Installation Instructions
Installateurshandleiding AlphaVision NG Rev. 2.0 27-08-2003 Blz. 40/112
Optie 1: programmeren van de centrale
Wanneer vanuit het hoofdmenu voor optie 1 wordt gekozen “Programmeren van centrale + I/O modules”
dan verschijnt op het beeldscherm van de PC:
SCHERM 1
INSTALLATIE GEGEVENS: AlphaVision NG v2.0 -- datum
ZONE BENAMING ABCDEFGH Type Dir Vert 24u NC EOL Kls Bel Blk IN UIT
01 ________________ x_______ 1 _ x _ x x _ _ x 030 060
02 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
03 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
04 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
05 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
06 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
07 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
08 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
09 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
10 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
11 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
12 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
13 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
14 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
15 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
16 ________________ x_______ 1 x _ _ x x _ _ x 000 000
0=uit 1=inbraak 2=sab. 3=overval 4=brand 5=techn./medisch 6=sleutel 7=kiezer
Dir=direct, Ver=vertraagd, 24u=24-uurs NC=normally closed, EOL=end-of-line
KLS=kluis zone, Bel=deurbel Blk=blokkeren, IN/UIT=in/uitlooptijd (max 255s)
De definities en eigenschappen van de zones 1-16 worden in scherm 1 ingesteld. Indien de centrale meer dan
16 zones bevat, zullen de resterende zones in blokken van 16 op de volgende schermen getoond worden.
Gebruik de > toets om door te bladeren de volgende groep van 16 zones.
Zone definities en eigenschappen zijn als volgt ingedeeld:
De benaming van iedere zone is vrij te programmeren. Wanneer gebruik gemaakt wordt van het SIA HIGH-
SECURITY (SIA-HS) protocol, dan zal bij iedere melding, die betrekking heeft op deze zone, de vrije zone
benaming naar de meldkamer verzonden worden.
Iedere zone dient minimaal aan 1 sectie gekoppeld te worden. De AlphaVision NG kent maximaal 8 secties
die worden weergegeven in de vorm van de letters A t/m H. Zones mogen bij meer dan 1 sectie horen
(gemeenschappelijke zones). Hierbij geldt, dat een zone alleen dan ingeschakeld is, wanneer alle secties
waar deze zone aan gekoppeld is, zijn ingeschakeld. Bijvoorbeeld als zone 1 geprogrammeerd is voor sectie
A en sectie B, zullen beide secties ingeschakeld moeten zijn om een alarm in zone 1 te detecteren.
Per zone wordt middels het type (inbraak, sabotage etc…) ingesteld hoe deze zone functioneert. Het type
van de zone bepaalt tevens welke alarmuitgangen aangestuurd worden bij alarm in deze zone. Stel dat zone
3 hoort bij sectie B en als type “sabotage” geprogrammeerd is, dan zal bij alarm in zone 3 de uitgang
aangestuurd worden zoals geprogrammeerd in scherm 2
(blz.44)
onder sabotage van sectie B.
Na het programmeren van de fabriekswaarden staan alle zonetypen op 1 ingesteld. Alleen bij ingangen van
de wireless interface staat het zonetype standaard op 0 ingesteld.
Zone type 1 (inbraak) is veruit het meest gebruikt. Op een zone type 1 worden de detectoren aangesloten
die "inbraak" signaleren zoals magneetcontacten, PIRs en dual-melders (PIR + radar). Maar ook ultrasonore
detectoren, actief infrarood detectors en glasbreukmelders vallen hieronder. In feite is een zone type 1 een
"inbraak + sabotage" zone, omdat het verstoren van de verbinding met de detector leidt tot een sabotage
alarm van deze detector.










