. Toestel draait
op “Basic ventilation”.
• Controleer de bedrading van de RHT-sensor naar de regelprint.
• Controleer de aansluiting van de RHT-sensor op de bedrading.
• Vervang indien nodig de RHT-sensor.










