Operation Manual

- 9 -
6. Werking.
6.1 Wegloopalarm:
Zodra uw kindje wegloopt en
de afstand tussen de pols-
bandzender en de ontvanger
groter wordt dan het inge-
stelde bereik (5/10 meter of
30/40 meter), dan klinken er 3
beeptonen, knippert het rode
lampje 3x en trilt de ontvanger 3x.
Dit alarm wordt herhaald totdat u weer in bereik van uw
kindje gekomen bent.
6.2 Wateralarm:
Zodra de koperkleurige contacten aan de achterzijde van de
polszender in aanraking komen met water omdat uw kindje
bijvoorbeeld in het water valt,
dan klinkt er een sirene toon,
knippert het rode lampje 3x en
trilt de ontvanger 3x.
Dit alarm stopt zodra de pols-
zender droog is
6.3 Einde alarm:
Zodra u weer in het bereik van uw kindje komt of de pols-
bandzender is afgedroogd, stopt het alarm; het groene
lampje knippert 2x, u hoort 2 beeps en de ontvanger trilt 2x.
De ontvanger is nu weer standby.
U kunt ook de ontvanger uitschakelen om de alarmstatus te
beƫindigen.
knipper
knipper
knipper
sirene-
toon
bzzz
bzzz
bzzz
knipper
knipper
knipper
beep
beep
beep
bzzz
bzzz
bzzz