User manual

Gebruiksaanwijzing
8
De belangrijkste kenmerken van uw
apparaat
Veiligheidsuitschakeling kookzones: Het apparaat beschikt over een
veiligheidsuitschakeling. De kookzones worden na een bepaalde tijd
automatisch uitgeschakeld als binnen een langere periode de stand
van de schakelaar niet veranderd wordt.
Elektronisch geregelde aankookautomatiek: De automatische
functie van de kookzoneschakelaar schakelt automatisch van de hoge
aankookstand naar de gekozen lage doorkookstand om.
Hittebeschermingsglas: De van onder naar achter ventilerende
ruiten zorgen ervoor dat de ovendeur niet te heet wordt om zo ver-
brandingsgevaar te voorkomen.
Ontsnappen van damp uit de oven: De damp die aan de achterzijde
van de kookplaat ontsnapt, zorgt voor bedieningsveiligheid en een
hoog reinigingscomfort. Bij een eventueel aanwezige afzuigkap
wordt de damp hierin gericht gevoerd. Daardoor worden vuil aan het
apparaat en storende geuren voorkomen.