ARCTIS Electronische diepvrieskasten Gebruiksaanwijzing 818 21 23-00/3
Geachte klant, Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing door voordat u uw nieuwe apparaat in gebruik neemt. Hierin staat belangrijke informatie over een veilig gebruik, over het opstellen en over het onderhoud van het apparaat. De gebruiksaanwijzing s.v.p. bewaren voor latere naslag. Aan eventuele volgende bezitters van het apparaat doorgeven. Deze gebruiksaanwijzing is voor meerdere, technisch vergelijkbare modellen in diverse uitvoeringen bestemd. S.v.p.
Inhoud Veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Weggooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Transport apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Transportbescherming verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Opstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Invriezen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22 Bewaren van diepvriesproducten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23 Het maken van ijsblokjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23 Symbolen bewaarde producten/Diepvrieskalender . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24 Maximale belading . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
1 Veiligheid De veiligheid van onze apparaten voldoet aan de Europese en Nederlandse normen. Desondanks zien wij ons genoodzaakt U met de volgende veiligheidsaanwijzingen vertrouwd te maken: Juist gebruik • Het apparaat is voor huishoudelijk gebruik bedoeld. Het is geschikt voor het invriezen en bewaren van diepgevroren levensmiddelen alsmede voor de bereiding van ijs. Als het apparaat anders dan bedoeld of verkeerd gebruikt wordt, is de fabrikant niet verantwoordelijk voor eventuele schaden.
Veiligheid tuele snap- of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Hierdoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgesloten worden (verstikkingsgevaar!) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtkomen. • Kinderen zien de gevaren die in het omgaan met huishoudelijke apparaten schuilen vaak niet. Zorg daarom voor het nodige toezicht en laat kinderen niet met het apparaat spelen! Bij dagelijks gebruik • Houders met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen door bevriezing lek raken.
Bij storing • Bij storing aan het apparaat eerst in deze handleiding onder "Wat te doen als..." kijken. Als de daar genoemde aanwijzingen niet verder helpen, niet zelf reparaties uitvoeren. • Elektrische apparaten mogen alleen door vaklieden gerepareerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan. Wendt u zich voor reparaties s.v.p. tot de AEG klantenservice.
Transport apparaat Er zijn twee personen nodig om het apparaat te transporteren. Voor een betere grip zijn voor aan de onderkant en achter aan de bovenkant van het apparaat twee grepen aanwezig. 0 1. Het apparaat vastpakken aan de grepen op de plaatsen zoals op de tekening afgebeeld en transporteren. 2. Om het apparaat op de definitieve plaats te schuiven voorzichtig boven aan de deur duwen en het apparaat iets naar achteren kantelen.
Opstellen Opstelplaats Het apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten. Een optimale plaats voor diepvrieskasten is de kelder. De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik en het onberispelijk functioneren van het apparaat.
Opstellen Het apparaat heeft lucht nodig Lucht wordt onder de deur toegevoerd via de ventilatieopeningen in de sokkel en gaat dan via de ontluchting langs de achterwand naar boven. Deze ventilatieopeningen nooit afdekken of versperren zodat de lucht kan circuleren. Let op! Als het apparaat bijv. onder een kast geplaatst wordt, dient een afstand van minstens 10 cm tussen de bovenkant van het apparaat en het daarboven aangebrachte meubel aangehouden te worden.
Opstellen . Elektrische aansluiting Voor de elektrische aansluiting is een overeenkomstig de voorschriften geïnstalleerd, randgeaard stopcontact vereist. De elektrische beveiliging dient minstens 10 Ampère te bedragen. Als het stopcontact na het opstellen van het apparaat niet meer bereikbaar is, dient een passende maatregel in de elektrische installatie ervoor te zorgen dat het apparaat van het lichtnet afgekoppeld kan worden (bijv. zekering, LS-schakelaar, foutstroomveiligheidsschakelaar e.d.
Draairichting van de deur wisselen De draairichting van de deur kan van rechts (aflevertoestand) naar links omgezet worden, als dat voor de opstellingsplaats nodig is. 1 Waarschuwing! Tijdens het verwisselen van de deurdraairichting mag het apparaat niet op het elektriciteitsnet aangesloten zijn. Trek tevoren de stekker uit het stopcontact. 0 1. Open de deur en trek de sokkelplaat er naar voren toe af. Zet de deurlagerafdekking op de sokkelplaat van links naar rechts om. Sluit de deur. 2.
Draairichting van de deur wisselen 4. Haal het deurbeslag rechtsonder en de deurlagerafdekking linksonder uit de deur (1, 2) en zet het meegeleverde deurbeslag linksonder in de deur (3). Haal de deur er voorzichtig naar voren toe uit en zet hem opzij. 5. Zet de bovenste scharnierstift naar links om. 6. Schuif de deur voorzichtig op de bovenste scharnierstift en sluit hem. 7. Zet de deurgreep van links naar rechts om en sluit de gaatjes met de bijgeleverde gatendopjes af. 8.
Beschrijving apparaat Vooraanzicht (diverse modellen) á à â ä ã Bedieningspaneel Binnenverlichting Koudevakken met laden Maxi-Box Lade (alleen voor bewaren) Koude-accu (niet bij alle modellen) In het apparaat bevindt zich een koude-accu. Lees voor het invriezen van de koude-accu hoofdstuk “Voor ingebruikneming”. 3 14 Bij stroomuitval of een storing aan het apparaat verlengt de koudeaccu de veilige bewaartijd van de levensmiddelen met meerdere uren.
Beschrijving apparaat Bedieningspaneel 1 2 3 4 Toets AAN/UIT met lichtnetcontrolelampje (groen) Temperatuurindicatie Toetsen voor temperatuurinstelling Toets FROSTMATIC met indicatie voor ingeschakelde FROSTMATICfunctie (geel) 5 Toets WAARSCHUWING UIT met waarschuwingslampje (rood) (zie hoofdstuk "Controle- en Informatiesysteem") Toetsen voor het instellen van de temperatuur De temperatuur wordt ingesteld via de toetsen „+“ (WARMER) en „-“ (KOUDER).
Beschrijving apparaat Temperatuurindicatie De temperatuurindicatie kan meerdere soorten informatie aangeven. • Bij normaal gebruik wordt de temperatuur aangegeven die op dat moment in de vriesruimte heerst (WERKELIJKE temperatuur). • Als de temperatuur wordt ingesteld, wordt knipperend de op dat moment ingestelde temperatuur getoond (GEWENSTE temperatuur). • Als bijv.
Voor ingebruikneming 1 Laat het apparaat, voordat u het op het elektriciteitsnet aansluit en voor de eerste ingebruikname, 30 minuten staan, als het rechtop vervoerd is. Als het liggend vervoerd is, moet het apparaat voor ingebruikname eerst 4 uur staan, zodat de olie naar de compressor kan terugstromen. Anders kan de compressor beschadigd worden. 0 1. Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruik genomen wordt eerst van binnen en alle accessoires schoonmaken (zie hoofdstuk "Reiniging en Onderhoud").
Temperatuur instellen 0 1. Druk op de toetsen „+“ (WARMER) of „-“ (KOUDER). De temperatuurindicatie schakelt om en geeft knipperend de op dat moment ingestelde GEWENSTE temperatuur aan. 2. Druk op de toets „+“ (WARMER) on hogere temperaturen in te stellen. Druk op de toets „-“ (KOUDER) om lagere temperaturen in te stellen. Met elke verdere druk op één van beide toetsen wordt de GEWENSTE temperatuur 1 °C verder gesteld. Instelbaar temperatuurbereik: -15 °C tot -24 °C.
Apparaat uitschakelen Ter bescherming van de diepvriesproducten is het apparaat beschermd tegen abusievelijk uitschakelen (kinderbeveiliging). 0 1. Om het apparaat uit te schakelen houdt u de toets AAN/UIT ca. 1 seconde ingedrukt. De verlichting van de temperatuuraanwijzing gaat uit. 3 De stroomtoevoer is pas volledig verbroken wanneer de stekker uit het stopcontact is getrokken.
Controle- en informatiesysteem Het controle- en informatiesysteem bestaat uit temperatuurindicatie, optische waarschuwingsindicaties en akoestische waarschuwingsinrichting. Het systeem waarschuwt: – bij ingebruikneming van het apparaat (wanneer de opslagtemperatuur nog niet is bereikt); – als de deur van het apparaat langer dan 90 seconden open staat; – als de temperatuur in de vriesruimte te hoog wordt; – bij functiestoringen aan het apparaat.
Controle- en informatiesysteem Temperatuurgeheugen 3 Zolang de actuele vriesruimtetemperatuur boven -11 °C ligt, is de warmste temperatuur, die tijdens het temperatuuralarm in de vriesruimte is bereikt, opgeslagen en kan deze met toets WAARSCHUWING UIT altijd weer worden opgeroepen. Wanneer de temperatuur in de vriesruimte onder -11 °C daalt, zonder dat van te voren op de toets WAARSCHUWING UIT is gedrukt, wordt de waarschuwingstoon automatisch uitgeschakeld.
Invriezen Behalve de onderste lade, die alleen voor bewaren bestemd is, kunnen alle andere vakken en laden voor invriezen van kleine hoeveelheden levensmiddelen gebruikt worden. Voor het invriezen van grotere hoeveelheden levensmiddelen zijn de twee bovenste vakken het best geschikt. Let op! • Voor het invriezen van levensmiddelen moet de WERKELIJKE temperatuur in de diepvriesruimte -18 °C of kouder zijn. • Let op het invriesvermogen op het typeplaatje.
Tips: • Geschikt voor het verpakken van diepvriesproducten zijn: – diepvrieszakken en -folie van polyethyleen; – speciale diepvriesdozen; – aluminiumfolie, extra sterk. • Voor het sluiten van zakken en folie zijn geschikt: plastic klemmen, elastiekjes of plakband. • Voor het sluiten de lucht uit zakken en folie strijken, omdat lucht het uitdrogen van de diepvriesproducten bevordert. • Maak platte pakjes, deze bevriezen sneller.
Symbolen bewaarde producten/Diepvrieskalender (niet bij alle modellen) • De symbolen op de laden geven de diverse soorten diepvriesproducten aan. • De getallen geven voor iedere soort diepvriesproduct de bewaartijd in maanden aan. Of de hoogste of de laagste waarde van de aangegeven bewaartijd geldt, hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen en de behandeling voorafgaand aan het invriezen. Voor levensmiddelen met een hoog vetgehalte geldt altijd de laagste waarde.
Ontdooien Als het apparaat in gebruik is en als de deur geopend wordt, slaat vocht binnen in het apparaat, vooral op de verdampers, als rijp neer. Deze rijp van tijd tot tijd met een zachte schraper van kunststof, bijv. een deegschraper, verwijderen. Nooit harde of puntige voorwerpen daarvoor gebruiken. Het apparaat ontdooien als de rijplaag een dikte van ca. 4 mm bereikt heeft; in ieder geval minimaal één maal per jaar. Een goed tijdstip om te ontdooien is ook als het apparaat leeg of praktisch leeg is.
Reiniging en onderhoud Om hygiënische redenen dient het apparaat aan de binnenkant met toebehoren geregeld gereinigd te worden. 1 Waarschuwing! • Het apparaat mag tijdens het schoonmaken niet op het lichtnet aangesloten zijn. Gevaar voor elektrische schok! Voor het schoonmaken het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen er resp. uithalen. • Het apparaat nooit met stoomapparaten schoonmaken.
Tips voor energiebesparing 7. Controleer en reinig de magnetische deurvergrendelingen regelmatig. 2 Stof op de condensor verhoogt het energieverbruik. Daarom eenmaal per jaar de condensor aan de achterkant van het apparaat met een zachte borstel of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken. 8. Als alles droog is het apparaat weer in gebruik nemen. 2 Tips voor energiebesparing • Het apparaat niet bij kachels, verwarmingen of andere warmtebronnen zetten.
Wat te doen als ... Hulp bij storingen Het kan zich bij een storing om een klein defect handelen dat u zelf met behulp van de volgende aanwijzingen kunt oplossen. Geen verdere actie ondernemen als de volgende informatie in concrete gevallen niet verder helpt. 1 Waarschuwing! Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen door vakmensen uitgevoerd worden. Door verkeerd uitgevoerde reparaties kunnen grote gevaren voor de gebruiker ontstaan. Went u voor reparaties tot de AEG klantenservice wenden.
Wat te doen als ... Storing Mogelijke oorzaak Hulp Rode waarschuwingsindicatie knippert, temperatuurindicatie geeft een vierkant of de letter “E” aan. Er is een functiestoring opgetreden. Aangegeven storing noteren en contact opnemen met de service-afdeling. Deur van het apparaat niet meer openen. Apparaat koelt te sterk. Temperatuur is te koud ingesteld. Kies tijdelijk een warmere temperatuurinstelling. Temperatuur is niet juist ingesteld. Nalezen in hoofdstuk "Temperatuur instellen".
Wat te doen als ... Storing Ongewone geluiden. Mogelijke oorzaak Hulp Apparaat staat niet recht. Voorste stelvoetjes bijstellen. Apparaat staat tegen de muur of tegen andere voorwerpen aan. Apparaat iets wegtrekken. Een onderdeel, bijv. een buis, aan de achterkant van het apparaat maakt conEventueel dit onderdeel tact met een ander onder- voorzichtig wegbuigen.
Geluiden als het apparaat in bedrijf is De volgende geluiden zijn karakteristiek voor koelapparaten: • Klikken Altijd als de compressor in- of uitgeschakeld wordt, is een klikgeluid te horen. • Zoemen Zodra de compressor werkt, is een zoemgeluid te horen. • Borrelen/kabbelen Als koelvloeistof door dunne buisjes stroomt, is een borrelend of kabbelend geluid te horen. Ook na het uitschakelen van de compressor is dit geluid nog korte tijd te horen.
Vaktermen • Koelmiddelen Vloeistoffen die voor het opwekken van koude gebruikt kunnen worden noemt men koelmiddelen. Ze hebben een verhoudingsgewijs laag kookpunt, zo laag, dat de warmte van de in het koelapparaat opgeslagen levensmiddelen het koelmiddel tot koken resp. verdampen kan brengen. • Koelmiddelcircuit Gesloten circuit, waarin zich het koelmiddel bevindt. Het koelmiddelcircuit bestaat in principe uit een verdamper, een compressor, een condensor en pijpleidingen.
818 2123-00/3 33
Klantenservice Als bij een storing geen oplossing in deze gebruiksaanwijzing gevonden kan worden, gelieve men zich tot de handelaar of tot onze klantenservice te wenden. Adressen en telefoonnummers staan in bijgevoegde boekje "Garantievoorwaarden/Klantendienst". Een gerichte onderdeelvoorbereiding kan onnodige moeite en kosten besparen. Vermeld daarom de volgende gegevens van het apparaat:. • Model naam • Productnummer (PNC) • Productienummer (S-No.
Klantenservice (Nederland) Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u de volgende afdelingen raadplegen: AEG fabrieksservice Postbus 120 2400 AC Alphen aan den Rijn Consumentenbelangen tel. 0172 - 468 172 (voor algemene, product- of gebruiksinformatie) fax 0172 - 468 470 Storingen / reparaties tel. 0172 - 468 300 (voor bezoek servicetechnicus) fax 0172 - 468 255 Onderdelenverkoop tel. 0172 - 468 400 fax 0172 - 468 376 www.aeg-huishoudelijk.
From the Electrolux Group. The world´s No.1 choice. De Electrolux Groep is de grootste producent ter wereld van aangedreven apparaten voor gebruik in de keuken, reinigingswerkzaamheden en voor gebruik buitenshuis. In meer dan 150 landen over de hele wereld worden ieder jaar meer dan 55 miljoen Electrolux producten (zoals koelkasten, fornuizen, wasautomaten, stofzuigers, kettingzagen en grasmaaiers) verkocht ter waarde van circa USD 14 miljard. AEG Hausgeräte GmbH Postfach 1036 D-90327 Nürnberg http://www.