Operation Manual
Aritech Access Control Software Installatiehandleiding Installatiehandleiding
•
••
•
39
Systeem instellen
Dit hoofdstuk beschrijft hoe u de software instelt om te werken met de onderdelen van het toegangscontrolesysteem.
Voer de volgende taken uit om de hardware van het systeem in te stellen:
•
stel de systeemparameters in
•
definieer de controllerlus
•
stel de lezers in
•
download de gegevens naar de controller
De systeemparameters
De systeemparameters moeten slechts zelden of nooit worden ingesteld of gewijzigd.
In principe moet u de meeste van deze instellingen niet wijzigen, tenzij u exact weet wat u doet. De beschrijvingen van
deze parameters zijn daarom (met opzet) relatief kort.
Om toegang te krijgen tot het dialoogvenster voor het instellen van de systeemparameters kiest u Systeem:
Systeemparameters in de menubalk van het systeemoverzicht.
De volgende systeemparameters kunnen worden ingesteld of gewijzigd:
•
de standaardsysteemcodes,
•
de kaarttype-instellingen,
•
de printerloginstellingen (de namen van de printers voor printerlog 1 en 2 en het aantal regels dat moet worden
afgedrukt op elke pagina),
•
de pincode-instellingen (of er lange pincodes moeten worden gebruikt, of de pincodes in het gehele systeem uniek
moeten zijn, en de beperkingen wat betreft het aantal gelijke cijfers in een pincode).










