Operation Manual
Het venster Grafiekgegevens
A. Tekstinvoervak B. Gegevens importeren C. Rijen/kolommen omwisselen D. x/y omwisselen E. Celspecificaties F. Vorige versie G.
Toepassen
1. Het venster Grafiekgegevens voor een bestaande grafiek weergeven: selecteer de gehele grafiek met het gereedschap
Selecteren en kies vervolgens Object > Grafiek > Gegevens.
2. Voer gegevens in op een van de volgende manieren:
Selecteer een cel in het werkblad en typ de gegevens in het tekstvak boven in het venster. Druk op Tab om de gegevens
in te voeren en de volgende cel in dezelfde rij te selecteren. Druk op Enter of Return om de gegevens in te voeren en de
volgende cel in dezelfde kolom te selecteren. Gebruik de pijltoetsen om naar een andere cel te gaan. U kunt ook gewoon
op een andere cel klikken om deze te selecteren.
Kopieer gegevens van een spreadsheettoepassing zoals Lotus® 1-2-3 of Microsoft Excel. Klik in het venster
Grafiekgegevens op de cel die de linkerbovencel moet vormen van de gegevens die u plakt, en kies Bewerken > Plakken.
Gebruik een tekstverwerker om een tekstbestand te maken waarin de gegevens voor elke cel worden gescheiden door
een tab. Begin een nieuwe rij door op Enter of Return te drukken. De gegevens mogen alleen decimale punten of
komma's bevatten, anders worden de gegevens niet juist in de grafiek verwerkt. (U voert bijvoorbeeld 732000 in en niet
732.000.) Klik in het venster Grafiekgegevens op de cel die de linkerbovencel moet vormen van de gegevens die u plakt.
Klik op de knop Gegevens importeren en selecteer het tekstbestand.
Opmerking: Als u grafiekgegevens per ongeluk hebt ingevoerd in rijen in plaats van kolommen (of omgekeerd), klikt u op de
knop Rij/kolom omwisselen
om de kolommen en rijen met gegevens om te wisselen. Als u de x- en de y- as van een
spreidingsgrafiek wilt omwisselen, klikt u op de knop x/y omwisselen
.
3. Klik op de knop Toepassen
of druk op Enter op het numerieke toetsenblok om de grafiek opnieuw te genereren.
Grafieklabels en gegevenssets gebruiken
Labels zijn woorden of getallen die twee zaken beschrijven: de gegevenssets die u wilt vergelijken en de categorieën waartegen u deze wilt
afzetten. Labels voor kolomgrafieken, gestapelde kolomgrafieken, staafgrafieken, gestapelde staafgrafieken, lijngrafieken, vlakgrafieken en
radargrafieken voert u als volgt in op het werkblad:
Labels in het venster Grafiekgegevens
A. Labels voor gegevenssets B. Lege cel C. Categorielabels
Labels invoeren
Labels voor kolomgrafieken, gestapelde kolomgrafieken, staafgrafieken, gestapelde staafgrafieken, lijngrafieken, vlakgrafieken en radargrafieken
voert u als volgt in op het werkblad:
Als u in Illustrator een legenda wilt genereren voor de grafiek, verwijdert u de inhoud van de cel linksboven en laat u de cel
leeg.
Voer labels in voor de verschillende gegevenssets in de bovenste rij cellen. Deze labels worden weergegeven in de legenda.
Als u niet wilt dat er een legenda wordt gegenereerd, voer dan geen labels in voor de gegevenssets.
Voer labels in voor de categorieën in de linkerkolom met cellen. Categorieën zijn vaak tijdseenheden, zoals dagen, maanden
of jaren. Deze labels worden weergegeven langs de horizontale of verticale as van de grafiek, behalve bij radargrafieken. Bij
575










