Operation Manual
25
ADOBE ILLUSTRATOR CS4 GEBRUIKEN
Werkruimte
Galerie met omvormingsgereedschappen
Illustrator beschikt over de volgende gereedschappen voor het omvormen van objecten:
Met het gereedschap Roteren
(R) roteert u objecten rond
een vast punt.
Met het gereedschap
Spiegelen (O) worden
objecten over een vaste as
gespiegeld.
Met het gereedschap Schalen
(S) wijzigt u de grootte van
objecten rond een vast punt.
Met het gereedschap
Schuintrekken trekt u
objecten schuin rond een
vast punt.
Met het gereedschap
Omvormen stelt u
geselecteerde ankerpunten
bij terwijl het pad even
gedetailleerd blijft.
Met het gereedschap Vrije
transformatie (E) kunt u
selecties schalen, roteren of
schuintrekken.
Met het gereedschap
Overvloeien (W) laat u de
kleur en vorm van meerdere
objecten in elkaar
overvloeien.
Met het gereedschap
Kromtrekken (Shift+R)
vormt u objecten door de
cursor te bewegen (zoals u
bijvoorbeeld klei vormt).
Met het gereedschap Kronkel
maakt u kronkelende
vervormingen binnen een
object.
Met het gereedschap Plooi
maakt u een object
compacter door regelpunten
in de richting van de cursor
te verplaatsen.
Met het gereedschap Bol laat
u een object opzwellen door
regelpunten bij de cursor
vandaan te verplaatsen.