Operation Manual

12
Onderhoud
Belangrijk:
1) Maak de unit spanningsloos alvorens te reinigen of onderhoud te plegen.
2) Gebruik geen benzine, thinner of andere chemicaliën om te reinigen.
3) Reinig de unit niet onder de kraan, of met een waterslang. Dit kan gevaar
opleveren vanwege de elektrische onderdelen.
4) Indien de stroomkabel defect is dient deze te worden gerepareerd door de
installateur of de fabrikant van de unit.
1 Luchtfilter
- Reinig het luchtfilter minimaal 1 maal per 2 weken om te
voorkomen dat de ventilator slecht werkt door stofvorming.
- Verwijderen
Verwijder de filterhouder uit de unit en haal het filter eruit.
- Reinigen
Reinig het filter in water van ongeveer 40°C/104°F met een
neutraal reinigingsmiddel. Spoel de filter uit en droog hem in
de schaduw.
- Bevestiging
Plaats de filter in de filterhouder en zet hem vast met de
bevestigingshaakjes aan de binnenzijde van de filterhouder.
Plaats de filterhouder weer in de unit.
2 De behuizing
- Gebruik een gladde doek met een neutraal reinigingsmiddel
om de behuizing te reinigen. Vervolgens met een droge gladde
doek nawrijven.
3 Buiten gebruik voor een langere periode
- Verwijder de onderste rubberen plug aan de achterzijde van de
unit en bevestig een deel van de permanente condensslang.
Alle water dat zich in de onderste lekbak bevindt zal er nu
uitlopen (Zie Fig. 15).
- Rol het snoer op en doe het vast met een koortje (Zie Fig. 16).