Installation Instructions
7-30
Systeem Controle
Sneltoetsen Parameter Fabriekswaarde Bereik
11
22
3030
Groep NEE
JA / NEE
Wijzigt de het functioneren van de installatie als volgt:
JA: een zone die aan meer dan één gebied is toegevoegd, wordt pas bewaakt als alle
gebieden zijn geactiveerd en wordt zo lang bewaakt tot alle gebieden zijn
gedeactiveerd.
NEE: Een zone die aan meer dan één gebied is toegevoegd, wordt pas bewaakt als alle
gebieden zijn geactiveerd en wordt zo lang bewaakt tot één van de gebieden is
gedeactiveerd.
11
22
3131
External Sir NEE
JA / NEE
JA: gebruik deze instelling als een externe signaalgever aan de draadloze
alarminstallatie is aangesloten. De ABUS draadloze alarminstallatie bewaakt de (+)
(-) aansluitingen en de BELL/TMP en COM, en meldt storingen, gebeurtenissen,
alarmen en berichten. Om een storing van een signaalgever te vermijden als er
geen sirene is aangesloten, sluit u in plaats daarvan een weerstand van 2,2 kΩ aan.
Om een sabotage-alarm te vermijden als er geen verbinding met de BELL/TMP
COM-aansluitingen bestaat, gebruikt u in plaats daarvan een weerstand van 2,2 kΩ.
NEE: gebruik deze instelling als er geen externe, bekabelde signaalgever aan de ABUS
draadloze alarminstallatie is aangesloten. De (+) (-) aansluitingen en de BELL/TMP
en COM worden niet bewaakt.
11
22
3232
LS-N/Sir-J NEE
JA / NEE
JA: (voor een signaalgever of elektrische sirene) Bij een inbraak of een overval wordt op
de sirene-aansluiting een spanning van 9 V DC gezet. Bij een brandalarm wordt er
een lage impulsspanning gegenereerd.
NEE: (voor een luidspreker zonder ingebouwde driver voor een sirene). De ABUS DIY
genereert een continu schommelende impulsspanning voor inbraak- en
overvalalarm en een onderbroken schommelende impulsspanning voor een
brandalarm.
11
22
Comm.-fouten NEE
JA / NEE
JA: uw ABUS draadloze alarminstallatie genereert een sabotage-alarm als de
communicatie tussen de installatie en de sirene wordt onderbroken
NEE: er wordt geen alarm gegeven.
11
22
Sirene Pre-alarm NEE JA / NEE
Een belangrijk veiligheidsaspect indien u het systeem heeft uitgerust met een buiten- en
binnensirene.
JA: de installatie stuurt aan het begin van de ingangsvertraging een signaal aan de
aangemelde sirenes. Als er na afloop van de vertragingstijd geen nieuw signaal aan
de sirene wordt gestuurd (omdat de installatie evt. vernield of gesaboteerd is),
geven de sirenes een alarm.
NEE: de functie is gedeactiveerd. De sirenes geven pas alarm als
ze door de installatie worden aangestuurd.
7.2.3
11
33
Ontvanger
Het menu Ontvanger bevat instellingen die de draadloze ontvanger van uw ABUS draadloze alarminstallatie besturen.
Zo komt u bij het menu Ontvanger's:
1. Kies het hoofdmenu Systeem zoals op pagina 7-24 wordt beschreven.
2. In het menu Systeem drukt u op
33
, om bij het menu Ontvanger's te komen. Op de display verschijnt het
volgende scherm:
3. Kies en configureer de instellingen in het menu Syst.control's zoals hieronder wordt beschreven:
3
3
3
5










