Umschlag_BO_NL_260608.
Umschlag_BO_NL_260608.fm Page 2 Thursday, June 26, 2008 9:54 AM ...........
Gebruiksaanwijzing 1-16 | Montage- en installatievoorschrift 17-34 Gebruiksaanwijzing Hierop moet u letten _________________________________________ 3 Veiligheidsvoorschriften ............................................................................... 4 Materiële schade .......................................................................................... 6 Uw nieuwe apparaat _________________________________________ 7 De bedieningsknoppen .........................................................
2
Hierop moet u letten Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en veilig bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift goed, samen met de verschillende toebehoren. Geeft u het apparaat door aan anderen, doe de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de toebehoren er dan bij. Transportschade Controleer het apparaat na het uitpakken. Bij transportschade mag u het apparaat niet aansluiten.
Veiligheidsvoorschriften Dit apparaat is alleen voor huishoudelijk gebruik bestemd. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten. Volwassenen en kinderen mogen het apparaat niet zonder toezicht gebruiken • wanneer ze daartoe lichamelijk niet in staat zijn, • of wanneer ze niet over de kennis en ervaring beschikken om het apparaat veilig te bedienen. Hete oppervlakken Verbrandingsgevaar! Nooit de hete gas-kookzones aanraken. Houd kinderen altijd uit de buurt.
Onvoldoende ventilatie bij het koken op gaskookzones Nooit de gas-kookzones gebruiken in nietgeventileerde ruimtes. Bij gaskookzones komt extra warmte en vocht vrij. Bij een langere kooktijd de afzuigkap inschakelen of intensief ventileren. Brandgevaar! Nooit de afzuigkap inschakelen wanneer de kookzones niet met kook- of bakgerei zijn afgedekt. Vetresten in het filter van de afzuigkap kunnen in brand vliegen. Door de grote hitte kan de afzuigkap worden beschadigd.
Materiële schade Schade aan de kookplaat Gebruik de gas-kookzones alleen wanneer er kookof bakgerei opstaat. Verwarm geen lege pannen. De bodems van de pannen raken dan beschadigd. Zorg ervoor dat de pannen niet leegkoken. Dit geldt vooral voor email- en aluminiumpannen. De bodem van de pan moet schoon en droog zijn. Let bij speciaal kook- en bakgerei op de informatie van de fabrikant. Aluminiumfolie of vormen van kunststof smelten op de hete gas-kookzones.
Uw nieuwe apparaat Hier leert u uw nieuwe apparaat kennen. U krijgt informatie over het bedieningspaneel, de kookplaat en de toebehoren.
De kookzones Normale brander (1,75 kW) Sterke brander (3,00 kW) Wokbrander met twee ringen (4,50 / 4,20 kW) Spaarbrander (1,00 kW) Pannenhouder Normale brander (1,75 kW) Soorten branders Bedieningsknop gasbrander Gas- en wokbrander Diameter van de pan Spaarbrander 12-14 cm Normale brander 14-20 cm Sterke brander 20-24 cm Wokbrander met twee ringen 22-32 cm Met de bedieningsknoppen kunt u het verwarmingsvermogen van de gasbranders instellen.
Bedieningsknoppen wokbrander Met de bedieningsknoppen kunt u het verwarmingsvermogen van de wokbrander met twee ringen instellen. Stand Betekenis = Uit Normale vlam, binnenste ring op maximum Zwakke vlam, binnenste ring op minimum Zeer sterke vlam, binnenste en buitenste ring op maximum Sterke vlam, binnenste en buitenste vlam op minimum Aan het einde van het instelbereik bevindt zich een aanslag. Niet verder draaien.
Voor het eerste gebruik Neem de volgende aanwijzingen in acht voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt. Verwijder de verpakking, voer deze naar behoren af en maak het apparaat schoon. Enkele onderdelen zijn voorzien van kraswerende folie. U dient deze te verwijderen. Neem de pannenhouders weg. Roestvrij stalen plaat reinigen Branderdeksels en -kelken van de normale, spaar- en sterke brander reinigen A Hiervoor gaat u als volgt te werk: 1. Reinig het oppervlak grondig met een zachte, vochtige doek.
Zo bedient u de kookplaat Let erop dat de branderdeksel altijd exact op de branderkelk zit. De sleuven bij de branderkelk moeten vrij zijn. Alle onderdelen dienen droog te zijn. Gasbranders in- en uitschakelen Gasbranders inschakelen 1. Druk op de bedieningsknop voor de gewenste kookstand en draai deze op stand . De gasbrander ontsteekt. 2. De bedieningsknop enkele seconden ingedrukt houden, tot de vlam zich gestabiliseerd heeft. 3. Stel de gewenste vlamgrootte in.
Reinigen en onderhouden m Gebruik nooit een hogedrukreiniger of een stoomstraalapparaat! Gevaar voor kortsluiting! Gebruik nooit scherpe of schurende schoonmaakmiddelen. Het oppervlak kan beschadigd worden. Wanneer zo'n middel op de voorzijde terechtkomt, neem het dan direct af met water. Maak geen apparaatonderdelen die nog heet zijn. Het juiste reinigingsmiddel gebruiken Gebruik geen reinigingsmiddelen die schurende stoffen of zuren bevatten, of reinigingshulpen zoals staalwol of -sponzen.
Apparaatbestanddeel Reinigingsmiddel en -hulp Pannenhouders (wokring) • Warm zeepsop gebruiken. • De pannenhouders niet schoonmaken in de vaatwasmachine. Storingen en servicedienst Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Neem alstublieft de volgende aanwijzingen in acht voor u de servicedienst belt. Aanwijzingen voor oplossingen Storing Mogelijke oorzaak Het apparaat werkt niet Zekering defect. Controleer in de meterkast of de zekering voor het toestel in orde is.
Servicedienst Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Het adres en telefoonnummer van de dichtstbijzijnde servicedienst vindt u in het telefoonboek. Ook de aangegeven servicediensten kunnen u helpen aan een serviceadres bij u in de buurt. E-nummer en FD-ummer Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op.
Tips voor het sparen van energie Hier krijgt u een paar tips voor energiebesparing bij het gebruik van de kookplaat. Geschikte diameter van het kookgerei Let erop dat de diameter van het kookgerei is aangepast aan de diameter van de gebruikte gasbrander. In het hoofdstuk “Dit is uw nieuwe fornuis - De kookplaat” vindt u een overzicht van de juiste diameters. De vlam van de gasbrander mag niet groter zijn dan de diameter van het kookgerei. Kookgerei met deksels Gebruik kookgerei met een platte bodem.
16
Montage- en installatievoorschrift Veiligheidsvoorschriften ____________________________________ 19 Voor het inbrengen _________________________________________ 20 Apparaat ..................................................................................................... 20 Richtlijnen voor de toe- en afvoer van lucht ............................................... 22 Inbouw van het apparaat ____________________________________ 23 Zelfklevende dichting aanbrengen .........................................
18
Veiligheidsvoorschriften Alleen wanneer het apparaat volgens deze handleiding op deskundige wijze wordt gemonteerd en geïnstalleerd, is een veilig gebruik gegarandeerd. Bij schade of storingen als gevolg van een onjuiste montage of installatie is de monteur of de installateur aansprakelijk.
Voor het inbrengen Houd u aan de volgende opgaven voor het apparaat en aan de richtlijnen voor de toevoer en afvoer van lucht. Apparaat Apparaatklassen Dit apparaat voldoet conform DIN EN 30-1-1 aan gasapparaten van klasse 3, inbouwapparatuur. Inbouwafmetingen Neem de opgegeven afmetingen in acht.
Aangrenzende meubels Aangrenzende meubels mogen niet uit brandbare materialen bestaan. Aangrenzende voorzijden van meubels dienen tot minstens 90°C temperatuurbestendig te zijn. Wordt het apparaat dichtbij andere eenheden ingebouwd, dan dient u zich aan de in de afbeelding weergegeven minimale afstanden te houden. Typeplaatje De technische gegevens van het apparaat vindt u op het typeplaatje. Het typeplaatje vindt u aan de onderkant van het apparaat. Verwijder nooit het typeplaatje van het apparaat.
Richtlijnen voor de toe- en afvoer van lucht Dit apparaat mag alleen in een voldoende geventileerde ruimte en volgens de geldende voorschriften en ventilatievoorschriften worden opgesteld. Let erop dat de voor de verbranding noodzakelijke luchthoeveelheid niet minder dan 2 m3/h per kW vermogen mag bedragen (zie kW totaal vermogen op het typeplaatje).
Inbouw van het apparaat Toebehoren Beschrijving Bij het toestel zijn 5 klemmen en schroeven gevoegd. Zelfklevende dichting aanbrengen Plak de dichting op de werkplaat. Houd hierbij de afstanden tot de uitsparing aan die in de afbeelding worden aangegeven. Apparaat inbrengen Plaats de kookplaat in de uitsparing en druk een beetje op de randen, totdat de plaat helemaal ondersteund wordt.
Klemmen aanbrengen Bevestig de plaat van onderen met de klemmen en de schroeven. U heeft hiervoor de twee in de afbeelding weergegeven mogelijkheden voor het plaatsen van de klemmen. Snijd de uitstekende dichting voorzichtig af. Druk hierbij niet op de kling, om beschadigingen aan de werkplaat te voorkomen.
Elektrische aansluiting Alleen een daartoe bevoegd vakman mag het apparaat aansluiten. Het apparaat moet volgens de laatste IEE-Richtlijnen (Institution of Electrical Engineers) worden geïnstalleerd. Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd. Verzeker u ervan dat de spanningswaarde van het elektriciteitsnet overeenkomt met de waarde die op het typeplaatje staat aangegeven. Het typeplaatje vindt u aan de onderkant van het apparaat.
Vervanging van de elektriciteitskabel De vervanging van de elektriciteitskabel vindt plaats via het klemmenblok. De elektriciteitskabel dient van het type H05RRF, 3 x 0,75 mm² te zijn. Ga hierbij als volgt te werk: • Open het klemmenblok. • Draai bij het klemmenblok de schroef los, die de kabel vasthoudt. • Maak de schroefcontacten los en vervang de kabel door een van gelijke lengte. De kabel moet overeenkomen met de voorgeschreven opgaven. • Verbind de geel-groene ader met de klem $.
Gasaansluiting Het apparaat dient volgens de geldende voorschriften aangesloten te zijn. Controleer alvorens het apparaat te installeren of de plaatselijke voorwaarden (gassoort en -druk) en de apparaatinstellingen met elkaar overeenkomen. De voorwaarden voor de apparaatinstellingen vindt u op het typeplaatje. De verbinding met de gasleidingen en de dichtingen dienen op deskundige wijze, volgens de op dat moment geldende normen, te worden uitgevoerd.
Flexibele slangen Gebruikt u flexibele slangen, let er dan op dat: • De slangen niet ingeklemd of bekneld worden. • De slangen niet aan trek- of draaikrachten onderhevig zijn. • De slangen bijv. niet in contact komen met snijkanten of scherpe randen. • De slangen niet in contact komen met onderdelen die een temperatuur van meer dan 70 °C boven kamertemperatuur kunnen bereiken. Zorg ervoor dat de slangen in hun volle lengte voor controle toegankelijk zijn.
Koppen van de normale, spaar- en sterke brander vervangen Hiervoor gaat u als volgt te werk: • Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. • Neem de pannenhouders weg. • Verwijder de branderdeksels en kelken (A) van de kookzone (B). A B • Verwijder de kop (C) en vervang deze door een kop die geschikt is voor de nieuwe gassoort (zie het hoofdstuk “Algemene koppentabel”). • Vervang het gasetiket door het nieuwe etiket, dat bij de koppenset geleverd is.
Koppen van de wokbrander vervangen Hiervoor gaat u als volgt te werk: • Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. • Neem de pannenhouder weg. • Verwijder de branderdeksel (A) en branderkelk (B) van de kookzone (C). A B C • Verwijder de kop (D, binnenste ring ) en de koppen (E, buitenste ring ) en vervang deze door koppen die geschikt zijn voor de nieuwe gassoort (zie het hoofdstuk "Algemene koppentabellen"). • Vervang het gasetiket door het nieuwe etiket, dat bij de koppenset geleverd is.
Minimale gastoevoer van de normale, spaar- en sterke brander instellen Ga op de volgende manier te werk om de minimale gastoevoer van de ventiel-gaskraan in te stellen: • Schakel de branders in en draai de bedieningsknop in de richting van de kleine vlam. • Trek de bedieningsknop eraf. Draai door de gaskraanopening van het bedieningspaneel aan de binnenste instelschroef tot er een correcte, stabiele vlam brandt.
Minimale gastoevoer van de wokbrander instellen Binnenste ring van de wokbrander Ga op de volgende manier te werk om de minimale gastoevoer van de ventiel-gaskraan in te stellen: • Schakel de branders in en draai de bedieningsknop in de richting van de kleine vlam. • Trek de bedieningsknop eraf. • Verwijder de klemdichting. • Steek een kleine schroevendraaier in het gat van de gaskraan, de instelschroef bevindt zich aan de binnenkant, draai aan de instelschroef tot er een correcte, stabiele vlam brandt.
Vloeibaar gas aansluiten Wanneer u het apparaat aansluit op vloeibaar gas, maak dan gebruik van een drukregelventiel en sluit de cilinder aan volgens de geldende normen en richtlijnen. Algemene koppentabel B C D A E Gassoort Aardgas G25 Vloeibaar gas Butaan Propaan G30/G31 Kop nr. mbar 25 28-30/ 37 Brandertype Vermogen Verbruik (W) max.
34
Umschlag_BO_NL_260608.
Umschlag_BO_NL_260608.fm Page 4 Thursday, June 26, 2008 9:54 AM Robert Bosch Hausgeräte GmbH Carl-Wery-Str. 34 D-81739 München NL > 06.