Operation Manual
Afbeeldingsstijlen
Naar boven
Naar boven
Afbeeldingsstijlen
Overzicht van het deelvenster Afbeeldingsstijlen
Afbeeldingsstijlen maken
Een afbeeldingsstijl toepassen
Afbeeldingsstijlenbibliotheken gebruiken
Werken met afbeeldingsstijlen
Alle afbeeldingsstijlen uit een ander document importeren
Afbeeldingsstijlen
Een afbeeldingsstijl is een verzameling herbruikbare weergavekenmerken. Met afbeeldingsstijlen kunt u het uiterlijk van een object snel wijzigen. U
kunt bijvoorbeeld in één stap de vulling- en lijnkleur wijzigen, de transparantie veranderen en effecten toepassen. Alle wijzigingen die u met
afbeeldingsstijlen toepast, zijn volledig omkeerbaar.
U kunt afbeeldingsstijlen toepassen op objecten, groepen en lagen. Wanneer u een afbeeldingsstijl toepast op een groep of laag, neemt elk object
in de groep of laag de kenmerken van die afbeeldingsstijl aan. Stel dat u een afbeeldingsstijl hebt die bestaat uit 50% dekking. Als u de
afbeeldingsstijl toepast op een laag, worden alle objecten in die laag of die in aan die laag zijn toegevoegd, weergegeven met een dekking van
50%. Als u echter een object buiten de laag plaatst, keert de weergave van het object terug naar zijn oorspronkelijke dekking.
Op www.adobe.com/go/lrvid4022_ai_nl vindt u een video over het gebruik van de deelvensters Vormgeving en Afbeeldingsstijlen.
Als de vulkleur van de stijl niet in de illustratie verschijnt als u een afbeeldingsstijl op een groep of laag toepast, sleep dan het kenmerk Vulling
naar het item Inhoud in het deelvenster Vormgeving.
Overzicht van het deelvenster Afbeeldingsstijlen
U gebruikt het deelvenster Afbeeldingsstijlen (Venster > Afbeeldingsstijlen) als u sets van weergavekenmerken wilt maken, benoemen of
toepassen. Wanneer u een document maakt, bevat het deelvenster een standaardset afbeeldingsstijlen. Afbeeldingsstijlen die met het actieve
document worden opgeslagen, worden in het deelvenster weergegeven wanneer het document is geopend en actief is.
Als een stijl geen vulling en lijn heeft (bijvoorbeeld een stijl met alleen een effect), wordt de miniatuur weergegeven in de vorm van het object met
een zwarte omtrek en een witte vulling. Bovendien wordt een kleine rode schuine streep weergegeven, die de afwezigheid van een vulling of lijn
aanduidt.
Als u een stijl voor tekst hebt gemaakt, kiest u Tekst voor voorvertoning gebruiken in het menu van het deelvenster Afbeeldingsstijlen om een
miniatuur te bekijken van de stijl die is toegepast op een letter in plaats van op een vierkant.
Als u een stijl beter wilt zien of als u een voorvertoning wilt zien van hoe de stijl op een geselecteerd object wordt toegepast, klikt u met de
rechtermuisknop (Windows) of houdt u Ctrl ingedrukt en klikt u (Mac OS) op de miniatuur van de stijl in het deelvenster Afbeeldingsstijlen en
bekijkt u de grote pop-upminiatuur die wordt weergegeven.
Op www.adobe.com/go/lrvid4022_ai_nl vindt u een video over het gebruik van de deelvensters Vormgeving en Afbeeldingsstijlen.
De weergave van afbeeldingsstijlen in het deelvenster wijzigen
Voer een van de volgende handelingen uit:
Selecteer een optie voor de weergavegrootte in het menu van het deelvenster. Selecteer Miniaturen om miniaturen weer te geven. Selecteer
Kleine lijstweergave als u een lijst met benoemde stijlen en een kleine miniatuur wilt weergeven. Selecteer Grote lijstweergave als u een lijst
met benoemde stijlen en een grote miniatuur wilt weergeven.
Selecteer Vierkant voor voorvertoning gebruiken in het menu van het deelvenster als u de stijl wilt bekijken, toegepast op een vierkant of de
vorm van het object waarop de stijl is gemaakt.
Sleep de afbeeldingsstijl naar een andere plaats. Laat de muisknop los zodra een zwarte lijn op de gewenste plaats staat.
Selecteer Sorteren op naam in het deelvenstermenu als u de afbeeldingsstijlen in alfabetische of numerieke volgorde (Unicode-volgorde) wilt
weergeven.
Selecteer Tekst voor voorvertoning gebruiken in het menu van het deelvenster als u de stijl wilt bekijken, toegepast op de letter T. Deze
weergave biedt een nauwkeurigere visuele beschrijving voor stijlen die op tekst worden toegepast.
441










