MX763/MX764 Digital Projector Gebruikershandleiding Welkom
Inhoud Belangrijke veiligheidsinstructies ..........3 Inleiding ..............................7 Kenmerken van de projector ................ 7 Inhoud van de verpakking .................... 8 Buitenkant van de projector ................. 9 Bedieningselementen en functies ....... 10 De projector positioneren ......................14 Het kiezen van een plek....................... 14 De gewenste beeldgrootte van de projectie instellen ................................ 15 Aansluitingen ....................
Belangrijke veiligheidsinstructies Uw projector is ontwikkeld en getest volgens de nieuwste veiligheidsstandaards voor ITapparatuur. Voor een veilig gebruik van dit product dient u echter de instructies in deze handleiding en op de verpakking van het product nauwkeurig op te volgen. Veiligheidsinstructies 1. Lees deze handleiding aandachtig door voordat u de projector gaat gebruiken. Bewaar de handleiding voor toekomstig gebruik. 2.
Veiligheidsinstructies (vervolg) 7. 10. De lamp wordt erg heet tijdens het gebruik. Laat de projector ongeveer 45 minuten afkoelen voordat u de lamp vervangt. Plaats dit product nooit op een onstabiele ondergrond. Het product kan dan vallen en ernstig worden beschadigd. 8. Gebruik de lamp niet langer dan de 11. voorgeschreven levensduur. Als u de lamp toch langer gebruikt, kan deze in zeldzame gevallen breken. Open deze projector niet zelf.
Veiligheidsinstructies (vervolg) 13. Plaats de projector niet in de volgende 14. ruimtes. - Slecht geventileerde of gesloten ruimtes. Zorg dat de projector ten minste 50 cm van de muur staat en laat voldoende ruimte vrij rondom de projector. - Plekken waar de temperatuur extreem hoog kan oplopen, zoals in een auto met gesloten ramen. - Plekken met veel vocht, stof of rook die optische componenten mogelijk aantasten. Dit verkort de levensduur van de projector en verdonkert het beeld.
Veiligheidsinstructies (vervolg) 17. Trap niet op de projector of leg er geen voorwerpen op. Dit kan niet alleen schade aan de projector veroorzaken, maar kan ook leiden tot ongevallen en mogelijk letsel. Montage van de projector op het plafond Voor een probleemloze werking van de projector is ook veiligheid van groot belang. Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht om schade en lichamelijk letsel te voorkomen.
Inleiding Kenmerken van de projector De projector combineert krachtige optische projectiemogelijkheden met een gebruikersvriendelijk ontwerp dat betrouwbaarheid en gebruiksgemak garandeert. De projector heeft de volgende kenmerken.
Inhoud van de verpakking Pak alles voorzichtig uit en controleer of u alle onderstaande items hebt. Wanneer één of meerdere van deze items ontbreken, dient u contact op te nemen met de leverancier. Standaardaccessoires De meegeleverde accessoires zijn geschikt voor uw regio, maar verschillen mogelijk van die in de afbeeldingen. *De garantiekaart wordt slechts in bepaalde regio’s geleverd. Vraag uw verkoper voor gedetailleerde informatie.
Buitenkant van de projector 1. Voorkant/bovenkant 1 2 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. 5 3 6 7 4 8 Achter/onderkant 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 22. 23. 9 10 11 21. 11 24. 12 13 13 Extern besturingspaneel (Zie "Bedieningselementen en functies" op pagina 10 voor meer informatie.
Bedieningselementen en functies Projector 9. 9 10 10. Licht rood op als de temperatuur van de projector te hoog wordt. LAMP (waarschuwingslampje lamp) 11. Geeft de lampstatus aan. Brandt of knippert als er een probleem is met de lamp. AUTO 7 11 12 13 14 15 8 12 1 2 3 4 5 6 1. Focusring 2. Hiermee past u de scherpstelling van het geprojecteerde beeld aan. Zoomring 3. Hiermee past u de grootte van het beeld aan. POWER (Power-lampje) 4. 5. Brandt of knippert als de projector wordt gebruikt.
Afstandsbediening 6. MODE/ENTER Selecteer een beschikbare beeldmodus. 1 7. Hiermee activeert u het geselecteerde menu-item in het schermmenu. LASER 8. Hiermee laat u een zichtbaar laseraanwijzerlampje branden waarmee presentaties kunnen worden uitgevoerd. PAGE UP/PAGE DOWN 9. Hiermee kunt u een softwareprogramma (op een aangesloten pc) bedienen dat reageert op opdrachten voor pagina omhoog/omlaag (bijvoorbeeld Microsoft PowerPoint).
17. ZOOM+/ZOOM- 18. Hiermee vergroot of verkleint u het geprojecteerde beeld. VOLUME+/VOLUME- 19. Past het geluidsniveau aan. MUTE 20. Hiermee schakelt u het geluid in en uit. ASPECT 21. Hiermee selecteert u de beeldverhouding. MIC/VOL +/- 22. Past het geluidsniveau van de microfoon aan. CAPTURE 23. Hiermee slaat u het geprojecteerde beeld op als startscherm. Numerieke toetsen Voor het invoeren van cijfers in de netwerkinstellingen.
Bereik van de afstandsbediening De IR-sensoren (infrarood) van de afstandsbediening bevinden zich op de voor- en bovenkant van de projector. Houd de afstandsbediening onder een hoek van maximaal 30 graden ten opzichte van de IR-sensoren van de afstandsbediening op de projector. De afstand tussen de afstandsbediening en de sensoren mag niet meer dan 8 meter (~ 26 voet) bedragen. Zorg dat niets de infraroodstraal tussen de afstandsbediening en de IR-sensoren op de projector blokkeert.
De projector positioneren Het kiezen van een plek De projector kan op de volgende vier manieren worden geïnstalleerd: 1. Tafel voor Selecteer deze instelling als u de projector op de tafel en voor het scherm installeert. Als u een snelle opstelling en draagbaarheid wenst, is dit de meest gebruikte opstelling. 3. Plafond achter Selecteer deze instelling als u de projector tegen het plafond en achter het scherm installeert.
De gewenste beeldgrootte van de projectie instellen De afstand van de lens van de projector tot het scherm, de zoominstellingen en het videoformaat zijn allemaal factoren die de grootte van het geprojecteerde beeld bepalen. Projectieafmetingen Zie "Afmetingen" op pagina 78 voor de maten van het lensmidden van deze projector voordat u de geschikte positie berekent.
De projectielens verschuiven De lensverschuiving zorgt voor flexibiliteit bij de montage van de projector. Hiermee de projector afwijkend gepositioneerd worden ten opzichte van de middenas. De lensverschuiving wordt uitgedrukt als een percentage van de geprojecteerde beeldhoogte of –breedte. Het wordt gemeten als een verschuiving vanaf het verticale of horizontale midden van het beeld.
Aansluitingen Als u een signaalbron aansluit op de projector, volg dan deze instructies: 1. 2. 3. Schakel alle apparatuur uit voordat u verbindingen maakt. Gebruik de juiste signaalkabels voor elke bron. Zorg dat de kabels goed zijn geplaatst. • Niet alle kabels die in de onderstaande verbindingen zijn weergegeven, worden meegeleverd met de projector (zie "Inhoud van de verpakking" op pagina 8). Deze kabels zijn verkrijgbaar bij elektronicawinkels.
• Bij notebooks worden de externe videopoorten vaak niet ingeschakeld wanneer een projector is aangesloten. Met de toetsencombinatie FN + F3 of FN + CRT/LCD kunt u de externe weergave doorgaans in- of uitschakelen. Zoek op de notebook de functietoets CRT/LCD of de functietoets met een beeldscherm. Druk tegelijkertijd op FN en een van deze toetsen. Raadpleeg de handleiding bij uw notebook voor meer informatie over mogelijke toetsencombinaties.
Geluid weergeven via de projector U kunt gebruikmaken van projectorluidspreker (gemengd mono) tijdens presentaties, maar ook aparte versterkte luidsprekers aansluiten op de AUDIO OUT-uitgang van de projector. Als u een apart geluidssysteem hebt, doet u er goed aan de audio-uitgang van het videoapparaat op dit systeem aan te sluiten en niet op de monoaansluiting van de projector. U kunt ook een microfoon gebruiken voor geluidweergave via de projectorluidspreker.
• • 20 Als de microfoon niet functioneert, controleer dan de volume-instelling en de kabelaansluiting. Als de microfoon te dicht bij de luidspreker van de projector komt, kan er feedbackruis ontstaan. Verplaats de microfoon weg van de luidspreker van de projector. Hoe harder het geluid moet staan, hoe groter de afstand tussen microfoon en luidspreker moet zijn om ruis te voorkomen.
Bediening De projector opstarten 1. Sluit het netsnoer aan op de projector en stop de stekker in een stopcontact. Schakel het stopcontact in (indien nodig). Controleer of het POWER (Power-lampje) op de projector oranje brandt zodra de stroom is ingeschakeld. Gebruik uitsluitend de originele accessoires (zoals de stroomkabel) op het toestel om mogelijke gevaren, zoals elektrische schok en brand, te voorkomen. 2. Druk op AAN/UIT op de projector of op ON op de afstandsbediening om de projector te starten.
Het geprojecteerde beeld aanpassen De projectiehoek aanpassen De projector beschikt over 4 verstelvoetjes. Met deze verstelvoetjes kunt u de hoogte van het beeld en de projectiehoek wijzigen. De projectorhoogte aanpassen: Draai aan het achterste verstelvoetjes om de horizontale hoek nauwkeuriger in te stellen. Trek de voeten terug door de verstellervoeten in de andere richting te draaien.
Keystone corrigeren Keystone verwijst naar het effect waarbij het geprojecteerde beeld merkbaar groter is aan bovenkant of onderkant. Dit doet zich voor als de projector niet loodrecht op het scherm staat. U kunt dit corrigeren door de hoogte van de projector aan te passen, maar ook, als u wilt dat de projector dit automatisch aanpast, met de automatisch keystonecorrectie. Stel de functie Automatische keystone in het menu WEERGAVE in op Aan. Of corrigeer het handmatig via ÉÉN van onderstaande stappen.
De menu's gebruiken De projector beschikt over schermmenu's (OSD) waarin u de instellingen kunt aanpassen. Hieronder ziet u een overzicht van het OSD-menu.
De projector beveiligen Een veiligheidskabelslot gebruiken De projector moet op een veilige plek worden geïnstalleerd om diefstal te voorkomen. Of schaf een slot aan, bijvoorbeeld een Kensington-slot, om de projector te beveiligen. Op de projector zit een sleuf voor een Kensingtonslot. Een Kensington veiligheidskabelslot is meestal een combinatie van sleutel(s) en slot. Zie de documentatie van het slot voor meer informatie over het gebruik.
Als u het wachtwoord bent vergeten Als de wachtwoordfunctie is geactiveerd, wordt u gevraagd het wachtwoord van zes cijfers in te voeren als Wachtwoordfout u de projector inschakelt. Als u het verkeerde Probeer het opnieuw. wachtwoord invoert, verschijnt het foutbericht van het wachtwoord dat hier rechts wordt weergegeven. Dit blijft drie seconden op het scherm staan. Hierna volgt het bericht WACHTWOORD INVOEREN. U kunt een nieuwe poging doen door een ander wachtwoord van zes cijfers in te voeren.
De wachtwoordfunctie uitschakelen U kunt de wachtwoordbeveiliging ook uitschakelen. Ga terug naar het menu SYSTEEMINSTLL: Geavanceerd > Beveiligingsins Tellingen > Beveiligingsinstellingen wijzigen zodra het OSD-menu is geopend. Druk op MODE/ENTER. Het bericht "WACHTWOORD INVOEREN" verschijnt. Voer het huidige wachtwoord in. i. Als het juiste wachtwoord is ingevoerd, keert het OSD-menu terug naar de pagina Beveiligingsins Tellingen.
Schakelen tussen ingangssignalen De projector kan tegelijkertijd op verschillende apparaten worden aangesloten. De beelden van deze apparaten kunnen echter niet tegelijkertijd op volledig scherm worden weergegeven. Tijdens het opstarten zoekt de projector automatisch beschikbare signalen. Zorg dat de functie Snel automatisch zoeken in het menu INGANG is ingesteld op Aan als u wilt dat de projector automatisch signalen zoekt. De ingang selecteren: 1. 2.
Vergroten en details zoeken Als u details in het geprojecteerde beeld zoekt, kunt u het beeld vergroten. Gebruik de pijltoetsen om het beeld te verschuiven. • Met de afstandsbediening 1. Druk op ZOOM+/ZOOM- om de Zoombalk te openen. Druk op ZOOM+ om het midden van het beeld te vergroten. Druk herhaaldelijk op de toets totdat de beeldgrootte aan uw wensen voldoet. 2. Gebruik de richtingstoetsen ( , , , ) op de projector of afstandsbediening om het beeld te verschuiven. 3.
Info over de beeldverhouding 1. • In de onderstaande afbeeldingen zijn de zwarte gedeelten inactief en de witte actief. • OSD-menu’s kunnen in deze ongebruikte zwarte gebieden worden weergegeven. Auto: De verhouding van het beeld wordt aangepast 4. aan de eigen resolutie van de projector in de horizontale of verticale breedte.
Het beeld optimaliseren Wandkleur gebruiken Mocht u willen projecteren op een gekleurd oppervlak, zoals een geverfde muur die niet wit is, dan kan de functie Wandkleur helpen de kleur van het geprojecteerde beeld te corrigeren zodat eventueel kleurverschil tussen het oorspronkelijke en het geprojecteerde beeld zoveel mogelijk wordt beperkt. Gebruik deze functie door naar het menu WEERGAVE > Wandkleur te gaan en druk op / om de kleur te kiezen die het dichtst de kleur van het projectieoppervlak benadert.
5. 6. 7. 8. Druk op / om een beeldmodus te kiezen die uw eisen het dichtst benadert. Druk op om een submenu-item te selecteren dat kan worden veranderd en pas de waarde aan met / . Zie "De beeldkwaliteit verfijnen in de gebruikersmodi" hieronder voor details. Als alle instellingen zijn verricht, selecteer dan Instellingen opslaan en druk op MODE/ENTER om de instellingen op te slaan. Het bevestigingsbericht “Instelling opgeslagen” verschijnt.
*Meer informatie over de kleurtemperatuur: Er bestaan vele kleurschakeringen die om verschillende redenen als “wit” worden beschouwd. Het begrip “kleurtemperatuur” is een van de meest gebruikte methoden om de kleur wit uit te drukken. Een witte kleur met een lage kleurtemperatuur vertoont een rode schijn. Een witte kleur met een hoge kleurtemperatuur vertoont eerder een blauwe schijn.
Verzadiging is de hoeveelheid van die kleur in een videobeeld. Lagere instellingen produceren minder verzadigde kleuren; een instelling van “0” verwijdert de betreffende kleur volledig uit het beeld. Als de verzadiging t hoog is wordt de betreffende kleur te sterk en onrealistisch. 6. 7. 8. 9. Druk op om Versterking te markeren en pas de waardes naar wens aan door te drukken op / . Het contrastniveau van de geselecteerde primaire kleur wordt dan beïnvloedt.
8. Er wordt een bevestiging weergegeven. Kies Ja en druk op MODE/ENTER op de projector of afstandsbediening ter bevestiging. U ziet het bericht “Timer is ingeschakeld” op het scherm. De timer start met aftellen als de timer aan staat. Volg onderstaande stappen om de timer te stoppen: 1. 2. Ga naar het menu SYSTEEMINSTLL: Basis > Presentatietimer en selecteer Uit. Druk op MODE/ENTER. Er wordt een bevestiging weergegeven. Selecteer Ja en druk op MODE/ENTER ter bevestiging.
Besturingstoetsen blokkeren Als de besturingstoetsen op de projector geblokkeerd zijn, kunnen de instellingen van de projector niet per ongeluk worden veranderd (bijvoorbeeld door kinderen). Als de Paneeltoetsblokkering is ingeschakeld, functioneert geen enkele toets op de projector, behalve AAN/UIT. 1. Ga naar het menu SYSTEEMINSTLL: Basis > Paneeltoetsblokkering en kies Aan door op / op de projector of afstandsbediening te drukken. Er wordt een bevestiging weergegeven. 2.
Uw eigen startscherm maken U kunt een vooraf ingesteld startscherm voor de projector kiezen, bijvoorbeeld het logo van BenQ of een blanco of blauw scherm. U kunt echter ook een eigen startscherm maken met een beeld dat vanaf uw computer of videoapparaat wordt geprojecteerd. U kunt een eigen opstartscherm maken door het beeld dat u als opstartscherm wilt gebruiken te projecteren vanaf een computer of videoingang. De verdere stappen verlopen als volgt. • Met de afstandsbediening 1.
Het geluid aanpassen De geluidsaanpassingen, zoals hieronder beschreven, hebben invloed op de luidsprekers van de projector. Zorg dat u de aansluitingen op de audio-ingang van de projector kloppen. Zie "Aansluitingen" op pagina 17 voor informatie over het aansluiten van de audio-ingang. Het geluid dempen Schakel het geluid tijdelijk uit: 1. 2. 3. Druk op MENU/EXIT en vervolgens op / totdat het menu SYSTEEMINSTLL: Geavanceerd is geselecteerd. Druk op om Geluidsinstellingen te kiezen en druk op MODE/ENTER.
De projector besturen via een lan-omgeving U kunt de projector via één of meer externe computers beheren en besturen, als deze computers correct zijn aangesloten op hetzelfde lokale netwerk. Kabel/adslmodem Internet Kabelaansluitingen Als u in een dhcp-omgeving bent: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Pak een RJ45-kabel en sluit deze aan op de RJ45-laningang van de projector en de RJ45-poort van het ethernet of de router. Gebruik één van onderstaande opties: • Druk op NETWORK SETTING op de afstandsbediening.
Draadloze verbinding U kunt de projector draadloos verbinden als een BenQ draadloze dongle (optie) op de typeA usb-aansluiting van de projector wordt aangesloten. Vervolgens zijn nog enkele OSDconfiguratiestappen nodig. 1. 2. 3. 4. 5. 6. Zorg dat de projector is ingeschakeld. Gebruik één van onderstaande opties: • Druk op NETWORK SETTING op de afstandsbediening. De pagina Netwerkinstellingen wordt geopend.
4. Klik in de SSID-rij op Zoeken om alle beschikbare draadloze toegangspunten weer te geven. Klik op de gewenste SSID in de lijst met het Zoekresultaat en klik op Toepassen. 5. 6. 7. Trek de RJ45-kabel los van de computer. Kies dezelfde SSID op de computer. Open QPresenter en zoek de juiste projector. Klik vervolgens op Verbinden. • Zie "QPresenter gebruiken" op pagina 50 voor meer informatie over het maken van verbinding met de projector.
De projector op afstand bedienen via een webbrowser Zodra u het juiste ip-adres van de projector hebt en de projector op stand-by staat, kunt u op elke computer in hetzelfde lokale netwerk de projector bedienen. 42 • Als u gebruik maakt van Microsoft Internet Explorer, zorg dan dat de versie 7.0 of hoger is. • De schermafbeeldingen in deze handleiding dienen slechts ter informatie, en kunnen afwijken van het daadwerkelijke ontwerp. 1.
4. De pagina Virtuele toetsen toont virtuele toetsen waarmee u de projector kunt bedienen alsof u de fysieke toetsen op de projector gebruikt. Zie "Projector" op pagina 10 voor informatie over het gebruik hiervan. 5. De pagina Weergave-instelling toont enkele OSD-menu-items waarmee u de projector kunt besturen of voor het aanpassen van het geprojecteerde beeld. Zie het hoofdstuk "Menubewerkingen" voor informatie over het gebruik.
6. De pagina Beeldinstelling bevat alle OSD-menu-items van het menu BEELD om het geprojecteerde beeld aan te passen. Zie "2. BEELD menu" op pagina 62 voor informatie over het gebruik hiervan. 7. De Informatiepagina toont informatie over de projectorstatus, netwerkstatus.
8. Met de pagina Vergaderbeheer kunt u de weergavelocatie op hetzelfde ip-adres beheren als diverse gebruikers verbonden zijn met de projector. 9. Op de pagina Crestron (eControl) vindt u de Crestron eControl gebruikersinterface. De pagina eControl bevat een aantal virtuele toetsen om de projector te besturen en het geprojecteerde beeld aan te passen. i ii i i iii i. Deze toetsen functioneren hetzelfde als de toetsen in de osd-menu's of op de afstandsbediening. Zie "2.
Op de pagina hulpmiddelen kunt u de projector beheren, de instellingen voor LANbediening instellen en toegang via extern netwerkbeheer op deze projector beveiligen. iii i ii iv v i. U kunt de projector een naam geven, bijhouden op welke plek hij staat en wie de projector beheert. ii. U kunt de Netwerkinstellingen aanpassen. iii. Eenmaal ingesteld, is de toegang tot de projector via extern netwerkgebruik beveiligd met een wachtwoord. iv.
10. Om de Beheerpagina te kunnen openen, moet u een wachtwoord invoeren. De pagina bevat meer netwerkinstellingen. Het standaardwachtwoord is “0000”. Als u het wachtwoord wilt veranderen, opent u de pagina Basis. Op de pagina Basis kunt u het wachtwoord wijzigen en het maximum aantal verbonden computer instellen. Het aantal verbonden computers kan de prestaties van de netwerkweergave beïnvloeden.
Op de pagina Kabel-lan kunt u de instellingen van het Kabel-lan instellen. Op de pagina Draadloos lan kunt u de instellingen van het Draadloos lan instellen. De maximale lengte voor SSID is 16 bytes. Gebruik verschillende SSID’s als meer dan twee projectors worden verbonden via een draadloos lan.
Op de Mailpagina kunt u een meldings-e-mail naar de ITS-beheerder sturen. Probeer eerst de Mailtestfunctie om te controleren of de Mailmelding werkt. 11. Deze sneltoetsen staan altijd op de webpagina om de projector te bedienen. Webbeheerblokkering gebruiken Deze functie is ontworpen om ongeoorloofde toegang tot de projector via het Projectornetwerk Weergavesysteem te voorkomen. Zo schakelt u de functie in: 1.
2. Als het juiste wachtwoord is ingevoerd, keert het OSD-menu terug naar de pagina Beveiligingsins Tellingen. Druk op om Webbeheerblokkering te markeren en druk op / om Aan of Uit te selecteren. Beelden weergeven via QPresenter QPresenter downloaden en installeren QPresenter is een toepassing die wordt uitgevoerd op de host-pc. Hiermee kunt u de computer verbinden met een beschikbare netwerkprojector en de gegevens op de computer via een lokale netwerkverbinding naar de netwerkprojector sturen.
• 2. 3. Zoek projectors door gewoon op Zoeken te klikken. Alle projectors op hetzelfde lokale netwerk worden getoond. Klik op de gewenste projector in de lijst met het Zoekresultaat en klik op Verbinden. U kunt ook een projectornaam invoeren en op Zoeken klikken. Op de pagina Speciale functies vindt u geavanceerde functies voor het beheren van de geprojecteerde beelden. • Klik op Volledig scherm om op volledig scherm weer te geven. • Klik op Selecteerbaar om een gedeeltelijk scherm weer te geven.
4. 5. • De QPresenter accepteert uitsluitend maximaal 8 tekens, bestaande uit hoofdletters en cijfers als naam, en 6 tekens, bestaande uit de cijfers 1 tot en met 4, als wachtwoord. • Verander de schermtaal van QPresenter door op de pijl-omlaag te klikken. Kies vervolgens een taal in de keuzelijst. Klik op Toepassen. • Klik op Ja om toe te staan dat meldingen verschijnen. Klik op Toepassen. • Geef het computerscherm weer op diverse projectors door te klikken op 1:N beeldscherm activeren.
De uitzendfunctie gebruiken Wat betreft 1:N lan-weergave, zijn er twee methodes om deze functie uit te voeren: 1. Via tcp/ip (ondersteuning voor maximaal 8 projectors, oorspronkelijk ontwerp) 2. Via multicast (ondersteuning voor maximaal 255 projectors, nieuw ontwerp) U kunt kanaal 1, 2, 3, 4, 5, 6... 25 kiezen met het corresponderende ip-adres (grijs gemaakt). U kunt kiezen uit 1~25 kanalen (25 ip’s): 239.192.19.21~239.192.19.
Presenteren via een usb-lezer Deze functie geeft een diavoorstelling weer met de afbeeldingen op een usb-flashdrive, die in de projector is gestoken. Dankzij deze functie is geen computer meer nodig. Ondersteunde beeldformaten: • • JPEG(JPG) BMP • • PNG GIF • • TIFF PDF • Een vierkant vak wordt getoond op niet-herkende tekens van bestandsnamen. • Thaise bestandsnamen worden niet ondersteund.
De usb-camera gebruiken 1. 2. 3. Steek de usb-camera in de usb-type-A-poort van de projector. Een lijst met ondersteunde usb-camera’s vindt u op http://www.ideasonboard.org/uvc/#footnote-1. Open het Projectornetwerk Weergavesysteem en meld u aan. Ga naar de pagina Basis en klik in de rij Usb-camera op Verbinden. Beelden gemaakt door de usb-camera worden op een aparte pagina weergegeven. De projector uitschakelen 1.
U kunt de afkoeltijd verkorten door de Snelkoelfunctie te activeren. Zie "Snelle afkoeling" op pagina 64 voor details. 3. Zodra het afkoelen is voltooid, hoort u een "uitschakelgeluid". De POWER (Power-lampje) blijft oranje branden en de ventilatoren stoppen. Trek de stekker van het netsnoer uit het stopcontact. • Zie "Uitschakelen van Beltoon aan/uit" op pagina 38 voor details over het uitschakelen van de aan/uitbeltoon.
Menubewerkingen Menusysteem De schermmenu's verschillen afhankelijk van het geselecteerde signaaltype en het projectormodel. Hoofdmenu Submenu Wandkleur 1.
4.
Hoofdmenu Submenu Opties Taal Projectorpositie Weergaveduur menu Menu-instellingen 4. SYSTEEMIN STLL: Basis Gebruiksinstellingen Menupositie Herinnering Direct inschakelen Inschakelen bij signaal Automatisch uitschakelen Snelle afkoeling Direct herstarten Inactief-timer Slaaptimer Externe ontvanger Paneeltoetsblokkering Achtergrondkleur Opstartscherm My Screen Hoogtemodus Geluidsinstellingen 5.
Hoofdmenu 5. SYSTEEMINS TLL: Geavanceerd 6.
Beschrijving van elk menu Functie Beschrijving Corrigeer de kleur van het geprojecteerde beeld als het projectieoppervlak niet wit is. Zie "Wandkleur gebruiken" op pagina 31 voor details. Er zijn diverse opties voor instelling van de beeldverhouding, Beeldverhouding afhankelijk van het apparaat waarvan het signaal afkomstig is. Zie "De beeldverhouding selecteren" op pagina 29 voor details. Wandkleur Automatische keystone Corrigeert automatisch eventuele keystone-fouten in het beeld.
Functie Beschrijving 1. WEERGAVE menu Levert diverse patronen voor diverse onderwijsdoeleinden. Lessjabloon Beeldmodus Referentiemodus Helderheid Contrast 2. BEELD menu Kleur Kies eerst Schoolbord of Wit bord door op / te drukken en druk op / om het gewenste patroon te kiezen. Druk op MODE/ENTER om het geselecteerde patroon weer te geven. Met de vooraf ingestelde beeldmodi kunt u de instellingen van het projectorbeeld aanpassen aan het type programma.
Functie Beschrijving 3. INGANG menu Snel automatisch Zie "Schakelen tussen ingangssignalen" op pagina 28 voor details. zoeken Kleurruimteconv Zie "De Kleurruimte veranderen" op pagina 28 voor details. ersie 4. SYSTEEMINSTLL: Basis menu Presentatietimer Taal Projectorpositie Herinnert de spreker de presentatie binnen een bepaalde tijd af te ronden. Zie "De presentatietimer instellen" op pagina 34 voor details. Hiermee stelt u de taal voor de schermmenu's in.
Functie Beschrijving Direct inschakelen Hiermee kan de projector automatisch inschakelen zodra er stroom staat op de stroomkabel. Inschakelen bij signaal Bepaalt of de projector direct wordt ingeschakeld zonder op AAN/ 4. SYSTEEMINSTLL: Basis menu UIT op de projector of ON op de afstandsbediening te drukken als de projector op stand-by staat en een signaal op de vga-kabel wordt gedetecteerd.
4. SYSTEEMINSTLL: Basis menu Functie Beschrijving Externe ontvanger Hiermee kunt u alle externe ontvangers of één specifieke externe ontvanger inschakelen op de projector. Schakelt alle paneeltoetsen op de projector in of uit, behalve Paneeltoetsblokkering AAN/UIT en alle knoppen op de afstandsbediening. Zie "Besturingstoetsen blokkeren" op pagina 36 voor details. Achtergrondkleur Stelt de achtergrondkleur van de projector in.
Functie Baud-ratio Testpatroon Beschrijving 5. SYSTEEMINSTLL: Geavanceerd menu Kies een baud rate die identiek is aan die van de computer zodat u de projector kunt aansluiten via een geschikte RS-232-kabel en de firmware van de projector kunt updaten of downloaden. Deze functie is bedoeld voor gekwalificeerde reparateurs. Kies Aan om de functie in te schakelen en de projector een rastertestpatroon te laten weergeven.
Functie Beschrijving . SYSTEEMINSTLL: Geavanceerd menu Kabel-lan Draadloos lan Extern bureaublad Aanmeldcode voor projectie Uitzenden Zie "De uitzendfunctie gebruiken" op pagina 53 voor details. Netwerkinstell AMX-apparaat detecteren ingen Als AMX-apparaat detecteren op Aan staat, kan de projector door de AMX-controller worden gedetecteerd. MAC-adres Toont het mac-adres van deze projector. De minimale systeemeis voor 1:1 audio is Intel Pentium 4, 3,0G CPU, 1G RAM.
Onderhoud Onderhoud van de projector De projector heeft maar weinig onderhoud nodig. Het enige dat u regelmatig dient te doen, is de lens en behuizing schoonhouden. Verwijder nooit onderdelen van de projector, met uitzondering van de lamp. Neem contact op met uw leverancier als er andere onderdelen vervangen dienen te worden. De lens reinigen Reinig de lens als u vuil of stof op het oppervlak ziet. • • • Verwijder stof met een fles met gecomprimeerde lucht.
Informatie over de lamp Het aantal lampuren onderzoeken De gebruiksduur van de lamp (lampuren) wordt automatisch berekend door de ingebouwde timer als de projector wordt gebruikt. Zie "Instellingen Lampmodus als Economisch" hieronder voor meer informatie over de modus Economisch. Informatie over het aantal lampuur verkrijgen: 1. Druk op MENU/EXIT en vervolgens op / om het menu SYSTEEMINSTLL: Geavanceerd te selecteren. 2. Druk op om Lampinstellingen te selecteren en druk op MODE/ENTER.
De timing van de lampvervanging Wanneer het LAMP (waarschuwingslampje) van de lamp rood oplicht of wanneer er een bericht in het scherm wordt weergegeven dat aangeeft dat u de lamp dient te vervangen, dient u een nieuwe lamp te installeren of met het apparaat naar uw leverancier te gaan. Een oude lamp kan storing in de projector veroorzaken. In sommige gevallen kan de lamp ontploffen. Ga naar http://lamp.benq.com voor een vervangende lamp.
De lamp MOET worden vervangen voordat de projector opnieuw normaal functioneert. Druk op ENTER om het bericht te negeren. WAARSCHUWING Gebruiksduur lamp verstreken Vervang lamp (zie handleiding) Stel lamptimer dan opnieuw in Bestel nieuwe lampen op lamp.benq.com OK "XXXX" in de bovenstaande berichten zijn getallen die per model kunnen afwijken.
De lamp vervangen • Om het risico van een elektrische schok te vermijden, dient u altijd de projector uit te schakelen en de stekker van het netsnoer uit het stopcontact te verwijderen alvorens u de lamp gaat vervangen. • Om de kans op brandwonden te verkleinen, dient u de projector gedurende ten minste 45 minuten te laten afkoelen alvorens u de lamp vervangt.
5. 6. Koppel de lampstekker los van de projector zoals is geïllustreerd. Draai de schroeven van de lamp los. 3 2 1 7. Trek aan de handgreep zodat deze rechtop staat. Trek met de handgreep de lamp langzaam uit de projector. • Als u te snel trekt, kan de lamp breken waardoor glasscherven in de projector terecht kunnen komen. • Plaats de lamp niet binnen het bereik van kinderen of in de buurt van vloeistoffen en ontvlambare materialen.
10. 11. 12. 13. Zorg dat de handgreep volledig vlak ligt en stevig op zijn plaats zit. Plaats de beschermingslaag van de nieuwe lamp op de lampkast. Plaats het lampdeksel terug. 1 Draai de schroeven van het deksel weer vast. • Een losse schroef kan tot een slechte verbinding leiden, met storingen tot gevolg. • Draai de schroef niet te vast. 14. 2 Sluit de stroom weer aan en start de projector opnieuw op. Schakel de stroom nooit in wanneer het deksel van de lamp is verwijderd.
Indicatoren Lampje Status & beschrijving Situaties gerelateerd aan de stroomtoevoer Oranje Groen Knippert Groen Oranje Knippert Uit Uit Stand-bymodus Uit Uit Opstarten. Uit Uit Uit Uit Normale werking. • De projector dient 90 seconden af te koelen omdat deze niet op de normale manier is afgesloten, zonder het normale afkoelproces. • De projector dient 90 seconden af te koelen nadat de stroom is uitgeschakeld. • De projector is automatisch uitgeschakeld.
Problemen oplossen U kunt de projector niet inschakelen. Oorzaak Oplossing Het netsnoer levert geen stroom. Stop het ene uiteinde van het netsnoer in de netsnoeraansluiting op de projector en het andere uiteinde in het stopcontact. Zorg dat het stopcontact is ingeschakeld (indien van toepassing). De projector werd aangezet tijdens het afkoelen. Wacht tot de projector volledig is afgekoeld. Geen beeld Oorzaak De videobron is niet ingeschakeld of niet correct aangesloten.
Specificaties Projectorspecificaties Alle specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Optische specificaties Bediening Resolutie 1024 x 768 XGA Weergavesysteem 1-CHIP DMD Lens F/waarde F = 2,45 Lamp Lamp van 300 W Seriële bediening via RS-232 9 pins x 1 Lan-besturing RJ45 x 1 IR-ontvanger x 2 12V trigger x 1 (Max.
Afmetingen 339 mm (B) x 120,5 mm (H) x 252 mm (D) 339 252 120,5 42 50,5 Plafondmontage Schroef voor plafondmontage: M4 x 8 (max. L = 8 mm) 149.50 84 242.04 Eenheid: mm 228 364.40 397.40 448 87 130 191 133 237.
Timing-diagram Ondersteunde timing voor PC-signaal Resolutie 640 x 480 720 x 400 800 x 600 1024 x 768 1152 x 864 1280 x 768 1024 x 576 1024 x 600 1280 x 800 1280 x 1024 1280 x 960 1440 x 900 1400 x 1050 1600 x 1200 1680 x 1050 640 x 480@67Hz 832 x 624@75Hz 1024 x 768@75Hz 1152 x 870@75Hz Modus VGA_60* VGA_72 VGA_75 VGA_85 720 x 400_70 SVGA_56 SVGA_60* SVGA_72 SVGA_75 SVGA_85 SVGA_120** (Reduce Blanking) XGA_60* XGA_70 XGA_75 XGA_85 XGA_120** (Reduce Blanking) 1152 x 864_75 1280 x 768_60 BenQ Notebook
Ondersteunde timing voor HDMI (HDCP)-ingang Resolutie 640 x 480 720 x 400 800 x 600 1024 x 768 1152 x 864 1280 x 768 1024 x 576@60Hz 1024 x 600@65Hz 1280 x 800 1280 x 1024 1280 x 960 1360 x 768 1440 x 900 1400 x 1050 1600 x 1200 1680 x 1050 640 x 480@67Hz 832 x 624@75Hz 1024 x 768@75Hz 1152 x 870@75Hz Modus VGA_60* VGA_72 VGA_75 VGA_85 720 x 400_70 SVGA_60* SVGA_72 SVGA_75 SVGA_85 SVGA_120** (Reduce Blanking) XGA_60* XGA_70 XGA_75 XGA_85 XGA_120** (Reduce Blanking) 1152 x 864_75 1280 x 768_60 BenQ No
Verticale Horizontale Pixelfrequentie frequentie (Hz) frequentie (kHz) (MHz) Timing Resolutie 480i** 480p 576i 576p 720/50p 720/60p 1080/50i 1080/60i 1080/24P 1080/25P 1080/30P 1080/50P 1080/60P 720 x 480 720 x 480 720 x 576 720 x 576 1280 x 720 1280 x 720 1920 x 1080 1920 x 1080 1920 x 1080 1920 x 1080 1920 x 1080 1920 x 1080 1920 x 1080 59,94 59,94 50 50 50 60 50 60 24 25 30 50 60 15,73 31,47 15,63 31,25 37,5 45,00 28,13 33,75 27 28,13 33,75 56,25 67,5 27 27 27 27 74,25 74,25 74,25 74,25 74,25 74,2
Informatie over garantie en auteursrechten Beperkte garantie De garantie van BenQ voor dit product heeft betrekking op productie- en materiaalfouten die zich bij normaal gebruik van het apparaat manifesteren. Wanneer u een beroep wilt doen op de garantie, dient u een geldig aankoopbewijs te kunnen overleggen. Wanneer dit product tijdens de garantieperiode defect raakt, is BenQ alleen verplicht de defecte onderdelen te vervangen (inclusief arbeidsloon).