Operation Manual
149 Copyright © Acronis International GmbH, 2002-2013
6.4.4 Computer opnieuw starten
Deze optie is standaard Uitgeschakeld.
Als u wilt dat de computer automatisch opnieuw wordt opgestart wanneer dit nodig is voor herstel,
schakelt u het selectievakje De computer opnieuw starten als dit nodig is voor het herstellen in. U
kunt deze optie gebruiken wanneer een door het besturingssysteem vergrendelde partitie moet
worden hersteld. Wanneer u deze optie inschakelt, wordt de computer tijdens het herstel opnieuw
opgestart zonder tussenkomst van de gebruiker.
6.4.5 Opties voor het herstellen van bestanden
U kunt de volgende opties instellen voor het herstellen van bestanden:
Bestanden met hun oorspronkelijke beveiligingsinstellingen terugzetten: als u de
beveiligingsinstellingen van bestanden hebt behouden tijdens het maken van een back-up (zie De
beveiligingsinstellingen van bestanden beheren (p. 89)), kunt u de bestanden met de
oorspronkelijke beveiligingsinstellingen terugzetten of de beveiligingsinstellingen die ook gelden
voor de map waarnaar de bestanden worden teruggezet aan deze bestanden toewijzen. Deze
instelling is echter alleen van toepassing wanneer u gegevens terugzet uit een back-up van
bestanden en mappen.
Huidige datum en tijd instellen voor herstelde bestanden: geef aan of u de bestanden met de
oorspronkelijke datum- en tijdsaanduiding wilt terugzetten of dat u de huidige datum en tijd wilt
gebruiken. Standaard wordt aan de bestanden de datum- en tijdsaanduiding uit de back-up
toegewezen.
6.4.6 Opties voor overschrijven
Op de pagina Opties voor overschrijven kunt u aangeven wat u wilt doen als tijdens het terugzetten
van de back-up in de geselecteerde doelmap al een bestand met dezelfde naam aanwezig is.
Deze optie is alleen beschikbaar terwijl u gegevens van bestandsback-ups herstelt.
Als u het selectievakje Bestaande bestanden overschrijven inschakelt, krijgen de bestanden van de
back-up onvoorwaardelijk prioriteit boven de bestanden op de harde schijf, alhoewel de recentere
bestanden en mappen standaard zijn beschermd tegen overschrijven. Als u ook die bestanden en
mappen wilt overschrijven, schakelt u het betreffende selectievakje uit.
Als u bepaalde bestanden niet wilt overschrijven, doet u het volgende:
Schakel het selectievakje Verborgen bestanden en mappen in of uit om aan te geven dat
verborgen bestanden en mappen al dan niet moeten worden overschreven tijdens het
herstelproces.
Schakel het selectievakje Systeembestanden en -mappen in of uit om aan te geven dat
systeembestanden en -mappen al dan niet moeten worden overschreven tijdens het
herstelproces.
Schakel het selectievakje Nieuwere bestanden en mappen in of uit om aan te geven dat
bestanden en mappen die nieuwer zijn dan de bestanden en mappen die vanuit een back-up
worden teruggezet tijdens het herstelproces moeten worden overschreven of niet.
Klik op Specifieke bestanden en mappen toevoegen als u de lijst met aangepaste bestanden en
mappen die al dan niet moeten worden overschrijven wilt aanpassen.










