Operation Manual
13
16. Vergeet niet de overschrijfvergrendeling (indien beschikbaar)
in de ontgrendelde positie te plaatsen. Anders worden alle
gegevens op de geheugenkaart (als die er zijn) beveiligd en
kan de kaart niet worden bewerkt of geformatteerd.
Werkomgeving
1. Gebruik of bewaar de camcorder niet in de onderstaande
omgevingen :
Direct zonlicht
Stoffige plaatsen
In de buurt van een luchtkoeler, elektrische verwarming
of andere warmtebronnen
In een gesloten auto in direct zonlicht
Onstabiele locaties
2. Gebruik uw camcorder niet buitenshuis wanneer het regent of
sneeuwt.
3. Gebruik de camcorder niet in of in de nabijheid van water.
4. De bedrijfstemperatuur van de camcorder is tussen 0° en 40°
Celsius. Het is normaal dat de gebruiksduur korter wordt bij
een lage temperatuur.
5. De capaciteit van uw camcorder batterijen zal telkens
verminderen wanneer u deze oplaadt/ontlaadt.
6. Opslag bij een te hoge of te lage temperatuur zal ook leiden
tot geleidelijk capaciteitsverlies. Het gevolg is dat de werktijd
van uw camcorder aanzienlijk kan teruglopen.
7. Het is normaal dat de camcorder tijdens gebruik warm wordt,
omdat de camerabehuizing warmte kan geleiden.










