Manual

7
B-CONTROL AUDIO BCA2000
Met de LINE STEREO-schakelaar wordt het stereosignaal
van de beide Line-ingangen naar het 2
e
kanaal geleid.
Is de schakelaar ingedrukt, dan wordt kanaal 2 het
stereokanaal en de PAN-regelaar wordt de BALANCE-regelaar.
Zodoende kunnen maximaal 3 ingangssignalen (1 x mic/guitar
und 1 x stereo) tegelijk worden verwerkt (zie ook hoofdstuk 4.1).
3.1.2 Het Main-/Monitorgedeelte
Dit is de MAIN-fader (100 mm). Hij regelt het uitgangssignaal
(MAIN OUT) van de BCA2000.
Met de PHONES-regelaars kunt u het volume van de
koptelefoons individueel regelen.
De CTRL ROOM-regelaar regelt het volume van de
regieruimteuitgangen .
Sluit uw koptelefoons aan op de individueel regelbare
PHONES-uitgangen. Hier is de Main-uitgang, de
ingangssom of een mix uit beide signalen hoorbaar.
Met de MONITOR-schakelaar activeert u de Direct
Monitoring functie en de DIR I/O-LED gaat branden. Is deze
schakelaar niet ingedrukt, dan is de Auto-Monitoring actief.
Bij Auto-Monitoring gebeurt de omschakeling tussen opname-
en weergavesignaal automatisch door de gebruikte hostsoftware
(audiosequencer/softwaremixer). Daarbij treden systeem-
afhankelijke latenties op tussen het op te nemen signaal en de
computerweergave. Om dit te vermijden kan tijdens een
opnamesessie worden overgeschakeld naar DIRECT I/O.
Dat maakt een vertragingsvrije signaalrouting mogelijk
(zie hoofdstuk 4.3).
Met de LISTEN-schakelaar schakelt u het meeluistersignaal
(regiekamer en koptelefoons) naar mono om zo bijv. de
monocompatibiliteit te controleren.
Met de DIM-schakelaar verlaagt u de output van de
koptelefoon- en regiekameruitgangen met -20 dB.
Met de MUTE-schakelaar wordt het volume van de
koptelefoon- en regiekameruitgangen geminimaliseerd.
Met de MONITOR BALANCE-regelaar kan de volumebalans
tussen het signaal van de ingangssom (In Sum) en het
uitgangssignaal (Main Out) worden ingesteld. Hij is alleen
actief, wanneer de MONITOR-schakelaar ingedrukt is
(Direct-Monitoring).
Dit blokdiagram toont de audiorouting van de B-CONTROL.
Het beschikt over diverse LEDs die de actueel geselecteerde
ingangen en de status van de schakelaars t/m
weergeven:
Met de DIGITAL IN-schakelaar selecteert u de digitale
ingangsbron (COAXIAL of OPTICAL).
De OPTICAL OUT-schakelaar wordt gebruikt voor de
formatkeuze voor de optische uitgang ( ). Mogelijk zijn
ADAT (8-kanaals of 4-kanaals bij ADAT S/MUX) en
2-CHANNEL.
CH. 1-2/CH. 7-8-schakelaar. Bevindt de schakelaar zich in
de stand 2-CHANNEL, dan kan ermee worden aangegeven
welke USB uitgangskanalen via de digitale optische en
coaxiale uitgangen worden weergegeven. Bevindt zich de
OPTICAL OUT-schakelaar in de positie ADAT, dan
geldt de uitgangskanaaltoewijzing van de CH. 1-2/CH. 7-8-
schakelaar alleen voor de coaxiale uitgang.
De controle-/status-LEDs van de schakelaars t/m
bevinden zich in het signaalstroomdiagram .
SAMPLE RATE-LED-displays. Alle digitale in- en uitgangen
werken met dezelfde aftastsnelheid. De aftastsnelheid is
gerelateerd aan de in de host-software gebruikte
aftastsnelheid. Wanneer deze in de software wordt
gewijzigd, wordt in het display de nieuwe waarde
aangegeven. Wanneer u bijvoorbeeld in de software
44,1 kHz selecteert, brandt de leuchtet die 44.1 kHz-LED.
Wanneer een extern Sync-signaal actief is, brandt de
DIGITAL IN-LED. Is het externe signaal gesynchroniseerd
met 44,1 kHz, dan branden zowel de 44.1 kHz- als ook de
DIGITAL IN-LED.
Met de METER-schakelaar kunt u de LED-indicaties
en overschakelen tussen in- en uitgangssignalen.
De niveau-indicatie informeert u naar keuze over het niveau
van het ingangssignaal achter de A/D-omzetter of van het
digitale uitgangssignaal vóór de main-fader aan.
Deze LED-indicaties voor de kanalen 3 t/m 8 geven aan of
er signalen via de kanalen 3 t/m 8 lopen (groene SIG-LEDs)
oftewel dat deze bijna op het punt staan te gaan vervormen
(rode CLIP-LEDs).
Deze status-LEDs laten het volgende zien:
MIDI IN, OUT A en OUT B gaan branden, wanneer er via
de betreffende aansluitingen MIDI-data stromen.
De LEDs USB FULL resp. USB HI tonen de status van de
USB-verbinding. Zij branden ononderbroken, zodra een
correcte USB verbinding met de computer bestaat
(bij ingeschakelde computer).
3.1.3 De dynamische sectie
De BCA2000 beschikt over een gecombineerde Noise Gate-/
Limiter sectie voor het aanloge ingangssignaal. Zij bevindt zich
direct vóór de A/D-omzetters.
De ON-schakelaar activeert de dynamische sectie.
Met de NOISE GATE-regelaar bepaalt u de niveaudrempel
(Threshold), waaronder de Noise Gate in werking treedt,
d.w.z. de signalen onder deze niveaudrempel worden
uitgesneden. Is de NOISE GATE-regelaar helemaal naar
links gedraaid (-
¥
) dan is Noise Gate uitgeschakeld.
Ligt een signaal onder de ingestelde waarde, dan brandt
deze rode THRESHOLD-LED (Noise Gate in werking).
De Limiter (piekwaardebegrenzer) begrenst het signaal tot
een instelbaar maximaal niveau. Is de LIMITER-regelaar
helemaal naar rechts gedraaid, dan is de Limiter
uitgeschakeld.
Met inwerkingtreding van de Limiters gaat de LIMIT-LED
branden.
+ Wanneer u alleen Noise Gate wilt gebruiken, dient u de
LIMITER-regelaar op nul te zetten (tot aan de aanslag
naar rechts). Moet alleen de Limiter worden gebruikt,
dan moet de NOISE GATE-regelaar op -
¥
(uiterste stand
naar links) staan.
+ Bij de Noise Gate-/Limiter-sectie betreft het stereo
effecten, d.w.z. dat het linker en rechter kanaal altijd
gekoppeld werken. De bewerking van twee
verschillende (niet stereo) signalen kan daarom tot een
onjuiste bewerking leiden.
3. BEDIENINGSELEMENTEN EN AANSLUITINGEN