Operation Manual
Naar boven
Naar boven
Naar boven
Opmerking: In de knopmodus kunt u geen afzonderlijke opdrachten of sets bekijken.
Handelingen selecteren in het deelvenster Handelingen
Klik op de naam van een handeling. Houd Shift ingedrukt en klik op namen van handelingen om meerdere, aangrenzende handelingen te
selecteren en houd Ctrl (Windows) of Command (Mac OS) ingedrukt terwijl u klikt om meerdere niet-aangrenzende handelingen te selecteren.
Een handeling afspelen op een bestand
Als u een handeling afspeelt, worden de opgenomen opdrachten van de handeling in het actieve document uitgevoerd. Bij bepaalde handelingen
moet u eerst een selectie maken voordat u de handeling kunt afspelen. Sommige handelingen kunnen worden uitgevoerd op een volledig bestand.
U kunt bepaalde opdrachten uitsluiten van een handeling of slechts één opdracht afspelen. Als de handeling modale besturingselementen heeft,
kunt u in een dialoogvenster gereedschappen gebruiken of waarden invoeren wanneer de handeling wordt gepauzeerd.
Opmerking: In de knopmodus wordt door een klik op een knop de hele handeling uitgevoerd; vooraf uitgesloten opdrachten worden echter niet
uitgevoerd.
1. Selecteer, indien nodig, objecten waarop de handeling moet worden afgespeeld of open een bestand.
2. Voer een van de volgende handelingen uit:
(Illustrator) Als u een set handelingen wilt afspelen, selecteert u de naam van de set en klikt u op Afspelen in het deelvenster
Handelingen of selecteert u Afspelen in het deelvenstermenu.
Als u één handeling volledig wilt afspelen, selecteert u de naam van de handeling en klikt u op de knop Afspelen in het deelvenster
Handelingen of selecteert u Afspelen in het deelvenstermenu.
Als u een toetsencombinatie aan de handeling hebt toegewezen, drukt u op die combinatie om de handeling automatisch af te spelen.
Als u slechts een gedeelte van een handeling wilt afspelen, selecteert u de opdracht waarmee het afspelen moet beginnen en klikt u op
de knop Afspelen in het deelvenster Handelingen of kiest u Afspelen in het deelvenstermenu.
Als u één handeling wilt afspelen, selecteert u de opdracht en houdt u Ctrl (Windows) of Command (Mac OS) ingedrukt terwijl u op de
knop Afspelen in het deelvenster Handelingen klikt. U kunt ook Ctrl (Windows) of Command (Mac OS) ingedrukt houden en op de
opdracht dubbelklikken.
Als u in Photoshop een handeling ongedaan wilt maken, maakt u eerst een opname in het deelvenster Historie voordat u een handeling
afspeelt. U kunt dan de handeling ongedaan maken door de opname te selecteren.
Een handeling opnemen
Wanneer u een nieuwe handeling maakt, worden alle opdrachten en gereedschappen die u gebruikt aan de handeling toegevoegd totdat u de
opname stopt.
Werk in een kopie om te voorkomen dat er fouten ontstaan en neem aan het begin van de handeling, voordat u andere opdrachten toepast, de
opdracht Bestand > Opslaan als kopie (Illustrator) of Bestand > Opslaan als op en selecteer Als kopie (Photoshop). U kunt in Photoshop ook in
het deelvenster Historie op de knop Nieuwe opname klikken om een opname van de afbeelding te maken voordat u de handeling opneemt.
1. Open een bestand.
2. Klik in het deelvenster Handelingen op de knop Nieuwe handeling maken
of selecteer Nieuwe handeling in het menu van het deelvenster.
3. Voer een naam in voor de handeling, selecteer een handelingenset en stel de gewenste opties in.
Functietoets Wijs een sneltoets toe aan de handeling. U kunt elke toetsencombinatie van een functietoets, de Ctrl-toets (Windows) of
Command-toets (Mac OS) en de Shift-toets kiezen (bijvoorbeeld Ctrl+Shift+F3), met de volgende uitzonderingen: in Windows kunt u de F1-
toets niet gebruiken en kunt u de toetsen F4 of F6 niet gebruiken in combinatie met de Ctrl-toets.
Opmerking: Als u een handeling toewijst aan een sneltoets die al voor een opdracht wordt gebruikt, voert de sneltoets de handeling uit en
niet de opdracht.
Kleur Wijs een kleur toe voor de weergave in de knopmodus.
4. Klik op Opnemen beginnen. De knop Opnemen beginnen in het deelvenster Handelingen wordt rood
.
Belangrijk: Wanneer u de opdracht Opslaan als gebruikt, mag u de bestandsnaam niet wijzigen. Als u een nieuwe bestandsnaam invoert,
wordt die nieuwe naam telkens wanneer u de handeling uitvoert, opgenomen en gebruikt. Als u naar een andere map navigeert voordat u
het bestand opslaat, kunt u een andere locatie opgeven zonder een bestandsnaam te moeten opgeven.
5. Voer de bewerkingen en opdrachten uit die u wilt opnemen.
Niet alle taken kunnen rechtstreeks worden opgenomen. De meeste taken die u niet rechtstreeks kunt opnemen, kunt u wel invoegen met
behulp van de opdrachten in het menu van het deelvenster Handelingen.
6. Als u de opname wilt stoppen, klikt u op de knop Afspelen/opnemen stoppen of kiest u Opname stoppen in het menu van het deelvenster
Handelingen. (In Photoshop kunt u ook op de toets Esc drukken.)
Als u de opname in dezelfde handeling wilt hervatten, kiest u Opname starten in het menu van het deelvenster Handelingen.
Taken die niet kunnen worden opgenomen, invoegen in handelingen
516










