Operation Manual
ABUS VMS ABUS Security-Center
Systeemhandboek
Versie 7.0 88
1. Gebeurtenis selecteren:
Als gebeurtenis kan in principe elke alarmmelder van het systeem worden gebruikt.
Daartoe behoren de externe alarmen, de virtuele alarmen en de simulatiealarmen.
Activeer in de systeemconfiguratie de gewenste melder onder Digitale I/O (punt 2)
Melders/Blokvergrendelingen en sla de instellingen op.
2. Het externe station instellen:
Zet de schermschakelaar van de systeemconfiguratie op Netwerk (punt 5). Creëer
onder Externe stations een nieuw extern station en sla de instellingen op. Meer over
het creëren van nieuwe externe stations vindt u onder punt 3.7.3 op pagina 129.
3. Het bevoegdheidsniveau instellen:
Ga naar het scherm Veiligheid (punt 6) en selecteer de optie Bevoegdheidsniveaus.
Creëer hier via de toets Nieuw een nieuw bevoegdheidsniveau en definieer de
gewenste bevoegdheden: Hierbij is van belang, dat de camera's die voor de
surveillance worden gebruikt, op het bevoegdheidsniveau voor de toegang worden
vrijgegeven (geactiveerd). Meer over bevoegdheidsniveaus vindt u onder punt 3.6.1
op pagina 118.
Als u er de voorkeur aan geeft, niet met bevoegdheidsniveaus te werken, dan kunt u
ook het standaardniveau Beheerder gebruiken. Denk er echter aan, dat iedere
gebruiker met dit bevoegdheidsniveau volledig toegang heeft tot alle systemen.
Sla vervolgens de instellingen op.
4. Het proces instellen:
Ga naar het scherm Acties (punt 3) en selecteer de optie Surveillance.
Creëer hier via de toets Nieuw een nieuw proces en geef het een duidelijk herkenbare
naam.
Selecteer in de lijst het gewenste externe station, door dit aan te vinken. U kunt hier
ook meerdere externe stations selecteren.










