Operation Manual
110
Beschermt u zich tegen elektrische slag. Vermijd lichamelijk
contact met geaarde delen (bv pijpen, radiatoren, haarden,
koelkasten enz.)
Controleer de verleng kabel regelmatig op beschadigingen en
vervang hem als hij beschadigd is.
Een beschadigde leiding niet aan het net aansluiten. Een
beschadigde leiding niet aanraken alvorens ze van het net
gescheiden is. Een beschadigde leiding kan tot contact met
stroomgeleidende onderdelen leiden.
Gebruik geen defecte kabels.
Gebruik alleen toegestane en gemerkte verlengkabels.
Maak geen geknutselde elektrische aansluitingen.
Veiligheidsvoorzieningen nooit overbruggen of buitenwerking
stellen.
Het apparaat via een veiligheidsschakelaar (30 mA) aansluiten.
Elektrische aansluitingen of reparaties mogen alleen door een
erkend bedrijf of een erkende reparatiewerkplaats uitgevoerd
worden. De plaatselijke voorschriften moeten opgevolgd
worden.
Beschadigde netaansluitleidingen moeten door de fabrikant
resp. een van zijn klantenfilialen of door een soortgelijk
gekwalificeerde persoon worden vervangen om gevaar te
voorkomen.
Reparaties aan andere delen van de machine mogen alleen
door de fabrikant of een door hem erkende werkplaats
uitgevoerd worden.
Alleen de originele toebehoren en onderdelen gebruiken. Bij
het gebruik van niet originele onderdelen kunnen risico’s voor
de gebruiker ontstaan. De fabrikant kan niet aansprakelijk
gesteld worden voor ongevallen hierdoor ontstaan.
M
M
o
o
n
n
t
t
a
a
g
g
e
e
Grijpbeugel
Schuif de linker en rechter beugelbevestiging (7 en 8) in de
behuizing (32). B
Schuif de kabeltrekontlasting (1) op de grijpbeugel (2). A
Verbind de delen 7 en 8 met 2, door aan weerszijden de
meegeleverde schroeven (4) en vleugelmoeren (6) aan te
brengen. C
Bevestig de schuifstang op de onderkant van de behuizing met
2 meegeleverde schroeven (31). Schroef ze met een
schroevendraaier goed vast. D
Schakelaar-stekker-combinatie E
Open de afdekking van de veiligheidsschakelaar (3).
Schuif de schakelaar-stekker-combinatie zo op de grijpbeugel
(2) dat de gaten op de schakelaar-stekker-combinatie met die
op de grijpbeugel overeenstemmen.
Sluit de afdekking en bevestig de schakelaar met behulp van de
2 meegeleverde schroeven.
Bevestig de kabel aan de 2 meegeleverde kabelhouders (5).
Let erop dat de verlengingskabel voldoende spel heeft. F
Opvangzak – gedeeltelijk speciale toebehoren F
Trek de schokbescherming (39) naar boven en houd hem vast.
Bevestig de houder van de opvangzak (40) aan de haak op de
behuizing (32).
Inbouwen van de luchterwals – gedeeltelijk speciale
toebehoren G
Dient het toestel als gazonluchter te worden ingezet, moet de
verticuteerwals (29, zie toestelbeschrijving) door de luchtwals (41)
worden vervangen.
Vóór het uitwisseln van de walsen:
− Frakobl. apparatet
− Stilstand van de wals afwachten
− Træk netstikket
Bij de walswissel veiligheidshandschoenen
dragen. Gevaar van verwondingen!
Maak de cilinderschroeven (31) aan de lagerzitting (30) los.
Til de verticuteerwals aan de lagerzitting op en trek hem eruit.
Schuif het zeskantstuk (a) van de luchterwals in de
aandrijvingsopening (28).
Bevestig de lagerzitting (30) weer met de schroeven (31).
L
Om de machine correct te laten functioneren moet u de
volgende aanwijzingen opvolgen.
I
I
n
n
g
g
e
e
b
b
r
r
u
u
i
i
k
k
n
n
a
a
m
m
e
e
Netaansluiting
Vergelijk de op het typeplaatje van de machine vermelde spanning,
bv 230 V met de netspanning en sluit het toestel aan het
desbetreffend en reglementair stopcontact aan.
Sluit de machine via een Fl-schakelaar (storingsstroom-schakelaar)
30 mA aan.
Gebruik aansluit- resp. verlengkabels met een aderdoorsnede
van ten minste 1,5 mm² bij een lengte tot 25m
Aanbrengen van de verlengingskabel H
1. Steek de koppeling van de verlengingskabel op de steker van
de schakelaar-steker-combinatie.
2. Trek de verlengingskabel als lus door de kabeltrekontlasting (1)
en hang het in.
3. Let erop dat de verlengingskabel voldoende spel heeft.
Inschakelen
Gebruik geen toestel, waarbij zich de schakelaar niet laat in-
en uitschakelen. Beschadigde schakelaars moeten
onmiddellijk worden gerepareerd of vervangen door de
klantenservice.
Het toestel bezit een veiligheidsschakeling die een
onopzettelijk inschakelen voorkomt.
Start het toestel pas dan, wanneer u het op een gazonvlakte
met lage groeihoogte heeft neergezet.
Inschakelen
1. Kantel de verticuteerder licht in uw richting, zo dat zich de
voorste wielen boven de vloer bevinden.
2. Druk de veiligheidsknop (a) en houdt hem ingedrukt.
3. Trek vervolgens de schakelaargreep (b) in richting grijpbeugel.
4. De verticuteerder start en de verticuteerwals kan zich vrij
draaien.
5. Laat nu de veiligheidsknop los.
I