Operation Manual

236
PHOTOSHOP ELEMENTS 9 GEBRUIKEN
Tekenen
Laatst bijgewerkt 10/2/2012
tekent, is het resultaat dat de basiskleur bij elke opeenvolgende penseelstreek donkerder wordt. Het resultaat is
ongeveer wat er zou gebeuren als u met een aantal verschillende viltstiften over een afbeelding heen zou tekenen.
Kleur doordrukken In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de basiskleur donkerder
gemaakt aan de hand van de werkkleur. Wit als werkkleur heeft in deze modus geen effect.
Lineair doordrukken In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de basiskleur donkerder
gemaakt aan de hand van de werkkleur door de helderheid te verlagen. Wit als werkkleur heeft in deze modus geen
effect.
Lichter In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de basiskleur of de werkkleur geselecteerd
als eindkleur. De lichtste van de twee kleuren wordt gebruikt. Pixels die donkerder zijn dan de werkkleur worden
vervangen en pixels die lichter zijn dan de werkkleur blijven ongewijzigd.
Bleken In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de omgekeerde waarde van de basiskleur
vermenigvuldigd met de omgekeerde waarde van de werkkleur. De eindkleur is altijd een lichtere kleur. Bleken met
zwart heeft geen effect: de originele kleur blijft ongewijzigd. Bleken met wit geeft altijd wit. Het effect is te vergelijken
met het over elkaar heen projecteren van een aantal dia's.
Kleur tegenhouden In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de basiskleur helder gemaakt
aan de hand van de werkkleur. Zwart heeft in deze modus geen effect.
Lineair tegenhouden (toevoegen) In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de basiskleur
helder gemaakt aan de hand van de werkkleur door de helderheid te verhogen. Zwart heeft in deze modus geen effect.
Lichtere kleur In deze modus wordt het totaal van alle kanaalwaarden voor de werkkleur en de basiskleur vergeleken
en wordt de kleur met de hogere waarde weergegeven. Er wordt geen derde kleur geproduceerd, die kan ontstaan bij
het lichter maken van de kleuren, omdat er gebruik wordt gemaakt van de hoogste kanaalwaarden van zowel de basis-
als de werkkleur voor het maken van de eindkleur.
Bedekken In deze modus worden de kleuren vermenigvuldigd of gerasterd, afhankelijk van de basiskleur. De
bestaande pixels worden bedekt met patronen of kleuren, waarbij de hooglichten en de schaduwen van de basiskleur
behouden blijven. De basiskleur wordt gemengd met de werkkleur om op die manier de lichte of donkere aard van de
originele kleur te kunnen behouden.
Zwak licht In deze modus worden de kleuren donkerder of lichter gemaakt, afhankelijk van de werkkleur. Het effect
is dat van een zwak licht dat over de afbeelding strijkt. Als de werkkleur lichter is dan 50% grijs, wordt de afbeelding
lichter. Als de werkkleur donkerder is dan 50% grijs, wordt de afbeelding donkerder. Als u puur zwart of puur wit als
werkkleur gebruikt, wordt het bewerkte gebied aanmerkelijk donkerder of lichter, maar het resultaat is nooit puur
zwart of puur wit.
Fel licht In deze modus worden de kleuren vermenigvuldigd of gerasterd, afhankelijk van de werkkleur. Het effect is
dat van een fel licht dat over de afbeelding strijkt. Als de werkkleur lichter is dan 50% grijs, wordt de afbeelding lichter.
U kunt op deze manier bepaalde gedeelten van de afbeelding extra uitlichten. Als de werkkleur donkerder is dan 50%
grijs, wordt de afbeelding donkerder. U kunt op deze manier bepaalde gedeelten van de afbeelding extra schaduw
geven. Als u in deze modus puur zwart of puur wit als werkkleur gebruikt, is het resultaat ook puur zwart of puur wit.
Intens licht In deze modus worden de kleuren doorgedrukt of tegengehouden door het contrast te verhogen of te
verlagen, afhankelijk van de werkkleur. Als de werkkleur (de lichtbron) lichter is dan 50% grijs, wordt het contrast
verlaagd om de afbeelding lichter te maken. Als de werkkleur donkerder is dan 50% grijs, wordt het contrast verhoogd
om de afbeelding donkerder te maken.
Lineair licht In deze modus worden de kleuren doorgedrukt of tegengehouden door de helderheid te verlagen of te
verhogen, afhankelijk van de werkkleur. Als de werkkleur (de lichtbron) lichter is dan 50% grijs, wordt de helderheid
verhoogd om de afbeelding lichter te maken. Als de werkkleur donkerder is dan 50% grijs, wordt de helderheid
verlaagd om de afbeelding donkerder te maken.