Operation Manual
104 Copyright © Acronis, Inc., 2000-2010
Schakel het selectievakje De instellingen als standaard opslaan in als u de gewijzigde instellingen
standaard op alle toekomstige herstelbewerkingen wilt toepassen.
Schijf-, bestands- en e-mailherstelopties zijn volledig onafhankelijk van elkaar en moeten door u
afzonderlijk worden geconfigureerd.
Als u voor alle gewijzigde opties opnieuw de oorspronkelijke waarden die bij de productinstallatie
zijn ingesteld wilt instellen, klikt u op de knop Oorspronkelijke instellingen herstellen.
In deze sectie
Aangepaste opdrachten uitvoeren voor en na het herstelproces ......... 104
Validatie-optie ........................................................................................ 105
Computer opnieuw starten .................................................................... 105
Opties voor het herstellen van bestanden ............................................ 105
Overschrijfopties instellen ..................................................................... 106
De prestaties voor herstelprocedures ................................................... 106
Meldingen voor herstelprocedures ....................................................... 107
4.14.1 Aangepaste opdrachten uitvoeren voor en na het
herstelproces
U kunt aangepaste opdrachten (of zelfs batchbestanden) instellen die u automatisch wilt uitvoeren
voor en na het herstelproces.
Zo kunt u bijvoorbeeld bepaalde Windows-services starten of beëindigen, of uw gegevens op
virussen controleren voordat u ze terugzet.
Zo stelt u de gewenste opdrachten (batchbestanden) in:
Selecteer in de vervolgkeuzelijst Uitvoeren vóór herstelproces de opdracht die u wilt uitvoeren
voordat het herstelproces wordt gestart. Als u een nieuwe opdracht wilt definiëren of een nieuw
batchbestand wilt selecteren, klikt u op de knop Bewerken.
Selecteer in de vervolgkeuzelijst Uitvoeren na herstelproces de opdracht die u wilt uitvoeren
nadat het herstelproces is voltooid. Als u een nieuwe opdracht wilt definiëren of een nieuw
batchbestand wilt selecteren, klikt u op de knop Bewerken.
Voer geen interactieve opdrachten uit, dat wil zeggen opdrachten die de tussenkomst van de
gebruiker vereisen (zoals 'pause'), Deze worden niet ondersteund.
4.14.1.1 Nieuwe opdrachten definiëren
U kunt aangepaste opdrachten definiëren die u wilt uitvoeren voor of na het herstelproces:
Typ in het vak Opdracht de opdracht die u wilt uitvoeren of selecteer een opdracht die u eerder
hebt ingevoerd in de lijst. Klik op ... als u een batchbestand wilt selecteren.
Geef in het vak Werkmap het pad op naar de map waarin de uit te voeren opdracht is
opgeslagen of selecteer een eerder ingevoerd pad in de lijst.
Typ in het veld Argumenten de vereiste argumenten om de opdracht uit te voeren of selecteer
eerder ingevoerde argumenten in de lijst.
Als u het selectievakje Geen bewerkingen uitvoeren totdat opdracht is voltooid uitschakelt (deze
optie is standaard ingeschakeld), worden het herstelproces en de opdracht tegelijkertijd uitgevoerd.










