Operation Manual
235
PHOTOSHOP ELEMENTS 9 GEBRUIKEN
Tekenen
Laatst bijgewerkt 10/2/2012
De overvloeimodus Vermenigvuldigen (boven), de overvloeimodus Bleken (midden) en de overvloeimodus Lichtsterkte (onder) toegepast op de
laag met de zeester
U kunt de volgende overvloeimodi in het menu Modus op de optiebalk kiezen:
Normaal Hiermee geeft u elke getekende of bewerkte pixel de eindkleur. Dit is de standaardmodus. (De modus
Normaal wordt Drempel genoemd wanneer u met een afbeelding in de modus Bitmap of Geïndexeerde kleur werkt.)
Verspreiden Hiermee geeft u elke getekende of bewerkte pixel de eindkleur. Maar in deze modus bestaat de eindkleur
uit een willekeurige vervanging van de pixels door de basiskleur of de werkkleur, afhankelijk van de dekking op een
bepaalde pixellocatie. Deze modus geeft het beste resultaat als u met het penseel werkt en een hoge waarde voor grootte
hebt gekozen.
Achter In deze modus heeft het teken- of bewerkgereedschap alleen effect op het transparante gedeelte van een laag.
Deze modus kan alleen worden gebruikt in lagen waarvan de transparantie niet is vergrendeld. Het effect is te
vergelijken met het aan de achterkant beschilderen van een doorzichtig vel papier.
Wissen In deze modus bewerkt of tekent u elke pixel en maakt u deze transparant. U kunt deze modus alleen
gebruiken in een laag waarvan de transparantie niet is vergrendeld in het deelvenster Lagen.
Donkerder In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de basiskleur of de werkkleur
geselecteerd als eindkleur. De donkerste van de twee kleuren wordt gebruikt. Pixels die lichter zijn dan de werkkleur
worden vervangen en pixels die donkerder zijn dan de werkkleur blijven ongewijzigd.
Donkerdere kleur In deze modus wordt het totaal van alle kanaalwaarden voor de basiskleur en de werkkleur
vergeleken en wordt de kleur met de laagste waarde weergegeven. De kleurmodus Donkerdere kleur produceert geen
derde kleur, hetgeen soms wel het geval is in de overvloeimodus Donkerder, omdat de laagste kleurkanaalwaarden
worden gekozen van zowel de basis- als de werkkleur om de eindkleur te maken.
Vermenigvuldigen In deze modus wordt op basis van de kleurinformatie in elk kanaal de waarde van de basiskleur
vermenigvuldigd met de waarde van de werkkleur. De eindkleur is altijd een donkerder kleur. Vermenigvuldigen met
zwart geeft altijd zwart als resultaat. Vermenigvuldigen met wit geeft geen enkel resultaat. Als u met een andere kleur