Operation Manual

weergegeven. Knipsels, maskers, symbolen en SVG-filtereffecten worden echter niet ondersteund.
Zie de SVG-specificatie op de website van het World Wide Web Consortium (W3C) (www.w3.org) voor meer informatie
over SVG-profielen.
Tekst Hiermee geeft u aan hoe lettertypen worden geëxporteerd:
Adobe CEF Hiermee worden hintgegevens van lettertypen gebruikt voor een betere rendering van kleine lettertypen. Dit
lettertype wordt ondersteund door de Adobe SVG Viewer, maar wordt mogelijk niet ondersteund door andere SVG-viewers.
SVG Hierbij wordt geen gebruik gemaakt van hintgegevens van lettertypen. Dit lettertype wordt door alle SVG-viewers
ondersteund.
Omzetten in omtrek Hiermee wordt tekst omgezet in vectorpaden. Gebruik deze optie als u de visuele weergave van tekst in
alle SVG-viewers wilt behouden.
Subset Hiermee bepaalt u welke glyphs (tekens van een bepaald lettertype) worden ingesloten in het geëxporteerde SVG-
bestand. Kies Geen in het menu Subset als u erop kunt vertrouwen dat de benodigde lettertypen zijn geïnstalleerd op de
systemen van de eindgebruikers. Kies Alleen gebruikte glyphs als u alleen glyphs wilt opnemen voor de tekst in de huidige
illustratie. De andere waarden (Standaardengels, Standaardengels en gebruikte glyphs, Standaardromeins, Standaardromeins
en gebruikte glyphs, Alle glyphs) zijn handig wanneer de tekstinhoud van het SVG-bestand dynamisch is (bijvoorbeeld tekst
die door de server wordt gegenereerd of interactieve tekst voor gebruikers).
Locatie Hiermee bepaalt u welke rasterafbeeldingen uit het oorspronkelijke Illustrator-bestand worden ingesloten in het
bestand of gekoppeld aan de geëxporteerde JPEG- of PNG-afbeeldingen. Wanneer u afbeeldingen insluit, neemt de
bestandsgrootte toe maar weet u zeker dat gerasterde afbeeldingen altijd beschikbaar zijn.
Bewerkingsfuncties van Illustrator behouden Specifieke Illustrator-gegevens blijven behouden doordat een AI-bestand
wordt ingesloten in het SVG-bestand (het bestand wordt groter). Selecteer deze optie als u het SVG-bestand opnieuw in
Illustrator wilt openen en bewerken. Als u de SVG-gegevens handmatig wijzigt, zijn deze wijzigingen niet aanwezig als u het
bestand opnieuw opent. Dit komt doordat Illustrator het AI-gedeelte van het bestand leest en niet het SVG-gedeelte.
CSS-eigenschappen Hiermee bepaalt u hoe stijlkenmerken in de SVG-code worden opgeslagen. Bij de standaardmethode
Presentatiekenmerken worden eigenschappen toegepast op het hoogste niveau in de hiërarchie, zodat speciale bewerkingen
en transformaties met optimale flexibiliteit kunnen worden uitgevoerd.Bij de methode Stijlkenmerken worden de bestanden het
beste leesbaar, maar kan ook de bestandsgrootte toenemen. Kies deze methode als de SVG-code wordt gebruikt in
transformaties, bijvoorbeeld in transformaties waarbij gebruik wordt gemaakt van XSLT (Extensible Stylesheet Language
Transformation). De methode Stijlkenmerken (verwijzingen naar entiteit) resulteert in snellere weergavetijden en kleinere SVG-
bestanden. De methode Stijlelementen wordt gebruikt bij het delen van bestanden met HTML-documenten. Door
Stijlelementen te selecteren kunt u het SVG-bestand wijzigen om een stijlelement te verplaatsen naar een extern
stijlbladbestand waarnaar ook wordt verwezen door het HTML-bestand. Het renderen neemt echter meer tijd in beslag.
Aantal decimalen Hiermee bepaalt u de nauwkeurigheid van vectorgegevens in het SVG-bestand. U kunt een waarde van 1
tot 7 decimalen invoeren. Hoe hoger de waarde, hoe groter het bestand en hoe hoger de kwaliteit van de afbeelding.
Codering Hiermee wordt bepaald hoe de tekens in het SVG-bestand worden gecodeerd. UTF-codering (Unicode
Transformation Format) wordt door alle XML-processoren ondersteund. (UTF-8 is een 8-bitsindeling en UTF-16 is een 16-
bitsindeling.) Met ISO 8859-1- en UTF-16-codering kunt u geen bestandsmetagegevens behouden.
Optimaliseren voor Adobe SVG Viewer Hiermee behoudt u het hoogst mogelijke niveau van Illustrator-gegevens, terwijl het
SVG-bestand nog steeds handmatig kan worden bewerkt. Selecteer deze optie om te profiteren van snellere rendering voor
functies zoals SVG-filtereffecten.
Gegevens van Adobe Graphics Server opnemen Alle benodigde informatie voor het vervangen van variabelen wordt
opgenomen in het SVG-bestand.
Segmenteringsgegevens opnemen Segmentlocaties en optimalisatie-instellingen worden opgenomen in het bestand.
Inclusief XMP XMP-metagegevens worden opgenomen in het SVG-bestand. Kies Bestand > Info of gebruik de Bridge-
browser om metagegevens in te voeren.
Minder <tspan>-elementen uitvoeren Illustrator negeert instellingen voor automatische spatiëring tijdens het exporteren,
zodat een bestand ontstaat met minder <tspan>-elementen. Selecteer deze optie om een SVG-bestand te maken dat beter te
bewerken en compacter is. Selecteer deze optie niet als automatische spatiëring in de tekst van wezenlijk belang is.
<textPath>-element gebruiken voor tekst op pad Tekst op een pad wordt geëxporteerd als een <textPath>-element. De
tekst kan in de SVG-viewer echter anders worden weergegeven dan in Illustrator, omdat bij deze exportmodus niet altijd de
visuele pariteit behouden kan blijven. Vooral overlooptekst is zichtbaar in de SVG-viewer.
SVG-code tonen De code voor het SVG-bestand wordt weergegeven in een browservenster.
Webvoorvertoning Het SVG-bestand wordt weergegeven in een browservenster.
Adobe Device Central Hiermee opent u het bestand in Adobe Device Central voor een voorvertoning op een bepaalde
mobiele telefoon of een ander mobiel apparaat.
Zie ook
376