Operation Manual

66
PHOTOSHOP ELEMENTS 9 GEBRUIKEN
Lagen gebruiken
Laatst bijgewerkt 10/2/2012
Als u een tekst-, vorm- of opvullaag of een Photoshop-laaggroep hebt geselecteerd, kiest u Laag vereenvoudigen in
het menu Laag of in het menu Meer van het deelvenster Lagen.
Meer Help-onderwerpen
Aanpassings- en opvullagen” op pagina 74
Lagen begrijpen” op pagina 59
Een laag verwijderen
Verwijder lagen die u niet langer nodig hebt om het afbeeldingsbestand kleiner te maken.
1 Selecteer in de werkruimte Bewerken de laag in het deelvenster Lagen.
2 Voer een van de volgende handelingen uit:
Sleep de laag naar het pictogram Laag verwijderen onder in het deelvenster Lagen.
Klik op het pictogram Laag verwijderen onder in het deelvenster Lagen en klik op Ja in het dialoogvenster om het
verwijderen te bevestigen. Als u dit dialoogvenster wilt overslaan, houdt u Alt ingedrukt (Option in Mac OS) terwijl
u op het pictogram Laag verwijderen klikt.
Kies Laag verwijderen in het menu Laag of in het menu Meer van het deelvenster Lagen en klik op Ja.
Meer Help-onderwerpen
Lagen begrijpen” op pagina 59
Een nieuwe lege laag maken en een naam geven” op pagina 62
Monsters uit alle zichtbare lagen nemen
Als u met bepaalde gereedschappen werkt, is de kleur die u toepast, uitsluitend gebaseerd op een monster uit de actieve
laag. Met deze standaardfunctie kunt u bijvoorbeeld met het gereedschap Natte vinger kleuren uitsmeren of een
kleurmonster nemen in één laag, zelfs wanneer er andere lagen zichtbaar zijn. U kunt ook een kleurmonster nemen op
één laag en ermee tekenen in een andere laag.
Voer de volgende handelingen uit als u wilt tekenen met monsters uit alle zichtbare lagen:
1 Selecteer in de werkruimte Bewerken het gereedschap Toverstaf, het gereedschap Emmertje, het gereedschap Natte
vinger, het gereedschap Vervagen, het gereedschap Verscherpen of het gereedschap Kloonstempel.
2 Selecteer Alle lagen op de optiebalk.
Meer Help-onderwerpen
Lagen begrijpen” op pagina 59
Tekengereedschappen” op pagina 233