Operation Manual
TW2
7
5 Bediening
De TW2 is geen zelfstandige regelaar, maar een
afstandsbediening met of zonder ruimtetempe-
ratuur correctiemogelijkheid en verschuift naar
gelang de stooklijn van buitentemperatuurrege-
ling.
Voor een bedrijfzekere functie, moet de regelaar
correct ingesteld zijn (b.v. stooklijn).
Aanwijzing:
Bij de regelingen van de serie
TA … moet de functieschakelaar
op stand b.v.
of staan.
Bedieningsfuncties van de afstandsbediening
(afb. ):
e Functiekeuzeschakelaar
f Instelknop
g Korte gebruiksaanwijzing:
In de uitsparing aan de rechterzijde van
de regelaar bevindt zich een beknopte
gebruiksaanwijzing
h Schuifschakelaars (afb )
5.1Functiekeuzeschakelaar (e)
Met deze schakelaar kan uit de navolgende
functies gekozen worden.
Vorstbeveiligingsstand:
•Bij een buitentemperatuur van boven
+4 °C, wordt de ketel (pomp en bran-
der) afgeschakeld.
Indien een mengklep gemonteerd is,
gaat deze naar stand „dicht”. De pomp
in dit circuit loopt.
•Bij een buitentemperatuur onder +3 °C,
wordt de ketel ingeschakeld op de mini-
male temperatuur, ingesteld op de TA.
De pomp loopt.
Indien een mengklep gemonteerd is, re-
gelt deze op +10 °C aanvoertemperatu-
ur, de circuitpomp loopt.
Normaal bedrijf
De temperatuur wordt blijvend op de inge-
stelde waarde geregetl, zoals ingesteld met
draaiknop (f) (zie hoodstuk: „Temperatuur-
bereik”.
Continuverlaging:
•Zonder ruimtecompensatie:
De aanvoertemperatuur wordt ten op-
zichte van de ingestelde stooklijn ca.
25 K verlaagd.
•Met ruimtecompensatie:
De ruimtetemperatuur wordt ten opzich-
te van de ingestelde stooklijn ca. 3 K ver-
laagd.
De draaiknop (f) heeft op stand continuver-
laging geen functie en de op de TA-rege-
laar ingestelde verlaging heeft geen invlo-
ed. De pomp loopt.
Automatisch schakelen
De temperatuurregeling schakelt automa-
tisch tussen normaal en verlaging of tussen
normaal- en vorstbeveiligingsbedrijf.
Het wisselen volgens ingesteld programma
( of ) of conform de programme-
ring van de schakeltijden in de TA-regelaar.
5.2Draaiknop (f)
Met deze draaiknop kan de op de TA.. regelaar
ingestelde stooklijn parallel verschoven worden.
–Aanvoertemperatuur met draaiknop instellen.
Per deelstreep wordt de aanvoertemperatuur
ca. 4 K (°C) verhoogt of verlaagd. De ruimte-
temperatuur verandert afhankelijk van de
aanvoertemperatuur per deelstreep ca. 0,5 K
(zie hoofdstuk: „Temperatuurbereik”).
5.3Schuifschakelaar (h)
–Bovendeel van de afstandsbediening (a) van
sokkel (b) losnemen.
Op de achterzijde van het bovendeel (a) van
de regelaar bevindt zich op de printplaat een
schuifschakelaar (h).
–Ruimtetemperatuurcompensatie met de
schakelaar in- of uitschakelen.
•Stand
O = geen ruimtetemperatuur-
compensatie (af fabriek).
•Stand
●
= met ruimtetemperatuurcom-
pensatie.
1
3










