Operation Manual

205
ADOBE ILLUSTRATOR CS4 GEBRUIKEN
Verven
Als u de kleur van een netpunt of -vlak wilt wijzigen, selecteert u het netobject en sleept u vanuit het deelvenster
Kleur of Stalen een kleur naar het punt of vlak. Of deselecteer alle objecten en selecteer een vulkleur. Selecteer
vervolgens het netobject en pas de vulkleur met het gereedschap Pipet toe op de netpunten of -vlakken.
Kleur toevoegen aan een netpunt (links) en aan een netvlak (rechts)
Patronen
Informatie over patronen
Illustrator beschikt over veel patronen die u kunt vinden in het deelvenster Stalen en in de map met leuke extra's op
de cd van Illustrator. Met behulp van de gereedschappen van Illustrator kunt u bestaande patronen aanpassen en
geheel nieuwe patronen ontwerpen. Patronen die zijn bedoeld om objecten te vullen (vulpatronen), verschillen qua
ontwerp en verdeling van patronen die zijn bedoeld om via het deelvenster Penselen op een pad te worden toegepast
(penseelpatronen). Voor de beste resultaten dient u vulpatronen te gebruiken om objecten te vullen en penseelpatronen
om omtrekken aan objecten toe te voegen.
Wanneer u zelf patronen maakt, is het handig om te weten hoe Illustrator patronen opbouwt:
Alle patroonelementen worden van links naar rechts verdeeld vanaf de oorsprong van de liniaal (standaard het
linkeronderpunt van het tekengebied) naar de tegenoverliggende kant van de illustratie. Als u het beginpunt voor
de patroonelementen in uw illustratie wilt aanpassen, kunt u de oorsprong van de liniaal van het bestand aanpassen.
Vulpatronen bestaan normaal gesproken uit slechts één element.
Penseelpatronen kunnen uit maximaal vijf elementen bestaan: voor de zijkanten, de buitenste en binnenste hoeken
en het begin en einde van het pad. Dankzij de extra hoekelementen is het mogelijk om penseelpatronen bij de
hoeken vloeiend te krijgen.
De elementen van vulpatronen worden loodrecht ten opzichte van de x-as verdeeld.
De elementen van penseelpatronen worden loodrecht ten opzichte van het pad verdeeld (waarbij de bovenkant van
het patroonelement altijd naar buiten is gericht). Hoekelementen worden 90° met de klok mee gedraaid wanneer
de richting van het pad verandert.
Vulpatronen worden alleen toegepast op illustraties binnen het omsluitende kader voor patronen, een rechthoek
zonder vulling en lijnen (niet-afdrukbaar) die geheel achter aan de illustratie is geplaatst. Voor vulpatronen
fungeert het omsluitende kader als een masker.
Penseelpatronen worden toegepast op illustraties binnen het omsluitende kader en op de delen die eruit steken of
ermee zijn gegroepeerd.
Zie ook
Vullingen en lijnen” op pagina 165