Operation Manual

226
ADOBE ILLUSTRATOR CS4 GEBRUIKEN
Objecten selecteren en ordenen
Op www.adobe.com/go/vid0035_nl vindt u een video over het selecteren en manipuleren van objecten.
Zie ook
Overzicht van het werkgebied” op pagina 7
Meerdere tekengebieden gebruiken” op pagina 37
Uitlijnen of verdelen ten opzichte van het omsluitend kader van alle geselecteerde objecten
1 Selecteer de objecten die u wilt uitlijnen of verdelen.
2 In het deelvenster Uitlijnen of Beheer selecteert u Uitlijnen met selectie en klikt u op de knop voor het gewenste
type uitlijning of verdeling.
Uitlijnen of verdelen ten opzichte van één ankerpunt
1 Klik op het gereedschap Direct selecteren, houd Shift ingedrukt en selecteer de ankerpunten die u wilt uitlijnen of
distribueren. Het laatste ankerpunt dat u selecteert, wordt het hoofdankerpunt.
De optie Uitlijnen op hoofdanker wordt automatisch geselecteerd in het deelvenster Uitlijnen en in het deelvenster
Beheer.
2 Klik in het deelvenster Uitlijnen of Beheer op de knop voor het gewenste type uitlijning of verdeling.
Uitlijnen of verdelen ten opzichte van een hoofdobject
1 Selecteer de objecten die u wilt uitlijnen of verdelen.
2 Klik nogmaals op het object dat u als hoofdobject wilt gebruiken (u hoeft dit keer Shift niet ingedrukt te houden
terwijl u klikt).
Het hoofdobject wordt in een blauw kader geplaatst en in de deelvensters Beheer en Uitlijnen wordt automatisch
Uitlijnen met hoofdobject geselecteerd.
3 Klik in het deelvenster Uitlijnen of Beheer op de knop voor het gewenste type uitlijning of verdeling.
Opmerking: Als u het uitlijnen en verdelen ten opzichte van een object wilt stoppen, klikt u nogmaals op het object om
het blauwe kader te verwijderen, of kiest u Hoofdobject annuleren in het menu van het deelvenster Uitlijnen.
Uitlijnen of verdelen ten opzichte van een tekengebied
1 Selecteer de objecten die u wilt uitlijnen of verdelen.
2 Klik met het gereedschap Selecteren in het gewenste tekengebied terwijl u Shift ingedrukt houdt om dit gebied te
activeren. Het actieve tekengebied heeft een donkerdere omtrek dan de andere gebieden.
3 In het deelvenster Uitlijnen of Beheer selecteert u Uitlijnen op tekengebied en klikt u op de knop voor het
gewenste type uitlijning of verdeling.
Objecten verdelen met specifieke afstanden
U kunt objecten zo verdelen dat de paden een nauwkeurige afstand hebben.
1 Selecteer de objecten die u wilt verdelen.
2 Geef in het deelvenster Uitlijnen in het tekstvak Tussenruimte verdelen de afstand tussen de objecten op.
Als de opties voor de verdeling van de tussenruimte niet worden weergegeven, selecteert u Opties tonen in het
deelvenstermenu.