Operation Manual

blauwe vlak van de kubus, de bovenste en onderste vlakken zijn lichtgrijs, de zijden zijn gewoon grijs en het achterste vlak is
donkergrijs.
Als u het draaien langs een globale as wilt beperken, houdt u Shift ingedrukt terwijl u in horizontale richting (globale y-as) of in
verticale richting (globale x-as) sleept. Als u het object rond de globale z-as wilt laten draaien, sleept u in de blauwe band rond
de kubus.
Als u de rotatie wilt beperken rond een objectas, sleept u een rand op de voorbeeldkubus. De aanwijzer verandert in een
dubbele pijl
en de rand van de kubus krijgt een andere kleur ter indicatie van de as waaromheen het object draait. Rode
randen geven de x-as van het object aan, groene randen geven de y-as van het object aan en blauwe randen geven de z-as
van het object aan.
Voer waarden in tussen –180 en 180 in de vakken voor de horizontale as (x) , de verticale as (y) en de diepteas (z) .
Als u het perspectief wilt wijzigen, typt u een waarde tussen 0 en 160 in het tekstvak Perspectief. Een kleinere lenshoek komt
overeen met een telelens en een grotere lenshoek komt overeen met een groothoeklens
Opmerking: Bij een lenshoek die groter dan 150 is, kunnen objecten uit het zicht verdwijnen en vervormd worden weergegeven. Onthoud eveneens
dat er x-, y- en z-assen van een object zijn en globale x-, y- en z-assen. Objectassen blijven relatief ten opzichte van de positie van het object in
zijn 3D-ruimte. Globale assen blijven gefixeerd ten opzichte van het computerscherm: de x-as ligt horizontaal, de y-as verticaal en de z-as staat
loodrecht op het computerscherm.
Objectassen (zwart) bewegen samen met het object, globale assen (grijs) bewegen niet.
Opties voor Diepte geven en voorzien van schuine kanten
Diepte geven Hiermee stelt u de diepte van het object in met een waarde tussen 0 en 2000.
Afbakening Hiermee bepaalt u of het object effen (Afsluiten voor een massieve vorm
) of leeg (Openen voor een open vorm ) wordt
weergegeven.
Schuine kant Hiermee past u het gekozen type schuine kant toe langs de diepteas (z-as) van het object.
Hoogte Hiermee stelt u de hoogte in op een waarde tussen 1 en 100. Wanneer hoogten van schuine kanten te groot zijn voor een object is het
mogelijk dat het object zichzelf doorsnijdt, hetgeen onverwachte resultaten kan opleveren.
Schuine kant buiten
Hiermee wordt de schuine kant aan de originele vorm toegevoegd.
Schuine kant binnen
Hiermee wordt de schuine kant van de originele vorm afgehaald.
Object met diepte en met vulling (linksboven) vergeleken met object zonder vulling (rechtsboven). Object zonder schuine kant (linksonder)
vergeleken met object met schuine kant (rechtsonder)
Opties voor Draaien
Hoek Hiermee stelt u het aantal graden (tussen 0 en 360) in om het pad te draaien.
345